GO | NO GO #154: Magic Tricks

GO | NO GO 22 januari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. We zijn in EYE Filmmuseum aan het IJ, waar we ons in een universum begeven van een ware tovenaar uit de filmkunst.

Eindelijk is het dan zover: een echt geweldige overzichtstentoonstelling in Amsterdam met het werk van Jan Švankmajer, de meester van de verbeelding. Zijn volstrekt bizarre films vol zwarte humor zijn geniaal in hun animatie, montage, camerawerk en geluid. De weergaloze manier waarop hij een wereld schept, waarin alles kan gebeuren is ongeëvenaard. Vele filmmakers zoals Tim Burton en Terry Gilliam zijn sterk door hem beïnvloed. Švankmajers werk voelt een beetje als het ervaren van een droom, maar dan niet een zoetsappige. Eerder zo eentje die ontaardt in een nachtmerrie. Švankmajer deinst niet terug van een beetje magie en alchemie en de tentoonstelling heet niet voor niets ‘The Alchemical Wedding’.

Van zijn surrealistische korte films zijn er nu ruim een dozijn in EYE te zien. Je kan het zo gek niet bedenken: een servet of vorken opeten, muren die vanzelf splijten, schaakstukken die vrij rondbewegen, hoofden die elkaar verorberen, een voetbalwedstrijd die zwartgallig uit de hand loopt, tekeningen van Leonardo da Vinci die aan de wandel gaan. Veel van zijn films hebben twee zeer beleefde tegenspelers (acteur, voorwerp of pop) die elkaar steeds meer uitdagen tot ze elkaar uiteindelijk letterlijk te lijf gaan. Het verbeeldt een ondergang van een hele samenleving. Zelf zegt hij over zijn werk: ‘Het enige passende antwoord op de wreedheden in het leven, is ermee spotten door je verbeelding te gebruiken.’ Švankmajers films eindigen steeds in rauwe, lugubere en maniakale ontknopingen. Ook al zagen we veel kleine kinderen rondlopen, wij adviseren je je allerjongste neefje toch maar thuis te laten.

3._jan_svankmajer_-_the_alchemical_weddingcstudiohanswilschut_cf003894Zaaloverzicht ‘The Alchemical Wedding’, Studio Henk Wilschut, via: EYE, Amsterdam.

Švankmajer, inmiddels op hoge leeftijd, is in 1934 geboren in Praag en heeft daar set and stage design en poppentheater gestudeerd. Tsjechië viel destijds onder een communistische dictatuur die weinig creatieve vrijheid toeliet. Zo kreeg hij 1973-1979 zelf een verbod om films te maken. De staat vond zijn werk iets te rebels worden. Gelukkig heeft hij het filmmaken in vrijere tijden weer opgepakt en maakt sinds 1987 ook langere speelfilms. Voor iemand die een volledig nieuwe wereld voor zijn films bouwt, is het niet vreemd dat hij allerlei objecten zelf wil maken. In ‘The Alchemical Wedding’ bevind je je compleet in Švankmajers universum. Naast zijn films kun je ook sculpturaal werk, collages en tekeningen bekijken. Veel van Švankmajers films kan je gewoon op YouTube vinden, maar wat was het een prikkelende ervaring om ze eens echt groot geprojecteerd in hoge resolutie te kunnen zien! Tot ons bezoek aan EYE leek het alsof we al die tijd oogsterkte min 2 hadden. Kleuren, ruimtelijke effecten, details: in de tentoonstelling lijkt het alsof we zijn wereld opeens opnieuw zien. Let bij het kijken naar zijn films ook naar wat je hoort; eetgeluiden en voetstappen worden vet aangezet en zijn niet helemaal realistisch. Juist daardoor komen zijn films heel diep bij je binnen.

1._jan_svankmajer_-_the_alchemical_weddingcstudiohanswilschut_cf003890Zaaloverzicht ‘The Alchemical Wedding’, Studio Henk Wilschut, via: EYE, Amsterdam.

+ | Het is geweldig om zijn films bij elkaar te zien in combinatie met al die vreemde objecten en collages. Maar eerlijk is eerlijk, zijn films raken ons het diepst. Misschien komt het door de snelheid en trefzekerheid. Of door de vreemdheid, niet te vatten met je verstand. Je geeft je er meteen aan over. De tweede film in de tentoonstelling is ‘Historiae Naturae (Suita)’ uit 1967 en een favoriet. Dit vroege werk is een ode aan Rudolf II, een excentrieke Praagse Habsburgse Keizer (1552-1612). Hij was een groot kunstverzamelaar en hield er een grote Wunderkammer op na. Alchemie en astrologie werden aan het hof van Rudolf II als wetenschap beoefend. Zijn hofkunstenaar en eventmanager was de schilder Arcimboldo, een groot voorbeeld voor Švankmajer. Arcimboldo maakte rare portretten opgebouwd uit groentes, fruit, vissen of vlammen. En wat een feesten moet hij georganiseerd hebben! Švankmajer had zich vast thuis gevoeld in deze weelde -weliswaar voor de happy few. In ieder geval meer dan in de alles onderdrukkende communistische dictatuur van Tsjechië. Švankmajers film ‘Historiae Naturae (Suita)’ is een Danse Macabre, een vingervlugge montage van fragmenten met beelden van levende en opgezette dieren. In dit werk worden dood en leven net zolang door elkaar gehusseld tot ze inwisselbaar worden. Dit alles steeds in verrassende ritmes, soms vloeiend, dan weer met horten en stoten, of juist duizelingwekkend snel. Elk hoofdstukje in de film sluit af met een mond die een stukje vlees eet. Alles wordt tot haar vergankelijkheid teruggeworpen. De film eindigt met een schedel die een stukje vlees doorslikt. Deze cynische humor zal nog een tijdje aan je blijven knagen.

jan_svankmajer_food_1992
Jan Švankmajer, ‘Food’, 1992. via: EYE, Amsterdam.

+ | De tentoonstelling zelf werkt als Švankmajers Cabinet of Curiosities. Je ziet rare opgezette dieren, gebruikte schoenen met agaatstenen erin verwerkt. Ga ook kijken bij de zaal met ‘tactiele werken’- die hij tijdens zijn filmverbod periode maakte. Hij vindt dat onze cultuur veel te veel door het visuele bepaald wordt en wilt met deze serie onze tastzin opwekken. De oorspronkelijke bedoeling was dat je geblinddoekt de objecten aanraakte en de associaties ging interpreteren. Wij wagen er ons in deze expositie maar niet aan. Wat je ziet zijn reliëfs van gekke stukjes klei met slordige vingerafdrukken, soms vergezeld met stukjes bont, borstels en andere gebruiksvoorwerpen, die ook tot de verbeelding spreken als je er gewoon naar kijkt. Uniek in EYE zijn Švankmajers fetisj-objecten, die hij zelf overigens niet als kunstvoorwerpen ziet. De seksueel geladen sculpturen zien er vies en vlezig uit en de zaaltekst meldt dat Švankmajer er van tijd tot tijd een mengsel van klei, bloed en maismeel overheen giet. De stankoverlast zet hem aan tot bewerking met bijvoorbeeld pek en vuur: ‘Want een fetisj die pijn heeft ervaren is krachtiger en gedrevener om de wereld te veranderen’, aldus Švankmajer. Het zijn duistere, krachtige voodoo-objecten waar je zeker een tijd naar blijft kijken. Maar we zijn blij dat Švankmajer niet onze buurman is.

Hoe lang doe je er over? | De dertien films duren gemiddeld een kwartier per stuk; trek er dus zo’n twee uur voor uit als je ze allemaal wilt zien.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | In het begeleidende tekstboekje van de tentoonstelling, dat je gratis mag pakken, kan je o.a. de Tien Geboden van Jan Švankmajer lezen. Voor beginnende filmmakers en kunstenaars een must-read! En er is natuurlijk ook een mooi randprogramma waar je zijn langere speelfilms kan bekijken.


De tentoonstelling ‘The Alchemical Wedding’ is nog t/m 3 maart 2019 te zien bij EYE Filmmuseum Meer informatie: https://www.eyefilm.nl/en/exhibition/jan-svankmajer

Tekst: Daphne Rosenthal

Cover: Jan Svankmajer, ‘A Big Adventure Story’, 1997-1998, collage. Via EYE, Amsterdam.

Advertenties

GO | NO GO #153: Sjansen en dansen met Jan Sluijters

GO | NO GO 17 januari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week vanuit Den Bosch, waar het Noordbrabants Museum de expositie ‘Jan Sluijters. De wilde jaren’ toont.

Den Bosch is altijd wel leuk voor een dagje uit; we noemen kleine boetiekjes, smalle steegjes, lekker eten (Bossche bollen!) en Brabantse gezelligheid. Maar wij, als goede Kunstmeisjes, hebben natuurlijk enkel oog voor kunst. Ook daarvoor is het goed toeven onder de rivieren. Het Noordbrabants Museum brengt een ode aan kunstenaar Jan Sluijters, born and raised in het mooie Den Bosch. De tentoonstelling ‘Jan Sluijters. De wilde jaren’ toont werk uit zijn beginjaren, waarin hij er flink op los experimenteerde als kunstenaar en hiermee zijn wilde (kwast)haren verloor. Zijn schilderijen uit die tijd bevatten veel kleur en zitten vol beweging, elementen in de schilderkunst die begin 1900 zeker niet bij iedereen in goede aarde vielen. Ze werden zelfs als ‘duivels’ bestempeld, want hé, zo ging je niet met verf om! Volgens velen in die tijd hoorde je natuurgetrouw te schilderen, zo echt mogelijk. Duidelijk alle penseelstreken kunnen zien, zoals het geval is bij Sluijters, was haast hetzelfde als het zien van het ondergoed van een vrouw, not done!

m10p1875
Zaaloverzicht:
 ‘Jan Sluijters. De wilde jaren, via Het Noordbrabants Museum.

