GO | NO GO #183: Het was in elk geval mooi weer

GO | NO GO 13 juni 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week gingen we naar het Stedelijk Museum in Amsterdam, waar een solotentoonstelling van Walid Raad te zien is, zijn eerste in Nederland.

Hoewel er niks luchtigs is aan oorlog, laat Walid Raad zien dat je het desalniettemin best zo kunt benaderen. De kunstenaar geeft in het Stedelijk Museum Amsterdam zijn scherpe, kritische en gevatte visie op de complexiteit van de oorlogen in Libanon (1975 – 1999). Hij werd in Libanon in 1967 geboren, woont sinds begin jaren tachtig in de Verenigde Staten en geldt sinds Documenta XI uit 2002, de beroemde tentoonstelling van wijlen Okwui Enwezor, als een toonaangevende kunstenaar. De tentoonstelling in Amsterdam, Let’s be honest, the weather helped, bevat film, fotografie, multimedia-installaties, performances en essays over deprimerende onderwerpen die Raad op een andere manier overbrengt. In zeven zalen laat hij een combinatie zien van de drie grote projecten waar hij sinds de jaren tachtig aan werkt: verhalen en documentatie van de oorlog, het veranderende stadsgezicht van Beirut en de opkomst van nieuwe musea in de Arabische wereld.

001.SM-WALID RAAD 2019-PH.GJ.vanROOIJ.jpg
Zaalopname Walid Raad – ‘Let’s be honest, the weather helped’, Stedelijk Museum Amsterdam, 2019, Foto: Gert Jan van Rooij.

Raad maakte deel uit van de Gulf Labor Artist Coalition, een groep die jarenlang onderhandelingen voerde over de slechte arbeidsomstandigheden in het Louvre en het Guggenheim, die beide bouwden aan een vestiging in Abu Dhabi. Door zijn kritische toon werd hem de toegang tot de Verenigde Arabische Emiraten ontzegd 一 een bezoekje aan het inmiddels geopende Louvre Abu Dhabi zit er voor Raad dus niet in. Wel hangen er in het Stedelijk nu drie ontwerptekeningen voor een hedendaags kunstmuseum in Libanon, die Raad maakte in samenwerking met architect Bernard Khoury voor een competitie. Hun absurde ontwerp, een groot gat in de grond, won niet (no shit). In plaats daarvan werden ze derde en in de tekst naast de ontwerpen maakt Raad de farce compleet door nonchalant te stellen dat de winnaar van de competitie ondertussen is ontslagen waardoor de nummer twee nu aan het werk is. Als die ook wordt ontslagen dan… nou ja. We kunnen Raad dus met recht een rising star noemen.

015.SM-WALID RAAD 2019-PH.GJ.vanROOIJ.jpg
Zaalopname Walid Raad – ‘Let’s be honest, the weather helped’, Stedelijk Museum Amsterdam, 2019, Foto: Gert Jan van Rooij.

+ | Een van de nieuwe werken van Raad die in deze tentoonstelling worden getoond, is een projectie van vijftien meter lang waarin gebouwen instorten en weer oprijzen, als een soort langzame Instagram boomerang. Delen van Beiroet moesten na de oorlog vernieuwd worden en een vastgoedmakelaar sloeg zo’n vijfhonderd gebouwen tegen de grond, waaronder een Hilton-hotel dat toen de oorlog uitbrak nog maar net was opgeleverd en nu weer tegen de vlakte ging. Het puin werd in zee gestort voor landwinning. De beelden in de projectie zijn volgens de kunstenaar zelf geen metafoor voor de wederopbouw, maar een weergave van de ervaring van tijd in steden die voortdurend onder de dreiging van een aanval staan. Het ene moment staat het gebouw, maar knipper even met je ogen en het is weg. Kijk even naar links, en er staat weer iets. Hoewel je niet in Beiroet hoeft te wonen om dit beeld te herkennen, liet het ons wel stilstaan bij de absurde vicieuze cirkel waarin oorlogsgebieden kunnen raken. Als wij door de stad fietsen en we zien opeens een nieuw gebouw uit de grond gestampt zien worden, hoeven we er geen rekening mee te houden dat het binnenkort misschien weer weg is, dat onze architectuur 一 en daarmee wijzelf 一 onder continue dreiging staan. De boomerang beslaat een hele muur en het enige andere in de zaal zijn bankjes, waar je door het hypnotiserende karakter van het werk makkelijk wel uren op kunt blijven zitten.

10wrlets-be-honest-the-weather-helped3-us-19982006pigmented-inkjet-print468-x-724-cm.jpg
Walid Raad, ‘Let’s be honest, the weather helped, 3 US, 1998′. 2006. Courtesy the artist & Sfeir-Semler Gallery Hamburg / Beirut, via: Stedelijk Museum, Amsterdam.

+ | Ander werk in de tentoonstelling waar we lang bij zijn blijven hangen, is een serie zwart-wit foto’s van het landschap van Beiroet met gekleurde stippen. Op het eerste gezicht lijken het prachtige vrolijke impressionistische schilderijen, maar niks is minder waar. De gekleurde stippen die de bomen en flatgebouwen op de foto’s bedekken, corresponderen met de kogels die daar terecht kwamen. Raads eigen kogelcollectie, die hij verzamelde toen hij als tiener door de stad dwaalde, vormt het uitgangspunt voor de kleuren op het werk. Aan de kleur in het topje van een kogel kan je namelijk het land van herkomst herkennen. De stippen op de foto’s verwijzen zo naar onder meer het Verenigd Koninkrijk, Egypte en België. Op het bijschrift, geschreven door Raad zelf, lees je: ‘Na een nacht of dag van beschietingen rende ik de straat op om ze uit muren, auto’s en bomen te halen. Ik hield gedetailleerde aantekeningen bij van de vindplaats van elke kogel en fotografeerde die plekken ook,…’ Door deze serie wordt duidelijk wat Raads werk nou zo goed maakt. Hij kan met visuele schoonheid bezoekers verleiden om aandachtig naar een werk te willen kijken. Pas wanneer je als bezoeker dichterbij deze mooie plaatjes komt, word je geconfronteerd met een lelijke werkelijkheid. Raad brengt zijn boodschap met schoonheid, niet met geweld. Als meer mensen in deze wereld dat zouden doen, zouden er wellicht helemaal geen exposities over oorlog gemaakt hoeven te worden.

Hoe lang doe je er over | 45 minuten

Expert level |  Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Op diverse data tot en met oktober is in de tentoonstelling de performance Les Louvres and/or Kicking the Dead, door Raad himself uitgevoerd, te zien. Deze walkthrough, zoals hij het zelf noemt, is een combinatie van feiten, politieke, historische en filosofische inzichten en verhalen die zijn werk meer verdieping geven. Klik hier voor meer informatie en om te boeken.


De tentoonstelling Let’s be honest, the weather helped is nog t/m 13 oktober 2019 te zien in het Stedelijk Museum Amsterdam. Meer informatie: https://www.stedelijk.nl/nl/tentoonstellingen/walid-raad

Tekst: Ananda Hegeman

Coverbeeld: Walid Raad, ‘Appendix 137_106’. 2018. Courtesy the artist & Sfeir-Semler Gallery Hamburg / Beirut, via: Stedelijk Museum, Amsterdam.

Advertenties

GO | NO GO #182: Zien wat niet gezien wordt in het Centraal Museum

GO | NO GO 11 juni 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Met deze keer de tentoonstelling ‘MOED: Wat niet gezien wordt’ in het Centraal Museum in Utrecht.

Het staat hoog op de agenda voor veel musea: ze willen af van het idee dat kunst beleven alleen is weggelegd voor een elitair, hoogopgeleid, wit clubje mensen op leeftijd. Het museum zou namelijk een plek moeten zijn waar iedereen zich thuis kan voelen en zich ook kan herkennen in wat er gepresenteerd wordt – los van leeftijd, afkomst, levensstijl, geslacht, geaardheid of huidskleur. Lijkt ons meer dan logisch. Maar hoe doe je dat dan? Wereldwijd is dit iets waarmee wordt geworsteld en geëxperimenteerd. Het gaat niet alleen over nieuw publiek naar een tentoonstelling krijgen, maar ook om inclusie qua personeel en in het samenwerken met partners, zodat er van binnenuit iets verandert. Alleen dan kan een verhaal werkelijk vanuit verschillende perspectieven worden verteld. Dat laatste besefte het Centraal Museum ook in aanloop naar hun nieuwe tentoonstelling, waarvoor het museum besloot aan de slag te gaan met een nieuwe club stemmen.

Nola Hatterman, Piëta of Kruisafname van de zwarte Jezus, 1949 kopie
Nola Hatterman, ‘Piëta of Kruisafname van de zwarte Jezus’, 1949, Centraal Museum, Utrecht.

Het museum hoefde niet ver te zoeken, want op de Utrechtse Universiteit is een groep onderzoekers en activisten die bekend staan onder de naam MOED (Museum of Equality and Difference). MOED is een online museum en onderzoeksproject dat zich richt op – de naam zegt het al – de verbeelding van gelijkheid en verschil. Als bezoeker word je door hun projecten aan het denken gezet over historische ongelijkheid en actuele maatschappelijke ontwikkelingen. MOED ging op zoek naar aanknopingspunten in de collectie van het Centraal Museum rond de thema’s slavernij en religie, en vulde aan met bruiklenen om ander licht te werpen op wat de eigen collectie vertelt. Het resultaat: een interessante mix van objecten, waaronder sculptuur, lichtkunst, video, fotografie, textiel en schilderijen. Maar je zult merken dat de boodschap en het verhaal in deze tentoonstelling de boventoon voeren. Het gaat hier echt om food for thought waar je nog even over door zult praten. Het onzichtbare kunstwerk, het verborgen verleden, het verdrongen verhaal, of wat niet altijd gezien of gehoord wordt – je vindt het in deze tentoonstelling.

