Categorie: GO | NO GO

GO | NO GO #167: Is het kunst of kan het weg?

GO | NO GO 22 maart 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Afgelopen weekend bezochten we het Stedelijk Museum Schiedam, waar de tentoonstelling ‘Manzoni in Holland’ momenteel te zien is.

Piero Manzoni, die voluit eigenlijk Graaf Meroni Manzoni di Chiosca e Poggiolo heet, overleed in 1963 op 29-jarige leeftijd. Je kunt echter nog steeds een blikje gevuld met zijn poep kopen. Het is niet bepaald een smaakmakende binnenkomer, maar blijkt wel een mooie metafoor voor zijn letterlijke en figuurlijke nalatenschap. De Italiaanse kunstenaar zette eind jaren 50 en begin jaren 60 de kunstwereld op zijn kop met zijn ironische benadering van de kunstenaarspraktijk. Hij beplakte schilderijen met veren, blies ballonnetjes op en stelde ze vervolgens tentoon als ‘Fiato d’artista’ (adem van de kunstenaar), liet bezoekers op een sokkel staan waarna hij ze tot kunstwerk declareerde, en vulde blikjes met zijn eigen uitwerpselen die onder het mom van ‘Merda d’artista’ per 30 gram verkocht werden voor evenveel geld als de dagwaarde van 30 gram goud. Recentelijk bracht zo’n blikje een recordbedrag van 275.000 euro op tijdens een veiling, wat bewijst dat Manzoni’s knipoog-kritiek nog steeds van toepassing is: alles is kunst zodra iemand het als kunst verklaart, zelfs als het shit is.

SONY DSC
Piero Manzoni, ‘Merda d’Artista n. 63’, 1961. ® Fondazione Piero Manzoni, Milano, © Pictoright Amsterdam 2019, via Stedelijk Museum Schiedam.

Deze spraakmakende werken zie je allemaal terug in de tentoonstelling ‘Manzoni in Holland’, de eerste overzichtstentoonstelling van Piero Manzoni in Nederland sinds een halve eeuw. Naast een compleet overzicht van zijn oeuvre, van de vroege ‘Achromes’ (kleurloze schilderijen) tot en met zijn latere, meer conceptuele werk, maken we ook kennis met zijn inspiratiebronnen. Maar de tentoonstelling gaat nog verder; voor het eerst wordt hier het verhaal over zijn bijzondere relatie met Nederland verteld. Ook komen we het werk van latere kunstenaars tegen die in Manzoni’s voetsporen zijn getreden.

± | Ook al was hij stiekem van adel, Piero Manzoni was een self-made man. Hij sloeg de kunstacademie over en debuteerde op zijn 23ste met de “antropomorfische werken”: schilderijen waarop de silhouetten van alledaagse objecten, zoals bijvoorbeeld gereedschap, waren afgedrukt. Daarmee maakte hij meteen een duidelijk statement dat hij vond dat zijn kunst niet al te serieus genomen moest worden. In die tijd verruilde familievriend Lucio Fontana (1899-1968) het traditionele schildersgerei voor een mes waarmee hij vervolgens het doek bewerkte, een nogal revolutionaire zet binnen de kunstwereld. In Milaan maakte Manzoni ook kennis met de volledig blauwe werken van Yves Klein (1928-1968), wederom een compleet vernieuwende benadering van het schilderij. Bij binnenkomst vind je direct een paar voorbeelden van hun werk, waaronder Klein’s ‘Monochrome (IKB 100)’ (1956). Beide kunstenaars hebben veel invloed gehad op Manzoni; ze maakten de weg vrij voor een meer speelse omgang met kunst. Manzoni kwam daardoor op het idee om doeken in gipsklei te dopen en ze op een canvas te laten drogen waardoor er een onvoorspelbaar patroon ontstond. Hij noemde ze de ‘Achromes’: kleurloze schilderijen die als het ware zichzelf creëerden. Daarmee ging Manzoni nog een stapje verder dan zijn grote voorbeelden Fontana en Klein; hij daagde niet alleen de traditionele definitie van kunst uit, maar ook die van het kunstenaarschap. Deze werken zijn zo bepalend geweest voor zijn carrière dat er in de tentoonstelling een hele zaal mee vol is gehangen. Als bezoeker moet je je echter wel een beetje in dit verhaal verdiepen, anders sta je te midden van een wit geschilderde zaal met allemaal kleurloze, abstracte werken en stel je jezelf inderdaad de vraag: is dit nou kunst of het werk van een creatieve stukadoor?

Schermafbeelding 2019-03-16 om 08.52.36.png
Links: Piero Manzoni, 1961, Courtesy Fondazione Piero Manzoni, Milaan | Rechts: Piero Manzoni, ‘Base Magica, Scultura Vivente’, 1961. Collectie Fondazione Piero Manzoni, Milaan, ©Pictoright Amsterdam 2019,

In 1958 reist Manzoni af naar Rotterdam om deze werken tentoon te stellen in het Groothandelsgebouw. De reactie valt over het algemeen tegen, maar galeriehouder Hans Sonnenberg is wel onder de indruk en nodigt Manzoni uit om deel te worden van de Nederlandse Zero-groep (ook wel bekend als de Nul-beweging), een aftakking van de Europese ZERO-beweging die geënt was op het uitwissen van alle emotie en individuele expressie uit het kunstwerk. Voor Jan Schoonhoven (1914-1994), ook lid van de groep, was het neutraliserende wit van Manzoni een openbaring. Voor die tijd produceerde Schoonhoven geometrische reliëfs in grauwe kleuren (in de tentoonstelling hangt een voorbeeld uit 1958: ‘Construction détruite Abraham’). Nu herinneren we Schoonhoven bijna alleen nog maar om zijn “witte luikjes”, waarvan er hier overigens ook een exemplaar te vinden is.

Wim T. Schippers, Pindakaasvloer, 1962. Tentoonstelling Project & Object, Galerie Mickery, Loenersloot, 1969, Collectie Theater Instituut Nederland, Archief Mickery - ©Pictoright Amsterdam 2019.jpg
Wim T. Schippers, ‘Pindakaasvloer’, 1962. Tentoonstelling ‘Project & Object’, Galerie Mickery, Loenersloot, 1969, Collectie Theater Instituut Nederland, Archief Mickery – © Pictoright Amsterdam 2019.

+ | Manzoni wordt niet voor niets herinnerd als een van de meest avant-gardistische kunstenaars van zijn tijd. Terwijl zijn tijdgenoten nog druk bezig waren met het zoeken naar nieuwe variaties op het oude vertrouwde schilderij, dacht Manzoni al voorbij de materiële grenzen. In Milaan en Kopenhagen deelde hij gekookte eieren met daarop zijn vingerafdrukken uit aan bezoekers die ze vervolgens op aten en zo vereenzelvigd werden met het kunstwerk. Het voelt dan ook een klein beetje als cheating dat één van deze ‘Uova con Impronta’ de dans is ontsprongen en nu keurig in een kistje op display ligt in Schiedam. Maar Manzoni maakte het publiek graag onderdeel van het kunstwerk, zo ontwierp hij de ‘Base Magica’ (ook opgesteld in de tentoonstelling), een sokkel waarop iedereen plaats mag nemen en voor heel even een kunstwerk kan zijn. Deze out of the box omgang met de definitie van kunst brak de weg open voor de conceptuele kunst: een vorm van kunst waarbij het om het idee in plaats van de uitwerking draait. Een publiekstrekkertje uit deze expositie is dan ook niet voor niets de ‘Pindakaasvloer’ van Wim T. Schippers: een compleet zinloos concept dat het, juist om die reden, toch meermaals tot kunstwerk heeft geschopt. Schippers voerde het concept voor het eerst uit in 1969 en legde het speciaal voor deze tentoonstelling opnieuw aan. In tegenstelling tot het werk van Manzoni, mag je de pindakaas helaas niet aanraken (oplikken mag ook niet, we checked). Toch jammer voor het publiek dat van te voren in de krant heeft gelezen dat de tentoonstelling hen zou uitnodigen om “onderdeel” van de kunst te worden! Maar de expositie stelt ons alles behalve teleur: het laat voor het eerst duidelijk zien hoe groot Manzoni’s invloed is geweest, vooral in Nederland, en laat haar bezoekers tegelijkertijd ervaren hoe leuk kunst kan zijn! Het gaat er niet altijd om dat je begrijpt wat je ziet, maar dat je er ook anders van kunt gaan kijken.

Hoe lang doe je er over? | 45 minuten (plus een kwartier als je nog even op de ‘Base Magica’ gaat staan om je fifteen minutes of fame te claimen)

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | On another note, het Stedelijk Museum Schiedam organiseert sinds kort ‘Slow Art Zondagen’ op iedere eerste zondag van de maand. Samen met een museumdocent ga je op pad en neem je de tijd om een kunstwerk eens uitvoerig te bekijken, zo ontdek je vanalles en gaat het werk ineens veel meer voor je leven!


De tentoonstelling ‘Manzoni in Holland’ is nog t/m 2 juni 2019 te zien bij Stedelijk Museum Schiedam. Meer informatie: https://www.stedelijkmuseumschiedam.nl/tentoonstelling/manzoni-in-holland/

Tekst: Jolien Klitsie

Cover: Piero Manzoni, ‘Impronta’, 1960. Collectie Fondazione Piero Manzoni, © Pictoright Amsterdam 2019.

Advertenties

GO | NO GO #166: Op wandeltocht met kunstenaar Richard Long

GO | NO GO 19 maart 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Dit keer hiken we door de solo-tentoonstelling van Richard Long in De Pont in Tilburg.  

