De Kunstmeisjes Summer Special: Augustus 2017

SPECIALS 10 augustus 2017

Stadslui en boerenpummels opgelet, wij hebben voor ieder wat wils in deze nieuwe editie van de Summer Special! Waar we een maand geleden nog in de Randstad bleven, hebben we deze keer – heel voorzichtig – ook een uitstapje beneden de rivieren gemaakt. Naast twee tentoonstellingen in Amsterdam (hé, we blijven toch echt stadsmeisjes), sturen we jullie deze maand ook naar Noord-Brabant (BOSSCHE BOLLEN!) en zelfs de ekte ekte natuur in voor een expositie in een oud landhuis. Dus pak de auto, trein, elektrische fiets, eenwieler of step (en vooral een paraplu, want je weet maar nooit met die Hollandse zomer), want het is tijd voor onze tweede artsy roadtrip!

Zaaloverzicht van de tentoonstelling ‘Zanele Muholi’, foto door Gert Jan van Rooij, via Stedelijk Museum Amsterdam

AMSTERDAM | Zuid-Afrikaans activisme met Zanele Muholi in het Stedelijk

We beginnen de maand krachtig: het is niet altijd hersenloos luieren en naar mooie plaatjes kijken. Vooral in de zomermaanden moeten we onze hersencellen actief houden (of aanvullen na alle drankovergoten avonden…). Dus chop chop: op naar het Stedelijk voor een indringende les  van de Zuid-Afrikaanse fotografe Zanele Muholi. Waar afgelopen weekend Amsterdam roze kleurde en het feestende Pride-publiek zich sterk maakte voor gelijke rechten voor de LGBTQI-gemeenschap, doet Muholi dat dagelijks. Haar realiteit is echter niet altijd zo feestelijk.

In Zuid-Afrika heeft de LGBTQI-gemeenschap het erg moeilijk, to say the least; verstoting, verkrachting, verminking en moord zijn geen uitzonderingen en acceptatie is vaak ver te zoeken. Muholi vecht met haar kunst om deze gemeenschap in de geschiedschrijving van Zuid-Afrika op te nemen. Haar zelfbenoemde missie is: “to re-write a black queer and trans visual history of South Africa for the world to know of our resistance and existence at the height of hate crimes in SA and beyond.” Dit doet ze in deze tentoonstelling door middel van drie fotoseries en een documentaire – de rode draad die door dit alles loopt is ‘trots’. We zien trotse mensen, die hun plekje op deze wereld grijpen, met Muholi’s camera als handvat. Onze favoriet is Muholi’s meest recente serie ‘Somnyama Ngonyama (Hail the Dark Lioness, 2015-heden)’: zelfportretten van Muholi waarin ze zichzelf als zwarte lesbienne in verschillende gedaantes laat zien. Met extreem grote zwart-wit contrasten in de foto’s benadrukt ze haar blackness, waarmee ze als vertegenwoordiger van de zwarte Zuid-Afrikaanse- én LGBTQI-gemeenschap optreedt.

Hoe lang doe je erover? | 30 – 45 min.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

De tentoonstelling ‘Zanele Muholi’ is tot en met 15 oktober 2017 te zien in het Stedelijk Museum Amsterdam. Meer informatie: http://stedelijk.nl/tentoonstellingen/zanele-muholi


Kunstmeisje Nathalie in de tentoonstelling ‘Between the Lines’ van Chiharu Shiota, foto De Kunstmeisjes

’s HERTOGENBOSCH | De rode draad zoeken in Het Noordbrabants Museum

Soms is één kunstinstallatie de moeite waard om het halve land voor te doorkruisen. Voor ons Amsterdamse Kunstmeisjes was er geen twijfel over mogelijk of we al dan niet naar Den Bosch moesten gaan deze zomer. In Het Noordbrabants Museum zie je nu namelijk de (letterlijk) allesomvattende tentoonstelling Between the Lines van de Japanse kunstenares Chiharu Shiota (1972). Shiota veroverde in 2015 de Biënnale van Venetië met een installatie waarin ze duizenden bollen rode wol door de ruimte spande. Nu, speciaal voor deze expositie in Den Bosch, toont Shiota een soortgelijke installatie: Uncertain Journey kostte haar en 10 assistenten 12 dagen, 2000 bollen wol en 10.000 nietjes om te maken. De rode draden zijn door de ruimte heen getrokken, lijken uit kleine bootjes die op de grond staan te schieten, en vullen de 130m2 op als een soort magisch spinnenweb.

Zowel deze installatie als de andere 23 werken in deze tentoonstelling laten de ontwikkeling van Chiharu Shiota zien. Als jonge kunstenaar besefte ze zich al gauw dat ze meer wilde dan “alleen maar” schilderen of tekenen. Ze wilde werken in en met de ruimte om haar heen. Dit zien we terug in haar performances, geïnspireerd door haar docente Marina Abramovic (wij zijn stikjaloers) en in haar kleine en grote draadsculpturen. De rode draad in haar oeuvre (pun very much intented) is de vorming van identiteit, onze herinneringen en hoe wij allemaal met elkaar verbonden zijn. Ook al is de installatie Uncertain Journey echt het hoogtepunt van deze expositie, komen deze thema’s ook bijzonder goed terug in de andere werken. Zo zijn wij bijvoorbeeld dol op de video’s waarin Shiota jonge kindjes filmt die vertellen over hun “herinnering” van toen ze nét geboren waren. Dit werk hoorde bij Shiota’s grote kunstinstallatie op de Biënnale in 2015 en is ook hier een echte must-see.

P.S. When in Rome… als je toch in Den Bosch bent, moet je sowieso een Bossche Bol van Jan de Groot (de legendary bakker) eten. Gelukkig kun je een van deze bollen geluk in het museumcafé krijgen, wat dit culinaire uitstapje toch nog wat culturele flair geeft.

Hoe lang doe je erover? | 30 min.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

De tentoonstelling ‘Between the Lines’ van Chiharu Shiota is tot en met 15 oktober 2017 te zien in het Noordbrabants Museum. Meer informatie: http://www.hetnoordbrabantsmuseum.nl/bezoek/tentoonstellingen-activiteiten/tentoonstellingen/chiharu-shiota/

Schermafbeelding 2017-08-09 om 20.32.39
Links: Kunstmeisje Renee bij het kunstwerk ‘Under Construction’ door Darwin, Sinke & Van Tongeren, ‘Under Construction’, foto De Kunstmeisjes | Rechts: ‘Pauw’ door Darwin, Sinke & Van Tongeren, foto Ernst Moritz, via Museum Oud Amelisweerd.

BUNNIK | Downton Abbey met dode beesten in Museum Oud-Amelisweerd

Na ontelbaar veel landweggetjes in Bunnik (waarschijnlijk zijn het er niet eens zo veel, maar zijn wij gewoon een paar keer verkeerd gereden. Bare with us.) kom je uit bij het landhuis Oud-Amelisweerd. Het was ooit een korte periode eigendom van Lodewijk Napoleon, koning van Holland, waardoor we dit met recht de Hollandse Downton Abbey kunnen noemen. Het landhuis is allang niet meer bewoond en ademt ook een vleugje vergane glorie uit. Gelukkig heeft men besloten dit kasteel nieuw leven in te blazen en is Museum Oud-Amelisweerd sinds 2014 open voor het publiek. De collectie bevat schilderijen van de Nederlandse kunstenaar Armando en waanzinnig mooie Chinese behangsels. Het MOA organiseert echter ook tijdelijke tentoonstellingen, waarin natuur en cultuur samenkomen. Nu te zien: TIER. Armando, Darwin, Sinke & Van Tongeren.

Ja, de titel is een mondvol, maar de expositie is eigenlijk best overzichtelijk. Sinke & Van Tongeren is een duo taxidermisten; ze zetten dieren op. Maar denk niet dat je hier schele labradors en verkreukelde adelaars zult zien. Sinke & Van Tongeren zijn echte pro’s die opgezette beesten tot kunst verheffen. Deze dieren worden gecombineerd met theatrale sculpturen, schilderijen van Armando en foto’s, wat het museum tot een soort walk-in kunstinstallatie maakt – in elke kamer vind je weer een nieuwe set kunstwerken. Een beetje morbide is de expositie wel, wat juist wel lekker bijdraagt aan de ietwat grimmige sfeer van het verlaten landhuis.

Hoe lang doe je erover? | 30 min.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

De tentoonstelling ‘TIER. Armando, Darwin, Sinke & Van Tongeren’ is tot en met 10 september 2017 te zien in Museum Oud-Amelisweerd. Meer informatie: http://www.moa.nl/nl/Exhibitions/Tier

Schermafbeelding 2017-08-09 om 20.35.07
links: Jitske Schols, ‘Ayla’, 2016 | rechts: Emo Verkerk, Remco Campert, 2009

AMSTERDAM | Ode aan een Amsterdammer in het Scheepvaartmuseum

We begonnen deze Summer Special met een expositie die politiek geëngageerd is en zeker wat intellectuele activiteit van haar bezoekers verwacht. Wil je iets veel luchtigers, dan ben je bij Het Scheepvaartmuseum aan het goede adres. Helemaal gratis (dat is pas toegankelijke kunst!), vind je op de begane grond de pop-uptentoonstelling Ode aan een Amsterdammer. Hoewel ‘pop-up’ tegenwoordig vooral doet denken aan verlaten winkelpanden die worden bezet door kraampjes met handgemaakte hipstersieraden en Weckpotten vol ambachtelijke avocadoconfituur, betekent het kort gezegd gewoon ‘een tijdelijk concept’. Als we ons dan ook nog eens over het woord ‘concept’ kunnen tillen, komen we eindelijk bij de kern van de zaak: de Dutch National Portrait Gallery is een collectief van Nederlandse portretkunstenaars die exposities op wisselende locaties maken. Ze willen de maatschappij laten zien door middel van de gezichten van haar bewoners en de bewoners hierdoor weer met elkaar verbinden. Zo ook nu met de expositie Ode aan een Amsterdammer.