T201905_004 MOED
Zaaloverzicht ‘MOED: Wat niet gezien wordt’, met werk van Steve McQueen, 2016, Centraal Museum, Uitrecht, foto: Ernst Moritz. 

+ | Bij binnenkomst gaat je aandacht direct naar de film die vertoond wordt, waarin een tekst wordt voorgedragen die ook uitvergroot op de wand staat weergegeven. Het is de speech die Sojourner Truth in 1851 gaf tijdens een vrouwenconventie in Akron Ohio, en die later bekend werd onder de titel ‘Ain’t I a woman?. Truth was een Amerikaanse activiste die streed voor vrouwenrechten en de afschaffing van slavernij. Tot haar negende was ze eigendom van een Nederlandse slavenhouder in de staat New York. In haar speech, wat overigens een geïmproviseerde voordracht was (!), ging ze krachtig in tegen de gevestigde orde en kwam ze op voor gelijkheid ongeacht huidskleur of geslacht. De titel van haar speech slaat niet alleen op de ongelijkheid tussen man en vrouw, maar ook juist op de verschillende posities van witte en zwarte vrouwen. De voordracht in de film door professor Gloria Wekker geeft letterlijk een stem aan een key figure in de geschiedenis. In de volgende zaal zie je het portret van Truth dat speciaal voor de tentoonstelling werd gemaakt door kunstenaar Iris Kensmil (je weet wel, dit jaar onze vertegenwoordiger op de Biënnale van Venetië). In deze zaal wordt ook het verhaal van de Utrechtse betrokkenheid bij het slavernijverleden verteld. Zo is er een buste en portret te zien van schrijver en hoogleraar Nicolaas Beets, die lange tijd in Utrecht woonde en onder meer bekend is als een van de zeldzame Nederlandse najagers van afschaffing van de slavernij. Net als Sojourner Truth werkte hij voor de National Freedman’s Relief Association, een organisatie die steun bood aan voormalig tot slaaf gemaakten in de Verenigde Staten. En net als Truth gaf hij een historische speech: ‘De bevrijding der slaven’ ー met de kanttekening dat in zijn toespraak een eenzijdig en mannelijk perspectief wordt gegeven, met verwijzingen naar zowel tot slaaf gemaakten en actievoerders als ‘hij’. In de tentoonstelling wordt goed benadrukt dat over het slavernijverleden vaak vanuit eenzijdig perspectief wordt verteld, waarbij Beets wordt voorgesteld als “de welgestelde nobele witte redder” die de “arme zwarte” uit de ketenen heeft bevrijd. MOED laat zien dat er meer stemmen hebben geleid tot de afschaffing van slavernij, en ook hoe de invloed van Truth doorwerkt in hedendaagse kunst. Neem bijvoorbeeld ook de twee werken in textiel en kralen van Patricia Kaersenhout uit de serie ‘Proud Rebels’; geborduurde portretten van hedendaagse feministische anti-racisme activisten. Deze lading feminisme is extra actueel omdat we in 2019 honderd jaar vrouwenkiesrecht in Nederland vieren.

T201905_006 MOED
Zaaloverzicht: ‘MOED: Wat niet gezien wordt’, Centraal Museum, Utrecht, foto: Ernst Moritz.

± | Voordat je in deze tentoonstelling bij de kunstwerken komt, moet je in de eerste zaal wel eerst langs een leestafel met allerhande boeken over gender, feminisme en dekolonisatie – voor als je zin hebt om je eerst eens even grondig in te lezen voordat je de tentoonstelling gaat beleven. Best intimiderend. Desalniettemin bekruipt ons het gevoel dat –  als je niet helemaal in dit topic zit – het misschien toch handig is wat meer voorkennis te hebben voordat je deze tentoonstelling bezoekt. Wij hebben daarom onze eigen virtuele versie van de leestafel gemaakt: fris hier je kennis op over wat een piëta ook alweer precies is (vanuit West-Europees perspectief that is), net als over de betekenis van de begrippen abolitionisme en eurocentrisme. En misschien ook over welke sporen van het Nederlands slavernijverleden te ontdekken zijn in het boek Camera Obscura. Nu we toch concrete tips aan het geven zijn: bezoek, als je die gelegenheid hebt, deze expositie vooral ook met iemand samen. Niet alleen voor de gezelligheid, maar vooral zodat je van gedachten kunt wisselen rond de vragen die in de wandteksten worden gesteld of die de kunstwerken bij je oproepen. Dat is uiteindelijk ook wat MOED en het Centraal Museum willen, namelijk mensen aan het denken zetten over maatschappelijke issues die onze aandacht verdienen. Kun je elkaar gelijk overhoren over al het nieuws dat je geleerd hebt.

Hoe lang doe je er over? | Deze tentoonstelling is niet groot, maar nodigt uit om langer te blijven staan bij werken en er over na te denken. Trek er sowieso een uur voor uit.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Je zult merken dat deze tentoonstelling op de derde verdieping naadloos overgaat in een andere tijdelijke tentoonstelling van kunstenares Joyce Vlaming, waarmee het Centraal Museum inhoudelijk inzet op dezelfde thematiek. Vlaming kijkt naar schilderijen van de Nederlandse upper class uit de periode toen slavernij nog bestond. Ze geeft onbekende zwarte ‘bijfiguren’ in de werken door middel van fotobewerking een eigen portret, en maakt er een studie van om hun identiteit te achterhalen zodat hun verhaal verteld kan worden. Zeker ook de moeite waard en eye-opening, vonden wij.


De tentoonstelling ‘Moed: Wat niet gezien wordt’ is nog t/m 30 juni 2019 te zien in het Centraal Museum in Utrecht. Meer informatie: https://www.centraalmuseum.nl/nl/tentoonstellingen/moed-wat-niet-gezien-wordt

Tekst: Marije Spek

Coverbeeld: Steve McQueen, ‘Remember Me’,  2016, Centraal Museum, foto: Ernst Moritz 

GO | NO GO #181 Je jaarlijkse reality check in de Nieuwe Kerk

GO | NO GO 6 juni 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer bezochten wij de Nieuwe Kerk op de Dam voor de jaarlijkse ‘World Press Photo’.

Huilende kinderen, weggevaagde straten, bebloede vrouwen en Bob de flamingo. De World Press Photo is een jaarlijkse fototentoonstelling gehost door de Nieuwe Kerk in hartje Amsterdam. De mooie, maar vaak heftige beelden blijven altijd nog lang op ons netvlies staan. Tijdens de wereldpremière (!) van deze editie kun je je vergapen aan ruim 150 intense foto’s en video’s van de winnaars (eerste, tweede en derde plek) die door een vakjury zijn gekozen. De foto’s zijn ingedeeld in enkele beelden, reportages en series binnen thema’s variërend van ‘sport’ en ‘portretten’ tot ‘natuur’ en ‘milieu’. Gelukkig was er in tegenstelling tot voorgaande jaren deze keer géén kermis voor de deur waar we ons eerst doorheen moesten worstelen, en liepen we zen de kerk op de Dam in. Net als tijdens eerdere edities zijn de foto’s aan weerszijden van de kooromgang in de kerk geplaatst waardoor er één vaste route is. Ook heerlijk zen. De meditatieve staat was snel weg toen de eerste beelden ons tegemoet kwamen.

040_Wally Skalij_Los Angeles Times_Online.png
Wally Skalij, ‘Evacuated’, © Wally Skalij, Los Angeles Times

De serie van Pieter Ten Hoppen won de prijs van ‘Story of the Year’ in de categorie Hard News en komt direct binnen. Ten Hoppen heeft vastgelegd hoe migranten vanuit Honduras, Nicaragua, El Salvador en Guatemala op doorreis zijn naar Amerika. Moeders met kinderen en jonge mannen trekken – en rennen soms – kilometers door een verzengende hitte in de hoop het land van de American Dream te bereiken. De omstandigheden zijn schrijnend. Dit laat ook John Moore zien in zijn winnende ‘Photo of the Year’ in dezelfde categorie. Moore humaniseert het zero tolerance beleid van Donald Trump door zijn foto van de kleine Yanela Sanchez. Het meisje huilt– krijst bijna – omdat zij haar moeder los heeft moeten laten. Haar moeder wordt ondertussen gefouilleerd door een grenswachter. De foto is genomen van een relatief laag perspectief; we zien haar moeder slechts tot haar middel, de kleine Yanela staat tussen de patrouillewagen en de benen van haar moeder. Het meisje wordt zo het centrale punt in het beeld. Hoewel Yanela (nog) niet gescheiden is van haar moeder, schieten onze gedachten meteen naar de ruim 2500 kinderen die dat wel zijn bij de Mexicaans-Amerikaanse grens. Moore geeft, net als Ten Hoppen, de wereldproblemen zo een gezicht. Deze twee binnenkomers maken duidelijk: deze expositie is niet voor the faint-hearted.


006_John Moore_Getty Images_Online
John Moore, ‘
Crying Girl on the Border’, 2018, © John Moore, Getty Images

+ | Niet alleen in de categorie Hard News raken de foto’s ons. De fotojournalisten die hier zijn vertegenwoordigd, zijn ware meesters in het vertellen van verhalen. Door de afwisseling van zware en meer luchtige categorieën (lees: een foto van Bob de Flamingo naast een foto van twee boksers) krijg je tussendoor even de mogelijkheid om bij te komen van de overwegend heftige beelden. Naast stilstaand beeld zijn er ook films en korte documentaires te zien, zoals ‘Online Video of the Year’ en enkele lange, korte en interactieve films. Ga hier rustig voor zitten en doe een koptelefoon op. Eén van de korte documentaires is ‘Marielle and Monica’. Marielle Franco was een politicus, socioloog, feminist en mensenrechtenactivist. Tot haar dood in 2018 was zij lid van de linkse partij in Rio de Janeiro. Twee agenten worden verdacht van haar moord, die door heel Brazilië tot protestdemonstraties leidde. In de docu zie je haar weduwe, Monica, die de strijd van haar geliefde oppakt en zich inzet voor de armen en de LGBT community. Monica wordt gevolgd in de loop naar de presidentiële verkiezingen. Inmiddels weten we dat de extreemrechtse Bolsonaro deze heeft gewonnen en dat hij abortus en homoseksualiteit afkeurt. Documentaires als deze zijn daarom zó belangrijk om tegenwicht te blijven bieden.