Sluijters werd dan wel geboren in Noord-Brabant, maar verruilde samen met zijn ouders op zijn dertiende het zuiden voor de grote stad Amsterdam. Daar volgde hij een traditionele kunstopleiding en won met het werk ‘De profeet Elisa en de zoon der Sunamitische vrouw’ (1904) de prestigieuze Prix de Rome. De studiebeurs die hij kreeg, bracht hem uiteindelijk in zijn droomstad Parijs. Hij kwam aan in de toenmalige hoofdstad van moderne kunst, net op tijd voor de Salon des Indépendants, een enorme tentoonstelling waar het nieuwste van het nieuwste te zien was op het gebied van kunst. Hier kwam hij oog in oog te staan met het werk van Les Fauves, ‘de wilden’, een groep kunstenaars waartoe onder andere Henri Matisse en George Braque behoorden. Van hun manier van schilderen, wild en kleurrijk, sloeg Sluijters’ hoofd gelijk op hol. Dit is direct terug te zien in zijn werken uit die tijd: felle kleuren en dynamische figuren maken van zijn kunst een feestje. Na een tijdje in Parijs te hebben gewerkt, keerde hij terug naar Nederland. Hier werd zijn nieuwe stijl echter helemaal niet gewaardeerd: zijn studiebeurs (van de Prix de Rome) werd stopgezet en zijn werk werd vaak geweigerd voor tentoonstellingen. Gelukkig denken we tegenwoordig heel anders over de werken van Sluijters: wij reizen er graag voor af naar het Noordbrabants Museum.

herfstlandschap laren js 1910
Jan Sluijters,’Herfstlandschap bij Laren’, 1910, particuliere collectie, via
Het Noordbrabants Museum.

+ | Deze expositie geeft je waar voor je geld: we voelen ons alsof we niet één, maar minstens drie verschillende Sluijters te zien krijgen. Zo begint het met het eerste vleugje experiment: het schilderij ‘De profeet Elisa en de zoon der Sunamitische vrouw’ (1904), waarmee Sluijters de Prix de Rome won. Verderop in de tentoonstelling kom je oog-in-oog te staan met de heftige kleuren van de fauvisten. Door de enorme hoeveelheid aan werken lijken de penseelstreken de wanden van het museum haast over te nemen. In deze zalen zie je, naast werk van Sluijters zelf, ook werk van gelijkgestemde kunstenaars en inspiratiebronnen, zoals Kees van Dongen, Piet Mondriaan, Leo Gestel en Georges Braque. Als kers op de taart zie je tot slot de kubistische werken van Sluijters, bij velen onbekend. Ons oordeel: more is more, dus wij zijn blij!

juni 2008
Jan Sluijters,’Bal Tabarin’,
1907, c/o Pictoright Amsterdam 2018. Collectie Stedelijk Museum Amsterdam (langdurig bruikleen particulier verzamelaar, voorgenomen gift), via Het Noordbrabants Museum.

+ | Naast veel stijlen, worden er ook verschillende thema’s aangehaald in de werken van Sluijters. Je gaat op reis langs landschappen, beeldhouwateliers en dorpspleinen. Extra leuk is de tweede zaal, waar we op een feestje belanden: op alle kunstwerken zijn mensen een dansje aan het doen. Als het museum de lichten een beetje zou dimmen en een lekker muziekje aan zou zetten, ben je haast geneigd je voetjes van de vloer te tillen (challenge accepted!). Een van Sluijters’ meest bekende werken, ‘Bal Tabarin’ (1907), is het stralende middelpunt van deze zaal. Door de kleine penseelstreken die alle richtingen opgaan, lijken de figuren haast echt te bewegen. Het is een enorm doek dat haast voor de helft in beslag wordt genomen door de verbeelding van de kroonluchters die in de balzaal hingen. Je zou zeggen dat dit misschien niet het meest interessante onderwerp is om te schilderen tijdens een feestje, maar voor Sluijters was dit wel degelijk van belang. Deze kroonluchters bevatten namelijk electrisch licht, wat extreem modern was in 1907. Door dit licht was de glinstering van de stukjes glas extra betoverend en een enorme uitdaging om te schilderen. Het leuke is ook dat de eerste versie van het werk, een soort schets, ernaast hangt. Je kunt dus goed zijn verbeteringen zien. Wij maken van beide een vreugdedansje.

Hoe lang doe je er over? | Voor je aan de tentoonstelling kan beginnen, loop je door een groot deel van de vaste collectie van het Noordbrabants Museum. Het kan dus heel goed zijn dat het even duurt, voordat je daadwerkelijk bij de expositie bent (afleiding door gave kunstwerken, je kent het wel). Eenmaal daar, trek gerust een uurtje uit om alles goed te bekijken en je onder te dompelen in de wereld van Sluijters.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Mocht je nou na je bezoek aan de tentoonstelling ‘Jan Sluijters. De wilde jaren’ nog geen genoeg hebben van de beste man, dan ben je bij het Noordbrabants Museum op het goede adres. In hun vaste collectie zijn namelijk ook nog genoeg werken te zien, ook van zijn latere periode toen hij vooral de high society schilderde. Voor meer informatie, klik hier.



De tentoonstelling ‘Jan Sluijters. De wilde jaren’ in het Noordbrabants Museum is nog t/m 7 april 2019 te zien. Meer informatie: https://www.hetnoordbrabantsmuseum.nl/bezoek/tentoonstellingen-activiteiten/tentoonstellingen/jan-sluijters/

Tekst: Yaël Speck

Cover: detail van Jan Sluijters,’Bal Tabarin’, 1907, c/o Pictoright Amsterdam 2018. Collectie Stedelijk Museum Amsterdam (langdurig bruikleen particulier verzamelaar, voorgenomen gift), via Het Noordbrabants Museum

GO | NO GO #152: Een rondje Rembrandt – Rembrandt Privé

GO | NO GO 15 januari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Dit jaar knallen we er een speciale serie in: ‘Een rondje Rembrandt’, ter gelegenheid van het nationale themajaar ‘Rembrandt en de Gouden Eeuw’. In 2019 is het namelijk precies 350 jaar geleden dat Rembrandt is overleden. Door het hele land vinden er bijzondere Rembrandt-themed exposities plaats en wij gaan ze stuk voor stuk af. Vandaag trappen we af met de tentoonstelling ‘Rembrandt Privé’ in het Stadsarchief in Amsterdam.

Rembrandt Privé is een expositie om van te smullen, Zoals de titel al doet vermoeden, geeft het Stadsarchief een echt inkijkje in het privéleven van Rembrandt. Waar een tentoonstelling vaak over zijn geschilderde kunstwerken gaat – denk bijvoorbeeld aan de Nachtwacht, het Joodse Bruidje of zijn tientallen zelfportretten –  draait het in het Amsterdamse Stadsarchief juist om de man achter de meesterwerken. Wat blijkt? De kunstenaar was niet altijd alleen maar braaf aan het schilderen… Kom maar op met die smeuïge verhalen, wij zitten klaar met de popcorn.

Rembrandt Privé’ in het Stadsarchief in Amsterdam.
Links: Rembrandt, ‘Neeltgen van Zuytbrouck, de moeder van Rembrandt’, ca. 1631, via Stadsarchief Amsterdam | Rechts: Rembrandt, ‘Zelfportret met Saskia’, 1636, Bruikleen van Kunsthandel Helmut H. Rumbler, Frankfurt.

Hoewel Rembrandt in Leiden werd geboren, verhuisde hij op zijn 25ste naar Amsterdam. Dit was in de zeventiende eeuw hét economische en culturele centrum van de wereld en dus the place to be. In deze turbulente wereldstad (ja, toen al!) werd Rembrandt de populairste schilder voor de nouveau riche, de rijke burgers en koopmannen, die allemaal een selfie boven hun schoorsteenmantel wilden hebben. Maar denk maar niet dat etsen en schilderen het enige was waar Rembrandt zich mee bezighield: hij trouwde, kreeg kinderen, verloor zijn vrouw en enkele van zijn kinderen, had zo nu en dan een pittige ruzie met een minnares (uitgevochten voor de rechter), moest zich verantwoorden voor een buitenechtelijke relatie, ging failliet… Say what?! Aan reuring geen gebrek in het leven van Rembrandt. Deze juicy stories hebben natuurlijk hun sporen achtergelaten in de Amsterdamse archieven. Hoog tijd om deze zeventiende eeuwse documenten weer eens af te stoffen. Baan je een weg tussen de glazen kasten en vitrines, ingedeeld naar thema’s als ‘Erfgenaam’ en ‘Zwanger’, waarin prachtige handgeschreven boeken liggen tentoongesteld. Ook aan kunst geen gebrek: grafisch werk van Rembrandt is goed vertegenwoordigd.

Rembrandt Privé’ in het Stadsarchief in Amsterdam.Zaaloverzicht ’Rembrandt Privé’, via het Stadsarchief van Amsterdam

+ | Niet dat we uitgekeken zijn op de schilderijen van Rembrandt (simply impossible), maar het is verfrissend om eens met onze neuzen in de originele documenten te duiken. Dit zijn immers kunstwerken an sich: papier van 350 à 400 jaar oud, knisperend dun, gevuld met gracieuze krullen van inkt die samenvloeien tot woorden… Vergeet de Story en de Privé, deze documenten geven ons pas de roddels en achterklap van de zeventiende eeuw! Hoewel Rembrandt met pigment en penseel de allerbeste van zijn tijd was, was hij niet overal even goed in: ondanks de vele opdrachten, was het omgaan met guldens, stuivers en penningen niet zijn sterkste kant. Typisch gevalletje van gat in de hand. Zijn hypotheek voor het monumentale pand op de Jodenbreestraat (nu Museum Het Rembrandthuis) was eigenlijk te hoog, en Rembrandt was een onverbeterlijke shopaholic. Hij kocht veilingen met kunstwerken van zijn grote voorbeelden en eigentijdse kunstenaars leeg, en zijn kunstkamer puilde uit met tekenalbums en rariteiten. Een faillissement in 1656 was onvermijdelijk. De inboedel werd opgetekend; per vertrek (niet gewoon woon- en slaapkamer, maar de ‘Sael’ en ‘Kunstcaemer’) werd de inhoud genoteerd, met onder andere schilderijen en gebruiksvoorwerpen. Het Stadsarchief laat deze boedelinventaris zien, which almost never happens, en wij duiken met onze neuzen op de lijst van voorwerpen die Rembrandt had. Alleen al voor dit document is de expositie een bezoekje waard: vergeet binnenkijken in andermans huizen op Funda, nu kun je binnenkijken bij niemand minder dan Rembrandt van Rijn.