Ongeveer 70 portretten – geschilderd, getekend en gefotografeerd – laten verschillende inwoners van onze hoofdstad zien. Van anonieme feestgangers in de Warmoesstraat en straatschoffies in de Tilanusstraat, tot volkshelden als Johan Cruijff en burgemeester Eberhard van der Laan. We zullen eerlijk zijn: niet elk portret is even mooi (Remco Campert, we feel you bro) en de ruimte biedt niet voor elk werk genoeg ruimte (of is het juist de bedoeling dat Bram Moszkowicz boven de brandslang hangt?). Dat gezegd hebbende is Ode aan een Amsterdammer precies wat het claimt te zijn: een klein, toegankelijk en veelzijdig eerbetoon aan de even veelzijdige Amsterdammer. En een perfect excuus om weer eens langs Het Scheepvaartmuseum te gaan, wat het stukje omfietsen altijd waard is.

Hoe lang doe je erover? | 15-20 min.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

De tentoonstelling ‘Ode aan een Amsterdammer’ is tot en met 27 augustus 2017 te zien in Het Scheepvaartmuseum. Meer informatie: https://www.hetscheepvaartmuseum.nl/over-het-museum/pers/ode-aan-een-amsterdammer


coverbeelden v.l.n.r.: ‘Under Construction’, credit Darwin, Sinke & Van Tongeren |Chiharu Shiota, ‘In the Hand’, 2017, courtesy Kenji Taki Gallery. © Chiharu Shiota, c/o/ Pictoright Amsterdam, 2017 | ‘Bester I, Mayotte’, 2015, © Zanele Muholi. Stevenson, Cape Town/Johannesburg en Yancey Richardson, New York. | Bart Koetsier, ‘Taillights Fade, Warmoesstraat’, 2013 | Emo Verkerk, Remco Campert, 2009


 

 

HIGHLIGHT #13: Op wereldreis met wandelend anti-cliché Michael Wolf

HIGHLIGHTS 3 augustus 2017

Sommige kunstwerken en kunstenaars kunnen niet genoeg aandacht krijgen als je het ons vraagt! In onze rubriek ‘Highlights’ neemt een van De Kunstmeisjes jullie daarom mee naar een van haar favorieten. Deze keer introduceert Emma je de wereld door de blik van fotograaf Michael Wolf.

Dat wat normale mensen hebben met posters van Justin Bieber of de Backstreet Boys (just pick your generation), heb ik met Michael Wolf. Nee, dat is geen superster, geen acteur, niet iemand met een fabulous sixpack, maar een Duitse fotograaf van middelbare leeftijd die prachtige plaatjes schiet van eindeloos hoge flatgebouwen, verlaten schoonmaakspullen, geplette mensen in de metro van Tokio en van Parijse daken. Ik zag zijn werk voor het eerst op een kunstbeurs in 2014. Michael Wolf wordt vertegenwoordigd door een Amsterdamse galerie (Wouter van Leeuwen) die ik hierbij even expliciet wil bedanken dat het geen straatverbod jegens mij heeft aangevraagd. Ik achtervolg de galerie namelijk sinds die eerste keer op elke beurs en sta regelmatig aan de deur om wellicht nieuw werk van de kunstenaar te mogen te zien. Nu vraag je je misschien af (misschien ook niet, maar work with me here), wat is nou de aantrekkingskracht van zijn foto’s?

Stel, je hebt een camera en je staat midden in Parijs, of voor de skyline van een andere wereldstad. Waar de meeste mensen dan de Eiffeltoren of de contouren van de talloze wolkenkrabbers zou vastleggen, doet Michael Wolf precies het tegenovergestelde. Met zijn foto’s laat hij zijn unieke blik op de grootstedelijke maatschappij zien en zoomt hij in op wat deze plaatsen en hun inwoners echt zijn. Dankzij zijn foto’s zie ik steden op een heel andere manier dan ik ze ooit heb gezien, of ontdek ik steden waar ik nog niet ben geweest. Vandaag gaan we daarom even op wereldreis, een alternatieve wereldreis welteverstaan. Ik neem jullie namelijk mee naar Hong Kong, Tokio en Parijs – door de ogen van het wandelend anti-cliché Michael Wolf.


Michael Wolf, Untitled, from the series Architecture of Density, 2005 © Michael Wolf

We beginnen in Hong Kong (Nǐ hǎo!). Net zoals met andere grote steden, kiezen fotografen die deze metropool bezoeken vaak voor het beeld van de skyline. Wolkenkrabbers from head to toe, waar elke Ikea-consument vervolgens een twee-bij-twee poster voor 39,95 euro van boven de bank gaat hangen. But not Michael Wolf. Wolf focust in zijn foto’s van Hong Kong ook op de architectuur, maar zoomt volledig in op de details van een flatgebouw. De overbevolkte stad blijft groeien en bij gebrek aan oppervlakte ontstaan enorme wolkenkrabbers waar mensen in mini-appartementjes leven. In Architecture of Density, de foto’s die Wolf van deze complexen maakte, zie je geen horizon en geen lucht, waardoor het lijkt alsof het gebouw om je heen eindeloos doorgaat. Van veraf lijken het abstracte werken, maar met je neus er bovenop zie je menselijke details zoals ventilatoren of de was die buiten hangt – dat dubbele effect zorgt ervoor dat ik maar naar deze serie kan blijven kijken.

Naamloos
Michael Wolf, Untitled, from the series Informal Solutions, 2016 © Michael Wolf/Wouter van Leeuwen

Het gebrek aan ruimte in een miljoenenstad als Hong Kong leidt niet alleen tot enorme flats vol kleine appartmentjes, het zorgt er ook voor dat iedereen zijn ruimte optimaal moet benutten. Zo ontdekte Wolf de kleine steegjes achter grote gebouwen, op het eerste gezicht geen boeiende plek, laat staan spannend genoeg voor een nieuwe fotoserie. Maar lopend door de steegjes ontdekte hij het leven dat er zich afspeelt: het is een tweede huis voor bijvoorbeeld de schoonmakers en restaurantmedewerkers. Die rusten tussen het werk door uit op oude plastic stoelen en drogen hun schoonmaakspullen handig aan de ramen en deuren. Het is een kunst om de ruimte en de mogelijkheden die je er hebt, zo praktisch mogelijk te benutten. Wolf zag er de kunst van in en ontdekte mooie composities in de alledaagse voorwerpen, wat resulteerde in een nieuwe serie. Who knew dat schoonmaakspullen zo mooi konden zijn?

MetroMichael Wolf, Untitled, from the series Tokyo compression, 2010 © Michael Wolf / Wouter van Leeuwen

Van Hong Kong door naar Tokio (Konnichiwa!), de stad waar iedere fotograaf los zou gaan met een timelapse van gebouwen, wegen en lichten of de lichtgevende billboards en drukke straten zou vastleggen. Wolf koos ervoor de bevolking van de volle stad vast te leggen op momenten dat niemand daar blij van wordt: in een overvolle metro. In de serie Tokyo Compression zie je forenzen tegen het metroraampje gedrukt, hopeloos uit hun ogen kijkend of hun blik afwendend. De condensdruppels staan op de ramen en kijkend naar de foto ruik je bijna het zweet van de passagiers. Iedereen die wel eens in Londen, Parijs of Tokyo geweest is, herkent het onaangename gevoel meteen. Een serie waar ik niet altijd even lang naar kan kijken zonder de neiging te hebben anderhalve liter Unicura-zeep over mezelf uit te storten. Maar dat vieze maakt het soms juist wel lekker.

michael wolf 6

Na jaren in Azië, verhuisde Wolf vervolgens voor het werk van zijn vrouw mee naar Parijs (Bonjour!). De gemiddelde kunstenaar zou blij worden van het idee, maar hij vond het helemaal niks. Daar waar iedereen de Eiffeltoren of prachtige straten vastlegt in Parijs, werd hij claustrofobisch van het idee dat hij weer een plaatje moest schieten van ‘de stad vol clichés’, zoals hij het zelf noemt. Hij vond zijn draai niet in de stad en besloot het cliché in zijn geheel te ontwijken door de straat niet meer op te gaan. Vanuit zijn woonkamer verkende hij de stad veilig via Google Maps. Van de beelden die hij tegenkwam, maakte hij foto’s. Door in te zoomen en kaders om beelden te maken, ontstaan er hele nieuwe beelden. Zoals de foto hierboven, waarmee Wolf naar de beroemde foto ‘Le baiser de l’Hôtel de Ville (The Kiss)’ van Robert Doisneau verwijst, een van de meest iconische foto’s van het twintigste eeuwse Parijs.

Toen hij de stad veilig had verkend, kwam hij per ongeluk nog een keer buiten en zag de stad van een heel ander perspectief: namelijk vanaf het dak van het huis van een vriend. Toen wist hij: dit is hoe ik Parijs vast wil leggen, want dit is nog niet eerder gedaan. In de serie Paris Rooftops zie je vaak geen horizon en geen lucht. De schoorstenen, pijpen en huizen spelen de hoofdrol in foto’s waarbij je Parijs ziet zoals je dat nog nooit had gezien. Het kan zijn dat ik vroeger te veel Sinterklaasfilms heb gezien, maar elke keer als ik naar deze werken kijk, heb ik zin om het werk in te lopen en over de daken te rennen.


Michael Wolf, Paris Rooftops #4, 2014 © Michael Wolf/Wouter van Leeuwen

Het werk van Wolf is anders dan al het andere wat je gewend bent, een beetje raar en juist daarom zo fascinerend. Vorig jaar heb ik eindelijk een werk van hem gekocht en hoef ik de deur niet meer uit om keihard te fangirlen. Plus, ik kan opgelucht ademhalen, want hiermee heb ik ook mijn straatverbod bij Wouter van Leeuwen afgekocht. Vanaf mijn bank kijk ik verlekkerd naar een foto uit de Architecture of Density series, maar stiekem heb ik al een verlanglijstje opgesteld van andere werken die ik wil kopen zodra mijn portemonnee het toelaat. Een echte fangirl heeft immers nooit genoeg…  


Zin om lid te worden van de fanclub? Bezoek op fotografiebeurs Unseen de stand van Galerie Wouter van Leeuwen waar werk van Michael Wolf te zien zal zijn. I will be there, front row.