041_Mário Cruz_Online.png
Mário Cruz, ‘Living Among What’s Left Behind’, © Mário Cruz

+ | Eén van de categorieën van de World Press Photo met foto’s die altijd weer indruk maken, is ‘milieu’. In deze categorie word je met de neus op de feiten gedrukt wat betreft de vervuiling van onze aarde. Een aangrijpende foto is gemaakt door de Portugese Mário Cruz. Met zijn foto van een kind op een matras te midden van vuil won hij de derde prijs voor enkel beeld. In eerste instantie denk je dat de jongen op een enorme vuilnisbelt ligt, maar de begeleidende tekst vertelt ons wat anders. Hij ‘drijft’ op een rivier van vuil in de Filipijnse hoofdstad Manilla. De rivier de Pasig is biologisch dood verklaard door een combinatie van industriële vervuiling en huishoudelijk afval. Het is daarmee één van de meest vervuilde rivieren in de wereld. Delen van de rivier zijn bedekt door zo’n laag afval dat je er over heen kunt lopen (!). Hoewel we weten dat de aarde steeds erger wordt vervuild en de klimaatdiscussie iedere dag heftiger wordt, heeft zo’n kleine jongen die bijna verzwolgen wordt door het vuil serious impact. Wij hebben onze plastic tandenborstels direct ingeruild voor bamboe exemplaren. World Press Photo laat met deze selectie beelden weer zien dat fotojournalistiek een ware kunst is, en dat kunst aanzet tot denken en soms ook tot actie. Dat bepaalde bijzondere foto’s niet alleen mooi zijn door hun goede compositie, maar ook door hun heldere boodschap.

Hoe lang doe je er over | 45 minuten

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Neem bij entree een Engelse audiotour mee, enkele journalisten hebben hier het achterliggende verhaal van hun foto’s ingesproken. Het is interessant om te horen hoe de fotografen een bepaalde situatie hebben ervaren. Zo vertelt één journalist dat wat hem het meest is bijgebleven van het ziekenhuis waar hij zijn foto’s heeft gemaakt, de geur is. Wat hij rook was de chloorlucht die van de slachtoffers van een gasaanval kwam.


‘World Press Photo’ is nog te zien t/m 7 juli 2019 in de Nieuwe Kerk in Amsterdam. Meer informatie:  https://www.nieuwekerk.nl/tentoonstellingen/world-press-photo-2019/

Tekst: Charlotte Hercules

Coverbeeld: Brent Stirton, ‘Akashinga – the Brave Ones’, © Brent Stirton, Getty Images

GO | NO GO #180: De binnenstebuiten-kunst van Maria Lassnig

GO | NO GO 4 juni 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer waren we in het Stedelijk Museum Amsterdam voor de tentoonstelling ‘Maria Lassnig – Ways of Being’.

Groot, kleurrijk en pontificaal in beeld – Maria Lassnig (1919-2014) confronteert je direct bij binnenkomst in het Stedelijk Museum Amsterdam met haar naakte lichaam. Lassnig bleef zichzelf tot ver in haar tachtigste schilderen en deinsde er niet voor terug om dit in alle eerlijkheid te doen. Haar schilderijen staan los van de gangbare Europese schoonheidsidealen – de Oostenrijkse kunstenares was een van de eerste die het vrouwelijk lichaam zo ongegeneerd neerzette vanuit een vrouwelijke perspectief. Met haar body art werd ze – hoewel ze zichzelf liever niet in een hokje liet plaatsen – een feministisch icoon in de schilderkunst.

008.SM-MARIA LASSNIG 2019-PH.GJ.vanROOIJ.jpg
Zaalopname Maria Lassnig, ‘Ways of Being’, 2019, Stedelijk Museum Amsterdam. Foto: Gert Jan van Rooij

Even een kort Kunstgeschiedenis-lesje: ‘body art’ is eind jaren zestig ontstaan als overkoepelende term voor kunstwerken waarin het lichaam centraal staat. Het lichaam dient als middel om grote (en kleine) levensvragen te onderzoeken: ouder worden, dood, eenzaamheid, verliefdheid, lust, enzovoorts. Kunstenaars zochten ook vaak letterlijk de fysieke grenzen op van het menselijk lichaam, denk aan Marina Abramović of Carolee Schneeman. Ook Maria Lassnig hoort bij deze groep, als een van de eerste Europese vrouwelijke kunstenaars. Honderd jaar na haar geboorte toont het Stedelijk Museum Amsterdam nu meer dan 200 van haar kunstwerken – schilderijen, maar ook sculpturen, tekeningen en video’s – in de indrukwekkende overzichtstentoonstelling Maria Lassnig – Ways of Being. De thematisch opgezette tentoonstelling in het Stedelijk laat zien hoe Lassnig middels confronterende verbeeldingen van haar eigen lichaam commentaar leverde over zaken als de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen, opkomende technologie, oorlog en het ouder worden.

maria-lassnig-du-oder-ich-2005-particuliere-collectie-courtesy-hauser-wirth-collection-services.jpg
Maria Lassnig, ‘Du oder Ich’, 2005. Private Collection. Courtesy Hauser & Wirth Collection Services. © Maria Lassnig Foundation

+ | Een hoogtepunt in de tentoonstelling is de grote zaal recht tegenover de beroemde trap van het Stedelijk Museum. Hier zijn Lassnigs body awareness paintings uit verschillende periodes samengebracht – je komt binnen in de kern van haar oeuvre. In haar body awareness paintings probeerde Lassnig haar lichaam “van binnenuit” te schilderen – niet wat ze zag, maar wat ze op dat moment voelde. Geen zelfportret is hetzelfde: waarbij het ene schilderij een herkenbaar vrouwenlichaam weergeeft, zoals Zelfportret met augurkenpot (1971) of Du oder Ich (2005), zijn andere lichamen volledig vervormd. Omdat Lassnig alleen schildert op basis van wat ze op dat moment voelt, ontbreken regelmatig lichaamsdelen of worden ledematen gereduceerd tot onherkenbare losse stompjes vlees. Zo zijn bij Zelfportet als Profeet (1967) alleen dijen, schouders, armen, handen en de neus geschilderd, kijk je bij Zelfportret met zenuwlijnen (1996) letterlijk naar een inwendig zenuwstelsel of worden bij Re-laties VII (lotslijnen) (1994) lappen vlees verbonden door lijnen. Elk schilderij wordt zo een soort zoekpuzzel, waarbij de titel van het kunstwerk soms de enige duidelijke hint vormt van wat je ziet. Wat al deze ‘Körperbewustseinsbilder’ (‘lichaamsbewustzijn-schilderijen’) echter met elkaar verbindt, is een zichtbare frictie tussen lichaam en geest, tussen fictie en werkelijkheid. De moeizame beeltenis van de innerlijke ervaring van het lichaam en de frustratie met de beperkingen van haar eigen fysiek – het vrouwenlichaam –, is iets wat Lassnig haar hele leven heeft bezig gehouden. In de overige zalen in de tentoonstelling zien we deze struggle steeds weer terugkomen.

001.SM-MARIA LASSNIG 2019-PH.GJ.vanROOIJ.jpg
Zaalopname Maria Lassnig, ‘Ways of Being’, 2019, Stedelijk Museum Amsterdam. Foto: Gert Jan van Rooij

+ | Minder bekend dan haar schilderijen, maar ook zeer de moeite waard, zijn Lassnigs videoanimaties. Deze korte treffende video’s zijn zowel komisch als serieus en laten een drang naar artistiek experiment zien. Lassnig kwam in aanraking met het medium video tijdens haar verblijf in New York (1968 – 1980), waar ze een cursus animatietechniek volgde aan de School of Visual Arts. In 1974 richtte ze samen met enkele andere geëngageerde vrouwelijke (film)kunstenaars, onder wie Martha Edelheit, Carolee Schneemann en Silvianna Goldsmith, het collectief Women/Artist/Filmmakers, Inc. op. Lassnigs video’s bevatten cartoonesk getekende figuren of collages, waarbij ze beelden verknipt over en door elkaar heen plakt. De thema’s komen overeen met de rest van haar werk, zoals haar ongeloof en moeite met het huwelijk (Lassnig groeide op in een gebroken gezin en zelf bleef ongetrouwd) of haar afkeer van oorlog (bijna twintig jaar werkte ze aan een anti-oorlogsfilm, maar heeft deze helaas nooit kunnen voltooien). De tentoonstelling Ways of Being laat ook “nieuw” videomateriaal van Lassnig zien dat in 2014 werd herontdekt in haar archief. Zo toont de film Herfstgedachten uit de jaren zeventig een kort absurdistisch schouwspel waarin Lassnig zichzelf als oudere vrouw tegenover een jonge balletdanser zet die door de wouden danst als losgeslagen jonge bosnimf. Lassnig heeft moeite met haar ouder wordende lichaam en brengt dit in beeld door zichzelf in deze video in te snoeren in lakens. De jonge danser verbeeldt het verlangen naar de intimiteit die steeds onbereikbaarder wordt. Tot aan haar dood (ze werd 94 jaar) bleef Lassnig kunst maken – want de kunst die houdt haar jong, zoals ze half melancholisch en half grappend zingt in haar biografische video Kantate uit 1992.