Als je midden in De Pont een berg stenen tegenkomt, is dat niet omdat er een verbouwing plaatsvindt. Het zijn kunstinstallaties van de Britse Richard Long, die je uitnodigt om je in te leven in zijn grootste hobby: lange wandeltochten maken. De kunstenaar gaat er niet alleen op uit om een frisse neus te halen; op de meest afgelegen plekken van de wereld, van de oneindige bossen in Canada tot moeilijk te beklimmen gebergten zoals de Atlas en de Himalaya, beult hij zichzelf dagenlang af om zijn eigen grenzen op te zoeken en te verleggen. Alsof dat niet genoeg is, creëert hij onderweg vanuit zijn kleine blauwe trekkerstentje grootse kunstwerken in de natuur. Met stenen, klei, leem, rotsen en andere materialen die hij tegenkomt, maakt hij sporen of markeringen. Long is de beroerdste niet: voor wie geen wandelschoenen in huis heeft, maakt de kunstenaar ook kunstinstallaties in musea en galeries. De keien laat hij van verschillende plekken in Europa komen, waarna ze in gestructureerde en soms hypnotiserende patronen worden neergelegd.

Richard Long_ zaaloverzicht 2019_ De Pont museum, Tilburg_photo GJ van Rooij.jpg
Zaaloverzicht, Richard Long, De Pont museum, Tilburg, foto G.J. van Rooij

Longs eerste werk ooit, A Line Made By Walking (1967), typeert zijn verdere oeuvre. Dit werk bestaat uit een foto waarop Richard Long een kaarsrecht spoor van platgetrapt gras laat zien. Zo’n kunstwerk maken lijkt simpel – dat kan je kleine zusje dus écht – maar toch zit er meer in: Long aanbidt de natuur en maakt het kunst door er een fysieke interventie aan te voegen. De door mensenhanden gemaakte vormen, lijnen, cirkels geven opeens een heel ander karakter aan de natuur: het is niet meer ongerept, maar zeker ook niet vernietigd. De sporen die hij achterlaat, verdwijnen bovendien vaak met de tijd. Wat overblijft zijn landkaarten, foto’s en tekstuele kunst, die hij om deze reden “tweedehands” werk noemt. Long ziet de interventies in de natuur als het primaire kunstwerk en geeft de kijker vooral de gelegenheid om zijn of haar eigen verbeeldingskracht te trainen. Aan de hand van een enkele foto, tekst of beschrijving ga je mee op op reis naar het moment dat Long het betreffende kunstwerk maakte.

Red Slate Line (1986), Richard Long, De Pont museum, Tilburg_courtesy the artist and Lisson Gallery_photo GJ.vanROOIJ.jpg
Zaaloverzicht, Richard Long, ‘Red Slate Line’, 1986, courtesy the artist and Lisson Gallery, De Pont museum, Tilburg, foto G.J. van Rooij

+ | De 73 jaar oude Britse kunstenaar hijst zichzelf nog graag in zijn kniebeschermers om zelf zijn immense installatie op te bouwen in exposities. Elke sculptuur is anders gearrangeerd en zal nooit hetzelfde worden opgebouwd door Long, die graag net zo lang schuift en zeult met de tot ze in een perfecte vorm liggen. Een bezoek aan de expositie in De Pont is dus echt een once in a lifetime ervaring. De grote fabriekshal van De Pont lijkt bovendien de ideale ruimte om de grote uit stenen opgebouwde sculpturen de ruimte te geven die ze verdienen. Het is bijna alsof je je in de open lucht bevindt, maar dan zonder het gure weer en de harde wind. De museumvloer is gevuld met honderden stenen in cirkelvormen, grove rotsblokken in de vorm van een kruis en kaarsrechte paadjes aan keien. Voor wie zich niet meteen een met natuur voelt bij het zien van een berg stenen, is er een mini-wandelroute langs één van zijn werken. Het is bijna alsof je de woeste natuur in wordt gestuurd met een oldschool landkaart. De pret is wel snel voorbij, want de gehele wandeltocht omvat zo’n zeven stappen.

A Line in the Andes, South America_1981_ © Richard Long, Courtesy of Lisson Gallery .jpg
Richard Long, ‘A Line in the Andes, South America’, 1981, Richard Long, Courtesy of Lisson Gallery, via: De Pont, Tilburg.

+ | De centrale fabriekshal wordt omringd door kleine kabinetten, waarin de wandel-goeroe zijn dagenlange tochten terugbrengt tot pure beschrijvingen. We zien eenheden van tijd en afstand, afgevuld met foto’s of poëtische teksten als ‘Walking with five stones, walking across five rivers.’ Elk kabinet is een soort witte tijdscapsule, als bladzijden van een dagboek dat Long bijhoudt. Maar wat het nou exact betekent, wordt niet uitgelegd en we voelen ons net Russel Crowe in A Beautiful Mind die een onmogelijke code probeert te kraken. Een ontspannen tripje naar de natuur biedt Long dus niet, maar dat hadden we kunnen verwachten: de kunstenaar zoekt niet alleen zijn eigen grenzen op, maar laat ons hetzelfde doen. De combinatie van grote kunstinstallaties in de centrale hal en de gevarieerde, cryptische kabinetten geeft aan dat er meer lezingen van Longs werk mogelijk zijn. Long voelt de vrijheid om zijn ervaringen op verschillende manieren te uiten; als bezoeker krijg je dezelfde vrijheid en ruimte om de teksten, foto’s en installaties op je eigen manier te interpreteren. Of je er nu een spirituele ervaring, een monument of gewoon een hoop stenen in ziet: Longs werk prikkelt je nieuwsgierigheid.

Hoe lang doe je er over? | 30 minuten

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Hoewel Richard Long weer en wind heeft getrotseerd om zijn kunst te maken, zijn wij blij dat we van onder een dekentje het gesprek kunnen bekijken dat Stephen Snoddy, directeur van The New Art Gallery Walsall, had met de kunstenaar.  

De tentoonstelling ‘Richard Long’ is nog t/m 16 juni te zien in De Pont in Tilburg. Meer informatie: https://depont.nl/tentoonstelling/richard-long/

Tekst: Carlien Lammers

Cover: Richard Long, ‘Natural Forces, Dartmoor, England’, 2002, © Richard Long, courtesy of Lisson Gallery.

GO | NO GO #165: It’s a material world

GO | NO GO 14 maart 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer pakten we de Intercity Direct die ons – met enige vertraging – naar Rotterdam bracht, waar de Kunsthal nu de expositie ‘Trouble in Paradise – Collection Rattan Chadha’ toont.

Meteen bij aankomst in de Rotterdamse Kunsthal worden we de tentoonstelling binnen gelokt: al bij de kluisjes horen we Madonna-fans uit volle borst liedjes van hun heldin zingen. Voor deze video-installatie van Candice Breitz, Queen (A Portrait of Madonna) uit 2005, hebben de superfans zich prachtig uitgedost en dit is hun 15 minutes of fame. Ze genieten er met volle teugen van. Het zijn anonieme mensen van allerlei achtergronden die hier even in de huid van hun pop-icoon mogen treden. Toeval of niet, net als we de rest van de tentoonstelling ‘Trouble in Paradise – Collection Rattan Chadha’ willen betreden, zingt het koor “It’s a material world”. Het lijkt een knipoog naar de kunstwerken in de expositie, die stuk voor stuk in het bezit zijn van één man: Rattan Chadha, de man die lange getallen met veel nullen op zijn bankrekening moet hebben staan.

09 Funda Gül Özcan, FUNFAIRAFFAIR, 2017, Collection Rattan Chadha, foto Gert Jan van Rooij
Funda Gül Özcan, ‘FUNFAIRAFFAIR’, 2017, collectie Rattan Chadha, foto: Gert Jan van Rooij

Rattan Chadha, geboren in 1949 in Delhi, is oprichter van Mexx en van CitizenM-hotels en sinds 2000 ook serieus kunstverzamelaar. Hij zegt over zijn aankopen: ‘Het is altijd het werk op de eerste plaats dat mij intrigeert. Ik koop een werk, geen naam.’ Ondertussen trekt wel een hele stoet bekende kunstenaars aan je voorbij: Marlene Dumas, Andy Warhol, Michaël Borremans, Raymond Pettibon, Erik van Lieshout, Gilbert en George, Rita Ackermann en Rafaël Rozendaal. Hij ziet de werken als een reflectie op zijn eigen leven. Sommige mensen houden daar een dagboek voor bij, Chadha laat zijn kunstaankopen voor hem spreken. Zijn collectie bestaat inmiddels uit meer dan 800 werken. Er is verstild, melancholiek werk, maar er is vooral ook veel kleur, soms met lawaai en glitter. Kunst keihard in your face! Gelikte beeldtaal, nieuwe materialen en sociaal engagement worden niet geschuwd. De Kunsthal toont in vier zalen 70 werken uit zijn privé-verzameling, opgedeeld in drie thema’s: Soul Searching, Delicious Confusion en Forever Young, verwijzend naar de drie verzamelfasen van Chadha zelf. De expositie is als een reis door Chadha’s verzameldrift – iedereen aan boord!

14 Marlene Dumas, Sad Romy, 2008, Collection Rattan Chadha, foto Peter Cox, Courtesy Zeno X Gallery Antwerp
Marlene Dumas, ‘Sad Romy’, 2008, collectie Rattan Chadha, foto: Peter Cox, Courtesy Zeno X Gallery, Antwerpen, via De Kunsthal, Rotterdam.