3. detail geertje dircx vs rembarndt van rijn
Detail van ‘Uitspraak door commissarissen van huwelijkse zaken in de affaire tussen Geertje Dircks en Rembrandt, 23 oktober 1649’, via Stadsarchief Amsterdam.

± | Dat het Stadsarchief helemaal up-to-date is, bewijst de toepassing van Augmented Reality in de tentoonstelling. Didn’t we mention? De documenten zijn uiteraard in zeventiende eeuws Nederlandsch geschreven, voor de geoefende literair onder ons een interessante puzzel, maar voor de gemiddelde bezoeker één grote wirwar van onleesbare krulletjes, kriebeltjes en ander gepriegel. Als een ware Sherlock Holmes ontrafelen we de teksten op de documenten en juichen we wanneer we ‘Rembrandt’ aan het einde van een alinea ontdekken. Wat hulp bij het lezen van de originele archiefstukken is dan ook zeker welkom. Bij binnenkomst in de intieme ruimte liggen iPads en koptelefoons klaar: inpluggen en go. Zou je denken. Helaas hebben wij het na vier verschillende devices en koptelefoons opgegeven. De meeste bleken niet te werken, en ook personeel kwam snel tot de conclusie dat de iPads het simpelweg niet doen, dus je maar zonder verder moest kijken. Jammer! De tentoonstelling valt of staat met de extra informatie. Zeker de tijdlijn die je zou moeten kunnen scannen, waarna corresponderende zelfportretten van Rembrandt tevoorschijn moeten komen, is een loos onderdeel wanneer de technologie niet meewerkt. Misschien hadden wij gewoon pech. Maar vrees niet, zoals eerder vermeld: de archiefstukken zijn op zichzelf al kunstwerkjes en de etsen zijn een fijne bonus.

Hoe lang doe je er over | 30-45 minuten.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Het Stadsarchief organiseert verschillende gesprekken rondom de tentoonstelling. Op 20 januari en 3 maart kun je gratis luisteren naar historici die een thema uit het leven van Rembrandt belichten. Meer zin om een frisse neus te halen? Iedere zondagmiddag is er een stadswandeling! Mocht je op het volgende verjaardagsfeestje willen opscheppen over je ‘paleografische’ kennis: volg een snelcursus zeventiende eeuwse documenten lezen op 18 januari. Alle informatie vind je hier.


De tentoonstelling ‘Rembrandt Privé’ in het Stadsarchief van Amsterdam is nog te zien t/m 7 april 2019. Meer informatie:
https://www.amsterdam.nl/stadsarchief/agenda/rembrandt-prive/?utm_source=Banner%20Tentoonstellingen&utm_medium=website&utm_term=Rembrandt%20Privé%20-%20vanaf%207%20december&utm_content=Rembrandt%20Privé%20-%20vanaf%207%20december&utm_campaign=Banner%201

Tekst: Charlotte Hercules

Coverbeeld: Detail van ‘Uitspraak door commissarissen van huwelijkse zaken in de affaire tussen Geertje Dircks en Rembrandt, 23 oktober 1649’, via Stadsarchief Amsterdam.

GO | NO GO #151: Gotta catch ‘em all!

GO | NO GO 10 januari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer bezochten we de tentoonstelling Cool Japan, die na een succesvol verblijf in het Museum Volkenkunde in Leiden nu te zien is in het Tropenmuseum in Amsterdam.

Pokémon, Transformers, Hello Kitty: de Japanse popcultuur is in de afgelopen decennia uitgegroeid tot een wereldwijd fenomeen. ‘Manga’ (Japanse stripverhalen), anime (Japanse animatiefilms) en videospelletjes van Japanse makers vliegen overal als warme broodjes over de toonbank, terwijl internationale popsterren als Gwen Stefani en Nicki Minaj het liefst in een ‘Harajuku’-pakje op het podium klimmen. Ook onze voorouders hadden een lichte obsessie met Japanse producties; al sinds het begin van de zeventiende eeuw worden prenten en gedecoreerde objecten uit Japan door het Westen geïmporteerd en felbegeerd. Er bestaat zelfs een stroming in de kunstgeschiedenis die het ‘Japonisme’ heet: aan het einde van de negentiende eeuw ontstond er een ware hype rondom Japanse kunst en motieven. Beroemde kunstenaars zoals Vincent van Gogh en Paul Gauguin lieten zich door deze kunst inspireren en namen de motieven over in hun eigen werk.

Photography by ©KIRSTENVANSANTEN
Zaaloverzicht: ‘Cool Japan – Samurai’, foto: Kirsten van Santen, via Tropenmuseum, Amsterdam

De expo ‘Cool Japan’ dekt het volledige scala van de Japan-gekte door de eeuwen heen, van oude tekeningen tot en met knuffels, outfits en robots. Daarbij worden ook veel hedendaagse cultuurverschijnselen zoals ‘Kawaii’ (de schattigheids-esthetiek), ‘Cosplay’ (gekostumeerde rollenspellen) en ‘Otaku’ (obsessieve fan-cultuur) bij het publiek geïntroduceerd. Bij binnenkomst raak je meteen ondergedompeld in een hysterisch vrolijke fantasiewereld, waarin Samoerai krijgers, draken en schoolmeisjes met super powers de dienst uitmaken. Gaandeweg vang je echter ook iets op van een grimmige ondertoon die verwijst naar een hardere realiteit.

+ | ‘Cool Japan’ laat zien dat de wortels van de Japanse popcultuur voornamelijk in de beeldcultuur liggen; er bestaat een lange traditie van het uittekenen van alledaagse volksverhalen, de (nogal bloederige) geschiedenis en belangrijke moralen. Veel van deze verhalen zijn later vertaald naar het ‘Kabuki’-theater, een kunstvorm voor de “gewone burger”. Prenten en tekeningen genoten daarom door de eeuwen heen een ongekende populariteit, en een beetje talentvolle graficus verkreeg al snel een celebrity status. In de tentoonstelling kom je veel van dit soort historische prenten tegen waarop karakters of scènes uit een verhaal zijn afgebeeld. Soms zijn ook alle scènes uit het verhaal op één oppervlak afgebeeld, waardoor het als een striptekening leest. Bijvoorbeeld een ‘Kabuki’-theater affiche uit de achttiende eeuw, waarop de hoofdpersoon Mitsuki in bedwang wordt gehouden door een bezeten zwaard. Hij mag het zwaard pas terug in de schacht steken als er bloed heeft gevloeid, en dat laatste wordt op verschillende vlakken gedemonstreerd… tja, echt een publiekstrekker. De helden en schurken uit deze klassieke volksverhalen vormen een bron van inspiratie voor de makers van hedendaagse manga, anime en computerspelletjes. Zo is de hele wereld inmiddels gefascineerd door Samoerai-krijgers en Ninja’s. Hoewel manga en anime niet officieel erkend worden als het vervolg van de bovengenoemde traditie, maken de ‘Mangaka’ (striptekenaars) vandaag de dag nog steeds gebruik van dezelfde eeuwenoude tekentechnieken en grafische trucjes. In het midden van de tentoonstelling tref je een paar knappe historische voorbeelden die deze technieken duidelijk illustreren, waaronder ook de schetsen van de beroemde Kitao Masayoshi, die hele figuren kon tekenen zonder zijn pen op te tillen.

Cool Japan - Colorful Rebellion - Seventh Nightmare (2014, NY) Photo by GION
Zaaloverzicht: ‘Cool Japan – Colorful Rebellion – Seventh Nightmare (2014, NY)’, foto: Gion, via: Tropenmuseum, Amsterdam.

± | Japan staat bol van tegenpolen, enerzijds is het bekend om uitgebreide theeceremonies en als het land van oorsprong van het zen-boeddhisme, anderzijds verkleed de bevolking zich regelmatig als hun favoriete superheld en kijken ze het liefst naar tekenfilms. Neem bijvoorbeeld de ‘Kawaii’-cultuur: met schattige knuffels, hartjes, regenbogen en fantasiewezens zetten tieners en jongvolwassenen zich op een bijzonder passief-agressieve manier af tegen de strenge en conformistische Japanse maatschappij. De belichaming van dit fenomeen bevindt zich in de installatie ‘Colorful Rebellion – Seventh Nightmare’ van de kunstenaar Sebastian Masuda, het brein achter het commerciële succes van ‘Kawaii’. De wanden van dit kamertje zijn compleet bedekt met allerlei speelgoed en kleurrijk textiel en in de hoek staat een wit bed – het is zo zoet dat je er bang van wordt. Net als met ‘Cosplay’ en ‘Otaku’, biedt deze fantasiewereld een manier van ontsnappen aan de realiteit die dikwijls extreme vormen aanneemt, maar de expo bestrijkt alleen het oppervlak daarvan. De opzet van de tentoonstelling is te breed om echt de diepte in te gaan; voor de echte liefhebber of antropoloog is het daarom wellicht wat minder vernieuwend. Want er is ook nog een deel gewijd aan Japans design en Westerse ontwerpers die zich daardoor hebben laten inspireren, een kamertje met erotische Manga waarin voorzichtig commentaar wordt geleverd op het afbeelden van de vrouw als lustobject, en een zaal waarin je zelf mag gamen op arcade speelkasten en Japanse pop video’s kunt bekijken. ‘Cool Japan’ vormt vooral een overzicht van en ode aan de Japanse popcultuur: een waanzinnig parallel universum waarin iedereen ter wereld en van alle generaties kan ontsnappen, of gewoon een dagje op bezoek kan gaan!

Hoe lang doe je erover? | minimaal een uur

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Tijdens het weekend van 2 en 3 februari is het ‘Cool Japan Design Weekend’. Het museum haalt verschillende ontwerpers in huis die je bijvoorbeeld helpen met het customizen van je eigen kimono of je leren hoe je composities kunt maken. Super-kawaii!


De tentoonstelling ‘Cool Japan’ is nog t/m 1 september 2019 te zien in het Tropenmuseum. Meer informatie: https://www.tropenmuseum.nl/nl/cooljapan.