Hoe lang doe je er over? | Ongeveer 45 tot 60 minuten (Hoe lang doe jij over 200 kunstwerken?).

Expert level | Beginners | Gevorderden |Crazy pro

Meer weten | Nieuwsgierig naar meer feministische body art? Artsy publiceerde een lijst met een top 10 van vrouwelijke performance kunstenaars ‘you should know’.


‘Maria Lassnig – Ways of Being’ is nog t/m 11 augustus 2019 te zien in het Stedelijk Museum Amsterdam. In het najaar is de tentoonstelling te zien in het Weense Albertina Museum. Meer informatie: https://www.stedelijk.nl/nl/tentoonstellingen/maria-lassnig

Tekst: Jule van Ravenzwaay

Cover: Maria Lassnig, ‘Dame mit Hirn’, ca. 1990-1999. © Maria Lassnig Foundation

GO | NO GO #179: De basis is kunst en kunst is de basis

GO | NO GO 30 mei 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week dompelen we ons onder in Pools-Russische sferen in het Gemeentemuseum in Den Haag, waar nu de expositie ‘Katarzyna Kobro & Władysław Strzemiński. Een Poolse avant-garde’ te zien is.

‘Avant-garde’ is een woord dat je ontzettend veel tegenkomt in de kunstgeschiedenis, maar wat betekent het nou precies? Na er even een Frans-Nederlands woordenboek op te hebben nageslagen (oké, het was Google Translate) kunnen we jullie vertellen dat dit woord oorspronkelijk geen kunstterm was. Het werd gebruikt in de oorlog om een groep soldaten aan te duiden die vooruit gestuurd werden om de boel te verkennen. In de kunst zijn deze soldaten echter vervangen door kunstenaars, creatieve zielen die in gedachten en ideeën vooruit lopen op de rest en ons dus een glimp kunnen laten zien van de toekomst. Dit was iets waar na de Eerste Wereldoorlog enorm veel behoefte aan was in heel Europa. Deze drang naar vernieuwing resulteerde in enorm veel vooruitstrevende kunststromingen, waarvan de meeste benamingen eindigen op -isme. Avant-garde is de overkoepelende term. Onder deze vernieuwende kunstenaars bevonden zich ook Katarzyna Kobro en Władysław Strzemiński, die nu gevierd worden in Den Haag met een groot retrospectief.

1
Władysław Strzemiński en Katarzyna Kobro, ca. 1930-1931 © archief Muzeum Sztuki, Łódź. 

Katarzyna Kobro en Władysław Strzemiński, beide student aan een kunstacademie, leerden elkaar kennen in Moskou vlak na de Russische Revolutie van 1917. De Russische hoofdstad was op dat moment een broedplek voor nieuwe creatieve overtuigingen en theorieën, met bekende vertegenwoordigers als Kazimir Malevich (1979-1935). Malevich had grote invloed op de twee jonge kunstenaars, met zijn overtuiging dat je door middel van simpele geometrische vormen een bovennatuurlijke emotionele ervaring kon opwekken (‘suprematisme’), Helaas werd de avant-garde niet erg gewaardeerd door het politieke regime in Rusland – we noemen vervolgingen en moorden op vele kunstenaars – waardoor velen het land ontvluchtten, waaronder Kobro en Strzemiński. Polen werd hun nieuwe thuisbasis, waar zij de twee hoofdfiguren werden van de Poolse moderne kunst.

_MG_4749.jpgZaaloverzicht Katarzyna Kobro & Władysław Strzemiński, ‘Een Poolse avant-garde’, Foto: Jan Zweers, Gemeentemuseum Den Haag.

+ | Een retrospectief is geen retrospectief zonder een schijnbaar eindeloze hoeveelheid kunstwerken – een heel kunstenaarsleven samengevat. De tentoonstelling van Kobro en Strzemiński toont veel experimenten en variëteit, niet alleen in stijl, maar ook in media. Verwacht zowel tekeningen als schilderijen, sculpturen, grafisch- en architectonisch werk. De expositie opent met werk dat veel weg heeft van het werk van Kazimir Malevich en zijn invloed verraden; geometrische vormen die op het eerste gezicht misschien wat simpel lijken, maar met de juiste informatie en een geduldig oog allesbehalve eenvoudig blijken te zijn. Alleen de essentiële vormen worden gebruikt om iets aan te duiden. Dat zie je goed in Strzemiński’s Post-suprematistische compositie 2 (1923), een doek gevuld met vier vormen in verschillende pasteltinten en groottes, die tezamen niet echt iets lijken voor te stellen. Maar probeer eens voorbij de simpele vormen te kijken, en je in te leven in wat de vormen zouden kunnen personificeren. Die kleine stip rechts op het doek is erg afgezonderd en alleen, ver verwijderd van de grote fellere vlakken; zou dit een bewuste afstand zijn? Voor ons voelt het als een eenling die op weg is naar de grote groep om zich daarbij te voegen, op zoek naar een plek waar hij thuishoort. Zo zie je dat zelfs een compleet abstract kunstwerk een enorm verhaal kan vertellen. Het enige wat je nodig hebt, is een beetje fantasie.

MS-SN-R-018 Kobro K., Kompozycja przestrzenna 4, 1929; stal, olej 40x64x40
Katarzyna Kobro, Ruimtelijke compositie 4, 1929, geverfd staal, collectie Muzeum Sztuki, Łódź © Muzeum Sztuki, Łódź & Ewa Sapka-Pawliczak

+ | De twee kunstenaars maakten niet alleen creatieve visuele werken, maar bedachten ook creatieve theorieën. Zo schreef en bedacht Strzemiński in 1928 het Unisme. Volgens deze theorie moeten alle kunstwerken worden opgebouwd uit de essentiële elementen waaruit ze bestaan – kleur, vlak en ruimte, zonder referenties naar de wereld er buiten. Deze rigide aanpak betekent echter niet dat de kunstwerken in deze expositie gespeend van fantasie zijn. Dit is heel duidelijk te zien in een serie van vier werken met de titel Architectonische composities uit 1929. Platte, kleurrijke vlakken van verschillende groottes vullen het eveneens platte canvas. Waar komt de verwijzing naar architectuur in de titel dan vandaan? Daarvoor heb je wat verbeeldingskracht nodig, en een hypothetische schaar. Stel je eens voor dat je de vormen uit het doek mocht knippen; met wat lijm en verbindingselementen, zou je zo een maquette van een gebouw in elkaar kunnen knutselen. Ook het werk van Kobro, voornamelijk sculpturen, is gebaseerd op de theorie van de essentiële elementen, echter gelden voor sculpturen andere eisen. Zo is bij een sculptuur van belang dat het in eenheid moet zijn met de ruimte eromheen. Dit deed Kobro door veel doorkijkjes in haar werk te creëren en met hoogtes te spelen. In de tentoonstelling geeft het museum nog een extra gelaagdheid aan de sculpturen door middel van de belichting: de schaduwen die ontstaan zorgen voor een extra dimensie.

Hoe lang doe je er over? | Het is een tentoonstelling die wel wat imagination van je vraagt, maar neem die tijd, het is het waard! Trek er ongeveer een uurtje voor uit, of maak er een dagje van door ook de andere exposities in het museum te bezoeken.

Expert level |  Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Mocht je nou helemaal in de ban zijn geraakt van de avant-garde en wil je nog meer weten, dan is het Gemeentemuseum een goede plek om te beginnen. Deel van de avant-garde en grote inspiratiebron voor Kobro en Strzemiński was De Stijl, de stroming van onder andere Piet Mondriaan. Het Gemeentemuseum heeft over dit onderwerp een doorlopende tentoonstelling, Mondriaan en De Stijl.


De tentoonstelling ‘Katarzyna Kobro & Władysław Strzemiński. Een Poolse avant-garde’ is nog t/m 30 juni 2019 te zien in het Gemeentemuseum. Meer informatie: https://www.gemeentemuseum.nl/nl/tentoonstellingen/kobro

Tekst: Yaël Speck

Editor’s Choice 2019: De mooiste kunstwerken bij je om de hoek

HIGHLIGHTS 23 mei 2019

Het is inmiddels een traditie geworden: elke zomer zetten we onze favoriete kunstwerken uit vaste collecties van Nederlandse musea in het zonnetje in onze rubriek ‘Highlights’. Naast mooie, intrigerende en spannende tentoonstellingen, barsten de musea in ons land namelijk permanent, non-stop, 24/7 bijna uit hun voegen van grote meesterwerken en verborgen parels. Tijd om deze weer op een (extra) voetstuk te zetten! Dit jaar zijn we er extra vroeg bij met onze rubriek. We willen deze keer immers niet alleen kunst in het zonnetje zetten, maar ook onze nieuwe redacteuren! Surprise! Met veel plezier stellen we ze, samen met hun favorieten, aan jullie voor:




large
Ai Weiwei, ‘Grapes’, 2010, De Pont, Tilburg

Julia Fidder | Ai Weiwei’s Grapes | De Pont

Mijn lievelings-kunstwerk staat in het fijnste museum van Nederland: De Pont. Mijn allereerste studieopdracht schreef ik over dit werk, en nu, vier jaar later, kies ik ‘m weer. Ai Weiwei weet mij namelijk nog steeds diep te raken met Grapes. Net als in zijn andere werk het geval is, dragen deze ogenschijnlijk eenvoudige krukjes een sterk maatschappelijk engagement uit. Alle krukken kennen een eigen geschiedenis die all the way back gaat naar de periode van de Qing-dynastie. Al de afzonderlijke krukjes vormen toch een geheel; hier hebben ze wel één poot voor moeten afstaan. Weiwei maakt hiermee een verwijzing naar het spanningsveld tussen individualiteit en maatschappij dat heerst in zijn vaderland China.