+ | We duiken meteen in het diepe: een van de eerste kunstwerken die we tegenkomen brengt ons een beetje in mineur, maar daar houden we wel van. Op het schilderij Sad Romy (2008) van Marlene Dumas zien we Romy Schneider. Deze actrice was een fenomeen: als zestienjarige vertolkte de hoofdrol van haar eerste Sissi-film (1955). Ja, die drie mierzoete films die altijd met kerst op de buis zijn. Ze werd een echt icoon; onze oma’s adoreren haar. Het prinsessen-imago heeft ze later alsnog van zich af weten te schudden door met gerenommeerde filmmakers te werken, zoals Luchino Visconti en Orson Welles. Schneider speelde onder hun hoede vaak emotioneel complexe vrouwen, en ook haar privéleven was een rollercoaster: ze heeft haar zoon verloren door een ongeval, ging veel drinken en is zelf ook te jong gestorven. Het klassieke tragische leven van een diva. De foto waar het doek van Dumas op gebaseerd is, komt uit de film L’important c’est d’aimer (1975) van Andrzej Zulawski. Hierin speelt Schneider een actrice die tot het uiterste gekweld wordt door haar regisseuse. Haar personage kan de scène niet aan en moet huilen. Een fotograaf op de set smeekt ze geen foto’s te maken en haar met rust te laten. Of Dumas deze film gezien heeft, weten we niet zeker, maar deze scène lijkt voor de kunstenaar gemaakt te zijn. Het voortdurende rollenspel van vrouwen en de representatie ervan, is een terugkerend thema in haar schilderijen. Door het doek Sad Romy te noemen trekt Dumas Romy Schneider los van haar rol als actrice en toont een vrouw met intens verdriet, geacteerd of niet. Als je het werk van Dumas op de tentoonstelling bekijkt, hoor je op de achtergrond steeds de Madonna-fans uit de video-installatie van Catherine Breitz zingen. Hun lofzang op de afwezige superster Madonna voelt opeens een beetje leeg aan en snijdt met de aanwezigheid van het beeld van de huilende icoon Sissi. Not all that glitters… We zijn onder de indruk van hoe de kunstwerken in deze expositie soms op verrassende wijze op elkaar lijken te reageren, en die daarmee de diepte van de individuele kunstwerken openbaren.

6801spgrayson kopie
Grayson Perry, ‘The Walthamstow Tapestry’, 2009, collectie Rattan Chadha.

+ | Van emotionele mineur naar extatisch hoogtepunt: we sprongen een gat in de lucht toen we The Walthamstow Tapestry (2009) van de Britse kunstenaar Grayson Perry op de tentoonstelling zagen! Sommigen vinden Grayson Perry maar een clown, voor anderen is hij een belangrijke kunstenaar die ons hedendaagse leven de spiegel voorhoudt. Wij zijn in ieder geval dol op hem en op Claire, zijn alterego. In een enorm (140 x 710 cm) geborduurd wandtapijt beeldt Perry de levenscyclus van geboorte en dood uit. Hij doet dat in de stijl van een folkloristisch stripverhaal en gebruikt daarvoor symbolen uit religieuze kunst zoals oermoeder Maria, de duivel, het hiernamaals en alles wat daarbij hoort. Heel terloops introduceert hij in deze mythische setting ook allerlei merknamen als Chanel, Disney en Marks and Spencer. Ergens klopt dat natuurlijk: iedereen kent zulke merken en ze begeleiden je op je levenspad. 500 Jaar geleden, toen dit soort tapijten erg on trend waren, liet je je leiden door de kruisweg van Christus. Vandaag de dag staat onze cradle-to-grave in het teken van consumeren. Mensen kunnen eigenlijk niet meer zonder smartphone van Apple of Samsung, ook al zouden ze dat soms (heeeeeel kort) wel willen. En als je een kind krijgt, wil je een lichte, stevige en mooi vormgegeven kinderwagen van een betrouwbaar merk. Ga je voor de Bugaboo Fox of koop je een Yoyo Babyzen? En wat zeggen de boeken die we lezen (gekocht online als e-book of als versleten paperback in een tweedehands winkeltje) over ons? En waarom houden we van bepaalde kunst meer dan van andere? Dat The Walthamstow Tapestry opeens opduikt in de collectie van de man van Mexx en CitizenM is wat dat betreft food for thought.

PHOTO-2019-02-28-13-49-59Zaaloverzicht ‘Trouble in Paradise’, collectie Rattan Chadha, foto: De Kunstmeisjes.

± | We brengen veel tijd door met de individuele kunstwerken, waar we allemaal een aantal favorieten tussen vinden. Maar van een afstandje bezien, vinden we de indeling in drie thema’s van de tentoonstelling een beetje gezocht. De expositie presenteert op chronologische wijze de totstandkoming van Chadha’s collectie en wil daar heel graag drie afgebakende thema’s in zien, maar niet alle kunstwerken lijken zich te schikken naar deze indeling. In de eerste verzamelfase Soul Searching wordt het menselijk lichaam met een zekere melancholie belicht. Ja, we vinden hier intieme schilderijen van Borremans, Picabia en de eerder genoemde Dumas. Maar het werk Porn (2006) van Marc Bijl staat hier bijvoorbeeld ook tussen. In dit beeldhouwwerk zie je de letters PORN op een sokkel in druipende zwarte cargloss-verf staan pronken. Wat is daar in hemelsnaam melancholisch aan? Het lijkt toch meer een lekker cynisch statement, of niet? Chadha’s tweede verzamelfase, Delicious Confusion, wordt als meer maatschappijgericht en conceptueel gepresenteerd. Maar die conceptualiteit (waarin het idee achter het kunstwerk het belangrijkste is) zagen we in elke zaal wel terug, ook in de intieme schilderkunst van de eerste ruimte. In de derde en meest heldere “fase”, Forever Young, is werk te vinden van aanstormend talent dat met allerlei verschillende materialen en nieuwe technologieën gemaakt is. Ons advies: ga vooral niet te hard op zoek naar drie heel verschillende verzamelfasen, maar struin intuïtief door de expositie op zoek naar jouw oude en wellicht nieuwe favorieten. Het blijkt immers weer: kunst en haar verzamelaars zijn niet zo makkelijk in een hokje te stoppen, en dat is helemaal oké.

Hoe lang doe je er over? | Een goed uur

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Zelf kunstverzamelaar worden kan ook met een klein budget. Check deze organisaties en online galeries eens: Young Collectors Circle, WeLikeArt, Patty Morgan, Gallery Viewer. Wij zijn fan.


De tentoonstelling ‘Trouble in Paradise’ is nog t/m 26 mei 2019 te zien bij De Kunsthal. Meer informatie: https://www.kunsthal.nl/nl/plan-je bezoek/tentoonstellingen/troubleinparadise/

Tekst:  Daphne Rosenthal

Cover: Grayson Perry, ‘The Walthamstow Tapestry’, 2009, collectie Rattan Chadha.

GO | NO GO #164: Picasso op papier – grafisch werk van een Don Juan

GO | NO GO 7 maart 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week gingen we naar de Rotterdamse Kunsthal, waar op dit moment het grafisch werk van grootmeester Pablo Picasso te zien is.

Dat Pablo Picasso (1881–1973) een echte player was, is geen geheim. Een snelle Google-search levert op dat Picasso met maar liefst veertien vrouwen een serieuze relatie of affaire heeft gehad. En dan tellen we eventuele geheime romances niet eens mee. De vele dames hebben niet alleen invloed gehad op zijn persoonlijke leven, ook zijn werk werd sterk door ze beïnvloed. Vaak viel het begin van een nieuwe relatie van de kunstenaar samen met een nieuwe stijl van schilderen en tegenwoordig wordt zijn oeuvre soms zelfs ingedeeld naar de periode dat hij met een bepaalde vrouw samen was. De schilder bleef dus zijn hele leven lang op zoek naar vernieuwing: in zijn liefdesleven en in zijn werk.

PHOTO-2019-02-28-14-07-05.jpg
Zaaloverzicht ‘Picasso op Papier’ in de Kunsthal, foto: De Kunstmeisjes.

In de tentoonstelling ‘Picasso op Papier’ in de Rotterdamse Kunsthal komen twee facetten van Picasso’s kunstenaarschap samen: zijn meesterlijke beheersing van grafische technieken en het terugkerende thema van de vrouw. Voor Picasso was grafiek een kunstvorm waar hij vooral lekker mee kon experimenteren. In totaal maakte hij meer dan 2500 prenten in verschillende technieken zoals etsen en kleurenlino’s. Museum Boijmans Van Beuningen heeft meer dan 400 van deze prenten in haar bezit. Het museum is de komende zeven jaar gesloten voor renovatie, maar dankzij het project ‘Boijmans bij de Buren’, is de collectie de komende jaren regelmatig bij culturele instellingen in de buurt te zien. De Kunsthal heeft nu meer dan 70 Picasso’s op papier te leen gekregen. Een cadeautje dat wij ook niet zouden afslaan.

Schermafbeelding 2019-03-03 om 20.07.55.png
Links: Pablo Picasso, ‘La Dame à la Collerette’ (Portrait de Jacqueline à la Fraise), 1962 | Rechts: Pablo Picasso, ‘Portrait d’homme à la fraise’, 1962, beide: Collectie Boijmans Van Beuningen. 

+ | Picasso maakte al eerder in zijn loopbaan prenten, maar na zijn verhuizing naar

Parijs in 1904 ging hij zich echt verdiepen in deze kunstvorm. Het hoogtepunt is de Vollard Suite, een reeks van honderd etsen waarmee Picasso voor het eerst heeft bewezen een op-en-top prentkunstenaar te zijn. Hij maakte de serie etsen – die is vernoemd naar de uitgever Ambroise Vollard – tussen 1930 en 1937. De jonge Marie-Thérèse Walter, Picasso’s minnares vanaf 1927, was zijn muze. Marie-Thérèse was pas zeventien jaar toen ze Picasso ontmoette in warenhuis Lafayette. De twee kregen een geheime relatie en ze ging zelfs in dezelfde straat als de kunstenaar en zijn toenmalige vrouw Olga wonen om dichtbij haar lief te zijn. In 1935 verliet Olga de ongemakkelijke driehoeksverhouding toen bleek dat Marie-Thérèse zwanger was (gevalletje thank u, next). In 1936 verliet zij op haar beurt Picasso weer toen hij verliefd was geworden op Dora Maar en beide vrouwen erop wees dat ze zelf maar moesten uitvechten bij wie hij zou blijven wonen. Het recente ‘Khloe Kardashian – Tristan – Jordyn’-schandaal is er niks bij. De Vollard Suite-serie vertelt geen doorlopend verhaal, maar de etsen hebben wel een duidelijke samenhang: Marie-Thérèse als model van een bebaarde beeldhouwer, Picasso’s alter-ego. Ook wordt ze op een paar prenten bemind door een Minotaurus, wat een half mens, half stier is. Kinda creepy, but very cool.