Tekst: Jolien Klitsie

Cover: Matsuura Hiroyuki, ‘Uki Uki’, via Tropenmuseum, Amsterdam

GO | NO GO #150: Food for thought

GO | NO GO 8 januari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer zijn we in Foam voor een dosis #foodporn-inspiratie. Daar zie je nu namelijk een expositie om je vingers bij af te likken: ‘Feast for the Eyes. The Story of Food in Photography’.

Even geen inspiratie voor hoe je je avocado-toast moet vastleggen voor je Instagram-feed? Ren dan snel naar fotografiemuseum Foam voor ‘Feast for the Eyes’, een uitgebreide tentoonstelling met de belangrijkste kunstenaars binnen de voedselfotografie. Bij binnenkomst waan je je gelijk in de keuken van een desperate housewife in de jaren 50 door de knalgele muur en geblokte faux-tegeltjesvloer. Met foto’s van kleine hapjes en heuse feestmalen toont Feast for the Eyes welke verschillende betekenissen voedsel heeft in onze maatschappij. Het is meteen zo klaar als een klontje: wij mensen zijn obsessed met voedsel, het is een van de meest gefotografeerde onderwerpen in de kunstgeschiedenis. Omdat voedselfotografie sinds een paar jaar massaal gedeeld wordt op sociale mediaplatforms als Instagram en Facebook, is de belangstelling voor de esthetiek van een (voorheen vaak doodgewone) maaltijd alleen maar toegenomen. Bovendien is het vastleggen van voedsel een onderdeel geworden van de eetervaring zelf. Kijk maar eens rond, de volgende keer dat je in een restaurant bent: zodra de borden aan tafel verschijnen, pakt men niet meteen een vork, maar een smartphone.

Ouka Leele
Ouka Leele, ‘Peluqueria’, 1979, © Ouka Leele, via: Foam

De expositie in Foam toont deze food-fixatie aan de hand van drie thema’s: ‘Still Life’, ‘Around the Table’ en ‘Playing with Food’. Wij staan nu al te watertanden. Het thema van de eerste zaal, ‘Still Life’, vindt haar oorsprong in de zeventiende-eeuwse schilderkunst. Maar het genre is nog lang niet dood: ook in moderne fotografie zien we veel composities van sappige druiven en knalrode tomaten. Soms rechttoe-rechtaan, soms zo origineel als de stillevens van Roger Fenton (1819 – 1869), die een compositie van bedorven fruit laat zien. Het thema ‘Around the Table’ laat de rituelen die plaatsvinden rondom eten zien. Hier had zo een kiekje van jouw kerstdiner met gevulde kalkoen (of chia-infused bietenburger met schuim van amandelmelk) van vorige maand tussen kunnen hangen. Binnen dit thema duik je ook dieper in de culturele betekenissen van voedsel: van het belang van de Kerst-kalkoen waarbij heel het gezin wacht tot vader, “het almachtige hoofd van het gezin”, de vogel aansnijdt, tot de dikke rijen met Britten die hoopvol staan te wachten op hun hotdog na een dagje zwemmen. Tot slot laat het thema ‘Playing with Food’ zien wat het oplevert als je met een gevoel voor humor en ironie naar je dagelijkse maaltijd kijkt. Hier zijn onder meer een hoofdtooi van citroenen (ja, die poster die door heel Amsterdam hangt!) en een Mona Lisa van pindakaas te zien.  

+ | De tentoonstelling is niet alleen maar naar Instagram-waardige plaatjes van eten kijken. Het thema ‘At the Table’ vertelt bijvoorbeeld dat we door voedselfotografie ook veel leren over de maatschappij en tijdsgeest. Denken we nog steeds hetzelfde over bepaalde dingen als vijftig jaar geleden? Martha Rosler geeft bijvoorbeeld op een absurdistische manier kritiek op de rol van de vrouw in de keuken in de jaren 50. Roslers kunst gaat meestal over de positie van vrouwen, en het onderwerp voedsel leent zich bij uitstek erg goed om deze positie aan te kaarten. Zo zien we in de expositie een filmpje waarin Rosler een alfabetische opsomming van keukenattributen maakt. Thank God voor emancipatie en Deliveroo. Naast de foto’s is er in deze zaal ook een groot aantal kookboeken te zien. Wat ons hier vooral opvalt, is hoezeer alles wat we nu lekker vinden tijdsgebonden is. Sommige foto’s naast recepten die onze opa’s en oma’s waarschijnlijk heerlijk vonden, zien er extreem onsmakelijk uit. Betekent dat dat onze toekomstige kleinkinderen staan te gruwelen bij een foto van een getoast broodje met zalm of een gepocheerd eitje?  

Untitled (Hot Dog Stand), 1983–85
Martin Parr, ‘New Brighton, England’, 1983-85, © Martin Parr / Magnum Photos, via Foam.

± | We waren er niet helemaal over uit of je nou op een lege of volle maag naar Feast for the Eyes moet gaan. Van de ene foto loopt het water je namelijk in de mond, maar van de andere werden we ronduit misselijk. Zo loop je in de zaal ‘Playing with Food’ tegen een grote foto van de iconische feministische fotografe Cindy Sherman op: een strandhanddoek met daarop een zonnebril, en hele verzameling half-opgegeten snacks en sauzen, en een plasje kots. In de zonnebril zien we de reflectie van Shermans eigen gepijnigde gezicht. Sherman toont ons niet het clichébeeld van de beach babe, zonnebadend op het strand, maar een destructieve relatie met eten en het verstoorde zelfbeeld dat daar vaak mee gepaard gaat. Food for thought: heel goed, maar lekker is anders. Een extra tip die we dus kunnen geven, is dat je de komende tijd maar beter niet met heel veel trek óf een voedselvergiftiging naar Foam kunt gaan.

Hoe lang doe je er over? | 45 minuten

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | In de Foam Studio’s kun je elke zondagmiddag een inloopworkshop volgen als verdieping op de tentoonstelling. Tijdens deze workshop kan je je laten inspireren door fotografen die uiteenlopende ideeën hebben over het klassieke stilleven. Hoe zou jij een stilleven vormgeven? En welk eten past daarbij? Je beste foto krijg je geprint mee naar huis.


De tentoonstelling ‘Feast for the Eyes. The Story of Food in Photography’ is nog t/m 3 maart 2019 te zien in Foam. Meer informatie: https://www.foam.org/nl/museum/programma/feast-for-the-eyes

Tekst: Ananda Hegeman

Cover: Joseph Maida, ‘fishy donut divers thingsarequeer, December 1’, 2015,  © Joseph Maida, via: Foam

A Very Merry Christmas Special 2018

SPECIALS 18 december 2018

Ho-ho-hold on to your knickers, want ook dit jaar hebben wij de allerfijnste exposities voor de allerkoudste dagen van het jaar weer op een rijtje gezet. Hoewel we uit principe zo weinig mogelijk bewegen in december, gaan we tijdens de vrije dagen rond Kerst toch op een heuse roadtrip, met pitstops in De Pont, het Teylers Museum, het Fries Museum, het Centraal Museum en het Bonnefantenmuseum. Who’s with us? Er is voor ieder wat wils, dus pak je bae en neem vooral ook je oma mee. Lees snel verder voor onze top vijf tentoonstellingen, met een vleugje Italiaanse charmes en een flinke dosis hyper hedendaagse meesterwerken.


Gaufrettes 2016_courtesy the artist_photo Peter Cox
Ann Veronica Janssens, ‘Gaufrette Sequence n°2’, courtesy the artist, foto: Peter Cox, via De Pont, Tilburg

Ann Veronica Janssens | De Pont

Voel jij de Christmas spirit all around en krijg je geen genoeg van twinkelende lichtjes, dan is Ann Veronica Janssens your girl! Deze kunstenaar werkt voornamelijk met glas, lichtprojecties en mist-installaties. Haar kunst prikkelt je zintuigen en smeekt je om mee te doen. In een tijd van visuele overprikkeling, wil ze ons stil laten staan bij de basiselementen van onze wereld en een pure ervaring creëren. Zelfs zegt ze er in dit mooie interview over: ‘Soms moet je de werkelijkheid uitwissen. Uitwissen wat zichtbaar is om iets anders te kunnen zien.’

Spectaculair hoogtepunt van de tentoonstelling, is de gekleurde mist-ruimte: totaal gedesoriënteerd probeer je je een weg te vinden door dit kunstwerk. Onze tip: denk niet aan wat hierna komt, maar blijf rustig staan er ervaar de kleur en textuur van de dikke lucht om je heen. Mindfulness voor de prijs van een museumkaartje: we’ll take it. Bijkomend voordeel: in tegenstelling tot de lampjes die je in je Kerstboom hangt, hoef je Janssens werk niet urenlang uit de knoop te halen. Meer tijd voor nog een museumbezoekje, want De Pont en het TextielMuseum spelen voor Kerstman dit jaar! Van zaterdag 22 december tot en met zondag 6 januari kun je namelijk met één kaartje beide musea op dezelfde dag bezoeken.

Goed om te weten | De Pont is Eerste Kerstdag gesloten, Tweede Kerstdag geopend van 11:00 tot 17:00 uur, gesloten op Nieuwjaarsdag.

De tentoonstelling van Ann Veronica Janssens is t/m 31 maart 2019 te zien in De Pont, Tilburg. Meer informatie: https://depont.nl/tentoonstelling/ann-veronica-janssens/


 

Leonardo da Vinci Studies for the Heads of Two Soldiers in the Battle of Anghiari
Leonardo da Vinci (1452-1519), ‘Studie van de hoofden van twee krijgers’, ca. 1504-05, Boedapest, Szépmüvészeti Múzeum, via Teylers Museum, Haarlem

Leonardo da Vinci | Teylers Museum

Zeg jij Leonardo Da Vinci, dan denken wij meteen aan klassieke Italiaanse steden. Maar deze Kerst mag je ook aan Haarlem denken, want deze Italiaanse Renaissancekunstenaar is nu de grote ster in een solo-expositie in het Teylers Museum. En dat is best bijzonder; het is de allereerste keer in Nederland dat er zoveel werken van Da Vinci bij elkaar te zien zijn. De tentoonstelling laat 33 unieke werken op papier zien, waarbij de nadruk op portretten ligt. Da Vinci was een echte meester in het weergeven van karakters, gelaatstrekken en allerlei lichamelijke ongemakken. Verwacht niet alleen schoonheid: Da Vinci’s onderzoek naar menselijke emoties is er in alle soorten en maten. Zo kom je bijvoorbeeld oog-in-oog met oude mannen met extreem lelijke koppen, uitstekende kinnen, en mensen die het uit lijken te schreeuwen van de pijn. Als dat niet Christmassy is, weten wij het ook niet meer.