De schijnbaar simpele sculptuur belichaamt inhoudelijk dus veel meer dan op het eerste gezicht lijkt. Maar dat is nog niet alles: met het gebruik van de krukjes verwijst Ai Weiwei bovendien naar zijn grote inspiratiebron en ook naar één van mijn grote helden: Marcel Duchamp en zijn werk Roue de bicyclette. Het welbekende ‘fietswiel’ of ‘krukje’ was de eerste readymade, een alledaags object dat door de kunstenaar werd verheven tot kunstwerk. Daarmee is Ai Weiwei’s Grapes niet alleen een intrigerend werk, maar ook een soort ‘twee voor de prijs van één’-deal: beter krijg je ze niet, toch?

Picture KM

Julia (1997) komt vers van de pers als kunsteducator. Met een zwak voor hedendaagse kunst die nèt een beetje anders is, struint ze alle plekken voor experimentele kunst in binnen- en buitenland af.


bill-viola-greeting.jpg
Bill Viola, ‘The Greeting’, 1995, De Pont Tilburg

Maartje Knepper | Een Bijbelse begroeting | De Pont

Je hebt van die kunstwerken die je altijd weer opzoekt. ‘Hangt het er nog?’, hoor je jezelf vragen. En warempel. Het hangt er nog. De video The Greeting (1995) van de Amerikaanse kunstenaar Bill Viola is zo’n werk. In die film zijn we getuige van een ontmoeting. Eerst zien we een jonge en een wat oudere vrouw, gehuld in kleurrijke jurken, die met elkaar in gesprek zijn. Er komt een derde vrouw bij. Zij en de oudere vrouw omhelzen elkaar vreugdevol en er wordt iets gefluisterd. Daarna vervolgen de drie hun gesprek. We horen niet wat er gezegd wordt, want ieder geluid wordt overstemd door een hevig geruis. En alles verloopt héél traag. De ontmoeting, die nog geen minuut duurt, is door Viola uitgerekt tot een beeld van wel tien minuten. Elke blik en elk gebaar wordt hierdoor tot in het kleinste detail zichtbaar.

Viola baseerde zich voor zijn werk op een schilderij van Renaissance-schilder Jacopo da Pontormo. Hij schilderde de Bijbelse episode waarin Maria en haar nicht Elisabeth elkaar vertellen dat ze in verwachting zijn. Maria van Jezus, Elizabeth van Johannes de Doper. Kortom, een tamelijk belangrijk moment. Toch presenteert Viola het niet als iets groots of belangrijks, niet eens echt als religieus. De ontmoeting is bij hem bijna een scène uit het leven van alledag. Ik kan me zelfs niet aan de indruk onttrekken dat de middelste vrouw zich wat ongemakkelijk voelt bij de innige begroeting tussen de andere twee. Even voelt ze zich genegeerd. Dat maakt het werk zo menselijk. Zo treffend. Voor zo’n werk neem je graag alle tijd.

Maartje KnepperFoto

Maartje (1991) deed de master Museumstudies en werkt nu als docent kunstvakken op een school in Amsterdam-Oost. Ze heeft een voorliefde voor moderne en hedendaagse kunst en verlangt mateloos naar Warhol’s Factory-tijd.


 

WdKWebAS000460.jpg
Willem de Kooning, ‘Rosy-Fingered Dawn at Louse Point’, 1963, Stedelijk Museum Amsterdam

Monique Rodríguez | Rozig met Willem De Kooning | Stedelijk Museum Amsterdam

In mijn grote liefde, Stedelijk Museum Amsterdam, hangt mijn biggest crush. Eigenlijk moet ik spreken van een stabiele doch passionele LAT-relatie die ik heb met Willem de Koonings (komt ie, hele mond vol) Rosy-Fingered Dawn at Louse Point. De kleuren, de weelderige penseelstreken, de compositie, het formaat! Het doek lijkt bijna licht te geven en elke keer val ik weer als een blok voor ‘m.

Deze parel vind je in de krochten (lees: Stedelijk BASE) van het museum. De Nederlandse kunstenaar maakte het schilderij in 1963 nadat hij het heftige New York had verlaten om zich te vestigen in Long Island, vlakbij de Atlantische Oceaan. Het doek ontleent zijn naam aan de eerste regels van de Ilias waar Homerus de roze vingers beschrijft die de nieuwe zon uitstrekt over de aarde. Het ruige kustlandschap van Long Island is de grote inspiratie voor dit werk. Het combineert atmosfeer, licht en lucht in grote kleurvlakken. De vrouw, het landschap en de versmelting van beide zijn terugkerende thema’s in het werk van de kunstenaar. De vrouw lijkt hij in dit werk buiten beschouwing te hebben gelaten. Of is de pastelroze kleur een verwijzing naar huid? Het doet in ieder geval denken aan zijn uitspraak: ‘Het landschap is in de Vrouw, en er is Vrouw in het landschap.’ Amen to that!

monique.png

Monique (1979) studeerde Media & Cultuur aan de UvA. Ze werkte jarenlang als journalist en tekstschrijver, totdat ze ging schilderen en daar haar carrière van heeft gemaakt. Ze woont op steenworp afstand van haar grote liefde, het Stedelijk Museum Amsterdam.


 

unnamed.jpgKees van Dongen, ‘De blauwe japon’, 1911, Van Gogh Museum, Amsterdam

Marije Spek | De blauwe japon | Van Gogh Museum

Na lang wikken en wegen, kies ik voor dit kunstwerk van Kees Van Dongen als mijn favoriet. De blauwe japon is een portret van zijn vrouw Guus dat hij in 1901 schilderde. Van Dongen werd in Parijs geïnspireerd door tijdgenoten als Matisse en Van Gogh, en het nachtleven in Montmartre. Dat laatste zie je duidelijk terug in de sfeer die dit werk ademt. Als plaatje op je beeldscherm komt het misschien niet helemaal over, maar als je voor het echte schilderij staat – ga dat dus vooral doen – word je overmand door de intense kleuren, waardoor Guus bijna uit het doek de museumzaal in lijkt te leunen, verleidelijk door haar wimpers kijkend.

Het kunstwerk is een sprekend voorbeeld van het fauvisme, een van oorsprong expressionistische Franse kunststroming die aan het begin van de 20ste eeuw ontstond. Het woord ‘fauvisme’ komt van het Franse ‘fauves’, wat letterlijk ‘beesten’ betekent. In hun werken gebruikten de fauvisten vrijwel ongemengde, felle kleuren – beestachtig gedurfd volgens critici destijds. Van Dongen was een van de belangrijkste Nederlandse vertegenwoordigers van deze stroming. Kijkend naar dit schilderij valt direct die knalblauwe jurk op en ook de felrode achtergrond. Maar kijk ook eens naar haar witte huid: daar brengt hij met heldergroen schaduwen aan. Prachtig!

Marije-Spek-2-zwartwit

Marije (1988) studeerde Cultuurwetenschappen aan de UvA en rondde daarna in Antwerpen een tweede master af in Cultuurmanagement. Ze is gefascineerd door wat kunst kan doen met mensen, los van stijl of periode. Sinds 2014 werkt ze als programmacoördinator bij het Rijksmuseum.


De_zeven_werken_van_barmhartigheid_Rijksmuseum_SK-A-2815.jpeg
Meester van Alkmaar, ‘De zeven werken van barmhartigheid’, 1504, Rijksmuseum Amsterdam

Hanna de Vos | De zeven werken van barmhartigheid | Rijksmuseum

Soms is het echt ellebogenwerk in het Rijksmuseum en sta je zij aan zij te dringen voor de Rembrandts en Vermeers. Op dat soort dagen daal ik liever af naar de donkere kelders, waar de middeleeuwse collectie te bewonderen is. Mijn ‘favo’ is dit gigantische werk van de anonieme meester van Alkmaar, die een soort religieus stripverhaal heeft gemaakt. Het is eigenlijk een handboek on how to get to heaven: zeven panelen met zeven goede daden die elke christen volgens de Bijbel zou moeten begaan.

Je zou denken dat regels als ‘de hongerigen voeden’ en ‘de dorstigen laten drinken’ – twee van de zeven werken van barmhartigheid – geen al te controversiële statements zijn, maar toch riep die boodschap blijkbaar nogal wat weerstand op. Het schilderij is door de eeuwen heen namelijk meerdere keren aangevallen. Dit kwam mede door eeuwenlange discussies over het gebruik van afbeeldingen in de kerk. In de seventies werd het werk voor het laatst gerestaureerd en toen werd besloten om de opgelopen beschadigingen niet meer weg te werken, zoals daarvoor gedaan was. Het schilderij zit nu vol littekens, maar die littekens zijn juist mijn favoriete onderdeel: ze voegen een uniek stukje geschiedenis toe en laten zien wat een heftige reacties kunst kan oproepen.

foto-hanna-1.jpg

Wat Hanna (1994) betreft, geldt voor kunst: hoe ouder hoe beter. Ze wordt ontzettend gelukkig van Middeleeuwse altaarstukken en oude boeken, maar vecht ook graag voor meer representatie van vrouwelijke kunstenaars in de kunstwereld.



 

GO | NO GO #178: De zwarte utopie van Tyler Mitchell

GO | NO GO 21 mei 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week gingen we naar Foam, waar nu de eerste solotentoonstelling van absolute rising star Tyler Mitchell te zien is.

Doet de naam Tyler Mitchell een belletje rinkelen? De 24-jarige fotograaf werd vorig jaar in één klap wereldberoemd toen hij als eerste zwarte fotograaf de cover van de September issue van de Amerikaanse Vogue schoot. Nu presenteert Foam I Can Make You Feel Good, de eerste solotentoonstelling van Mitchell, met vrij werk, twee video-installaties en werk dat hij in opdracht maakte voor onder meer Givenchy, Marc Jacobs en Calvin Klein. Not too shabby.