8 Pablo Picasso, Sculpteur et Modele Agenouille, 1933, Collectie Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam, co Pictoright Amsterdam 2019, foto Studio Buitenhof, Den Haag
Pablo Picasso, ‘Sculpteur et Modele Agenouille’, 1933, Collectie Museum Boijmans van Beuningen

+ | Vanaf 1958 stortte Picasso zich op linoleumsnede, een van de vele prenttechnieken waarvan hij zich meester maakte. Hij blonk uit in de zogenaamde eliminatietechniek, waarbij hij elke keer een deel van de linoleumplaat wegsneed. Zo veranderen de kleuren in de compositie van elke druk. Hij was dan inmiddels wel al een oude vent, maar zijn wilde haren blijkbaar nog niet kwijt. Een paar jaar eerder had hij Jacqueline Roque ontmoet en in 1961 trouwde hij zelfs met haar. Het werd het laatste liefje van de kunstenaar; ze bleven tot zijn dood in 1973 bij elkaar. In zijn laatste jaren heeft hij haar dan ook talloze keren geportretteerd. Het hoogtepunt van deze periode is zonder twijfel de reeks van acht proefdrukken van de kleurenlino
La Dame à la Collerette. Hoewel het maakproces technisch nogal een moeilijk verhaal is, wordt door deze serie, waar Jacqueline in historische outfits is afgebeeld, goed duidelijk hoe de kunstenaar te werk ging. De serie hangt in volgorde erg overzichtelijk aan één muur, waardoor na het zien van de expositie ‘Picasso op papier’ zelfs je kleine neefje zich linoleumsnede-expert kan noemen.

Hoe lang doe je er over? | 45 minuten

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Wil je precies weten hoe Picasso zijn passie voor vrouwen en kunst beoefende? Het tweede seizoen van de Amerikaanse dramaserie Genius gaat over het leven van de kunstenaar, met Antonio Banderas in de hoofdrol. Een soort Temptation-Island voor kunstliefhebbers.


De tentoonstelling ‘Picasso op Papier’ is nog tot en met 12 mei 2019 te zien op de vierde verdieping van de Kunsthal. Meer informatie: https://www.kunsthal.nl/nl/plan-je-bezoek/tentoonstellingen/Picassooppapier/

Tekst: Ananda Hegeman

Cover: Zaaloverzicht ‘Picasso op Papier’ in de Kunsthal, foto: De Kunstmeisjes.

GO | NO GO #163: Presto, presto naar de Nieuwe Kerk

GO | NO GO 5 maart 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. In het hart van Amsterdam vluchten we de Nieuwe Kerk in, weg van de drukte, weg van het toerisme, op zoek naar rust en kunst en wellicht zelfs een spirituele ervaring.

In deze achtste editie van de jaarlijkse serie Meesterwerk toont de Nieuwe Kerk het schilderij Aartsengel Michaël (ca. 1663) van de Italiaanse Luca Giordano. Deze kunstenaar is in Nederland vrij onbekend, maar in Zuid-Europa een ware held. Een meester uit de zeventiende eeuw, niet weg te denken uit Italiaanse kerken. Het enorme doek in de Nieuwe Kerk is het stralende middelpunt van een theatrale opstelling die daar speciaal voor is ontworpen. Je stijgt op naar een andere wereld, met een trappetje weliswaar. Voor je daar bent, passeer je een paar wanden met heldere informatie over de schilder. Wat een leven had die Giordano! Geboren in 1634 te Napels, een wonderkind: als kunstenaarszoon mag hij op zijn achtste al twee putti, van die mollige engeltjes, decoreren in de Santa Maria La Nova in Napels. Op zijn zestiende gaat hij in de leer bij Jusepe de Ribera. Hij kopieert werk van Titiaan, Rafael, Dürer, Rubens en onze eigen Rembrandt en hij doet dat zo goed, dat hij nog vele eeuwen later kunsthistorici in verwarring brengt.

meesterwerk 22
Zaaloverzicht Meesterwerk, foto: Evert Elzinga, via De Nieuwe Kerk, Amsterdam.

De mythe gaat dat Giordano, ook bekend als Luca Fa Presto (‘Luca, werk snel’ in het Italiaans) in 24 uur een altaarstuk kon schilderen en maar twee dagen over een plafondschildering deed. In Venetië verdiende hij in een paar maanden tijd net zo veel als een gemiddelde kunstenaar in zes jaar. Giordano stierf uiteindelijk in 1705, zwemmend in het geld, met meer dan 1200 kunstwerken op zijn naam. Het verhaal gaat dat hij als echte katholiek zijn laatste adem uitblies in een hartverscheurende huilbui voor een crucifix. Wij zijn waarschijnlijk net iets te nuchter om in eenzelfde katholieke hysterie te vervallen bij het zien van de knappe acrobatische Michaël op het schilderij. Desalniettemin staan we vooraan bij het artistieke altaar, wie weet komt de spirituele vervoering vanzelf.

+ | Giordano werd met opdrachtgevers als het Spaanse hof en de beroemde Florentijnse families De Medici en Riccardi een echte high society schilder. Hij zette zijn toonaangevende positie in om de Contrareformatie beeldend vorm te geven. Contrareformatie? Niet goed opgelet bij geschiedenis? In een notendop: nadat Maarten Luther begin zestiende eeuw met zijn stellingen een rel veroorzaakte waar het protestantisme uit ontstond, ging de katholieke paus in de tegenaanval om het katholicisme populair te houden. In een vergadering die twintig jaar voortduurde, het Concilie van Trente (1545-1563), werd het katholicisme onder de loep genomen. Hier werden concrete besluiten genomen: wat hoort wel en wat niet en werden er allerlei regels voor de beeldende kunst gemaakt. Als kunstenaar moest je voortaan als toegewijd katholiek bekend staan en alle kerkelijke opdrachten – en dat waren er toen veel – werden gekeurd door de plaatselijke bisschop of de paus zelf. Dus niet teveel blote borsten, geen mythologische zuipfestijnen, wel heroïsche portretten van heiligen en Maria’s in extase. In de katholieke gebieden ontstond een wervelende nieuwe stijl, imposant en emotioneel geladen: de barok.

meesterwerk 28
Zaaloverzicht Meesterwerk, foto: Evert Elzinga, via De Nieuwe Kerk, Amsterdam.

Giordano was de perfecte katholieke kunstenaar, wat we terugzien in het meesterwerk in deze expositie. In Aartsengel Michaël drukt Giordano de strijd tussen goed en kwaad uit in een spel van licht en donker. Als een balletdanser daalt Michaël af naar de duisternis en stoot zijn speer zwierig in de zij van een donkerharige man die het uitschreeuwt van de pijn. De aartsengel heeft een buitengewoon vroom meisjesachtig gezichtje en een Germaans uiterlijk – waarom moet de held op dit soort doeken altijd blond zijn? Hoe dan ook, Michaël lijkt geen enkele kracht nodig te hebben om het kwaad te vernietigen. Goddelijk licht is op hem neergedaald. Een overwinning van goed over kwaad mag zeker in de tijd van Giordano geïnterpreteerd worden als een zege van het katholicisme over de protestantse ketterij. Wat je er ook van denkt, alles is heerlijk gekwast: de vleugel rechtsboven, vol van donzige gloed; het sierlijke voetje in Romeinse sandalen. Hoewel zijn schoenen een beetje five years ago zijn, wachten we gretig op de dag dat het blauwe balletpakje met zwierige linten op een wit pofbroekje en met een zachtroze cape ook in onze eeuw vol overtuiging door mannen gedragen wordt.


Mark Manders, ‘Composition with Yellow and Blue’, 2014–18.
 Courtesy of Zeno X Gallery, Antwerpen. Foto: Peter Cox, via De Nieuwe Kerk, Amsterdam

± | Als de audiotour vertelt dat het donkere gedeelte van het schilderij pasteus is aangebracht en de bovenste helft met veel vloeibaardere technieken is opgezet, dan wil je dat ook kunnen zien. Maar het doek hangt hoog en is beschermd met glas, wat voor veel reflectie zorgt. Het is onmogelijk om het subtiele licht in de vleugels van Michaël in detail te bewonderen, jammer. Dat het doek zo hoog hangt is een begrijpelijke keuze; zo kan het imponeren als in een kerk, aangezien je letterlijk opkijkt tegen het schilderij. Na enig zoeken en draaien lukt het ons wel om alles te zien, maar dan schijnen er ook nog een paar spotjes recht in ons gezicht. We raken wat gefrustreerd en geven nadere inspectie na een tijdje op. Gelukkig vinden we al snel een andere attractie in de kerk: naast Giordano is er in een kapel een driedimensionaal schilderij van Mark Manders te bewonderen. Deze Composition with Yellow and Blue is onderdeel van de Van Lanschot Kunstprijs die Manders in 2018 heeft gewonnen. Het werk bestaat uit een glazen vitrine met daarin een bronzen hoofd met een geel houten latje er doorheen, erachter een blauw doek. Dit blauw is geïnspireerd op de plafonds van Giotto’s fresco’s in de Scrovegni Kapel, Padua. Zo blijven we ook met Manders in hemelse sferen.

Hoe lang doe je er over? | 30 minuten, maar blijf nog een halfuurtje langer hangen voor de engelentour (lees hieronder meer).