HIGHLIGHT #12: Black Mona

HIGHLIGHTS 27 juli 2017

Sommige kunstwerken en kunstenaars kunnen niet genoeg aandacht krijgen als je het ons vraagt! In onze rubriek ‘Highlights’ neemt een van De Kunstmeisjes jullie daarom mee naar een van haar favorieten. Mirjam leidt je door de gangen van het Louvre naar één van haar all-time favorites in het hele museum: Portrait d’une femme noire van Marie-Guillemine Benoist.

Wandelend door de ellenlange gangen van het Louvre, lijken de drommen mensen altijd maar op weg te zijn naar één vrouw: Miss Mona Lisa. Laat dat minzame lachje van haar eens voor wat het is en sla af naar een andere vleugel. Er is een andere vrouw in de Franse schatkist die ik altijd even gedag moet zeggen als ik in Parijs ben. Helaas weten we haar naam niet, maar ze is net zo mooi en minstens zo mysterieus als Mona. En als geschilderd portret veel unieker in haar soort, want, de geportretteerde dame is zwart. En ook nog eens geschilderd door een vrouw!


Marie-Guillemine Benoist, Portrait d’une femme noire (1800) © Musée du Louvre / A. Dequier – M. Bard

Je ziet haar in één oogopslag: in een rij portretten van blanke welgestelden hangt ze fier in het midden. Kunstmeisje Renee wijdde er al eens een highlight aan: blackness in de kunst is zwaar ondervertegenwoordigd. Zij schreef over hoe hedendaagse kunstenaar Kerry James Marshall eigenhandig dit gapende gat probeert op te vullen. Marie-Guillemine Benoist, hoewel een blanke grande dame, was één van de weinigen in de kunstgeschiedenis die hem een handje hielp met die lacune.

Marie-Guillemine Leroulx de la Ville (1768 – 1826), beter bekend onder haar trouwnaam Mme Benoist, was een dame van aristocratische afkomst die tot een kleine elite van professionele vrouwelijke schilders hoorde. Zoals de meeste vrouwelijke kunstenaars in die tijd, paste Benoist in het ideaalbeeld van upper class womanhood: ze schilderde fantastisch, trouwde, kreeg kinderen en gooide haar kwast er bij neer. Toch was haar leven allerminst saai. Ze werd geboren in een gerenommeerde familie van politici en beleidsmakers. Haar vader werd in 1792 benoemd als minister in het kabinet van Louis XVI. Haar man, Pierre-Vincent Benoist, met wie ze in 1793 trouwde, was advocaat en openlijk koningsgezind. Toen de Franse Revolutie in 1793-1794 een hoogtepunt bereikte (Louis XVI werd onthoofd, just saying), moest het echtpaar vanwege hun hechte vriendschappen met monarchisten zelfs onderduiken.

89185__MG_8685Installatieshot van zaal 54 in het Louvre, met Portrait d’une femme noire van Marie-Guillemine Benoist in het midden © Musée du Louvre / Antoine Mongodin

Eind goed al goed, want in 1800 schilderde ze op eigen initiatief het portret van een zwarte vrouw. Normaliter schilderde men zwarte figuren als een studie voor een groter schilderij (bijvoorbeeld een slaaf in een blank tafereel), of als een oefening in het uitdrukken van een zwarte huid in verf om de technische vaardigheid van de schilder aan te prijzen. Dit schilderij daarentegen is echt een portret van een individu. Haar zachte huid steekt fris af bij haar witte draperieën en hoofdtooi, en is radicaal anders dan de typisch 18de-eeuwse traditie van het presenteren van niet-Europeanen als exotische ‘types’. We kijken hier niet naar een oriëntaals spektakel, maar naar een persoon, die ons recht aankijkt vanuit haar chique ancien régime zetel. Daar staat tegenover dat we, op wat wulpse vrouwtjes na, in het Louvre zelden blanke dames uit dezelfde periodes aantreffen die geportretteerd zijn met zulke prominent ontblote borsten. In deze tijd had vrouwelijk naakt een symbolische betekenis: het werd geassocieerd met goddelijkheid (I’m your Venus) of met een personificatie, zoals Eugène Delacroix’s La Liberté guidant le peuple [Liberty leading the people] (zie afbeelding hieronder). Hij schilderde in 1830 de vrijheid van het Franse volk in de vorm van een dame met ontbloot bovenlijf die le peuple over de barricades leidt, met de vlag van de Franse Revolutie hoog in de lucht.


Eugène Delacroix, Le 28 Juillet. La Liberté guidant le peuple (1830) © Musée du Louvre / Erich Lessing

Toch valt Benoists schilderij niet direct in één van deze categorieën. Waarom zou ze dit dan uit zichzelf geschilderd hebben? Ze maakte dit werk zes jaar nadat in 1794 slavernij in de Franse koloniën werd afgeschaft en alle slaven bevrijd werden. Er wordt gezegd dat de vrouw in het schilderij een slaaf was die naar Frankrijk was gebracht door Benoists zwager, die in 1800 terug was gekeerd van het Franse eiland Guadeloupe. Afrikaanse en gekoloniseerde zwarte mensen werden regelmatig naar Europa gebracht om in de huishoudens van de upper en middle class te werken. Omdat slavernij al sinds de Middeleeuwen in Frankrijk was afgeschaft, moest de status van een slaaf op Frans grondgebied veranderd worden naar het beroep van bediende bij de Franse autoriteiten. Het is daarom heel aannemelijk dat de vrouw in Benoists schilderij een slave-turned-servant was die niets te zeggen had over hoe ze werd geportretteerd.

Dus hoe trots mag ik zijn op dit uitzonderlijke portret in het Louvre? De zwarte vrouw is weliswaar vrij statig afgebeeld, maar half naakt en haar naam deed er blijkbaar niet toe – al vanaf het moment dat de Franse staat het schilderij in 1818 van Benoist aankocht heette het Portrait d’une négresse (later is de titel aangepast naar het meer ethisch verantwoorde femme noire). Toch wordt gesuggereerd dat het schilderij door Benoist bedoeld was als ode aan de emancipatie van zowel de bevrijde slaaf als van de vrouw in het algemeen: in die periode was er een korte feministische opwelling in Frankrijk. De dame in het schilderij verbeeldt wellicht de bevrijding van de vrouw, zwart of blank, waardoor de ontblote borsten toch meer in het kader liggen van La Liberté die ons over de barricades trekt. #Freethenipple op z’n negentiende-eeuws.

Het droevige van dit alles is dat, als deze interpretatie inderdaad in lijn ligt van de bedoelingen die Marie-Guillemine Benoist ooit had met dit schilderij, het extra cru is om vervolgens te weten dat slavernij alweer werd geherintroduceerd door Napoléon Bonaparte in 1802. Twee jaar later werden ook de vrouwen weer aan de kettingen gelegd in de Code Napoléon: hierin stond dat binnen het huwelijk slechts één persoon de leiding kon hebben en rara wie dat was volgens de wet. Er stond beschreven dat een gehuwde vrouw ‘handelingsonbekwaam’ was en moest gehoorzamen aan haar man. Daar gaat je emancipatie.

IMG_8087

Even een kleine confession: al hekel ik posters van schilderijen omdat ze bij lange na niet de werkelijke uitstraling van het werk kunnen halen, en het voor mijn gevoel altijd zo enorm benadrukt dat ik the real thing nooit werkelijk zal kunnen bezitten, hangt Portrait d’une femme noire in mijn eigen slaapkamer. Als ik ’s ochtends wakker word en even naar haar kijk, en zij terugkijkt, krijg ik het gevoel dat deze onbekende vrouw met teveel liefde is geschilderd om slechts een showing off ma painting skills-werkje van Benoist te zijn. Benoist was één van vele vrouwelijke kunstenaars die steeds meer status verwierf ondanks de restricties die haar kunstenaarschap werden opgelegd. Ze werd niet toegelaten tot officiële kunstacademies en ze mocht niet deelnemen aan lessen met levende modellen, wat ervoor zorgde dat vrouwen geen figuurstudies konden maken – de hoogste kunstvorm in die tijd. Deze barrières bleven in stand tot ver in de negentiende eeuw, waardoor vrouwen automatisch een achterstand hadden en nooit zoveel hebben kunnen bijdragen aan de beeldende kunsten. Toen de Bourbon-dynastie op de Franse troon hersteld werd na afloop van het napoleontische tijdperk (in 1814 werd het eikeltje naar het eiland Elba verbannen), werd Benoists man Pierre-Vincent benoemd tot minister van de koning en gaf ze haar schilderscarrière definitief op.

Dus ja, een poster in mijn slaapkamer, omdat het werk me altijd weer aan het denken zet. Niet alleen omdat Portrait d’une femme noire ondanks de onduidelijke motieven achter het werk desalniettemin een uitzondering op de blanke regel is, en daarmee zo’n enorme highlight in de kunstgeschiedenis. Maar ook omdat het werk me eraan herinnert dat iedere vooruitgang teruggedraaid kan worden – van Yes we can! naar Grab them by the pussy. Deze zwarte Mona Lisa waarschuwt me: never take your freedom for granted.


Portrait d’une femme noire van Marie-Guillemine Benoist wacht op jou in de Sully-vleugel van het Louvre, op de tweede etage, zaal 54, in de categorie ‘Jacques-Louis David (1745-1825) et ses élèves: l’art du portrait’. Voor meer informatie en openingstijden van het museum: http://www.louvre.fr/en/hours-admission 

 

HIGHLIGHT #11: Beter laat dan nooit |  het fenomeen Phyllida Barlow

HIGHLIGHTS 19 juli 2017

Sommige kunstwerken en kunstenaars kunnen niet genoeg aandacht krijgen als je het ons vraagt! In onze rubriek ‘Highlights’ neemt een van De Kunstmeisjes jullie daarom mee naar een van haar favorieten. Ditmaal praat Renee je bij over het fenomeen Phyllida Barlow en haar late rise to fame.