Tyler Mitchell groeide op in de Amerikaanse staat Georgia en ging in eerste instantie naar de filmacademie van New York om regisseur worden. Hij zou echter niet de nieuwe Spike Lee worden. In plaats daarvan schreef hij zoals gezegd in 2018 geschiedenis door als eerste zwarte fotograaf de september cover van de Amerikaanse Vogue te verzorgen. Zijn model was niemand minder dan Queen B, zangeres Beyoncé Knowles. Die trouwens ook geschiedenis schreef: ze is de eerste zwarte vrouw op de voorkant van het septembernummer, het belangrijkste nummer van het jaar dat het nieuwe modeseizoen inluidt. Voorafgaand aan deze doorbraak had Mitchell al een aanzienlijk portfolio opgebouwd. Zijn foto’s zijn vrolijk, kleurrijk en onbezorgd met louter zwarte modellen in de hoofdrol. Een beeld dat je in de fotografiegeschiedenis niet vaak tegenkomt. Zwarte modellen zijn in de westerse (kunst)geschiedenis namelijk vaak geobjectiveerd door de white gaze, dat wil zeggen dat ze door witte fotografen als ‘exotisch’ of als een (negatief) stereotype werden afgebeeld. In Mitchells werk kunnen ze zichzelf zijn, zonder labels of etiketten.

Boys of Walthamstow 2018 C Tyler Mitchell.jpg
Tyler Mitchell, ‘Boys of Walthamstow’, 2018, © Tyler Mitchell, via: Foam. 

+ | Als tiener was Mitchell geobsedeerd door Tumblr (de voorloper van Instagram), maar hij verbaasde zich over het feit dat op de gezellige, zorgeloze plaatjes vaak alleen maar met witte modellen waren afgebeeld. In Foam vind je dankzij Mitchell op dit moment dus wel zorgeloze zwarte mensen, wat hij zelf een ’zwarte utopie’ noemt. Vooral de video-installatie Idyllic Space toont deze droomwereld. In de installatie genieten zwarte jongeren van simpele dingen als schommelen, tikkertje, zwemmen, fietsen, hoelahoepen of ijsjes eten. En opeens besef je dat dit niet een beeld is dat je vaak ziet. Hiermee wil Mitchell de aandacht vestigen op simpele dingen die velen van ons voor lief nemen maar dat dit van oudsher voor zwarte jongeren in Amerika helemaal niet zo vanzelfsprekend is. Hij refereert ook aan de moord op Tamir Rice, de 12-jarige zwarte jongen die in 2014 door een politieagent in Cleveland werd doodgeschoten terwijl hij aan het spelen was met een waterpistool. De felle kleuren in zijn foto’s, die Mitchell trouwens in al zijn werk laat zien, hebben ook een boodschap. In 2015 verbleef Mitchell een maand in Havana, op Cuba. Al sinds zijn pubertijd filmde hij graag skaters en in Havana kwam hij in aanraking met de levendige skatecultuur die daar, vooral onder zwarte jongeren, heerst. In het werk dat hij daar maakte viel hem op dat hij zelden zwarte jongeren zo vrij in een kleurrijke omgeving had gezien, omdat de architectuur daar allerlei vrolijke felle kleuren heeft. Dit heeft het kleurenpalet voor zijn huidige werk bepaald. Later kwam hij erachter dat de mensen daar hun huizen in allerlei kleuren schilderden, omdat witte en zwarte verf duurder waren dan de felle kleuren. Dit ‘teken van armoede’  transformeert Mitchell in zijn foto’s zo een bonte ‘snoepgoedwereld’ rondom de skateboardende jongeren.

Untitled Two Girls Embrace 2018 C Tyler Mitchell.jpg
Tyler Mitchell, ‘Untitled (Two Girls Embrace)’, 2018, © Tyler Mitchell, via: Foam. 

+ | Mitchell heeft een boodschap, maar hij is zoals hij zelf zegt geen activist. Modefotografie biedt hem dan ook uitkomst: esthetisch en positief, met een maatschappijkritisch randje. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de T-shirts met feministische leuzen van Dior of die keer dat de wijlen Karl Lagerfeld zijn catwalk veranderde in een demonstratie. Waar zij solidair zijn met de vrouwenbeweging, wil Tyler met zijn werk onder meer de stereotypen omtrent zwarte mensen doorbreken. Bij binnenkomst word je gelijk verwelkomd door hare koninklijke hoogheid Beyoncé, maar in de rest van de tentoonstelling zien we gewone mensen die of tot zijn vriendenkring behoren of die hij op Instagram heeft gevonden. Hij zoekt hierbij vooral naar mensen die stereotypes doorbreken. We zien in de tentoonstelling veel mannen, maar dus niet de typische zwarte machomannen die we kennen uit films. Nee, deze mannen zien er teder uit en tonen affectie. Zo is er een foto van een zwarte knappe jongeman in roze gekleed met een prachtige grote paarse hoed op. Deze man laat zich niet in een hokje plaatsen. Door de compositie, de hoed en de blik van het model is de foto net een portret van Manet, waarmee Mitchell ook laat zien dat hij een plek in de kunstgeschiedenis verdient. In zijn foto’s komt alles waar hij voor staat samen: een oog voor esthetiek, een hart voor de zwarte gemeenschap en een oproep aan de kunstwereld om nog wat harder te werken voor inclusiviteit.  

Hoe lang doe je er over | 30 minuten

Expert level |  Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Wil je een kijkje achter de schermen bij Mitchells befaamde Vogue shoot? In het interview dat in het septembernummer verscheen, vertelt hij hoe het beeld tot stand kwam. Vorige week dropte hij trouwens super casual een Vogue coverfoto van actrice Zendaya op Instagram met de caption ‘2’. Zijn tweede Vogue cover dus, yes!


De tentoonstelling ‘Tyler Mitchell – I Can Make You Feel Good’ is nog t/m 5 juni in Foam te zien. Meer informatie: https://www.foam.org/museum/programme/tyler-mitchell

Tekst: Ananda Hegeman

Cover: Owen Smith-Clark, ‘Portrait Tyler Mitchell’, © Owen Smith-Clark | Tyler Mitchell, ‘Untitled (Hat)’, 2018, © Tyler Mitchell, beide via: Foam.

GO | NO GO #177: Yippie Yayoi!

GO | NO GO 16 mei 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Onlangs brachten we een bezoek aan Museum Voorlinden, dat op dit moment de 90ste verjaardag van Yayoi Kusama viert met een presentatie van enkele iconische werken.

Als je nog nooit een kunstwerk van Yayoi Kusama bent tegengekomen, dan leef je waarschijnlijk al een tijdje onder een giant yellow pumpkin. De Japanse kunstenaar staat al ruim een halve eeuw wereldwijd bekend om haar opvallende oeuvre; ze pakt bomen in met polkadots, vult vijvers met spiegelbollen, en Instagram loopt over van de miljoenen selfies genomen in haar legendarische Infinity Rooms. Het zijn tijdloze werken die nieuwe generaties blijven aanspreken, een uitzonderlijke prestatie voor iemand die de pensioengerechtigde leeftijd al ver voorbij is. Maar niets is zo mooi als het lijkt; Kusama’s kunst is ook een vorm van therapie voor hevige psychische stoornissen. Al sinds jonge leeftijd lijdt ze aan psychoses. Sommige van haar werken zijn direct geïnspireerd op de hallucinaties die ze al haar hele leven lang beleeft, waarin bloemen tegen haar praten of ze zichzelf ineens in een zee van stippen bevindt. Maar in plaats van te proberen eraan te ontsnappen, besloot ze er kunst van te maken.

Voorlinden_Yayoi-Kusama01.jpg
Yayoi Kusama, ‘Pumpkin’, 2009, © Yayoi Kusama, Collection museum Voorlinden, Wassenaar, foto: Antoine van Kaam

In de tuinzaal van Museum Voorlinden vind je nu een paar toonaangevende voorbeelden uit dit oeuvre. Verwacht echter geen blockbuster-tentoonstelling (een mega-expo) of een compleet overzicht. Het is met minder dan twintig werken een relatief kleine presentatie, variërend van vroege schilderijen tot recente installaties, bijna allemaal afkomstig uit de collectie van het Wassenaarse museum. Maar dat zijn er meer dan genoeg om je even onder te dompelen in het waanzinnige universum van de stippenkoningin.

+ | In de wereld waarin we leven is verandering de norm; modemerken declareren ieder seizoen weer nieuwe trends en Cristiano Ronaldo debuteert elke week op het voetbalveld een ander kapsel. Dan is het best knap als je sinds de jaren ‘60 van de vorige eeuw trouw bent aan één uitingsvorm, namelijk de polkadot. In een inmiddels welbekende uitspraak vergeleek Kusama deze vorm met de zon, die volgens haar symbool staat voor de energie van ons bestaan. Net zoals mensen niet zonder elkaar kunnen, kunnen polkadots ook niet in hun eentje bestaan. Een patroon van polkadots geeft deze energie weer in de vorm van de oneindige beweging die ontstaat, aldus de kunstenaar. Accreations IV (1965) is een mooi voorbeeld van een vroeg werk waarin je ziet hoe Kusama deze beweging ook echt weet te vangen op een plat vlak, door te spelen met kleur en compositie. Het werk bestaat uit vijf kleine canvassen die op een horizontale rij tegen elkaar hangen, op ieder canvas is een stippenpatroon afgebeeld in een net iets andere kleurencombinatie. Vanwege de – op ongelijke afstand van elkaar geplaatste – imperfecte cirkeltjes lijken het net fonkelende sterrenhemels, en als je er te lang naar kijkt word je zelfs een beetje duizelig. Dots (1999) had dat effect al op ons na vijf seconden; een bijna driedimensionaal schilderij dat tot en met de kaders is opgevuld met rode ei-vormen die beschilderd zijn met witte stippen. Hoewel het werk nog geen vierkante meter in beslag neemt en alsnog tot de categorie “wall-art” behoort, word je er helemaal ingezogen. Je wilt het werk het liefst stiekem aaien als de suppoost even niet kijkt. Dat is precies de bijzondere tegenstelling die als een rode draad door het hele oeuvre van Kusama heen loopt: het zijn in theorie geen vrolijke werken maar je wordt er toch heel vrolijk van.