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Je kan ervoor kiezen om er na Giordano en Manders meteen vandoor te gaan, maar we raden je aan ook de engelen-audiotour te volgen. Het is een soort crash course over de betekenis van engeltjes in de kunst en tegelijkertijd leer je meer over de geschiedenis van de Nieuwe Kerk. Dit blijkt verrassend leuk. Deze speurtocht wijst je bijvoorbeeld op vier schattige engeltjes in de nok van de kerk; de beeldenstormers konden er in 1566 niet bij om ze kapot te slaan. Ook ga je de preekstoel eens echt goed bekijken: ingenieus mooi houtsnijwerk waar ook engeltjes in te vinden zijn. Je verlaat de tentoonstelling met kennis over het verschil tussen cherubijnen en aartsengelen. Handig voor als je weer eens verlegen zit om gespreksstof bij je volgende date, die de blik van een engeltje heeft, maar de lach van een duiveltje.


De tentoonstelling ‘Meesterwerk 2019 #8: Luca Giordano – Aartsengel Michaël’ is nog t/m 7 april 2019 te zien bij de Nieuwe Kerk. Meer informatie: https://www.nieuwekerk.nl/tentoonstellingen/meesterwerk-2019

Tekst: Daphne Rosenthal

Cover: detail van: Luca Giordano, ‘Aartsengel Michaël’, ca. 1663.

GO | NO GO #162: Wir machen eine Bauhaus party!

GO | NO GO 28 februari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Wij bezochten een van de laatste tentoonstellingen in Museum Boijmans Van Beuningen, voordat het museum voor 7 jaar dicht gaat, ‘Nederland ⇄ Bauhaus – pioniers van een nieuwe wereld’.

Tijd voor een hommage, hang de slingers maar uit, want in 2019 is het precies 100 jaar geleden dat de Bauhaus, de Duitse kunst- en designschool, werd opgericht door Walter Gropius. Onthoud deze naam want deze mastermind is de man achter de bijzondere en wereldberoemde Bauhaus-stijl. Deze school heeft tot op de dag van vandaag veel invloed heeft gehad op de manier waarop we naar design kijken. De Bauhaus-opleiding werd in 1919 opgericht in Weimar en verplaatste zich via Dessau naar Berlijn. De studenten werden hier opgeleid in verschillende disciplines, zoals beeldende kunst, ambacht en architectuur. Dit Duitse design kenmerkt zich door een je ne sais quoi attitude; ogenschijnlijk simpel en moeiteloos, maar in werkelijkheid goed doordacht en ingenieus. Je herkent de Bauhaus-stijl aan de strakke lijnen, die altijd elegant maar vooral ook functioneel zijn. Een klassieker zoals de Wassily-stoel van Marcel Breuer kan zelfs tot op de dag van vandaag menig hipster-interieur opleuken.

295524-08-bc9d3b-original-1541767591
László Moholy-Nagy, ‘prospectus 14 Bauhausbücher’, 1929, boekdruk. Collectie Flip Bool, via: Museum Boijmans van Beuningen.

Ben jij Bauhaus’ grootste fan, dan ben je in deze tentoonstelling aan het juiste adres. Maar ook de leek kan hier viel Spaß haben, keine Sorge. In de expositie vind je maar liefst achthonderd objecten, waaronder meubels, gebruiksvoorwerpen, sieraden, tekeningen en architectuurfoto’s. De focus ligt helemaal op het omvangrijke netwerk van Bauhaus, die veel Nederlandse ontwerpers heeft beïnvloed, maar zeker ook andersom. In 23 geclusterde presentaties van objecten worden al deze connecties en onderlinge wisselwerkingen in kaart gebracht. De kopstukken van Bauhaus, Walter Gropius en zijn opvolgers Hannes Meyer en Mies van der Rohe (ook bekend van de Barcelona-stoel, wie wil hem niet?) bleken handige netwerkers te zijn. Zonder Instagram, Twitter en Facebook wisten zij een enorme buzz rondom Bauhaus te creëren. Dus hoewel de oorsprong van de Bauhaus-stijl tot 100 jaar terug gaat, is deze tentoonstelling een groot feest der herkenning.

303078-Boijmans-07-02-0i9-11-2ebabe-original-1549630867
Zaaloverzicht ‘nederland ⇄ bauhaus – pioniers van een nieuwe wereld’. Foto: Aad Hoogendoorn, via: Museum Boijmans Van Beuningen.

+ | Het moet ook een feestje zijn geweest op de Bauhaus, en niet alleen dankzij de legendarische partijen waar iedereen zich hulde in de meest avant-gardistische, zelf-ontworpen kostuums. Ook de lessen moeten spannend en inspirerend zijn geweest; de studenten werden aangespoord om om alle hoeken van de eigen creativiteit te ontdekken. Dit werd gestimuleerd door te werken met uiteenlopende materialen en ambachten, met als doel maximale creativiteit uit de studenten te halen. Direct bij de start van de tentoonstelling in het Boijmans, stap je zelf in het creatieve kunstenaarsbrein. Je doorloopt een parcours vol 3D-modellen, waar je zelf met materialen en lichtknopjes mag spelen, zodat je principes uit de Bauhaus-lesmethodes ervaart. Zo leer je bijvoorbeeld de vraag ‘Hoe verander je een plat vlak in een driedimensionaal object?’ met behulp van een draaibaar houten model te beantwoorden. Ook ben je primaire kleuren en de combinaties daarvan de baas bij gekleurde lichtbakken, waarbij je zelf op knoppen mag drukken die de lichten in het object veranderen. De Bauhaus-studenten gingen destijds echter nog een stapje verder; ze ondergingen zelfs een psychologische test van Wassily Kandinsky om hun eigen reacties op kleur en vorm in kaart te brengen. Zo konden ze beter begrijpen hoe ze hun objecten en voorwerpen beter en aangenamer voor hun toekomstige eigenaren konden maken. Het is effectief gebleken, aangezien 100 jaar na dato alle woonwinkels nog steeds uitpuilen van geometrische, strakke en praktische vormgeving à la Bauhaus.

295498-03-390b76-original-1541766595
V.l.n.r. Walter Gropius, Wassily Kandinsky en J.J.P. Oud tijdens de Bauhaus- tentoonstelling in Weimar, 1923. Canadian Centre for Architecture (CCA), Montreal. Via: Museum Boijmans Van Beuningen

+ | Nederlands design en Bauhaus blijken een perfect liefdesduo. Deze hele tentoonstelling staat in het teken van de Nederlandse invloed op de Bauhaus uitgelicht en vice versa. Eén van de deelnemers in deze geslaagde romance is tekenaar, schilder en ontwerper Paul Citroen, die je misschien wel kent van zijn werk Metropolis, 1923. De man met de prachtige naam leerde zelf de kneepjes van het vak aan de Bauhaus-school en gaf zijn visie door aan de leerlingen van de Haagse kunstacademie. Andere klinkende namen zoals grafisch vormgever Piet Zwart, maar ook architecten H.P. Berlage (bekend van onder andere het beursgebouw in Amsterdam) en J.J.P. Oud nemen een dominante plek in het Nederlandse Bauhaus-netwerk in. Er werden onderling heel wat tips & tricks uitgewisseld. Deze invloed zie je in de tentoonstelling goed terug in tijdschriften, affiches en andere toegepaste vormgeving. Maar in de expositie ontdekken we ook dat Nederland een belangrijk steentje aan de ontwikkeling van Bauhaus heeft bijgedragen. Meerdere leraren van ‘De Stijl’, zoals beeldend kunstenaar Theo van Doesburg (bestie van Piet Mondriaan, met wie hij De Stijl oprichtte), gaven les aan de leerlingen van de Bauhaus. Onder zijn invloed omarmen veel van de studenten de primaire kleuren – rood, geel en blauw – van De Stijl en verwerken deze in architectuurmodellen. Uit al die uitgewisselde inspiratie heen en weer blijkt meer weer: beter een goede buur dan een verre vriend.

Hoe lang doe je er over? | Bauhaus-fans kunnen wel uren dwalen door deze duizelingwekkend grote presentatie. Wil je alleen even kort kennismaken, dan ben je na een goed uur wel toe aan taart met koffie in de Witte de Withstraat.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Neem al je nieuw-opgedane kennis en inspiratie mee naar buiten: vanuit Museum Boijmans van Beuningen is het drie keer vallen (en een bus pakken) naar de iconische ‘Van Nelle Fabriek’. Het gebouw is ontworpen volgens de regels van Het Nieuwe Bouwen, een stroming zeer verwant aan de Bauhaus-stijl en bekroond met een plek op de werelderfgoedlijst van UNESCO. Op zaterdag en zondag kun je deelnemen aan een rondleiding door het gebouw.

De tentoonstelling ‘nederland ⇄ bauhaus – pioniers van een nieuwe wereld’ is nog t/m 26 mei 2019 te zien in Museum Boijmans Van Beuningen. Meer informatie: https://www.boijmans.nl/tentoonstellingen/bauhaus

Tekst: Carlien Lammers

Cover: Peter Keler, Wohnung in Weimar. Entwurf und Ausführung, 1927, Particuliere collectie in Nederland. Foto: Museum Boijmans Van Beuningen.

GO | NO GO #161: Een rondje Rembrandt – Een vriendschapsverzoek voor Rembrandt

GO | NO GO 26 februari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Dit jaar knallen we er een speciale serie in: ‘Een rondje Rembrandt’, ter gelegenheid van het nationale themajaar ‘Rembrandt en de Gouden Eeuw’. In 2019 is het namelijk precies 350 jaar geleden dat Rembrandt is overleden. Door het hele land vinden er bijzondere Rembrandt-themed exposities plaats en wij gaan ze stuk voor stuk af. Vandaag zijn we bij Rembrandt thuis, in Museum Het Rembrandthuis voor de tentoonstelling Rembrandt’s Social Network.

Als we aan onze vrienden denken, denken we vooral aan de mensen die er altijd voor ons zijn. Vrienden die je vertrouwt, waarmee je huilt en waarmee je lacht. Je gaat met ze naar de club, musea of de film, en als je vriendje je heeft gedumpt (of jij hem) staan ze binnen no time met een bak ijs en lieve woorden voor de deur. In Rembrandts tijd was dat niet anders, hoewel er toen geen film was en Rembrandt al helemaal geen Ben & Jerry’s had (wat een gemiste kans: een Rembrandt-stilleven van cookie dough-ijs was geweldig geweest). Maar vrienden had hij wel. Hoewel je het bijna niet zou verwachten van zo’n workaholic als Rembrandt, kunnen we pak ‘m beet 30 goede kennissen en vrienden in zijn netwerk tellen.