Da Vinci’s getekende studies zijn heel typisch voor zijn oeuvre. Hij werkte namelijk altijd met echte modellen, en die waren dus erg gevarieerd: van mooie meiden tot oude vrouwen, die soms toch wel meer op mannen lijken… Eigenlijk best vooruitstrevend en inclusief, en helemaal bon ton anno 2018. Daarnaast zijn er ook voorstudies te zien voor bijvoorbeeld ‘Het Laatste Avondmaal’-fresco en de ‘Madonna op de rotsen’. Het Teylers Museum is de perfecte plek voor een expo over deze nieuwsgierige kunstenaar. Want het is ooit, in de tijd van de Verlichting, opgericht als museum om kennis op te doen over kunst en wetenschap.

Let op: Da Vinci is very hot right now, zeker nu de tentoonstelling bijna ten einde loopt. Toegangskaartjes zijn alleen online verkrijgbaar, dus wees er snel bij. Perfect Kerstcadeau: check!

Goed om te weten | Het Teylers Museum is zowel Eerste Kerstdag, als Tweede Kerstdag en Nieuwsjaardag geopend van 10:00 tot 18:00 uur.

De tentoonstelling van Leonardo da Vinci is t/m 6 januari 2019 te zien in het Teylers Museum, Haarlem. Meer informatie: https://www.teylersmuseum.nl/nl/bezoek-het-museum/wat-is-er-te-zien-en-te-doen/leonardo-da-vinci


 

Lennart Lahuis Skyline 2016 Collectie Fries Museum.Lennart Lahuis Actress III 2016 Collectie Fries Museum
Lennart Lahuis, ‘Skyline’, 2016. Collectie Fries Museum. | Rechts: Lennart Lahuis, ‘Actress III’, 2016. Collectie Fries Museum.

Lennart Lahuis: Constant Escapement | Fries Museum

Het Fries Museum haalt haar artistieke bewoners weer naar huis: niet alleen duik je hier in het liefdesleven van Rembrandt en zijn Friese vrouw Saskia, ook ontmoet je er de hedendaagse kunstenaar Lennart Lahuis (1986), een Fries van oorsprong die inmiddels over de hele wereld heeft gewerkt en exposities heeft gehad. In zijn kunstwerken gaat het om vergankelijkheid, erosie en tijdelijkheid, en vooral om bijzondere materialen als water en was. De tentoonstelling toont zowel werk waarmee hij eerder de Koninklijke prijs voor de Schilderkunst won, als nieuw werk. Dit nieuwe werk laat ons de groeiende afstand zien die ontstaat door de Brexit. Dit neemt hij heel letterlijk, door werken te maken die over de afstand tussen Engeland en het Europese vasteland gaan. Maar dan wel op zijn geheel eigen wijze: grote zwart-witte werken die erom smeken om er met je neus bovenop te duiken – no touching though.

Onze favorieten zijn Lahuis’ was-werken: foto’s waar de kunstenaar laag over laag bijenwas heeft aangebracht. Het eindresultaat is alsof je door een beslagen raam kijkt – mysterieus en erg nieuwsgierig-makend! De poederige pastelkleuren dragen bij aan dit dromerige effect; we fantaseren de hele treinreis terug over wat zich onder al die lagen was verschuilt. Ben je net als wij een beetje verliefd geworden op het werk van Lahuis? In het Keramiekmuseum Princessehof in Leeuwarden zie je een heel bijzonder werk van de kunstenaar. In dit filmpje legt hij zelf uit waar je naar kijkt.

Goed om te weten | Het Fries Museum is Eerste Kerstdag gesloten, Tweede Kerstdag geopend van 11:00 tot 17:00 uur en gesloten op Nieuwjaarsdag.

De tentoonstelling ‘Lennart Lahuis: Constant Escapement’ is t/m 24 maart 2019 te zien in het Fries Museum. Meer informatie: https://www.friesmuseum.nl/te-zien-en-te-doen/tentoonstellingen/lennart-lahuis/


 

Caravaggio, 'De graflegging van Christus’, 1602-1603, Pinacoteca Vaticana, Vaticaanstad, via Centraal Museum, Utrecht
Caravaggio, ‘De graflegging van Christus’, 1602-1603, Pinacoteca Vaticana, Vaticaanstad, via Centraal Museum, Utrecht

Utrecht, Caravaggio en Rome | Centraal Museum

Heb je helemaal niks met de Hollandse kou? Voor een dosis Italiaanse passie en dramatiek reis je nu niet alleen naar Haarlem voor de Da Vinci-expo af, maar kun je ook in Utrecht terecht. In het Centraal Museum vindt nu namelijk de must-see tentoonstelling over Caravaggio plaats. Hij is een van de kunstenaars die de kunstwereld hebben veranderd: zijn gevoel voor emoties, dramatiek en licht-donkereffecten (chiaroscuro, of clair-obscur) blazen je van je sokken. Ook in zijn eigen tijd was Caravaggio een ontzettende baas. Hij had zelfs een heuse fanclub van Nederlandse kunstenaars: de Utrechtse Caravaggisten. Kunstenaars Gerard van Honthorst, Dirck van Baburen en Hendrick ter Brugghen gingen op reis naar Rome om Caravaggio’s kunst te bestuderen en gingen in diens stijl schilderen.

In de expositie ‘Utrecht, Caravaggio en Europa’ zie je werk van de vier kunstenaars naast elkaar. Kijk en vergelijk: is het de Hollanders gelukt om een vleugje Italië naar Utrecht te transporteren? Heel bijzonder zijn ook een aantal kunstwerken die speciaal voor deze expo naar Nederland zijn gehaald. All the way vanuit het Vaticaan komt bij hoge uitzondering De graflegging van Christus, maar liefst 2 bij 3 meter aan hartverscheurende gevoelens. Het werk is maar tot half januari te zien. Half februari komt er een ander topstuk uit Italië: het niet minder indrukwekkende schilderij Medusa, afkomstig uit een privécollectie. Meraviglioso!

Goed om te weten | Het Centraal Museum is Eerste Kerstdag gesloten, Tweede Kerstdag geopend van 11:00 tot 17:00 uur en gesloten op Nieuwjaarsdag.

De tentoonstelling ‘Utrecht, Caravaggio en Rome’ is t/m 24 maart 2019 te zien in het Centraal Museum, Utrecht. Meer informatie: https://www.centraalmuseum.nl/nl/tentoonstellingen/utrecht-caravaggio-en-europa


 

David Lynch in his studio ©David Lynch - Bonnefanten
‘David Lynch in zijn studio’, via: Bonnefantenmuseum, Maastricht.

David Lynch: Someone is in my House | Bonnefantenmuseum

Mulholland Drive, Eraserhead, Wild at Heart en Twin Peaks – wellicht ken je enkele van deze iconische cultfilms van de Amerikaanse regisseur David Lynch (1946). Maar Lynch ziet zichzelf niet in eerste instantie als filmregisseur. Nee, hij is bovenal kunstenaar, die toevalligerwijs veel succesvoller is geworden als filmmaker. Desalniettemin schildert, tekent, fotografeert, componeert en beeldhouwt Lynch er al vijftig jaar lustig op los. Het Bonnefantenmuseum in Maastricht toont nu een enorm retrospectief met ruim 500 kunstwerken van Lynch.

Wie beter dan de kunstenaar zelf om een teaser te maken voor de tentoonstelling? Volledig in Lynch-stijl is dit promofilmpje freaky, creepy en erg surrealistisch. De expositie zelf is een reis door het vreemde brein van de kunstenaar/filmmaker, die je niet wilt missen. Naast hele grote schilderijen met lichtjes erin – een soort kijkdozen -, schetsen op luciferdoosjes en zwart-witfoto’s, zijn wij vooral gecharmeerd van de lampen die hij heeft gemaakt. Ze lijken een beetje op slanke robots, die toch iets heel organisch hebben. ‘Someone is in my House’ heeft een intense voodoo-esthetiek; perfect als je na dagenlang Kerstliedjes meezingen met Skyradio helemaal klaar bent met de feestdagen.

Goed om te weten | Het Bonnefantenmuseum is Eerste Kerstdag gesloten, Tweede Kerstdag geopend van 11:00 – 17:00 uur en gesloten op Nieuwjaarsdag.

De tentoonstelling ‘David Lynch: Someone is in my House’ is t/m 28 april 2019 te zien in het Bonnefantenmuseum, Maastricht. Meer informatie: https://www.bonnefanten.nl/nl/tentoonstellingen/programma_2018/david_lynch



 

Janis Rafa, A Sign of Prosperity To The Dreamer (still), 2014, Centraal Museum, Utrecht

GO | NO GO #149: Met hijgende honden naar de film

GO | NO GO 13 december 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week zijn we in het Centraal Museum in Utrecht voor de eerste solotentoonstelling van (video-)kunstenaar Janis Rafa, ‘Janis Rafa: Eaten by Non-humans’.

Het Eye Filmmuseum in Amsterdam, Palazzo Strozzi in Florence en de 56e Biënnale van Venetië: een kleine greep van locaties waar het werk van de Griekse Janis Rafa (1984) de afgelopen jaren al is getoond. De jonge kunstenaar studeerde af op videokunst aan de University of Leeds en maakte in 2013-2014 furore op de Rijksakademie in Amsterdam. Nu, vier jaar later, is het de beurt aan het Centraal Museum in Utrecht. Een belangrijke mijlpaal in haar carrière, aangezien het haar eerste museale solotentoonstelling is! De films van Rafa draaien om universele thema’s als sterfelijkheid en verlies. Het bezoek aan haar nieuwste expositie begint buiten al, een teaser van het videowerk ‘A Sign of Prosperity to the Dreamer’ is te zien op de gevel van het Centraal Museum. Meerdere zwarte vogels tollen vanuit de onderkant het beeld in, vertraagd, soms bijna onherkenbaar en bovenal: morsdood. Dit alles tegen de achtergrond van de lucht, een mooi samenspel met de buitenlucht in real time.