Kusama-Y.-I-am-dying-now.jpg
Yayoi Kusama, ‘I am dying now, there the death’, 2014, © Yayoi Kusama
THE EKARD COLLECTION

± | Oké, wij noemden haar net ook de stippenkoningin (want ja, soms blijft een begrip uit het persbericht zo lekker hangen), maar die bijnaam dekt naar onze mening toch niet helemaal de lading. Want Kusama doet dus veel meer dan stippen tekenen; ze bezorgt haar publiek complete belevingen. Stap de Infinity Mirror Room: Gleaming Lights of the Souls in en ervaar hoe de tijd lijkt even stil lijkt te staan. Het is in feite niets meer dan een ruimte van twee bij twee meter die van binnen compleet bedekt is met spiegels. Daarin zijn kleine ronde gekleurde lampjes opgehangen, en het vlak waarop je kunt staan is omringd met water. Maar zodra de deur achter je dichtslaat, word je onderworpen aan een magische ervaring: door de reflectie lijken de ronde lichtjes zich tot in de oneindigheid te vermenigvuldigen, alsof je in outer space bent beland, terwijl de waterbarricade ervoor zorgt dat je je gewoon onderwerpt aan de eindeloosheid. Kusama vervaagt de scheidslijn tussen de realiteit en fictie nog verder door ook de objecten die in haar fantasieën ontstaan tot leven te brengen en ze in de openbare ruimte te plaatsen. Narcissus Garden (1966-2010) bestaat uit 1500 roestvrijstalen, gespiegelde bollen, die een flinke hoek van de vloer in de tuinzaal in beslag nemen. Samen construeren ze een veld van oneindige reflectie, van de ruimte, van de kunstwerken en van jezelf als bezoeker. Je wordt in de verleiding gebracht om zo dichtbij mogelijk te komen om je eigen spiegelbeeld te bestuderen, en geheel in millennial-fashion vervolgens ongegeneerd een selfie te maken. Met dit werk maakte Kusama in 1966 haar internationale debuut door het ongevraagd op de Biënnale van Venetië te presenteren, en de bollen vervolgens voor 2 dollar per stuk te verkopen! Zo confronteert ze ons met onze ijdelheid, een ijzersterke boodschap van iemand die juist van haar eigen “imperfecties” haar kunst heeft gemaakt. Kusama nodigt je uit om niet alleen te kijken naar haar kunstwerken, maar lokt je, soms zonder dat je het in de gaten hebt, ook haar wereld in. Terwijl je je daar enerzijds als Alice in Wonderland waant, vraag je jezelf toch ook af of dit echt is hoe het er bij Kusama van binnen uitziet?

Hoe lang doe je er over? | 30 minuten (plus drie uur in de rij voor de Infinity Room, als je pech hebt).

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Het negentigjarige bestaan van Kusama wordt overal ter wereld uitgebreid gevierd! Magnolia Pictures bracht onlangs de documentaire ‘Kusama Infinity – The life and art of Yayoi Kusama’ uit, waarin haar manier van denken en werken worden uitgelicht. Een aanrader voor ieder die graag nog wat dieper in Kusama’s universum duikt.


De tentoonstelling ‘Yayoi Kusama’ is nog t/m 1 september 2019 te zien bij Museum Voorlinden. Meer informatie: http://www.voorlinden.nl/tentoonstelling/yayoi-kusama/

Tekst: Jolien Klitsie

Cover: Portret Yayoi Kusama, via: dazeddigital.com

GO | NO GO #176: Zo veel meer dan Pablo ― kunst uit Colombia

GO | NO GO 14 mei 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer waren we in Framer Framed voor de tentoonstelling ‘HERE/NOW: Current Visions from Colombia’.

Sinds de roemruchte drugsbaron Pablo Escobar in 1993 werd neergeschoten en de vredesonderhandelingen tussen de Colombiaanse regering en guerrillabeweging FARC (2012-2016) een einde hebben gemaakt aan het jarenlang lopende gewapend conflict, is het leven in Colombia een stuk veiliger geworden. Hoewel de politieke situatie nog altijd schommelt, krabbelt het land weer op en groeit het toerisme rap. Maar het conflict liet diepe littekens na: met zestig jaar van politieke onrust en onophoudelijk geweld dat mede werd veroorzaakt en gefinancierd door de booming drugshandel, kende geen ander gewapend conflict in Latijns-Amerika zo veel slachtoffers. Kunstenaars zijn misschien wel de uitgelezen personen om ons meer inzicht te geven in hoe het is om te leven in Colombia. Hoe zien we deze gewelddadige geschiedenis terug in de lokale kunstproductie? Welke sporen laat het na in het werk van Colombiaanse kunstenaars? En hoe gaan kunstenaars om met de overgang naar vrede? Voor het eerst in Nederland toont een groepstentoonstelling het verhaal van hedendaagse Colombiaanse kunstenaars.

10. kb5MVH4981 kopie.jpgZaaloverzicht ‘HERE/NOW: Current Visions from Colombia’, Framer Framed, foto: Marlise Steeman. 

HERE/NOW: Current Visions from Colombia is een tweedelige-tentoonstelling, verdeeld over twee locaties: het op de NDSM-werf gelegen Beautiful Distress House en achterin de Tolhuistuin, in Framer Framed. Hoewel de expo in Beautiful Distress House helaas al afgelopen, kun  je bij Framer Framed nog tot 30 juni terecht. In deze ruimte wordt het werk van 10 Colombiaanse kunstenaars getoond die met name de spanning, het verdriet en processen van rouw als thema hebben. Toch is er ook een niet-Colombiaan aan de selectie toegevoegd: de Amerikaanse documentairefotograaf Stephen Ferry, die sinds 2000 in Colombia woont en de weg naar de vrede en de vredesonderhandelingen op camera heeft vastgelegd. Zo omvat HERE/NOW een mooie mix kunstwerken: van video’s, (documentaire)foto’s tot installaties. Opvallend is met name de afwezigheid van geweld in deze kunstwerken.

37. kb5MVH5412 kopie.jpg
Oscar Muñoz, ‘Retrato [Portrait]’, 2008, courtesy of the artist, via: Framer Framed.  

+ | HERE/NOW is allereerst een bezoek waard omdat het ons – de ‘Netflix-generatie’ – een realistischer beeld laat zien van de situatie in Colombia dan een serie als Narcos dat doet. Dit soort series dragen namelijk bij aan de verheerlijking en mythevorming van Pablo Escobar en de cocaïnehandel. Als gevolg hiervan lopen veel van de buitenlandse toeristen die naar Colombia komen met trots in een Pablo Escobar-shirt, nemen een ‘narco tour’ of kopen goedkope cocaïne bij het uitgaan. Dit zogenaamde ‘Narco-tourisme’ ontkent echter de serieuze aard van het jarenlange conflict. De cijfers van het Colombiaanse National Centre for Historical Memory zijn immers namelijk keihard: in de tweede helft van de afgelopen eeuw zijn meer dan 7 miljoen mensen slachtoffer geworden van gruwelijk geweld, waaronder 220.000 doden, 83.000 vermisten en bijna 6 miljoen mensen zijn gedwongen hun huis te verlaten. In het werk van de kunstenaars te zien in Framer Framed ontbreekt het geweld dat in zo veel series en films te zien is. Hier is geen behoefte aan sensatie; in plaats daarvan staat het verdriet rondom de slachtoffers en alle personen die nog steeds vermist worden centraal. Een mooi voorbeeld is het werk van Oscar Muñoz (1951) die in zijn video Narciso (2001) flinterdunne houtskoolportretten van mensen die vermist worden laat drijven op het oppervlak van een met water gevulde wasbak. Terwijl het water langzaam wegspoelt door het afvoerputje, vervormt het portret geleidelijk totdat het eindelijk volledig verdwijnt en enkel als wat drap in de wasbak achterblijft. Muñoz trekt hiermee een parallel naar de werking van ons geheugen en de moeite om gezichten te herinneren.

18. kb5MVH5049 kopie.jpg
Zaaloverzicht ‘HERE/NOW: Current Visions from Colombia’, Framer Framed, foto: Marlise Steeman. 

± | Er is meer dat de tien Colombiaanse kunstenaars verbindt: zo zien we meerdere video’s en foto’s waarbij de rivier de hoofdrol speelt. Rivieren zijn erg belangrijk in tijden van oorlog, aangezien ze gebruikt kunnen worden voor transport van mensen, wapens en goederen. Zo vonden er in de afgelopen decennia veel gevechten plaats over het beheer van de rivier. And last but not least, was de rivier ook een plek om lichamen in te dumpen. Een voorbeeld van een werk dat hieraan refereert is Yo Soy También el Otro (2005) van Ana Maria Rueda (1954): vijf foto’s van stenen in een rivierbedding, waarbij de onderkant van de stenen opvallend rood is gekleurd. De stenen hebben die kleur gekregen door de stroming van de rivier, maar de suggestie die wordt gewekt is alsof de stenen in een plas bloed hebben gelegen. Dit werk laat wederom zien dat wanneer je de Colombiaanse kunstenaars aan het woord laat, de beelden behoorlijk subtiel en metaforisch zijn. Hun kunstwerken maken de spanning voelbaar en tonen de verwerking van verdriet, maar hoe het écht ging – de verhalen van geweld en oorlog – moet je als bezoeker zelf invullen. Dat maakt het voor de gemiddelde, niet-ingelezen bezoeker af en toe moeilijk om tot een goed begrip te komen.