De eerste keer dat je de Eiffeltoren zag, je eerste tongzoen, je eerste werkdag: dit zijn typische momenten die je voor altijd onthoudt. Hetzelfde geldt voor sommige liedjes, kunstwerken of kunstenaars – je weet nog precies waar je was of met wie toen je het voor het eerste hoorde of zag. Ik heb dat met Phyllida Barlow en haar eigenwijze beeldhouwwerken. Het was tijdens mijn studie Kunstgeschiedenis dat ik voor het eerste hoorde over deze Engelse kunstenares. Het zou nog vele jaren duren voor ik haar werk in het echt zou zien, maar haar naam stond vanaf dat moment in de collegezaal in mijn geheugen gegrift. Phyllida Barlow maakt niet alleen hele toffe kunst, ze heeft een even interessant levensverhaal. Ze werd namelijk pas rond haar 60ste bekend. Dus voor iedereen die nog een carrière als kunstenaar ambieert, watch and learn…

 

Photo-©-Thierry-Bal-Courtesy-Phyllida-Barlow-Hauser-Wirth-and-Modern-Painters
Portret Phyllida Barlow, foto © Thierry Bal, courtesy Phyllida Barlow, Hauser & Wirth en Modern Painters, via A.N. news.

Phyllida Barlow (nu 73 jaar) werd pas rond de eeuwwisseling bekend. Haar grote doorbraak kwam in 2011 toen ze werd opgemerkt door een van de grootste galeries ter wereld: Hauser & Wirth. Sindsdien heeft ze onder andere een grote expo in het Tate Britain gehad, was ze dit jaar (voor de tweede keer) te zien op de meest prestigieuze kunstbeurs ter wereld Art Basel Unlimited, én vertegenwoordigt zij Groot-Brittannië op de Biënnale van Venetië. Dan ga je lekker. Maar het heeft dus een lange aanloop gehad. Al tijdens haar opleiding aan de Slade School of Fine Arts in de jaren zestig, merkte ze dat het als vrouw moeilijk was om door te breken in de kunstwereld, die gedomineerd werd (en wordt…) door mannen. Een van haar docenten weigerde zelfs haar werk na te kijken toen ze zwanger was. Ze zou tenslotte binnenkort moeder worden, en tsja, dat viel dan niet te combineren met een werkend leven, kunstenaar of geen kunstenaar. Barlow liet zich niet uit het veld slaan: ze bleef kunst maken en ging vanaf de jaren zeventig lesgeven aan dezelfde school waar ze zelf haar opleiding had gevolgd. Ondertussen voedde ze met haar man (ook kunstenaar en docent) vijf kinderen op in Londen. Maar ze wilde meer dan op de achtergrond blijven: ze wilde breken met de regels van de kunst.  

Barlow moest en zou zich losmaken van de kunst die ze had geleerd aan de academie, gestileerde kunst die haar voorgangers (zoals bijvoorbeeld Barbara Hepworth) in de beeldhouwkunst groot hadden gemaakt.  Zelf voelde ze een sterke band met het werk van Amerikaanse kunstenaars als Richard Serra, die met “normale”, alledaagse materialen werkte. Barlow besloot de Britse kunstwereld eens flink op te schudden en ging staketsels maken (nee, dat woord hebben we niet zelf verzonnen): houten bouwsels van latjes en random palen, gecombineerd met ballen van beton en hangende organische vormen. Je weet wel, staketsels.

Tale_modern3Installatiefoto van Phyllida Barlows ‘Dock’ in Tate Britain in 2014

Wanneer ze aan het werk gaat, begint Barlow niet met een onderwerp, bijvoorbeeld een stilleven of de buste van Chopin. Ze werkt vanuit vorm, materiaal en het proces zelf. Als Phyllida een afgezaagd gezegde zou zijn, was het ‘het is niet de eindbestemming, maar de reis die belangrijk is.’ Natuurlijk is er wel altijd een eindresultaat, in haar geval beelden en constructies die hele ruimtes overnemen (staketsels? Ja! Staketsels!). Wat opvallend is aan Barlows kunst is dat ze met atypische materialen voor een beeldhouwer werkt: geen brons, marmer of andere “dure” elementen, maar allerlei goedkoop bouwmateriaal als timmerhout, cement, gips, netten, polystyreen en staal – net als haar grote voorbeeld Serra.

Ook heeft Phyl (we mogen haar inmiddels wel Phyl noemen) een leuk gevoel voor humor: ze speelt met ons idee van materiaal en gewicht door lichte objecten zwaar te doen lijken. Zo zijn haar beelden licht als papier-maché, maar lijken ze van beton. Wanneer je door haar constructies heen loopt, voel je de dreiging: alles kan op elk moment instorten en je verzwelgen. Vooral in deze grote installaties beweegt haar werk zich niet alleen op het gebied van de beeldhouwkunst, maar ook op dat van de architectuur en schilderkunst. Er zit een bepaalde speelsheid in, die overkomt alsof je binnenwandelt in een onaf theaterdecor en naar de zandzakken en stukken gips kijkt die de decorstukken staande moeten houden.

barlo68475-hires-5-copy-zBjU2S
Phyllida Barlow ‘untitled: 100banners2015’ op Art Basel, Unlimited, 2017, beeld via Hauser & Wirth

Dankzij haar groeiende succes in de 21ste eeuw en haar recente samenwerking met Hauser & Wirth, is Phyllida Barlows werk steeds groter (letterlijk en figuurlijk) geworden. Geen afgekeurd huiswerk, maar een oude vliegtuighangar in Noord-Londen als atelier. De vraag die echter altijd bij mij is blijven rondspoken (en niet alleen bij mij): hoe kan het nou dat een kunstenaar met zo’n talent als Phyllida Barlow pas zo laat doorbreekt? Heeft het feminisme nu pas de kunstwereld bereikt, of hebben we allemaal liggen slapen terwijl Phyllida best lekker ging?

Een Artsy artikel, dat speciaal gewijd is aan de doorbraak van de vrouw in de kunstwereld suggereert dat een aantal oudere dames al langere tijd bekend waren in kunstkringen, maar hun big break nooit hebben gehad. Vrouwen zouden kunst meer voor zichzelf maken en minder “harde” ambities hebben dan de mannen uit het veld. Bij Barlow is deze “harde” ambitie misschien niet zo zeer de boosdoener, maar het feit dat ze haar geld verdiende met lesgeven en vijf kinderen moest opvoeden. Echter er is een verandering gaande… Vanuit musea en verzamelaars collecties wil men nu lacunes  opvullen, met … je raadt het al: werk van (oudere) vrouwen. Verzamelaars willen wel iets “nieuws”, zonder het risico van een groentje die net van de kunstacademie komt. Dat geldt ook voor de galerie die investeert in een nieuwe kunstenaar, in de hoop dat hij of zij een nieuwe super-kunstenaar wordt. Het is namelijk erg moeilijk en vooral risicovol is om dit te blijven proberen. De werken van de “volwassen kunstenaar” bevatten daarentegen een zekere rijpheid, zoals je die bij een heerlijk stuk overjarige Beemster vindt, en waar een stuk jonge kaas (hoewel ook lekker) nu eenmaal niet tegenop kan boksen. Het geeft de koper en de verkoper de garantie dat het stof is neergedaald en de kunstenares weet waar ze mee bezig is.


Installatieshot van Phyllida Barlows ‘Folly’, British Pavilion, La Biennale di Venezia, Venetië, Italie, 2017, foto: Ruth Clark, via Hauser & Wirth.

Alles leuk en aardig, Phyllida zelf is reuze content met haar late breakthrough. Ze zegt dat ze het niet anders zou willen. Het heeft haar een mooie opbouw gegeven, veel zelfvertrouwen en de mannenwereld waarin ze opgroeide heeft er voor gezorgd dat ze zich niet zomaar uit het veld laat slaan. Go Phylli! Nu aan jou om niet – net als ik – jaaaaaaren te wachten tot je haar ruimtevullende constructies kunt bewonderen. Pak nu je kans en boek een weekend Venetië. Zoals ik al zei is Phyllida degene die dit jaar het neoclassicistische pand van Groot-Brittannië op de Biënnale mocht vullen (28 landen hebben een eigen paviljoen op de Giardini). De installatie Folly (de titel verwijst naar gekke gebouwtjes die op Engelse landgoederen werden neergezet en geen doel of praktisch nut kende) barst bijna uit het pand. Er is naast haar werk genoeg ander moois te zien, dus zeker een GO! Onze reis staat al gepland: dus kom met ons een Aperol Spritz drinken!


De Biënnale van Venetië loopt tot en met 26 November 2017, voor meer informatie en kaartjes: http://www.labiennale.org/en/art/tickets/

Coverbeeld: Portret Phyllida Barlow, foto © Thierry Bal, courtesy Phyllida Barlow, Hauser & Wirth en Modern Painters, via A.N. news.

HIGHLIGHT #10 | Adopteer een kunstwerk | Galerie OODE

HIGHLIGHTS 13 juli 2017

Sommige kunstwerken en kunstenaars kunnen niet genoeg aandacht krijgen als je het ons vraagt! In onze rubriek ‘Highlights’ neemt een van De Kunstmeisjes jullie daarom mee naar een van haar favorieten. Nathalie stelt je deze keer echter niet voor aan een kunstwerk, maar aan een plek. Een schatkist in hartje Amsterdam: galerie OODE.

Soms kan ik echt stikjaloers worden als ik nadenk over dingen die ik had willen uitvinden: drinkrietjes, wattenstaafjes, sleeves voor koffie to go zodat je je vingers niet verbrandt, het internet. Galerie OODE hoort voor mij ook in dit rijtje had ik het maar bedacht. In deze galerie kun je namelijk weeskunst adopteren. Weeskunst, je leest het goed, kunst die wees geworden is. Hoewel je zou denken dat alle kunst op de wereld al in een museum of galerie hangt, of nog de laatste hand aan wordt gelegd door een kunstenaar in zijn atelier zelf, is dat niet zo. Soms verliest kunst haar huis, omdat een museum of kunstcentrum failliet gaat, en verdwijnt zo’n collectie in een depot. Then there was OODE.

Processed with VSCO with f2 preset
Marleen Kurvers in Galerie OODE.