Janis Rafa, A Sign of Prosperity To The Dreamer (still), 2014, Centraal Museum, Utrecht
Janis Rafa, ‘A Sign of Prosperity To The Dreamer (film still)’, 2014, Centraal Museum, Utrecht

De titel van de tentoonstelling ‘Eaten by Non-humans’ verwijst naar het ‘niet-menselijke’; hiermee bedoelt Rafa met name dieren. Alle dog lovers opgelet: opvallend zijn de vele honden die telkens terugkomen in haar werk. Rafa stelt telkens vragen over de hiërarchie tussen mens en niet-mens: heeft een niet-mens bijvoorbeeld ook gevoelens van liefde en verdriet? Naast haar films zijn er in het Centraal Museum ook enkele sculpturale werken te zien die – net als de videowerken – zijn geïnspireerd op de grote thema’s in het leven, met name de relatie tussen mens en dier en mens en landschap.

Janis Rafa - Centraal Museum Utrecht - De Kunstmeisjes(2)Zaaloverzicht Janis Rafa, ‘Eaten by Non-humans’, Centraal Museum, Utrecht

± | Be warned: voor het werk van de jonge kunstenaar heb je geduld nodig. Twee films duren 20 minuten, en veel shots zijn minutenlange beelden van bijvoorbeeld hetzelfde landschap, een douchend persoon of hijgende honden. Bioscoopgevoel, maar dan next level artistiek! De tentoonstellingsruimten nodigen gelukkig uit tot het nemen van je tijd. Bij de films ‘Father Gravedigger’ en ‘Our Dead Dogs’ – beide onderdeel van de trilogie ‘Three Farewells’ – zijn bankjes geplaatst en is er genoeg ruimte om te zitten. De zalen met de films zijn helemaal donker: de vloeren diepzwart en de muren roodbruin: een aardse kleur die overeenkomt met de aarde van eerder getoond sculptuur in de tentoonstelling. De films spatten zo uit de ruimte en de kraakheldere kleuren en intense geluiden (like we said, hijgende honden) worden hierdoor versterkt en komen extra hevig over op de toeschouwer. De beelden van verlaten en uitgestrekte landschappen zijn vaak geschoten met een groothoeklens en zijn prachtig: de dorre zandgrond met vele olijfbomen bijvoorbeeld, laat het soort landschap zien dat doet denken aan het thuisland van de kunstenaar. Rafa’s werk kan naast meditatie ook emotie opwekken: een hond die zijn dode baasje probeert wakker te springen, huilend bij hem gaat liggen wanneer dit niet lukt en uiteindelijk aan zijn haren meesleurt en hem begraaft, draait de normale verhouding tussen mens en dier om en wekt bij ons glimmende oogjes op. Deze sfeer van rouw en de omgekeerde wereld, waarin we de ervaring zien vanuit het perspectief van het dier, in plaats van de mens, zorgen ervoor dat je blijft kijken naar het videowerk.

Janis Rafa - Centraal Museum Utrecht - De KunstmeisjesZaaloverzicht Janis Rafa, ‘Eaten by Non-humans’, Centraal Museum, Utrecht

+ | Voor deze solotentoonstelling heeft Rafa inspiratie gehaald uit de collectie van het Centraal Museum. Vanaf 16 december is namelijk de tijdelijke en veelbelovende tentoonstelling ‘Utrecht, Caravaggio en Europa’ te zien in het museum, grotendeels tegelijkertijd met de solotentoonstelling van Rafa. Caravaggio inspireerde zeventiende-eeuwse Utrechtse schilders als Hendrick ter Brugghen, die op zijn beurt een inspiratiebron is voor de hedendaagse Rafa. (Art) History is an ongoing cycle! Voor ‘Take 11: What Remains is a Wound Disembodied’ (2018) heeft Rafa zich gebaseerd op het schilderij ‘De Arme Man en de Rijke Lazarus’ van Ter Brugghen. Op dit doek uit 1625 likken twee honden de wonden van de arme man schoon, en dit is wat Rafa ook laat zien in een ‘travelling shot’ dat langzaam en parallel aan de actie beweegt. Een vrouw, levend op een schroothoop met haar man en dieren, valt en gilt het uit. In een volgend shot zien we haar grijpen naar haar buikwond, die ook hier gelikt wordt door twee honden. Doordat het cruciale moment mist in de film, blijft het gissen of de honden haar aanvielen (eaten by non-humans?) of haar wonden willen verzorgen door ze – net als in het werk van Ter Brugghen – schoon te likken. Het gezicht dat je nú trekt bij het lezen van voorgaande, trokken wij zo nu en dan ook. Het werk van Rafa kan je heel ongemakkelijk laten voelen: het trekt aan en het stoot af. Deze spannende verhoudingen maken dat je – ondanks de enorme traagheid – wilt blijven kijken. What’s gonna happen next?

Hoe lang doe je er over | Wil je alle filmwerken bekijken? Dan ben je zeker een uur zoet.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Bonustip: vanaf 16 december is ‘Utrecht, Caravaggio en Europa’ te zien in het Centraal Museum. Een bijzondere tentoonstelling, want voor het eerst zijn er drie werken van Caravaggio te zien in Nederland! Het Vaticaan heeft het topstuk ‘De graflegging van Christus’ uitgeleend en is slechts vier weken te bezichtigen. Hierna zijn er nog twee werken van Caravaggio te bezichtigen: ‘Medusa’ en ‘Mediterende Hieronymus’. Meer hierover in onze Christmas Special volgende week, so stay tuned


De tentoonstelling ‘Janis Rafa: Eaten by Non-humans’ in het Centraal Museum te Utrecht is nog te zien t/m 3 februari 2019. Meer informatie: https://www.centraalmuseum.nl/nl/tentoonstellingen/janis-rafa-eaten-by-non-humans

Tekst: Charlotte Hercules

Coverbeeld: Zaaloverzicht Janis Rafa, ‘Eaten by Non-humans’, Centraal Museum, Utrecht

Chim (David Seymour), ‘Picasso voor zijn schilderij Guernica’, Parijs, 1937, Magnum Photos Courtesy Chim Estate

GO | NO GO #148: Chim – de man die het allemaal kon

GO | NO GO 11 december 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Wij werden nieuwsgierig naar de overzichtstentoonstelling van fotojournalist Chim (David Seymour) in het Joods Historisch Museum en gingen op pad.

Wist je dat Dawid Szymin, ook wel bekend als David Seymour en nog bekender onder de naam Chim, een van de grootste documentairefotografen van de twintigste eeuw is? Chim is ter wereld gekomen in Polen als Dawid Szymin en was de zoon van een joodse uitgever. Rond de jaren dertig vertrok Dawid naar Parijs, nadat hij door de slechte economie en toenemend antisemitisme zich gedwongen zag zijn studie in Warschau stop te zetten. Chim werd al snel zijn bijnaam, voor vrienden en intimi, maar ook voor de pers die hem steeds meer in het vizier kreeg als talentvolle fotojournalist. Zijn laatste naamsverwisseling (P. Diddy en Prince zijn er niks bij) vindt plaats als hij naar New York verhuist. Vanaf dat moment neemt hij de naam David Seymour aan, al blijft iedereen hem bij zijn nickname Chim noemen.

Chim (David Seymour), ‘Kinderen spelen op Omaha Beach’, Normandië, Frankrijk, 1947  Magnum Photos Courtesy Chim Estate
Chim (David Seymour), ‘Kinderen spelen op Omaha Beach’, Normandië, Frankrijk, 1947  Magnum Photos Courtesy Chim Estate, via Joods Historisch Museum.

In het Joods Historisch Museum, leer je Chim beter kennen. Zo komen we er achter dat hij samen met zijn vrienden Henri Cartier-Bresson en Robert Capa het fotografencollectief ‘Magnum’ oprichtte. Hoewel zijn oeuvre bekend en geliefd is, blijft hij bescheiden en minder bekend dan zijn famous friends. Desalniettemin zei Capa over Seymour, ‘Chim is the really good photographer’. De oprichting van dit fotocollectief is bijzonder, want hoewel dit soort samenwerkingsverbanden tegenwoordig aan de orde van de dag zijn (groetjes van De Kunstmeisjes), is dit het eerste fotocollectief dat geschiedenis heeft geschreven. Binnen no time vertegenwoordigden agentschappen in onder andere, New York, Tokyo, Parijs en Londen deze mannen #worlddomination. Chim en zijn collectief kregen via deze persagenten veel grote commerciële opdrachten om foto’s te maken voor uitgeverijen, tijdschriften, kranten en musea. Hoewel Chim de minst bekend is onder het grote publiek, staat hij nu helemaal solo in de schijnwerkers in het Joods Historisch museum: tijd om nader kennis te maken met de legendarische fotograaf.

03. © Chim (David Seymour)  Magnum Photos  Courtesy Chim Estate.jpg
Chim (David Seymour), ‘
Jongen met bolderkar voor de Brandenburger Tor, Berlijn’, 1947, Magnum Photos Courtesy Chim Estate, via Joods Historisch Museum.