_DSC2560Tentoonstelling ‘Rembrandt’s Social Network’ in Museum Het Rembrandthuis, Amsterdam. Foto: Mike Bink.

In Rembrandts tijd werd het begrip ‘vriendschap’ wat ruimer opgevat dan nu: je familie (‘bloedvrienden’), zakenrelaties en collega’s werden ook je ‘vrienden’ genoemd. Ook was goede vriendschap soms een kwestie van leven of dood (dramatisch, maar waar): voor leningen, baantjes, zorg of andere hulp kon je  namelijk alleen bij je familie vrienden aankloppen. Rembrandt had wel één voorwaarde, wilde je vrienden met hem worden: je moest iets met kunst hebben. Blijkbaar had de beste man maar één goed gespreksonderwerp paraat. Enfin, wie waren dan die vrienden? Als je wel eens door onze hoofdstad fietst, zul je in ieder geval de namen van Constantijn Huygens en Jan Lievens herkennen. Maar ook Jan Six I – bekend door zijn levende nazaat die nu beroemd is van teevee – was een van Rembrandts besties. We ontmoeten ze in de Facebook-blauwe tentoonstellingszalen van Museum Het Rembrandthuis, die ons het gevoel geven alsof we door Rembrandts eigen social feed scrollen.

+ |  Rembrandts vrienden zijn in de deze expositie onderverdeeld in vijf categorieën: jeugdvrienden, bloedvrienden (die naam, ewl), kunstkenners, kunstenaarsvrienden en vrienden in nood. Lekker overzichtelijk, net zoals Facebook dat tegenwoordig ook graag heeft. De expositie toont een scala aan kunstwerken: schilderijen, etsen, een aantal tekeningen, notitieboeken, zelfs een brief. Maar het museum windt er geen doekjes om en schreeuwt van alle daken – en op talloze posters in de stad – dat het hoogtepunt van de expositie Rembrandts portret van zijn zoon Titus uit circa 1660 is. Titus lijkt het allemaal niet zoveel te schelen: hij ziet erg erg ontspannen uit, alsof hij net het atelier van zijn vader is ingelopen voor een babbeltje en zijn vader hem even snel on the spot heeft geschilderd. Titus glimlacht, hij kent z’n vaders schilder-obsessie inmiddels vast goed. We zijn vooral bekend met afbeeldingen van Titus als kind, dus het is verrassend om hier een vriendelijke en charmante man van negentien jaar (weliswaar met enorme wallen onder zijn ogen) te zien,  die met zijn elleboog nonchalant op de armleuning leunt, zijn kin in de hand.

Schermafbeelding 2019-02-23 om 20.22.02.png
Links: Rembrandt, ‘Portret van Titus’, ca. 1660, Baltimore Museum of Art (The Mary Frick Jacobs Collection) | Rechts: Atelier van Rembrandt (mogelijk Abraham van Dijck), ‘Portret van Saskia’, ca. 1652-1654, Koninklijk Museum voor Schone Kunsten, Antwerpen, beide: via Museum Het Rembrandthuis. 

Rembrandts manier van schilderen is hier net zo losjes als de houding van zijn zoon: de schaduw op Titus’ voorhoofd is zelfs weergegeven door de onderlaag gewoon bloot te laten. Ook is Titus’ duim is halverwege verlaagd, maar is de oude nooit weggepoetst, waardoor Titus nu als het ware twee duimen aan zijn rechterhand heeft. Kunst ‘om te lachen’, ook dat is Rembrandt. De kunstenaar had echter wel beter z’n best kunnen doen op de weergave van de jeugdigheid van zijn zoon: de jongeman lijkt bijna dertig, een typisch gevalletje zeventiende-eeuws catfishen. Voor het portret van zijn vrouw Saskia deed Rembrandt wel zijn uiterste best: Saskia is jaloersmakend fashionable afgebeeld in prachtige kleding met rood fluweel, bont en een spectaculaire hoed. Rembrandt werkte er bijna tien jaar aan, vanaf hun verloving tot aan haar dood in 1642. Dertien jaar later verkocht hij het wegens geldnood aan kunstverzamelaar Jan Six I. Maar hij kon niet helemaal afstand doen van zijn grote liefde en liet een leerling een kopie maken van het werk. Deze kopie hield hij altijd bij zich en is te zien in de expositie (de versie van Rembrandt zelf hangt nu in het Fries Museum). Het is vooral het verhaal achter dit schilderij dat ons ontroert: het maakt duidelijk dat Rembrandt dan wel een echte zakenman was, maar als het om Saskia ging, was hij eigenlijk ook gewoon een grote softie.

_DSC2506.jpgTentoonstelling ‘Rembrandt’s Social Network’ in Museum Het Rembrandthuis, Amsterdam. Foto: Mike Bink.

+ |  Nog meer kunst ‘om te lachen’: de notitieboeken van kunstverzamelaar Jan Six I die in de benedenzaal te zien zijn. In totaal heeft Six drie van deze boeken bijgehouden, die hij Pandora’s noemde. De naam lijkt een directe verwijzing te zijn naar het mythologische vat van Pandora en we wachten dus vol spanning op de juicy details die in deze notitieboeken staan. Had Jan stiekem een affaire met Hendrickje? Of misschien een wel erg intieme bromance met Rembrandt? Helaas niets van dat. De Kleine Pandora is een soort vriendenboekje met onder andere twee tekeningen van zijn vriend Rembrandt, en de Grote Pandora was een notitieboek waarin hij filosofische wijsheden en weetjes verzamelde als een soort zeventiende-eeuws bullet journal. Het derde boek, Pandora en Vroedschap, leest gelukkig wel echt als een quotable Instagram-pagina met herkenbare uitspraken over vriendschap. ‘De vrientschap die men bij de wijn maakt, pist men weer tegen de muur uit’ is vooral erg treffend. Hoe vaak zijn we niet besties geworden met de meisjes in de rij voor het toilet in de club? Levensadviezen worden gegeven, make-uptips worden uitgewisseld en er wordt gehuild om exen. De volgende dag kun je je hun namen niet herinneren en zou je ze niet herkennen al struikelde je over ze heen tijdens je brakke brunch. Kortom, deze vriendschappen zijn niks waard en Six had dit blijkbaar in de zeventiende eeuw al door. Gratis levensadvies in het Rembrandthuis: check. Daar komen wij nog wel een keertje voor terug.

Hoe lang doe je er over? | 45 minuten, vooral als je Rembrandts verschrikkelijke handschrift in zijn brief aan Constantijn Huygens wilt ontcijferen.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Nu je alles weet over Rembrandt als netwerker, ben je misschien nieuwsgierig geworden naar hoe hij dan te werk ging. Goed nieuws: in Museum Het Rembrandthuis zijn ook dagelijks etsen- en verfdemonstraties bij te wonen. Hier kom je van alles te weten over hoe de meester zijn etsen drukte en zijn verf maakte, in de kamers waar hij dit ruim 350 jaar geleden ook daadwerkelijk deed. De demonstraties worden dagelijks doorlopend gegeven en zijn helemaal gratis.


Meer uit onze serie ‘Een rondje Rembrandt’ lezen? Je vindt hier ons artikel over de tentoonstelling ‘Rembrandt Privé’ in het Amsterdamse Stadsarchief en hier ons stuk over de romantische expositie ‘Rembrandt & Saskia’ in het Fries Museum.

De tentoonstelling ‘Rembrandt’s Social Network. Familie, vrienden en relaties’ is nog t/m 19 mei 2019 te zien in Museum Het Rembrandthuis. Meer informatie: https://www.rembrandthuis.nl/tentoonstellingen-2/nu-te-zien/

Tekst: Ananda Hegeman

GO | NO GO #160: Schatzoeken aan de Amstel

GO | NO GO 21 februari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week zijn we gaan schatzoeken in de Hermitage Amsterdam, waar nu de tentoonstelling ‘Schatkamer! Meesterwerken uit de Hermitage’ te zien is.

Een kaartje om te verdwalen tussen meer dan drie miljoen van ‘s werelds grootste kunstschatten kost slechts 15 euro. Maar dan moet je wel helemaal naar Sint Petersburg. Daar worden al sinds halverwege de achttiende eeuw internationale meesterwerken verzameld in één van de grootste kunsttempels: de Hermitage. Het museum bestaat tegenwoordig uit verschillende gebouwen, maar is begonnen in het ‘Winterpaleis’. Het groene (!) paleis werd in 1754 gebouwd als stulpje voor de tsaren, waarna Catharina de Grote de keizerlijke kunstcollectie in haar verhuiskoffers meenam naar Sint Petersburg. Dankzij de verzamelwoede van Catharina werd de collectie met duizenden schilderijen uitgebreid, talking ‘bout a shopaholic.

De Hermitage heeft inmiddels meerdere dependances buiten Rusland geopend, en dit jaar viert de Amsterdamse venue haar tienjarige bestaan. Champagne! Of wodka! Of beide! De Amsterdamse Hermitage heeft zelf geen collectie, maar no worries, het mag shoppen voor tentoonstellingen uit de miljoenen kunstwerken in Rusland. Voor het jubileum is het museum samen met de Russische directeur prof. Piotrovsky de schatkamers van het ‘moedermuseum’ – wij denken fonkelend goud en kobolden – ingedoken en heeft hier de mooiste juwelen tevoorschijn getoverd. Letterlijk en figuurlijk: van échte juwelen van de Russische tsaren tot artistieke parels als schilderijen van Matisse, Leonardo da Vinci en Velázquez en een buste van Bernini hebben 2400 kilometer naar ons mooie Amsterdam afgelegd.