OODE is de breinbaby van Marleen Kurvers (35), die eerder de winkel annex platform voor jonge ontwerpers Dutch Design Year in Eindhoven oprichtte. Deze #girlboss verruilde een aantal jaar geleden de stad van Philips voor de thuisstad van de FEBO en opende OODE (‘een ode aan kunst’) op het Singel 159a in hartje Amsterdam. In samenwerking met Stichting Onterfd Goed geeft ze kunst een nieuw huis. Waar je de stichting als het administratieve adoptiebureau kunt zien, is Marleen de warme en emotioneel betrokken caseworker, mét een waanzinnig oog voor mooie dingen. Tijd voor een kop koffie bij Marleen.

Zodra je de galerie binnenloopt, moet je je best doen om niet over al het moois te struikelen. De schilderijen en ingelijste tekeningen staan rijen dik tegen de wanden gestapeld, die verlicht worden door designlampen, die weer boven designtafeltjes hangen, waar een designvaas op staat. Marleen: “Ik wilde eerst alles helemaal opgeruimd en strak hebben, maar toen merkte ik dat mensen dit veel toegankelijker vinden. Met alles netjes aan de wanden, dachten mensen al gauw: ‘dat is vast heel duur.’ De stapels kunstwerken zijn inmiddels ook een beetje het handelsmerk van OODE geworden.” En stapels zijn het: je vindt in deze galerie honderden werken, die allemaal verrassend betaalbaar zijn. Je kunt een litho voor twee tientjes kopen en een schilderij of stuk design voor een paar honderd euro.

Processed with VSCO with f2 preset
Een piepklein stukje van Galerie OODE in Amsterdam

Bij OODE is het motto om kunst heel toegankelijk te maken (yaaasss girl), door bijvoorbeeld de prijzen zo laag te houden. Unieke items verdwijnen dan niet in een depot, maar krijgen de plek die ze verdienen, bij iemand thuis. Om het vervolgens nog eens schattiger te maken dan een dozijn kittens verkleed als een dozijn puppy’s: je krijgt een officieel adoptieformulier bij je kunstwerk. Maar het zijn niet allemaal oldies but goodies bij OODE: de “tweedehandsjes” worden gecureerd met hedendaagse kunst en design van veelal jonge kunstenaars en ontwerpers. Marleen: “De weeskunst krijgt hierdoor een moderne opwaardering, een eigentijdse context, en de jonge productontwerper of kunstenaar krijgt een platform voor zijn/haar werk.” Naast ieder werk in de galerie hangt dan ook een label met de bijbehorende categorie: Orphaned Art, Contemporary Art of Design.

Hoewel de kunst bij OODE verweesd is, voel ik me echter geen moment zo wanneer ik de galerie betreed. Marleen en haar staf laten me rustig door de kunst browsen en iedereen kan er ook terecht voor advies: geen vraag is te gek. Speciaal voor De Kunstmeisjes nam Marleen me mee langs drie favoriete stukken die ze nog niet zo lang in de galerie heeft (en heeft mijn creditcard een gat in mijn jaszak gebrand).

nieuwsbrief 3.jpg

ORPHANED ART
Loes Dijkman, Textielobject zonder titel uit 1991, helemaal links op de foto.

Marleen: “Dit werk komt oorspronkelijk uit de Collectie Rotterdam. De originele prijs was 1349 euro, maar hier verkopen we het voor 325. Het is een houten paneel dat bestaat uit twee delen, die bekleed zijn met blauw velours/fluweel. Het ene paneel is iets lichter dan het ander en het werk is een beetje asymmetrisch. Fluweel zie je vaak in klassieke, weelderige interieurs. Hier zie je fluweel in een heel abstracte vormgeving, dat vind ik spannend. Het werk nodigt echt om aangeraakt te worden, wat ook zeker mag hier in de galerie. Als je dat doet, zie je dat het kunstwerk steeds een beetje verandert van kleur, van gedaante. We kennen het verhaal erachter niet, behalve dus dat het werk uit de Collectie Rotterdam komt.“

insta foto 1

CONTEMPORARY ART & DESIGN
Foto door Sander van der Veen en bank van Martin Visser

Marleen: “Deze foto is van Sander van der Veen, getiteld Amy, naar het model. Hij werkte voor dit project samen met make-up artist Nilgun Canbaz. Momenteel hangen er twee van zijn foto’s bij OODE. Ik vind zijn werk intrigerend, omdat het niet directe portretten zijn, maar zijn werk wel echt in your face is en een beetje sinister oogt. Het is heel anders dan de weeskunst die hier te zien is; fotografie komen we maar zelden tegen in het depot. Het werk is wel een van de duurdere stukken hier: 1290 euro. Eronder staat een slaapbank van Martin Visser.  Hier speel ik eigenlijk een beetje vals mee: het is geen hedendaags design, maar een vintage Dutch design object uit de jaren 60. We hebben het gekocht om de galerie een wat huiselijke uitstraling te geven: bezoekers mogen er op zitten en naar onze stapel kunst kijken aan de overkant, even alle indrukken in zich op laten nemen, een koffie nemen. Hij is in principe te koop, maar wat mij betreft mag hij voor altijd blijven.”

 

Nieuwsgierig of hebberig geworden? Neem een kijkje in de keuken van OODE via het Instagramaccount. Meer zin om online te shoppen? Veel werken die in de galerie staan,  vind je ook in de webshop. Natuurlijk heeft OODE ook een website: http://www.oode.nl/ en kun je dinsdag tot en met donderdag op de koffie bij Marleen tussen 12:00 en 18:00 uur.

De Kunstmeisjes Summer Special: Juli 2017

SPECIALS 3 juli 2017

Zonovergoten dagen, luieren aan het water of een glas wijn nippen op een gezellig terras, terwijl de zon nooit ondergaat en het onophoudelijk 25 graden is. Heerlijk nietwaar? Jammer genoeg hebben we hooguit tien van zulke dagen per jaar in Nederland en moet je de rest van de zomer ook nog zien in te vullen. Ons antwoord op dit vraagstuk (en eigenlijk op elk vraagstuk): KUNST! Deze maand tippen we vier tentoonstellingen – voor elke week één – waarbij we je op pad door Nederland sturen. Roadtrip!

Processed with VSCO with f2 preset
Kunstmeisje Renee bij een van de Rifts van Richard Serra in Museum Boijmans van Beuningen.

ROTTERDAM |  Richard Serra in Museum Boijmans van Beuningen

Wie Richard Serra zegt, denkt meestal aan zijn mega populaire sculpturen. De stalen labyrinten in onder andere Dia:Beacon in New York en Museum Voorlinden in Wassenaar geven je het idee dat je even Alice in Wonderland bent, die zich een weg door het doolhof baant. Het is spannend, een beetje claustrofobisch en tegelijkertijd voel je je even helemaal één met een kunstwerk. Maar Serra heeft nog veel meer gemaakt. Zo heeft hij zich de afgelopen jaren gestort op tekeningen. In vergelijking met de metershoge stalen constructies klinken tekeningen wel erg saai, maar in Museum Boijmans van Beuningen zie je al snel dat wanneer Serra een tekening maakt, het niet zomaar een tekening is.

Heads up: de eerste paar zalen van de tentoonstelling laten relatief kleine tekeningen zien, die gegroepeerd zijn opgehangen. Ze zijn mooi, abstract en in grijstinten, maar ook vrij eentonig. Na twee series hebben we het wel gezien en denken wij: is dit het? Tot we om de hoek verder lopen en plots voor de Rifts (2011-2017) staan: metersgrote zwarte vlakken, onderbroken door witte “scheuren”. Van een afstand indrukwekkend, pas echt mindblowing als je dichtbij gaat staan. Serra heeft namelijk met een verfroller lagen inkt aangebracht. Wat je uiteindelijk ziet is een soort maanlandschap van lagen inkt waar je het liefst even met je vingertoppen overheen zou glijden. Waar Serra met zijn stalen labyrinten een nieuwe vorm gaf aan sculpturen, doet hij dit nu met tekeningen. Vergeet degelijke lijntjes op lieflijk formaat en kom maar op met dikke lagen van monumentale grootte!

Hoe lang doe je er over? | 20 min.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

De tentoonstelling ‘Richard Serra. Drawings 2015-2017’ is t/m 24 september 2017 te zien. Meer informatie: http://www.boijmans.nl/nl/7/kalender/calendaritem/2160/richard-serra#kRWgGs3AEy5E7buO.97

BONUS: Als je toch in de buurt bent | Wist je dat het Boijmans de inrichting van het museum af en toe HELEMAAL omgooit? Dat hebben ze nu dus gedaan: kunstenaar Carel Blotkamp (of ‘de bedazzler’ zoals wij hem noemen) heeft 500 kunstwerken uit de museumcollectie gekozen. Niet te missen: Mark Rothko, Anselm Kiefer, Paul Cezanne and many many more. En vergeet niet dat er beneden in het Boijmans al 40 jaar (!) een ruimtelijk kunstwerk van Serra staat!


RP-F-BR-1999-3 RP-F-2016-146-1
Links: George Hendrik Breitner, Marie Jordan naakt op de rug gezien, ca. 1890, Rijksmuseum | Rechts: Antonio Cavilla, Portret van een Noord-Afrikaanse man, ca. 1880, Rijksmuseum.

AMSTERDAM | 19de-eeuwse fotografie in het Rijksmuseum

Het is nog maar 178 jaar geleden dat de fotografie werd uitgevonden. Kun je je voorstellen dat in de 199.822 jaar van het bestaan van de mens die daaraan vooraf ging (zo ongeveer), men simpelweg vaak geen idee had van hoe verre landen en hun bewoners eruit zagen, ze zichzelf en hun dierbaren niet konden laten vereeuwigen als ze geen geld hadden voor een duur schildersportret, niemand zich druk maakte om zijn selfies en je bovendien nergens geconfronteerd werd met reclames? In onze huidige beeldcultuur is het moeilijk voor te stellen, maar foto’s waren ooit nieuw, vreemd en magisch realistisch. Het Rijksmuseum toont aan de hand van 300 foto’s uit eigen collectie een groots overzicht van de baanbrekende toepassingen van fotografie direct na haar uitvinding in 1839.