+ | Chim blijkt een veelzijdig man, hij dompelt zich gedurende zijn loopbaan onder in verschillende thema’s. Wij zijn vooral gegrepen door zijn indringende portretten genomen in oorlogs- en conflictsituaties. Dit komt goed naar voren in deze tentoonstelling, die is samengesteld door de International Center of Photography. Dankzij 150 vintage foto’s, tijdschriften, boeken en affiches wordt duidelijk hoe het oeuvre van Chim in elkaar zit. Gedurende een periode van 25 jaar fotografeert hij bijvoorbeeld de Spaanse Burgeroorlog, maar ook de rauwe foto’s van Europa in wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog. Zijn meest indringende werk over getraumatiseerde kinderen in de naweeën van de tweede wereldoorlog, maakte Chim in opdracht van UNESCO. Opvallend is de foto van een meisje in een kindertehuis in Warschau, Polen. Tereska heeft een verwilderde, glazige blik in haar ogen en is gevraagd haar thuis te tekenen. In de foto is het resultaat van deze tekening zichtbaar; dit meisje verbeeldt “thuis” door een wirwar aan chaotische krassen op een schoolbord te tekenen. Chim heeft in zijn fotoreportages niet alleen oog voor historische gebeurtenissen, maar hij heeft ook aandacht voor de uitwerking van oorlogen op de mensen die deze hebben meegemaakt en in sommige gevallen ook overleefd. Het is daarom des te tragischer dat hij op 10 november 1956 zelf wordt gedood door een sluipschutter, tijdens een reis om de Suez Crisis te verslaan. De foto’s van zijn laatste reportage zijn ook in deze tentoonstelling te zien, als een laatste ode aan de empathische fotograaf.

Chim (David Seymour), ‘Ingrid Bergman’, Italië, 1953, Magnum Photos Courtesy Chim Estate
Chim (David Seymour), ‘Ingrid Bergman’, Italië, 1953,  Magnum Photos Courtesy Chim Estate, via Joods Historisch Museum. 

+ |  In groot contrast met deze oorlogsfotografie, zijn de glamour shots die hij neemt van onder andere Sophia Loren, Peggy Guggenheim, Ingrid Bergman, Pablo Picasso – just to name a few. In de museumzaal vol oorlogs- en protestfotografie, met veelal donkere en intense zwart-wit foto’s, zijn de portretten van tout hollywood een welkome afwisseling. Deze portretten geven letterlijk kleur aan de tentoonstelling, en hadden wat ons betreft prominenter in de tentoonstelling uitgelicht mogen worden. Deze werken geven met hun Hollywood-romantiek balans aan de heftigheid van de oorlogsfotografie. Ondanks de grote contrasten in het werk van Chim, zien we een rode lijn door alle foto’s lopen. Elk beeld vertelt een eigen, sterk verhaal, doordat Chim zowel het moment, het kader en de lichtval precies goed uitkiest. De composities tonen niet alleen zijn empathische kant, maar ook zijn gevoel voor esthetiek. Door deze tentoonstelling stapt Chim definitief uit de schaduw van zijn vrienden. Van rauwe oorlogsfotografie tot aan juicy Hollywood-foto’s, deze man kon het allemaal.  

Hoe lang doe je er over? | 60 min

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | In de volgende twee podcasts vertelt conservator fotografie Bernadette van Woerkom wat een typische Chim-foto is, welke ingrediënten zijn hiervoor nodig? Listen and learn.


De tentoonstelling ‘Chim (David Seymour) legendarische fotojournalist’ in het Joods Historische Museum is nog t/m 10 maart 2019 te zien. Meer informatie: https://jck.nl/nl/tentoonstelling/chim-david-seymour-legendarisch-fotojournalist

Tekst: Carlien Lammers

Cover: Chim (David Seymour), ‘Picasso voor zijn schilderij Guernica’, Parijs, 1937,  Magnum Photos Courtesy Chim Estate, via Joods Historisch Museum. 

 

Stedelijk Museum - Lily van der Stokker, 2018 door GJ. van ROOIJ - De Kunstmeisjes

GO | NO GO #147: Good Old Friendly work

GO | NO GO 6 december 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer zijn we op de eerste verdieping van het Stedelijk Museum in Amsterdam, waar we met een zak winegums in onze tas genieten van de kleurrijke installaties van Lily van der Stokker.

Kunst over de verbouwing van je huis, of het feestje dat je ter gelegenheid hiervan gaat geven? Of wat dacht je van een tekening waarin de prijzen van een kopje thee in New York met die in Amsterdam worden vergeleken? Dat kan toch niet? Wel bij Lily van der Stokker! De gedachtenwolkjes met opmerkingen als ‘leuk’ en ‘schattebolletje’ en ‘gewoon’ stralen je tegemoet in kleuren die je doen denken aan de snoepjes waarop je zo zoet aan het kauwen bent. Alles is versierd met vrolijke bloemetjes en cartoonachtige krabbels. Het is altijd heerlijk wanneer je hardop moet lachen bij een tentoonstelling en in ‘Lily van der Stokker – Friendly Good’, nu te zien in het Stedelijk Museum in Amsterdam, gebeurt dat zeker. De werken lijken ironisch bedoeld, want zulke onbenullige opmerkingen horen toch niet thuis in een kunstwerk? Maar zijn die wel zo onbelangrijk, wanneer ze ons voortdurend bezighouden? Van der Stokker wil die schijnbaar triviale vragen, woorden en gedachten een waardevolle betekenis geven, of er tenminste bij stilstaan.

Stedelijk Museum - Lily van der Stokker, 2018 door GJ. van ROOIJ - De Kunstmeisjes
Lily van der Stokker, ‘Experimental Art by Older Women’
, 1999–2018, met dank aan de kunstenaar. Foto: Gert Jan van Rooij

De tentoonstelling in het Stedelijk bestaat uit twee grote en vijf kleine zalen. De meeste ruimtes hebben een muurvullende wandschildering waar soms vierkante dozen voor staan die lijken op cadeautjes. Op de andere muren zie je kleine, grappige tekeningen van viltstift, balpen en potlood. De zalen hebben titels: ‘Tidy Kitchen’, ‘Questions about Art/ Relaxing with Art’, ‘Friendly Good’, ‘Familie en vrienden’, ‘Alledaagsheid’ en ‘Gezondheidszorg’. Van der Stokker gebruikt graag Nederlands en Engels door elkaar heen, ook in de woorden in haar tekeningen. Lichtvoetig en vrolijk stipt ze grote thema’s aan zoals het buitengewone van het alledaagse, creatieve impulsiviteit versus dagelijks onderhoud, privé versus publiek. Het is onmogelijk alle onderwerpen die Van der Stokker behandelt onder één noemer te vangen. Duidelijk is wel dat ze een licht werpt op al die alledaagse beslommeringen, irritaties en gelukjes die in de kunstwereld normaal gesproken ongenoemd blijven. Sterker nog, Van der Stokker vindt dat we – kusjes en huilbuien, vetvlekken op het tafelkleed en schoonmaken van de plee, kwaad worden om onbetaalde rekeningen, het jaartal 1991, kinderopvang, je fysiotherapeut in Amsterdam en die in New York – moeten vieren als essentieel deel van het leven en dat ze daarom ook een centrale plek in de kunst verdienen.

Stedelijk Museum - Lily van der Stokker, 2018 door GJ.vanROOIJ
Zaalopname ‘Lily van der Stokker –
Friendly Good’, 2018, foto: Gert Jan van Rooij, via: Stedelijk Museum Amsterdam

+ | Wij kunnen ons wel vinden in deze expositie vol girlpower. Van der Stokker heeft het feminiene en het banale vol overgave omarmd, en ze speelt er een fascinerend conceptueel spel mee. Vandaag is het wellicht niet ongewoon om decoratieve, meisjesachtige beeldtaal conceptueel in te zetten, maar besef wel dat Van der Stokker deze positie al sinds de jaren 80 verdedigt. Ze is hierin een echte pionier geweest. Meteen in de eerste zaal van de tentoonstelling zie je haar installatie ‘Tidy Kitchen’. In grote letters heeft ze quotes geschilderd als ‘pasta stikking in the pot’, ’pulling out hairs from the drain’ ‘CRY-ING, CRY-ING for $ 320 p day 8 hrs a day’. Ze maakt de wereld van het huishouden, dat nog steeds meestal wordt gedaan door een vrouw, luid en duidelijk zichtbaar. De activistische kunstenaar Mierle Laderman Ukeles lijkt een invloed op dit werk te zijn. Eén van de eerste regels van haar beroemde feministische manifest ‘Care, the Manifesto For Maintenance Art’ uit 1969 is: “The sourball of every revolution: after the revolution, who’s going to pick up the garbage on Monday morning.” Eindelijk is hier eens aandacht voor. De tijd is rijp voor neofeminisme: voor gelijke genderrechten op de barricade staan, maar dan wel in een glitterjurkje als we daar zin in hebben. We hoeven als sterke feministen onze vrouwelijkheid niet langer weg te stoppen, maar omarmen deze juist als een identiteit waar we trots op zijn. Denk bijvoorbeeld aan de premier van Nieuw-Zeeland die onlangs haar drie maanden oude baby meenam toen ze een toespraak hield voor de Verenigde Naties.

+ | Lily van der Stokkers werk is niet alleen serieus of politiek, maar vooral heel erg grappig. Ze staat hierin natuurlijk niet alleen. Denk aan de Pindakaasvloer van Wim T Schippers, Santa Claus aka Kabouter Buttplug van Paul MacCarthy of het hilarische werk van Nathaniel Mellors en Erkka Nissinen (zie GO | NO GO #90, een Finse Muppetshow). In haar werk gebruikt Van der Stokker woorden en zinnetjes die op zichzelf al prachtige tweets zouden zijn, zoals ‘older women making experimental art’ of ‘A baby, another baby, all my no-baby friends are in New York.’ Of alleen het jaartal 1991 met wat ruitjes en wolkjes eromheen, wat doet denken aan een tafellaken. Meisjeskleuren, kinderachtig, illustratief, decoratief, te mooi, te lelijk; het is heel gemakkelijk kritiek op haar werk te hebben. Het lijkt je hier zelfs toe te willen verleiden, met een cheeky smile. Zo is er een ontroerend zoetsappige tekening van een soort podium met een trappetje ervoor met de tekst: ‘I am an artwork and I am 3 years old’. Over de installatie Friendly Good 1992-2018 vertelt ze: ‘Ik kreeg een fascinatie voor het woord GOOD want ik vond dat ik een goede kunstenaar moest zijn, en dus een goed mens, en goede dingen moest doen. Ik maakte een abstract-decoratief schilderij en zette alvast op de plek van de signatuur het woord ‘goed’. Een goed kunstwerk, dan hadden we dat alvast.’ Kortom, je verlaat deze tentoonstelling with a big smile...