Evert Elzinga 09
Zaaloverzicht ‘Schatkamer! Meesterwerken uit de Hermitage’, foto:
Evert Elzinga, via: De Hermitage, Amsterdam.

+ | Een minuscuul beeldje met ronde vormen verwelkomt ons. Het is de Venus van Kostjonki en zo klein als het sculptuur is, zo groot is de kunsthistorische waarde ervan. Het beeldje is namelijk zo’n 23.000 jaar voor Christus ontstaan: een wow-momentje. Wij krijgen direct flashbacks naar bizons, grottekeningen en de jagers en verzamelaars die we tijdens de geschiedenislessen moesten bestuderen. Deze venus van kalksteen is pas 36 jaar geleden gevonden in het zuiden van Centraal-Rusland en doet sterk denken aan de beroemde Venus van Willendorf in Wenen. Dat is ook niet gek, gezien de twee beeldjes 2100 kilometer van elkaar zijn gevonden en uit dezelfde tijd komen. Hoewel het lastig is te zien wat ze voorstellen, wordt door de vrouwelijke vormen vaak aangenomen dat ze symbolen zijn van vruchtbaarheid of van Moeder Aarde. Yes girls and boys, stop maar met trainen voor je summer body en omarm je ronde vormen – dat is immers al 24.019 jaar sexy as hell! Na zo’n introductie liggen de verwachtingen torenhoog en kunnen we niet wachten te beginnen aan onze treasure hunt.

Schermafbeelding 2019-02-12 om 19.47.19
Links: ’Venus van Kostjonki’, late oude steentijd, Kostjonki-Avdeja cultuur, Rusland, oblast Voronezj, rivier Don, kalksteen, 23.000 voor Christus | Rechts: Leonardo da Vinci (school van), ‘Naakte vrouw (Donna nuda)’, 16de eeuw. © State Hermitage Museum, St Petersburg, beide: via De Hermitage, Amsterdam.

+ | De tentoonstelling laat bijzondere combinaties van kunstwerken zien: schilderijen worden gecombineerd met andere media, objecten van duizenden jaren oud worden naast moderne en hedendaagse kunst getoond. Ook niet-westerse kunst wordt gecombineerd met westerse kunst: Aziatische rolschilderingen uit de dertiende eeuw naast middeleeuwse beschilderde panelen uit Europa, en een marmeren buste van Catharina de Grote naast het zwarte granieten beeld van Amenemhet III. En bekende namen als Matisse, Lucas Cranach, Maarten van Heemskerck en Leonardo Da Vinci worden naast oudere, nieuwere of niet-westerse kunstwerken van de ons minder bekende makers getoond. Zo word je uitgedaagd de relatie tussen twee kunstwerken te ontdekken: welk van de kunstwerken is ouder? Op wat voor manier lijken ze op elkaar? Zien we naast verschillen ook overeenkomsten? Eén van de eerste ontmoetingen is een zwaan van vilt, gras en wol uit de derde eeuw voor Christus. Gevonden in een grafheuvel diende de zwaan als versiering voor een pronk- of begrafeniswagen. Hiernaast zien we het hedendaagse kunstwerk van Jan Fabre, Zotheid staand op de dood uit 2016 (zie hieronder). Een opgezette zwaan staat op een skelet gemaakt van de schilden van juweelkevers (!). Ondanks de 24 eeuwen die de twee zwanen scheidt en de verschillende functie en betekenis, zijn ze beide prachtig en maken ze een mooi duo: een match made in heaven die uitnodigt tot beter kijken.

Evert Elzinga 04
Zaaloverzicht ‘Schatkamer! Meesterwerken uit de Hermitage’, foto:
Evert Elzinga, via: De Hermitage, Amsterdam.

± | Boven is een soort mini-tour door de Petersburgse Hermitage gemaakt: kleine kabinetten laten een dwarsdoorsnede van de Russische collectie zien. Eerlijk gezegd worden we hier lichtelijk sumasshedshiy (cray cray in het Russisch). Zijn álle objecten wel ware meesterwerken uit de Russische schatkamer? Dat een marmeren buste van Bernini is gekozen begrijpen we, maar zijn alle revolvers, borden, vaasjes, boeken en beeldjes dat ook? Please educate us. Meer informatie over hoe de keuzes voor de uiteenlopende objecten zijn gemaakt, en wat de historische waarde ervan is, zou een waardevolle toevoeging kunnen zijn op de zaalteksten die alleen inhoudelijke informatie over de kunstwerken zelf geven. Maar al met al: deze niet-traditionele inrichting heeft een meerwaarde in dat het de bezoeker stimuleert (of nouja, dwingt) in het bekijken van veel verschillende kunstvormen, en is een fijne afwisseling op tentoonstellingen met slechts één medium, tijd of maker die vaker te zien zijn. En je bent er zeker sneller doorheen dan door de 233.345 vierkante meter van de Hermitage in St. Petersburg: tijd over voor een ijskoude borrel.

Hoe lang doe je er over | 45 minuten

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Nieuwsgierig geworden naar de schatkamer waar alle kunst vandaan komt? In plaats van drie uur te vliegen, kun je op virtuele tour door de talloze zalen van het héle Winterpaleis dwalen! Tip: op de tweede verdieping vind je de Nederlandse kunst. Wel een stedentripje Sint Petersburg op de planning? Go all the way en slaap in het hotel van de Hermitage (inclusief spa!).


De tentoonstelling ‘De Schatkamer! Meesterwerken uit de Hermitage’ is nog te zien t/m 25 augustus. Meer informatie: https://hermitage.nl/nl/tentoonstellingen/de-schatkamer/

Tekst: Charlotte Hercules

Coverbeeld: detail: Lucas Cranach I, ‘Madonna met kind onder een appelboom’, 1525–30, © State Hermitage Museum, St Petersburg, via De Hermitage, Amsterdam.

GO | NO GO #159: Gluren bij de buren – een nieuwe generatie beeldmakers

GO | NO GO 19 februari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer bezochten we de tentoonstelling ‘Foam Talent 2019’ in de tijdelijke expositieruimte van het museum, slechts een paar deuren verderop: Foam Next Door.

Intiem, observerend en soms wat provocatief – het werk van twintig up and coming beeldmakers is nu te zien in de expositie ‘Foam Talent’. Niet in het fotografiemuseum zelf, maar in een monumentaal kantoorgebouw een paar deuren verder aan de Keizersgracht, het tijdelijke Foam Next Door. Foam noemt de fotografen in deze expo toepasselijk ‘beeldmakers’: de jonge generatie kunstenaars maakt immers beelden in alle vormen en maten. De klassieke platte foto in een lijst aan de muur heeft inmiddels concurrentie van  foto-installaties, 3d-beelden of bewegende beelden. Wat centraal staat bij veel fotografen is de actieve ervaring; het om een beeld heen kunnen lopen en het van alle kanten kunnen bekijken. Bij sommigen is zelfs de hele ruimte getransformeerd en onderdeel van het kunstwerk, zoals de roze feministische bubbel van Maisie Cousins, waarover later meer. Maar bovenal zijn de beelden van de nieuwe generatie heel divers: prachtig, stijlvolle portretten worden afgewisseld door immense collages van gevonden afbeeldingen of nauwkeurig met lasercut bewerkte beelden.

Foam Talent 2019  Carmen Winant 68 kopie.jpg
Zaaloverzicht ‘Foam Talent’ met werk van Lilly Lulay, bij Foam Next Door, 2019 © Christian van der Kooy, via: Foam

Dit is niet de eerste keer dat Foam jong talent een podium geeft: alweer voor het twaalfde jaar op rij vindt de expositie ‘Foam Talent’ plaats, waarin kunstenaars tussen 18 en 35 hun recente werk tonen. Uit maar liefst 1853 inzendingen van kunstenaars van over de hele wereld werden er dit jaar twintig geselecteerd. In een tijd waarin vrouwenemancipatie the talk of the town is, viel het ons wel een beetje tegen dat slechts zes van de twintig geselecteerde kunstenaars vrouw is. Daar staat echter wel tegenover dat het werk van deze vrouwen de kracht en veelzijdigheid van ‘het vrouw zijn’ in geuren en kleuren vast weet te leggen. Daarom lichten wij graag het werk van drie getalenteerde vrouwelijke beeldmakers uit de tentoonstelling uit: wat ons betreft drie keer een ‘go’.

Foam Talent 2019 78 kopie.jpgZaaloverzicht ‘Foam Talent’ met werk van Senta Simond, bij Foam Next Door, 2019 © Christian van der Kooy, via: Foam

+ | Voor haar serie Rayon Vert maakte de Zwitserse fotografe Senta Simond (1983) foto’s van jonge vrouwen – vaak vriendinnen – die ze op een speelse manier en vanuit verschillende hoeken portretteerde. Niet heel bijzonder denk je misschien, maar toch merk je bij het zien van foto’s dat er iets anders is aan de portretten. De vrouwen zijn niet opgedirkt (#nomakeup) en lijken in de vertrouwde omgeving van de bevriende fotografe geen bewuste poses aan te nemen. Dit levert een zeldzaam intiem en natuurlijk beeld op. In de kunstgeschiedenis zijn we toch vooral de ‘male gaze’ gewend; een term geïntroduceerd door de feministische filmwetenschapper Laura Mulvey in 1975, waarbij de zienswijze van de man leidend is. In het werk van Simond staat echter de ‘female gaze’ centraal: de vrouwen worden gezien door het oog van een andere vrouw, een gender-genoot. Geen plaatjes om mannen te bekoren dus, maar een fris eigentijds perspectief.