Als je denkt dat Facebook een unicum is van onze generatie, think again. Vanaf eind jaren 1850, toen de techniek van de fotografie verbeterd was en de albuminedruk werd geïntroduceerd, kwamen cartes-de-visite in omloop: kleine portretfoto’s op kartonnen kaartjes met een vaste afmeting. Een carte-de-visite met een foto van jezelf kon je aan vrienden en familie geven, ze werden dan ook vaak verzameld in speciale insteekalbums. Ook kaartjes met foto’s van celebs, gekoloniseerde, ‘exotische’ volkeren, monumenten en landmarks waren in omloop – “spaar ze allemaal!” De carte-de-visite is één van de bijzondere toepassingen van fotografie in de 19de eeuw die in het Rijksmuseum te vinden is, die een nieuwe weergave van de werkelijkheid betekende. Maar denk ook aan reisfoto’s en stadsgezichten, naakten (porno was verboden maar “esthetisch naakt” à la in de schilderkunst mocht wel), de eerste amateurkiekjes van onze privésferen, de eerste reclamefoto’s en een variatie aan toepassingen van fotografie in de wetenschap. Hoe bizar moet de aanblik van de eerste röntgenfoto geweest zijn, waarmee men door de huid heen kon kijken. Het is één en al verwondering in de tentoonstelling New Realities, die je opnieuw leert kijken naar hoe onze beeldcultuur begonnen is.

Hoe lang doe je er over? | minimaal 45 min., maar trek hier gerust een uur of langer voor uit!

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

De tentoonstelling ‘New Realities. Fotografie in de 19de eeuw.’ is t/m 17 september 2017 te zien. Meer informatie: https://www.rijksmuseum.nl/nl/new-realities

BONUS: Als je toch in de buurt bent | …wandel dan ook nog even door de tuin van het Rijksmuseum. Alsof het 3D-uitvoeringen zijn van tekeningen, zie je daar de sculpturen van de Franse kunstenaar Jean Dubuffet (1901-1985). Dierlijke en menselijke figuren worden uitgedrukt in zwarte lijnen die de contouren aangeven, maar ingevuld door witte, blauwe of rode vlakken. Deze gekke figuren zetten zich voort in de grote hal van het museum, waar ze als wolkjes in de lucht zweven.


1496844793793-foto-credit-Berndnaut-Smilde-Nimbus-DEGROEN-2017-C-Type-print-op-aluminium-125-x-166-cm-Collectie-DE
Berndnaut Smilde, Nimbus, 2017, Collectie de Groen.

ARNHEM | De kunstenaar die wolken maakt in Collectie de Groen

In centrum Arnhem, in de frituurwalmen van de Burger King en pal naast kledingkiloknaller H&M is een nieuw privémuseum geopend: Collectie de Groen. Het verhaal erachter is net zo leuk als de locatie obscuur is: Marjolein de Groen, zelf kunstenares, erfde een flinke smak geld en besloot een museum te openen. Zo makkelijk kan het dus gaan. Mits je die berg geld hebt natuurlijk. Samen met haar man Peter Jordaan kocht ze een 100 jaar oud pand in art nouveau-stijl, waar elke drie maanden op de begane grond en in het souterrain exposities te zien zullen zijn. De bovenste twee verdiepingen van het gebouw zijn gevuld met kunst uit hun privécollectie. Die kun je echter alleen op afspraak bekijken (vrijdag-zondag, reserveren via collectiedegroen.nl) – zeker de moeite waard, want dan krijg je een exclusieve rondleiding van de verzamelaars zelf!

Geen zin om te wachten? Je kunt van woensdag tot en met zondag (11:00-18:00 uur) gewoon binnenlopen voor de tijdelijke tentoonstellingen. Nu te zien: When All The World Is Green van Berndnaut Smilde. Misschien heb je zijn werk al eens gezien: hij is de wolkenman, de kunstenaar die echte wolken maakt in mooie kamers en deze fotografeert, zoals hij in dit filmpje uitlegt. Nu heeft de Nederlandse Smilde (geboren in Groningen in 1978) ook in Collectie de Groen een wolkje losgelaten (de afbeelding hierboven). Deze is inmiddels helaas verdampt, maar in de expositie zie je wel de foto die hij ervan heeft gemaakt, samen met een hele rits andere kunstwerken.

Hoe lang doe je er over? | minimaal 60 min.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

De tentoonstelling ‘Berndnaut Smilde – When all the world is green’ is t/m 13 augustus 2017 te zien. Meer informatie: http://www.collectiedegroen.nl/

BONUS: Als je toch in de buurt bent | Pak de auto, bus, elektrische fiets of boek een Uber en ga naar het Kröller-Muller Museum, niet zo ver van Arnhem vandaan en midden in de Veluwe. Het is een van onze favoriete musea, met een prachtige collectie moderne en hedendaagse kunst, van Vincent van Gogh tot Giacometti en met een van de grootste beeldentuinen in Europa.


RG_Smoke-Break-2-Drywaller_600px
Rodney Graham, Smoke Break 2 (Drywaller) | 2012 Courtesy the artist and Hauser & Wirth

WASSENAAR | Lachen om lichtbakken in Museum Voorlinden

De Canadese kunstenaar Rodney Graham (1949) kan leven van zijn kunst, maar stel dat dat niet zo was geweest? Wat was hij dan geworden? Met dit idee in gedachten is Graham in de huid van verschillende personages gekropen: een antiquair, een detective, een klusjesman, een vuurtorenwachter. De expositie laat bijna alleen maar lichtbakken zien, en ja, dat is precies wat je denkt: een bak met licht waar je bijvoorbeeld een foto voor kan plakken. We kennen ze vooral van reclameposters in donkere metrostations en langs snelwegen, maar deze bakken worden dus ook zeker voor kunst gebruikt. Het licht van de bakken trekt ons dichter naar de kunstwerken toe, laat ons beter kijken en verdeelt onze aandacht in duizend stukjes. Dit laatste vooral door Graham zelf, wiens foto’s je voor de gek houden en hun geheimen (en humor!) pas blootgeven als je langer blijft staan.

Zodra je voor een foto van Graham staat, valt je op dat alle kleine onderdeeltjes nét niet kloppen. Als we even naar Antiquarian Sleeping in His Shop kijken, lijkt het gewoon een mooie foto vol details en een gemoedelijke sfeer te zijn. Maar dan kijk je nog een keer en zie je dat letterlijk elk deel van deze foto vol in de schijnwerpers staat: elk boek op de plank rechts, ieder snuisterijtje links op het tafeltje. Dat kan natuurlijk niet, en ons oog wordt gek: door middel van licht zie je in een kunstwerk doorgaans wat belangrijk is (dat staat in de “spotlight”), maar hier is alles belangrijk! Als we vervolgens horen dat elke foto eigenlijk een collage is van soms wel 2000 foto’s, zijn we al helemaal mindblown. Graham maakt foto na foto na foto en rijgt vervolgens alle losse stukjes schijnbaar naadloos aan elkaar (maar soms toch nét niet, wat dan weer best grappig is). Verder zitten zijn werken vol symbolische verwijzen naar de (kunst)geschiedenis) en heeft Graham een droog, subtiel gevoel voor humor waardoor wij bij elk werk even staan te gniffelen om alle typetjes die hij uitbeeldt.

Hoe lang doe je er over? | 30-60 min.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

De tentoonstelling ‘Rodney Graham – That’s Not Me’ is t/m 17 september 2017 te zien. Meer informatie: http://www.voorlinden.nl/tentoonstelling/verwachtrodney-graham-thats-not/

BONUS: Als je toch in de buurt bent | Museum Voorlinden ligt op haar eigen landgoed, dus het is wel een uitje om er te komen. Gelukkig krijg je dan ook echt waar voor je geld. Blijf vooral een halve dag in het museum – loop door de crazy mooie vaste collectie (met het werk van Serra dat we eerder noemden) of neem een kijkje naar de tweede expositie die nu te zien is: De Tussentijd. Wij zijn al geweest en vonden er dit van.


 

GO | NO GO #74: Een kunstproeverij bij Caroline O’Breen

GO | NO GO 29 juni 2017

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer: de groepstentoonstelling ‘Suspension of Disbelief’ in Galerie Caroline O’Breen.

Ook galeries krijgen soms een Extreme Home Makeover: zo heet Seelevel Gallery sinds kort Galerie Caroline O’Breen. Niet geheel shocking is de galerie vernoemd naar de eigenaresse, wat een heel bewuste keuze was. Caroline: “Ik wil een andere uitstraling voor mijn galerie, veel toegankelijker en persoonlijker. Doordat de galerie mijn naam draagt, is het geen afstandelijk en anoniem instituut. Ik vertegenwoordig mijn kunstenaars, sta honderd procent achter ze. Dat gevoel wil ik kunstkopers ook geven: dat ze persoonlijke aandacht krijgen.” Wij voelen de persoonlijke vibe in ieder geval, want met één telefoontje mochten we na sluitingstijd nog even langskomen (“geen probleem!”) om de nieuwe tentoonstelling Suspension of Disbelief te bekijken.

De titel van de expositie is een verwijzing naar wat de negentiende-eeuwse filosoof Samuel Taylor Coleridge schreef over het lezen van boeken: de bereidheid om je kritische kant even te laten varen en zelfs het ongeloofwaardige te geloven, puur om ergens van te kunnen genieten. Als het gaat om fotografie – en dat is wat je in deze galerie ziet – betekent suspension of disbelief dat je als kijker even vergeet wat normaliter van een foto wordt verwacht: dat het de werkelijkheid objectief laat zien. Dat hoeft dus niet meer. Een foto mag ook bewerkt zijn, je bedriegen, de werkelijkheid mooier of lelijker weergeven, enzovoorts, puur voor jouw genot. Want ook dat is kunst. Deze tentoonstelling toont twintig foto’s van twintig fotografen die vanuit die instelling werken: de verschillende mogelijkheden van fotografie onderzoeken en onze ogen en geest openen voor al het (on)geloofwaardige.