Hoe lang doe je er over? | Het kan in drie kwartier – dus lunchpauze-friendly – maar daarna mijmer je wel nog een paar dagen na.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Ken je John Waters, de regisseur van Hairspray en Pink Flamingos, ook wel de ‘Pope of Trash’ genoemd? Hij is groot fan en verzamelaar van het werk van Lily van der Stokker. Lees hier zijn gesprek met haar.


De tentoonstelling ‘Lily van der Stokker – Friendly Good’ is nog t/m 24 februari 2019 te zien. Meer informatie: https://www.stedelijk.nl/nl/tentoonstellingen/lily-van-der-stokker 

Tekst: Daphne Rosenthal

Cover: Lily van der Stokker, ‘Friendly Good’ (‘Vriendelijk, Aardig, Goed’), 1992, Grey Art Gallery, New York, via: Stedelijk Museum, Amsterdam

Van Gogh Museum - ‘Gauguin en Laval op Martinique’

GO | NO GO #146: Met Gauguin en Laval naar Martinique

GO | NO GO 4 december 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer vanuit het Van Gogh Museum, dat nu de expositie ‘Gauguin en Laval op Martinique’ toont.

De gure, koude tijd van het jaar is weer aangebroken, hier in Nederland. Je hoort ons echter niet klagen hoor: het is perfect museumweer. In het Van Gogh Museum lijkt het zelfs een beetje zomervakantie, inclusief een hele hoop Caribische vibes. Daar zie je nu namelijk ‘Gauguin en Laval op Martinique’, een tentoonstelling om even de kou en neerslag bij te ontvluchten en om volledig bij te ontdooien. Ook kunstenaars Paul Gauguin (1848-1903) en Charles Laval (1862-1894) vluchtten weg richting warmere oorden. In 1887 besloten zij namelijk het “verrotte”, “stijve” Parijs te verlaten, op zoek naar een nieuwe manier van schilderen, hopend deze te vinden in een meer ongerepte, eenvoudige en vrije omgeving. Via een omweg langs Panama (was ”m toch niet helemaal) kwamen ze uit op het nabijgelegen eiland Martinique. Hier vonden zij de inspiratie waarnaar zij zo desperately naar op zoek waren. In de vier maanden dat Gauguin hier was en het kleine jaar dat Laval hier doorbracht, ontwikkelden zij een geheel nieuwe schilderstijl en een on-Europese thematiek. Hun schilderijen van de natuur en de lokale bevolking zijn uitgevoerd in felle, warme kleuren en losse lijnen, die later vele andere kunstenaars zouden inspireren.

vangoghmuseum-s0247V1962-1920
Charles Laval, ‘Zelfportret’, 1888, via: Van Gogh Museum, Amsterdam

Alles leuk en aardig, maar waarom is deze expositie nu te zien in het Van Gogh Museum? Het blijkt dus dat Gauguin na terugkomst uit Martinique Vincent en zijn broer Theo ontmoette. De Van Gogh-broers waren direct zo onder de indruk van zijn Martinique-werken, dat zij voor 400 franc een van de belangrijkste kunstwerken uit de reeks kochten, ’De mangobomen, Martinique’. Stel je voor, een echte Gauguin voor 400 franc! Een koopje, zouden we tegenwoordig zeggen, maar voor die tijd was dat alsnog een enorm bedrag. Het betekende dan ook veel voor de carrière van Gauguin, zeker nadat Theo van Gogh (Vincent’s oudere broer en bekend kunsthandelaar) nog een werk van hem kocht en vervolgens zijn vaste kunsthandelaar werd. Vincent van Gogh noemde deze werken van Gauguin “hoogstaande poëzie” en zag Paul dan ook als een grote inspiratiebron. Hij ruilde zelfs twee van zijn zonnebloem-schilderijen voor een werk van Gauguin. Het was een begin van een vriendschap tussen de twee, die helaas eindigde in een ruzie met een incident (je weet wel, die ene met het oor).

vangoghmuseum-s0224V1962-1920
Paul Gauguin, ‘Zelfportret met portret van Emile Bernard (Les Miserables)’, 1888, via: Van Gogh Museum

+ | Het is voor het eerst dat deze ietwat onderbelichte, maar cruciale periode in de kunstgeschiedenis en vooral in de carrière van Gauguin tentoongesteld wordt. De meeste mensen kennen Gauguin van de werken die hij op Tahiti maakte, maar zijn bekende stijl ontwikkelde hij dus al eerder, namelijk op Martinique. Hij tekende en schilderde hier in de vier maanden van zijn verblijf behoorlijk wat. Deze werken, inclusief een uit elkaar gehaald schetsboek, zijn verspreid geraakt over de hele wereld, in zowel museale als privécollecties. Het is dus uniek dat al deze werken nu eindelijk weer bij elkaar te zien zijn. Het uit elkaar gehaalde schetsboek is een echt collector’s item en toont veelal kleine schetsjes die Gauguin later in grote schilderijen verwerkte, soms zelfs meerdere malen. Dit deed ons meteen denken aan de manier waarop Peter Paul Rubens (1577 – 1640) ook werkte, en wat goed te zien is in de tentoonstelling ‘Pure Rubens’ in Museum Boijmans van Beuningen. Great minds think alike. Gauguins schetsen hangen tussen twee glazen platen, midden in de zaal. Je kijkt dus makkelijk langs de schets naar het kunstwerk dat er achter hangt, vaak met exact hetzelfde motief als op de schets. Veel van de schetsjes zijn van vrouwen (‘porteuses’) op Martinique die dag in dag uit met manden op hun hoofd van de plantages naar de markt liepen. Door hen eerst meerdere malen te schetsen hoopte de kunstenaar het karakter van de vrouwen beter te kunnen vastleggen. Zodra dit naar zijn mening gelukt was, verwerkte hij deze “karakters” in schilderijen. De geschilderde scènes zijn dus samengesteld uit verschillende momentopnames; het allermooiste onderdeel van elk moment werd gekozen. Een collage van paradijselijke perfectie. Eigenlijk worden de vrouwen hier dus als objecten bekeken en alleen hun mooiste delen en momenten zijn gekozen. Vandaag te dag kijken we in deze expositie opnieuw naar dezelfde vrouwen, wederom als kunstobjecten. Jammer genoeg wordt hun verhaal niet verteld: wie waren zij, hoe zag hun leven er uit, was het allemaal wel zo mooi en paradijselijk? We think not. Zowel Gauguin als Laval en het Van Gogh Museum blijven ons dit antwoord schuldig.

vangoghmuseum-s0221V1962-1920
Paul Gauguin, ‘De Mangobomen, Martinique’, 1887, via: Van Gogh Museum, Amsterdam. 

+ | Laval en Gauguin romantiseerden Martinique en de omstandigheden daar dus behoorlijk. Voor hen was het waarnaar zij gezocht hadden, het ongerepte paradijs vol kleur en nieuwe inspiratie. Ook voor menig mens in de huidige tijd zijn de voorstellingen van een eiland als Martinique paradijselijk en zouden we allemaal niet een keer twijfelen om op het vliegtuig te stappen als ons een gratis ticket aangeboden zou worden. Dit beeld van een ongecompliceerd exotisch paradijs is het clichébeeld dat is ontstaan in de koloniale tijd. Dit is echter helemaal niet de Caraïbische realiteit en ook niet de identiteit die het eiland wil hebben. Om dit clichébeeld aan de kaak te stellen, en om ons als kijker een beter perspectief te geven, is er op de tweede verdieping van de tentoonstelling een compleet ander werk te zien. In ‘Sans titre, série Caribbean Hurricane’ toont Martinikaanse kunstenaar Jean-François Boclé (1971) zijn visie op de Caraïben en reflecteert hij op de voorstellingen die Paul Gauguin en Charles Laval maakten. Dit doet hij door middel van vijf enorme ventilatoren met daaraan allemaal lappen plastic in de kleuren van verschillende vlaggen. Aan de ene kant zien we de kleuren rood, blauw, wit en geel van de vlaggen van Groot-Brittannië, Nederland, Frankrijk, de Verenigde Staten en Spanje, de landen die de Caraïbische eilanden koloniseerden. Aan de andere kant zien we de kleuren geel, oranje en groen, de kleuren van mango’s die de gekoloniseerde landen verbeelden. De landen staan recht tegenover elkaar maar spelen ook samen in deze installatie. Hiermee wil Boclé mensen laten nadenken over de invloed van kolonisatie op de identiteit van het Caraïbisch gebied. Daarnaast verwijst hij ook naar het stereotype beeld van alleen maar rainbows and butterflies in de Caraïben. Voor wie niet alleen maar wilt kijken, maar ook mee wil praten, organiseert het meerdere discussieavonden rondom onderwerpen als kolonialisme, taal, kleur en representatie.

Hoe lang doe je er over? | Neem de tijd om goed te kijken en je te verplaatsen in Gauguin, Laval en de bewoners van Martinique. Wat moeten zij gedacht en gezien hebben en hoe kijken wij nu/ zouden wij nu moeten kijken? Trek er een uurtje voor uit, maar vergeet echter niet dat het Van Gogh Museum een toeristenwalhalla is. Wees verstandig en boek je e-ticket met timeslot online en mijd het weekend als het even kan.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Acteur en kunstenaar Jeroen Krabbé (1944) maakt tv-programma’s waarin hij bekende kunstenaars nareist, zoals Vincent Van Gogh en Pablo Picasso. Nu stapte hij in Paul Gauguins voetsporen. In de serie ‘Krabbé zoekt Gauguin’ kom je van alles te weten over het leven en het werk van Gauguin, en uiteraard is er ook een aflevering gewijd aan zijn periode op Martinique met Charles Laval. Bekijk hier alle uitzendingen.


De tentoonstelling ‘Gauguin en Laval op Martinique’ in het Van Gogh Museum is nog t/m 13 januari 2019 te zien. Meer informatie: https://www.vangoghmuseum.nl/nl/zien-en-doen/tentoonstellingen/gauguin-en-laval-op-martinique

Tekst: Yaël Speck

Cover: Paul Gauguin, ‘Martinikaans Landschap’, 1887, National Gallery of Scotland, Edinbrugh, geschonken door Sir Alexander Maitland ter nagedachtenis van zijn vrouw Rosalind 1960, via: Van Gogh Museum, Amsterdam