Hoe lang doe je er over? | Ongeveer 30 minuten.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Benieuwd naar het verhaal van curator Carolina Ponce de Léon? Luister hier naar haar ideeën achter de tentoonstelling.


De tentoonstelling ‘HERE/NOW: Current Visions from Colombia’’ is nog t/m 30 juni 2019 te zien bij Framer Framed. Meer informatie: https://framerframed.nl/exposities/tentoonstelling-herenow-current-visions-from-colombia/

Tekst: Jule van Ravenzwaay

Cover: Carlos Villalón, ‘FARC combatant poses for the camera at a secret camp in Meta, Colombia, during a unilateral cease fire’, 2015, courtesy of the artist & Ojo Rojo Fábrica Visual, Bogotá, via: Framer Framed. 

GO | NO GO #175: De Squad van Basquiat

GO | NO GO 9 mei 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week vanuit een van de meest zuidelijke steden van ons land, Heerlen. Hier toont SCHUNCK nu de tentoonstelling ‘Basquiat – the artist and his New York scene’.

Jean-Michel Basquiat (1960 – 1988) is een van de meest baanbrekende kunstenaars aan het begin van de graffitikunst. Een rasechte New Yorker met Haïtiaanse en Porto Ricaanse afkomst die uiteindelijk de American Dream beleefde, al was het maar voor even. Helaas raakte hij verslaafd aan heroïne, wat hem de dood in joeg op zijn zevenentwintigste. Maar wie was deze jongeman met deze moeilijk uit te spreken naam eigenlijk? Basquiat werd in zijn jeugd creatief gestimuleerd door zijn moeder, die hem vaak meenam naar musea in en rond Brooklyn (you go mom!), en was een A+ leerling op de privéschool waar hij naartoe ging. Maar als tiener kreeg hij het moeilijker: zijn ouders scheidden, zijn moeder werd opgenomen in een psychiatrische kliniek en hij reisde heen en weer tussen New York en Puerto Rico. Basquiat werd opstandig: hij verliet zijn middelbare school, liep weg van huis en besloot uiteindelijk om naar een alternatieve high school op Manhattan te gaan, speciaal voor leerlingen bij wie regulier onderwijs niet paste. Hij werd vanaf dat moment omringd door creatieve geesten. Samen met vriend Al Diaz vormde hij het graffitikunstenaars duo SAMO, kort voor Same Old Shit. Zij bekladden veelal gebouwen in Lower Manhattan met dubbelzinnige berichten als ‘Plush safe he think.. SAMO’ and ‘SAMO as an escape clause’. Dit moment in Basquiats leven en carrière is het startpunt voor de tentoonstelling in het Heerlense SCHUNCK*.

hms-kathsphotography-9414-e1556997585899.jpgZaaloverzicht ‘Basquiat – the artist and his New York scene’, Kaths Photography

De expositie Basquiat – the artist and his New York sceneneemt je mee naar Basquiats New York. Je wordt in deze expositie als het ware geteleporteerd naar de wijk SoHo van de jaren 80: vervallen, vies, vol met krakers en rebelse kunstenaars. Het was deze omgeving die Basquiat uitdaagde en inspireerde om in alles een canvas te zien. De plek waar zelfs rotzooi, in de juiste handen, goud waard was. Wellicht zou je bij een Basquiat-tentoonstelling vooral veel grote schilderijen en muurschilderingen verwachten. In deze expositie komen enkele kleurrijke rauwe schilderijen voor, waarmee Basquiat de kijker confronteert met kwesties als uitbuiting, racisme en onderdrukking. Maar de focus van SCHUNCK* ligt niet zozeer op deze doeken die uiteindelijk voor enorme bedragen werden verkocht. Hier leer je juist het kleinere werk van de New Yorker kennen en de kunstwerken van zijn rijke sociale netwerk. Basquiat bevond zich namelijk in goed gezelschap – zijn squad bestond uit bekende kunstenaars en andere influentials (wist je dat hij een tijdje bij big time gallerist Larry Gagosian woonde en een relatie had met Madonna?), wiens werk in deze expositie naast dat van Basquiat hangt. Just like in the good old days.

Schunck-Expo-Basquiat-©-Harry-Heuts-2019-2.jpg
Zaaloverzicht ‘Basquiat – the artist and his New York scene’, Harry Heuts Photography

+ | Bij binnenkomst bevindt zich een kleine bioscoopsetting waar de film Boom for Real: The Late Teenage Years of Jean-Michel Basquiat (2018)’ draait. De – behoorlijk lange – film geeft een beeld van de scene waarin Basquiat zich begaf en hoe zijn straatkunst op een bepaald moment veranderde in galeriekunst. Zelfs wanneer de film is afgelopen, blijf je in de sfeer van de tijd hangen – de expositie is zo ingericht dat je als het ware Basquiats appartement aan East 12th Street binnenloopt. Een bekladde radiator die nauwelijks te herkennen is door de vele lagen verf, vermaakte en beschilderde kledingstukken en sculpturen bestaande uit afval van de straat vormen het decor voor verschillende intieme kunstwerken aan de wanden en op de vloer. De kunst is ontstaan in het appartement in de East Village dat Basquiat deelde met zijn toenmalige vriendin Alexis Adler; schilderijen, sculpturen, werken op papier, een notitieboekje en talrijke foto’s die Adler in deze periode maakte. Alle stukken zuigen je in zijn persoonlijke belevingswereld. Een favoriet van ons: een van Basquiats notitieboeken. Het is alsof je even over zijn schouder meekijkt. Hij gebruikte deze notitieboeken om zijn creatieve gedachtes en experimenten te uiten. De inhoud varieert dan ook van tekeningetjes tot telefoonnummers en woordgrappen – alles waarvan hij dacht dat het belangrijk was om te onthouden schreef hij op. Zo stuiten we op de meest random woordcombinaties die haast kleine gedichtjes worden, als  ‘A pardon from a fat governor on a golf holiday. Just in time for a stockmarket suicideparty for an innocent bystander on a naked x-mas.’

12-foto-Francene-Keerey-Times-Square-Show-Sign-Bord.jpg
Francene Keerey, ‘Times Square Show Sign Bord’, 1980

+ | Iedereen weet wel hoe Times Square eruit ziet, al is het van films of goedkope fotoprints die je bij elke budget-cadeauwinkel kunt krijgen. Maar het is niet alleen maar licht en reclame; het is ook een gevaarlijke plek, met zakkenrollers en mensen met grijpgrage handjes. Dit is echter niets in vergelijking met de jaren 80 toen het echt een bolwerk van drugs, prostitutie en criminaliteit was. Niet direct een plek om een kunstshow te houden zou je zeggen, maar het paste juist in de filosofie (die de middelvinger opstak naar het gevestigde artistieke milieu) van de radicale groep kunstenaars die iedereen wakker wilden schudden met hun nieuwe groepsexpositie: The Times Square Show. Deze expositie vond plaats in een voormalig bordeel en toonde werk van meer dan 100 jonge kunstenaars die tot dan toe voornamelijk de straat als canvas hadden gebruikt. Denk aan: Jenny Holzer, Kiki Smith, Keith Haring, en natuurlijk Basquiat. Nieuwe vormen van kunst, zoals video’s, performances en graffiti vulden het voormalige bordeel. Een klein deel van de werken die destijds te zien waren, zijn nu naar SCHUNCK* gehaald.

01-Painted-television-in-the-apartment-c-1979-1980.jpg
Jean-Michel Basquiat, ‘Painted television in the apartment’, 1979-1980

Deze miniatuur Times Square Show geeft je een glimps van de twee weken-durende expositie in 1980, die nog net zo actueel lijkt te zijn als toen – thema’s die de boventoon voeren zijn prostitutie, open seksualiteit, de positie van de vrouw. Maar ook: de stedelijke ecologie. Ratten dus. Kunstenares Christy Rupp (1949) is erg geïnteresseerd in het gedrag van dieren in de grote stad. Dit uit zich in haar poster Rat Patrol die ze niet op straat, maar binnen op “rathoogte” langs de plinten van de trap en de gang plakte. Een statement naar het dreigende gevaar voor volksgezondheid die ontstond door de vele ratten in New York City. Een ander werk dat onze aandacht meteen grijpt is Teri Slotkins Porno Film uit 1978. Van een normale afstand lijkt het een abstract, vrij expressionistische samenstelling van beelden. Als je een stapje dichterbij doet om de details te bewonderen, valt je ineens op dat het stills zijn uit een pornofilm. Een komische optische illusie die extra leuk wordt gemaakt: er hangt een vergrootglas bij, zodat je samen met de andere bezoekers porno kunt kijken. Gezellig.

Hoe lang doe je er over? | Het is een tentoonstelling waar je even in moet duiken en op je in moet laten werken. Neem tussendoor even pauze en vergeet ook niet de film aan het begin(deels) te bekijken, als je dat alles doet ben je wel een goed uur bezig!

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | SCHUNCK* organiseert een aantal leuke activiteiten rond de tentoonstelling, zoals het Basquiat Café in De Nieuwe Nor. Dit is een serie gratis toegankelijke café-avonden, waarbij er door middel van muziek, lezingen en een poetry slam dieper in wordt gegaan op het werk en leven van Jean-Michel Basquiat. Kijk hier voor meer informatie en een overzicht van alle events.


De tentoonstelling ‘Basquiat – the artist and his New York scene’ in SCHUNCK* is nog t/m 2 juni 2019 te zien. Meer informati: https://basquiat.schunck.nl/

Tekst: Yaël Speck

Coverbeeld: Jean-Michel Basquiat in in apartment’, 1981