Maarten-van-Schaik-_courtesy-Galerie-Caroline-OBreen-1629x1080
Maarten van Schaik, ‘Anonymous Contact #17, Lanzarote’, 2017.

+ | Ter gelegenheid van de heropening (of rebranding) van de galerie heeft Caroline O’Breen besloten een soort showcase te organiseren van twintig fotografen die zij vertegenwoordigt. Beginners opgelet: dit is de perfecte gelegenheid om te kijken wat je mooi vindt, je krijgt namelijk een kleine kunstproeverij. Misschien houd je van hedendaagse kunst die verwijst naar oude kunst? Dan is het werk van Laurence Aëgerter wellicht wat voor jou. Of ben je meer van de intieme en indringende portretten? Blijf dan even langer staan bij Bertien van Manen. Houd je van melancholisch en donker? Dan is Satijn Panyigay your girl. Om een lang verhaal kort te maken: ga zelf maar kijken en kies je favorieten.

± | Niet alleen heeft de galerie een nieuwe naam, ze is ook verhuisd naar een van de liefste straatjes van Amsterdam: de Sint Nicolaasstraat, twee straten achter de Dam. Nu klinkt ‘twee straten achter de Dam’ als een naar urine, heroïnenaalden en schaamte ruikende nachtmerrie, maar niets is minder waar. De galerie zit recht tegenover een van de leukste restaurants van Amsterdam: Kaagman en Kortekaas. Met zulke buren is de sfeer altijd goed (en weet jij meteen waar je na je bezoek gaat eten). De galerie zelf is kleiner dan een schoenendoos voor peutersandalen, maar dat onderstreept het persoonlijke en intieme wat Caroline wil uitstralen des te meer. Let wel op: de openingstijden zijn beperkt: donderdag, vrijdag en zaterdag van 12:00 tot 17:00 uur. Mocht je nu per sé op een andere dag langs willen komen, mag je wel altijd een afspraak maken.

Hoe lang doe je er over? | 15 min.   

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Nu we het toch over kunstproeverijen hebben, Caroline O’Breen staat in september op de ultieme kunstproeverij wat fotografie betreft: UNSEEN, dé fotografiebeurs van Nederland. We weten ook al welke fotografen Caroline heeft geselecteerd om te tonen: Laurence Aëgerter, Ola Lanko en Marjolein Blom. Heb je ook zin in wat voorpret voor UNSEEN? Check hier de website inclusief een lijst met alle deelnemende fotografen.


De tentoonstelling ‘Suspension of Disbelief’ is t/m 22 juli 2017 te zien bij Galerie Caroline O’Breen. Meer informatie: http://carolineobreen.com/exhibitions/current/

Coverbeeld: Bertien van Manen, ‘Ola Lanko, Exercise #2′, 2012.

 

GO | NO GO #73: You Are Me. I Am You.

GO | NO GO 27 juni 2017

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Ditmaal de tentoonstelling: ‘I Am You. Selected works 1942-1978’ van fotograaf Gordon Parks in Foam.

Foam knalt er tentoonstellingen uit in het tempo waarin een goed bezochte lunchzaak broodjes verkoopt rond 1 uur ‘s middags. Sinds vorige week heeft het hippe fotografiemuseum dan ook weer een aantal nieuwe expo’s te zien, waaronder I Am You van de Amerikaanse fotograaf Gordon Parks (1912-2006). Parks is vooral bekend geworden als degene die het minder bedeelde Amerika een gezicht heeft gegeven met zijn camera (zijn ‘weapon of choice’). Hij wilde de keerzijde van The American Dream laten zien: racisme, onderdrukking, geweld, ongelijkheid, rassenscheiding en criminaliteit.


Gordon Parks, ‘The Invisible Man’, Harlem, New York, 1952 © Gordon Parks, Courtesy en copyright The Gordon Parks Foundation, via Foam. 

Parks begon zijn loopbaan bij de Farm Security Administration, een overheidsproject om de armoede te bestrijden op het platteland van de Verenigde Staten. Als lid van de redactie, was het Parks’ taak om de armoede vast te leggen, samen met andere beroemde fotografen als Dorothea Lange en Walker Evans. Zijn talent en oog voor wat er speelt in de maatschappij bezorgde hem een baan bij het legendarische tijdschrift Life Magazine, als eerste Afrikaans-Amerikaanse fotograaf ooit. Daar maakte hij bijvoorbeeld de beroemde serie ‘Harlem Gang Leader’, waarvoor hij een maand met de 17-jarige bendeleider Red Jackson optrok. Ook vergaarde Parks faam met zijn foto’s van iconische Afrikaans-Amerikaanse leiders als Malcolm X en Martin Luther King. Maar Parks hield het niet alleen bij maatschappelijk betrokken foto’s en het verbeelden van de zwarte bevolking in Amerika; hij maakte daarnaast gelikte modefoto’s en ook nog twee films (Shaft en The Learning Tree). De tentoonstelling bij Foam geeft een overzicht van de grote thema’s in Parks’ (net zo grote) oeuvre, samen met fragmenten uit zijn films.

± | Laten we maar met de deur in huis vallen: deze tentoonstelling bevat aardig wat tekst. Bij binnenkomst schrokken we al enigszins van de wandtekst die van plafond tot vloer reikt, maar per thema vind je nog meer teksten. Hierdoor is dit misschien een expositie die je het best solo kunt bezoeken. Je kunt dan lekker op je eigen tempo de teksten lezen en de foto’s bekijken, zonder snelle of ongeduldige vrienden die al lang klaar zijn en jou vervolgens peer pressuren om op te schieten. Een beeld zegt meer dan duizend woorden , maar in dit geval zijn de verhalen erbij te interessant om doorheen te racen. Neem dus vooral de tijd!

+ | Wellicht ben je – net als wij – nog niet zo bekend met het oeuvre van deze geweldige fotograaf. Dankzij deze expo, en wat lees-investering van jezelf, ben je dat straks wel. De expositie is heel rechttoe-rechtaan: de foto’s hangen bijna allemaal op één lijn en er is weinig poespas, alles draait om de beelden. Op het eerste gezicht oogt dat misschien een beetje saai, maar de foto’s zelf zijn dan allerminst. Parks wist namelijk als geen ander een boodschap over te dragen. Neem bijvoorbeeld zijn foto van een gezin dat zo arm is, dat de jongste zoon het pleister van de muren af eet. Parks laat je deze vreselijke werkelijkheid van armoede tot in je tenen voelen, en daar is geen omringende poespas voor nodig.

Hoe lang doe je er over? | 45 min.   

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Er ligt een prachtig boekx in de Foam-winkel: 288 pagina’s ruim met 200 beelden, waardoor je nog meer te weten komt over deze geweldige fotograaf. Het boek kost € 38,- en je kunt hier alvast een voorproefje krijgen van de inhoud.


De tentoonstelling ‘Gordon Parks – I Am You. Selected works 1942-1978’ is nog t/m 6 september 2017 te zien in Foam. Meer informatie: https://www.foam.org/nl/museum/programma/gordon-parks

coverbeeld: Gordon Parks, ‘Department Store’, Mobile, Alabama, 1956 © Gordon Parks, Courtesy en copyright The Gordon Parks Foundation, via Foam. 

GO | NO GO #72: Een grachtenpand vol daklozen

GO | NO GO 15 juni 2017

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer: ‘Andres Serrano – Revealing Reality’ in Huis Marseille.

Terwijl onze stappen weergalmen door de weldadige gangen met marmeren vloeren in Huis Marseille, staan we zaal na zaal oog in oog met de daklozen in de foto’s van Andres Serrano (New York, 1950). In de ogen van de een zie je trots die met alle macht bewaakt wordt, op het gezicht van een ander een grote glimlach, speciaal voor de foto, een derde kijkt gewoon vooruit. Verder niets. Andres Serrano toont deze mensen precies zoals ze zijn, zonder te oordelen en zonder een specifieke boodschap uit te willen dragen.

Het begon allemaal in 2005 met de serie Nomads: de fotograaf realiseerde zich dat daklozen nooit op de foto gaan gewoon om een portret van zichzelf te hebben. Waar wij minstens één paspoortfoto hebben (waar we waarschijnlijk twee tot vijf jaar over klagen tot we ons weer zorgen gaan maken over de volgende) en tientallen selfies op social media, worden bewoners van metrostations en parkbankjes meestal alleen op beeld gevangen als ze in het nieuws komen. Een heel scala aan ervaringen gaat aan hen voorbij: jezelf zien veranderen door de jaren heen, je persoonlijkheid terugzien in een foto, jaren later lachen om een kapsel dat je destijds had. Serrano besloot een fotostudio neer te zetten in metrostations in New York en de ‘nomaden’ van deze metropool eindelijk eens vast te leggen. In 2014 volgde zijn project Residents of New York, dat als doel had om bewoners van New York (door middel van posters in heel de stad) ervan bewust te maken dat de daklozen die de meesten heel bewust negeren ook gewoon mensen zijn. Dit was zo’n succes dat hij in 2015 gevraagd werd om de daklozen van Brussel te fotograferen, wat resulteerde in zijn serie Denizens.

image4 (2)Installatiefoto ‘Andres Serrano – Revealing Reality’ (serie Nomads) in Huis Marseille. 

Hoewel de tentoonstelling Revealing Reality begint en eindigt met Serrano’s portretten van daklozen, zie je in Huis Marseille een veelzijdig overzicht van zijn werk. De fotograaf begon namelijk met abstracte fotografie waarin lichaamssappen (yes, je leest het goed) centraal staan, ging moeiteloos over op religieuze thema’s, sprong vervolgens in het vliegtuig naar Cuba om daar de authentieke bevolking en cultuur vast te leggen, en schoot daarna met evenveel aandacht een indringende serie over marteling. Kortom, Serrano kan alles en Huis Marseille neemt je mee op een wandeling door zijn werk van de afgelopen dertig jaar.

+ | Van alle series maken de foto’s van daklozen de meeste indruk. Het overweldigende besef dat deze mensen inderdaad nooit gefotografeerd worden, raakt ons bijna fysiek. Als pics or it didn’t happen het motto van onze Instagram-generatie is, wat betekenen de levens van deze mensen dan voor ons? Ze worden genegeerd, gevreesd, of nog erger: we staan niet eens bij ze stil. De foto’s laten zich moeilijk beschrijven zonder over te komen als een ‘het houdt niet op, niet vanzelf’-reclame, druipend van sentimentaliteit. Je moet ze echt met eigen ogen zien om te voelen wat een indruk ze maken, voornamelijk doordat ze er gewoon ‘zijn’. Serrano zegt verder niets, probeert ons niet te overtuigen om morgen twee daklozen in huis te nemen of ons schuldig te moeten voelen over ons eigen comfort, bekritiseert evenmin de politiek of maatschappelijke instanties. Hij laat de mensen gewoon zien, erkent hun bestaan, en precies deze simpliciteit werkt ontwapenend. Hetzelfde geldt voor de wand met kartonnen bordjes, uit de privécollectie van Serrano. Deze kartonnen bordjes die de daklozen op straat vasthouden om wat geld te krijgen, zijn door Serrano voor 20 dollar per stuk opgekocht en laten de verschillende emoties, argumenten en smeekbedes van de daklozen zien. Net als in het geval van de foto’s velt Serrano geen oordeel en draagt hij geen boodschap uit – hij laat simpelweg de stem horen bij de gezichten die we van zijn foto’s kennen.

image3 (2)Installatiefoto ‘Andres Serrano – Revealing Reality’ (persoonlijke collectie Serrano) in Huis Marseille.

+ | De tentoonstelling zelf is bijzonder mooi ingericht: de foto’s zelf zijn groot en krijgen gelukkig veel ademruimte. Soms zie je dat musea zo veel willen tonen, dat je bijna over de kunstwerken struikelt en halverwege al helemaal uitgeput bent door al het aandachtig kijken. Dat had makkelijk gekund met Andres Serrano, die een groot oeuvre heeft. Gelukkig dacht Huis Marseille less is more en krijgen wij een beetje van alles te zien. Precies genoeg om je een impressie van zijn werk te geven en je nog nieuwsgieriger te maken. Zoals we van Huis Marseille gewend zijn, hangt er bij elke zaal zo’n anderhalve meter aan tekst met informatie. Waar we bij eerdere exposities een beetje moe werden van deze mini-essays, komen ze deze keer – met foto’s uit verschillende series en tijdsperiodes – goed van pas. Wil je je alvast een beetje inlezen? Het museum is op zijn website net zo scheutig met woorden als in de expositie zelf.

Hoe lang doe je er over? | 30 – 45 min.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | The Guardian vroeg Andres Serrano om uit zijn eigen foto’s zijn lievelingswerk te kiezen (love your style, The Guardian). Hier zie je welke foto Serrano heeft gekozen en lees je wat hij verder te zeggen heeft over zijn werk, zoals: “It’s all fantasy, my own creative reality. The best way to describe it is in terms of Superman. In Superman’s world there’s another universe known as Bizarro World, where everything is opposite: Superman is not good, he’s ugly, it’s all backwards. Bizarro World is a place I need to go to sometimes.


De tentoonstelling ‘Andres Serrano – Revealing Reality’is t/m 3 september 2017 te zien in Huis Marseille. Meer informatie: https://www.huismarseille.nl/tentoonstelling/andres-serrano/

Coverbeeld: Installatiefoto ‘Andres Serrano – Revealing Reality’, beeld: Andres Serrano, Ahmed Osoble, 2015 (serie Denizens) © Andres Serrano, foto door De Kunstmeisjes.

GO | NO GO #71: Ode aan de kampioen: Rineke Dijkstra

GO | NO GO 15 juni 2017

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer: ‘Rineke Dijkstra: een ode’ in het Stedelijk Museum Amsterdam.

Als kunst een sport zou zijn, dan verdedigt Rineke Dijkstra al jaren onze landstitel in de fotografie. Afgelopen maart werd bekend dat ze nu ook wereldkampioen is geworden: op 9 oktober wordt Dijkstra in Zweden onderscheiden met de Hasselblad Award, ‘s werelds meest prestigieuze prijs op het gebied van fotografie. De prijs bedraagt een geldbedrag van SEK 1.000.000 (ongeveer €100.000) én – jawel – een gouden medaille. Ter ere van deze prestatie heeft het Stedelijk Museum een rits aan werken van Dijkstra uit het depot getrokken met foto- en videowerk van 1994 tot nu. Naast werk uit eigen collectie bevat de tentoonstelling ook een primeur: drie werken waren nog niet eerder in Nederland te zien.

Rineke Dijkstra staat vooral bekend als portretfotograaf. Haar portretten, veelal van kwetsbare jongvolwassenen, ogen nauwelijks geposeerd en toevallig. Toch vergen haar foto’s veel tijd en aandacht: met haar grote analoge camera (een 4×5 inch technische camera), waar steeds nieuwe negatieven in gestoken moeten worden, moet de persoon voor de camera zich concentreren en niet teveel bewegen, en ziet de fotografe haar onderwerp op zijn kop. Hoewel dat onhandig klinkt, levert dit proces haarscherpe, monumentale beelden op. Juist in de tijd dat het model wacht tot de fotografe zo ver is om de foto te maken, weet Dijkstra steeds weer juist die terloopse momenten te vangen, waarin de geportretteerde zich even ontspant en de voorgenomen pose loslaat.

Rineke Dijkstra_Vondelpark, Amsterdam, 10 juni 2005_original
Rineke Dijkstra, ‘Vondelpark, Amsterdam’, 10 juni 2005. Foto via Stedelijk Museum Amsterdam.

+ | Hollandse nuchterheid zit diep in Dijkstra’s stijl geworteld. Of ze nu beroemdheden of pubers in het Vondelpark fotografeert: glamour komt er nooit bij kijken. Iedere persoon is net zo doodgewoon als jijzelf, en juist bijzonder omdat Dijkstra ze heeft vastgelegd. Wij vroegen ons dan ook de hele tijd af: waar heeft ze deze persoon gevonden en hoe kwam ze erop om hem of haar te portretteren? Het blijft regelmatig namelijk niet bij één keer; vaak portretteert ze dezelfde persoon na een paar jaar weer. Zo fotografeerde ze in 2000 Olivier Silva, een nieuwsgierige, maar schuchtere 17-jarige jongen die zich op dat moment bij het Franse Vreemdelingenlegioen aansloot. In de drie jaar die daarop volgden, fotografeerde Dijkstra de jonge soldaat nog zes keer. Langzaam maar zeker zien we Olivier volwassen worden: in de laatste foto, uit 2003, is hij zijn onschuld verloren en kijkt hij als een zelfverzekerde man ernstig de lens in.

e5326039f850f8b360ca51e7338cb2b2 648e928922dadba929c8e94115fa67bf
Links: Olivier, Quartier Vienot, Marseille, France, July 21, 2000 © Rineke Dijkstra
Rechts: Rineke Dijkstra. Olivier, The French Foreign Legion, Quartier Monclair, Djibouti © Rineke Dijkstra, Beide foto’s via De Hallen Haarlem.

+ | Je bent vast nog niet vergeten dat in je pubertijd extreme zelfverzekerdheid binnen no time plaats kon maken voor kwetsbare onzekerheid. Zelfvertrouwen komt met de jaren, of met een paar slokken bier op. Dit heeft Rineke Dijkstra op een wonderbaarlijk eenvoudige manier bijzonder sterk weten vast te leggen in haar videowerk  The Buzz Club, Liverpool, UK / Mystery World, Zaandam, NL (1996-1997). Via twee kanalen zien we steeds een jonge feestganger voor een witte achtergrond: de één staart ietwat stoned naar de camera, de ander hakt er lekker op los op de muziek. Naarmate de avond vordert worden de houdingen steeds zelfverzekerder, en is het alsof je kijkt naar een jongere versie van jezelf. Zo herkenbaar hoe je in die leeftijdsperiode jezelf probeert te vinden, uniek wilt zijn en gezien wilt worden, en tegelijkertijd het gedrag van anderen kopieert om erbij te horen. Dijkstra’s werk gaat daarom over veel meer dan een portret van een mens; eigenlijk portretteert ze gedragscodes en wat mensen tekent, op een avond of door de jaren heen.

08_4268
Video-installatie The Buzz Club, Liverpool, UK/Mystery World, Zaandam, NL, 1996–97 © Rineke Dijkstra Installation shot: Rineke Dijkstra: A Retrospective, Solomon R. Guggenheim Museum, June 29–October 8, 2012. Foto: David Heald © Solomon R. Guggenheim Foundation. Via designartnews.com.

– | Het moge duidelijk zijn: deze tentoonstelling is de moeite waard om het werk van deze photography champ te leren kennen, of er opnieuw van te genieten. Maar als we dan toch een minpuntje mogen noemen: waar was onze all-time favourite uit de Stedelijk collectie, Dijkstra’s beroemde portret van een Pools meisje op het strand, die ondanks haar slungelig bungelende ledematen met haar pose doet denken aan het beroemde schilderij Venus van Botticelli uit de Renaissance? Wellicht dat dit pareltje al als bruikleen gereserveerd was voor Museum De Pont in Tilburg, die in het voorjaar van 2018 een omvangrijk overzicht van Rineke Dijkstra’s oeuvre zal tonen. Het Stedelijk is even voorgepiept, maar met zoveel werken van Dijkstra in de collectie is dat het museum’s goed recht. Deze niet zo heel grote tentoonstelling met weliswaar intrigerende werken is een prima opwarmertje om komende lente met een getraind oog naar Tilburg af te reizen!

Hoe lang doe je er over? | 30 min. of langer, natuurlijk.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Stedelijk’s fotografieconservator Hripsimé Visser sprak een audiotour in: het is alsof je een privérondleiding krijgt. Haarfijn legt ze je uit wat de fotografie van Rineke zo bijzonder maakt.


De tentoonstelling ‘Rineke Dijkstra: een ode’ is t/m 6 augustus 2017 te zien in het Stedelijk Museum Amsterdam. Meer informatie: http://www.stedelijk.nl/tentoonstellingen/rineke-dijkstra-een-ode