Untitled from the series Worry for the Fruit the Birds Wont Eat 2018 C Sophie Gabrielle.jpg
Sophie Gabrielle, ‘Untitled’ from the series ‘Worry for the Fruit the Birds Won’t Eat’ 2018, via: Foam

+ | De foto’s van de Britse Maisie Cousins (1992) zijn vies, glanzend, slijmerig, mooi en lelijk tegelijk. Pontificale foto’s van een bloemenhart, stukjes plastic afval, glimmende huid en beschimmeld vruchtvlees, worden gepresenteerd in een compleet roze ruimte, van tapijt tot aan het plafond. Wat knap is, is dat de kunstenares zonder duidelijk ‘de vrouw’ af te beelden, het feminiene zonder meer centraal weet te zetten.  Cousins’ werk is daarmee een geheel eigen reactie en verzet tegen – daar heb je ‘m weer – de male gaze. Zij bepaalt als vrouw zelf hoe vrouwelijke seksualiteit en sensualiteit eruit ziet, en soms is dat een stel billen waar allemaal grassprietjes aan zijn blijven plakken. Cousins wurmt zich echter niet helemaal los van de kunstgeschiedenis, want we zien ook veel subtiele verwijzingen: staat het bloemenhart niet al eeuwenlang symbool voor de vulva?

+ | In een andere ruimte is het werk van de Amerikaanse Carmen Winant (1983) te zien. Afgelopen jaar bekleedde Winant nog de wanden van MoMA in New York met duizende gevonden beelden van geboortes in de serie My birth. De kunstenares toonde beelden van iets waarover we eigenlijk nooit durven te praten, iets wat we maar al te graag vergeten, terwijl we de geboorte toch allemaal hebben meegemaakt. Nu in Foam Next Door prijkt van haar hand een gigantische zoekplaat met duizenden slordig uitgeknipte foto’s op de muur. Als we beter kijken zien we dat de zwart-wit afgedrukte plaatjes uit oude kranten, tijdschriften of archieven zorgvuldig op A4-blaadjes in een groot grid op de wand zijn geprikt. Er is enorm veel te ontdekken; je staat zo minutenlang te staren naar alle verschillende foto’s. Wat vrij snel duidelijk wordt, is dat het enkel foto’s van vrouwen zijn – van modellen, van actrices, maar ook met name veel van ‘normale’ vrouwen. Het lijkt een antwoord op de vraag naar wat het betekent om vrouw te zijn, hoe veelzijdig dat is, en hoe media ons beeld ervan beïnvloeden.

Hoe lang doe je er over? | 30 – 45 min

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | De speciale editie van Foam Magazine, het Talent Issue, brengt alle kunstenaars samen en bevat enkele korte essays en mooie plaatjes. Het tijdschrift alvast even digitaal doorbladeren, dat kan op de website.


De tentoonstelling ‘Foam Talent 2019’ is nog t/m 3 maart 2019 te zien bij Foam Next Door. Daarna reist de tentoonstelling door naar New York, Londen en Frankfurt. Meer informatie: https://www.foam.org/nl/museum/programma/foam-talent-2019-amsterdam

Tekst: Jule van Ravenzwaay

Cover: Zaaloverzicht ‘Foam Talent’ met werk van Carmen Winant, bij Foam Next Door, 2019 © Christian van der Kooy, via: Foam

GO | NO GO #158:  ‘Don’t let go, Jack’: sink or swim op de “Titanic” van Hans op de Beeck?

GO | NO GO 14 februari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Op zoek naar de rust temidden van de drukke stad, waren we afgelopen weekend te vinden in het Scheepvaartmuseum, waar op dit moment de tentoonstelling ‘Sea of Tranquillity’ van Hans Op de Beeck te zien is.

‘Tentoonstelling’ dekt in dit geval niet helemaal de lading; ‘Sea of Tranquility’ in het Scheepvaartmuseum is eigenlijk een totaalervaring, gebaseerd op de gelijknamige film uit 2010 door de studio van Hans Op de Beeck. Een aantal jaren geleden raakte de Vlaamse kunstenaar geïntegreerd door Saint Nazaire, een scheepswerf in Frankrijk waar de grootste en meest luxueuze cruiseschepen ter wereld worden gebouwd. Het werk van Op de Beeck draait vaak om sociale fenomenen binnen onze complexe samenleving, zo is hij gefascineerd met de manier waarop mensen hun vrije tijd besteden. Daarnaast staat hij ook bekend om zijn nogal theatrale praktijk; Op de Beeck bouwde onder andere ooit een verlaten pretpark na (The Amusement Park) en een complete verzamelaars’ woning (The Collector’s House).

Sea of Tranquillity (film still), Hans Op de Beeck 2010, Full HD video, colour, sound, 29 minutes 50 seconds (still 1) kopie.jpg
Hans Op de Beeck, ‘Sea of Tranquillity (film still)’, 2010, (still 1), via Het Scheepvaartmuseum. 

Na zijn indrukwekkende bezoek aan Saint Nazaire schreef de kunstenaar een script dat vertelt over een fictief cruiseschip, waarop we verschillende personages volgen tijdens hun verblijf. Hij bouwde een complete maquette van het schip en ontwierp zelfs het serviesgoed en de uniformen van de crew tot in detail. Op basis daarvan werd een soort ensemblefilm (zo’n film waarin allemaal afzonderlijke verhalen samenkomen, à la Love Actually) geproduceerd. Maar dan zonder gepraat, een zoetsappige samenloop van omstandigheden of Leonardo en Kate in de hoofdrol. Voordat je deze film echter te zien krijgt, moet je eerst zelf een kleine reis afleggen door een reeks verduisterde ruimtes, waarin objecten zijn opgesteld die je mee op pad nemen naar een alternatieve werkelijkheid.

Sea of Tranquillity Hans op de Beeck - credits Twycer (40) kopie.jpg
Zaaloverzicht, Hans Op de Beeck, ‘Sea of Tranquillity’, foto: Twycer, via Het Scheepvaartmuseum.

± | Het eerste gedeelte van de tentoonstelling doet vooral denken aan een tripje naar Universal Studios, waar props uit mega blockbusters als relieken worden tentoongesteld aan die-hard fans die slurpend aan een XL-Cola hun meest memorabele Hollywood-momenten herbeleven. Bij binnenkomst tref je hier eerst een soort miniatuurmodel van de set van een scheepswerf; niet bepaald het zwaard van Legolas of de onzichtbaarheidsmantel van Harry Potter, maar de spanning moet natuurlijk een beetje opgebouwd worden. Even later kom je aan bij de oplichtende maquette van het fictieve cruiseschip, een futuristisch ontwerp dat aan een ruimteschip doet denken. Verderop staan hyperrealistische wassen beelden van bemanningsleden gekleed in crew-uniformen en een vitrine waarin het bijbehorende serviesgoed wordt tentoongesteld. Aan de wanden hangen schilderijen van wilde zeeën met daarop het varende schip afgebeeld. Omdat je de film nog niet hebt gezien en je nog niet weet wat er gaat gebeuren, voelt de sfeer een beetje luguber aan, een gevoel dat wordt versterkt door een lege hoek waar sokkels klaar staan maar waar (nog) geen objecten op tentoongesteld worden. De complete installatie geeft een mooi inzicht in de verbeelding van Op de Beeck. Met zijn gigantische en meeslepende sculpturale installaties stolt de kunstenaar als het ware de tijd en creëert hij een soort vacuüm. Als bezoeker heb je binnen dat vacuüm twee keuzes: je laat je meevoeren met je hersenen op sluimerstand alsof je inderdaad een dagje uit bent in Universal Studios, of je gaat ernstig op zoek naar een diepere betekenis of maatschappijkritische boodschap, die lege sokkels laten immers genoeg ruimte voor invulling over.

Sea of Tranquillity Hans op de Beeck - credits Twycer (31).jpg
Zaaloverzicht, Hans Op de Beeck, ‘Sea of Tranquillity’, foto: Twycer, via Het Scheepvaartmuseum. 

+ | De grand finale van deze tentoonstelling betreft de 30-minuten-durende film ‘Sea of Tranquility’, die in de laatste ruimte herhaald wordt afgespeeld. Het begint met een aaneensluiting van langzame momentopnames waarin een scheepswerfarbeider zichzelf gereed maakt voor een dag werk, de kapitein afscheid neemt van zijn vrouw en zich richting het schip begeeft, een ingenieur de bedrading controleert en het kamermeisje aan haar ronde begint… Niemand lijkt er echt veel zin in te hebben. Vervolgens worden we meegenomen naar de lounge waar een bandje een zwoel jazznummer staat te spelen, terwijl de omzittenden rustig dansen, wachten op een glas champagne of zwijgend elkaars blik vermijden. ‘A sea of tranquility, washing away all of my sadness’ klinkt de tekst, ‘please let me drift away’. In de shots daarna dineert een passagier treurig in zijn eentje, worden twee heren synchroon gemasseerd en strooien een vrouw en haar zoon het as van hun overleden echtgenoot/vader emotieloos uit vanaf het dek. Ondertussen staren de kapitein en zijn bemanning zielloos voor zich uit vanuit de stuurhut. Met deze film schetst Op de Beeck een krachtig beeld van complete verdoving. Op een cruiseschip te midden van de oceaan koppelen passagiers zichzelf los van de realiteit en hopen ze dat hun sores naar de zeebodem zinken, terwijl ze bediend en vermaakt worden, maar de onvermijdelijke terugkeer loert op de achtergrond. Het is eigenlijk een typisch beeld van onze tijd en een waarschuwing voor de toekomst; we leven in een snelle en harde wereld, waarvan we allemaal steeds meer de behoefte voelen om te ontsnappen… Of het is gewoon een slome film over mensen die zich vervelen aan boord van een cruiseschip; die interpretatie laten we aan jou over.

Hoe lang doe je er over? | 45 minuten (inclusief film)

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Aan boord van het VOC-schip de ‘Amsterdam’, dat naast het museum te water ligt, kun je met behulp van Virtual Reality een tijdreis maken door de haven van Amsterdam in de Gouden Eeuw. Deze VR-journey is gebaseerd op een schilderij van Reinier Nooms uit 1664, getiteld, ‘Gezicht op het IJ met ’s Lands Zeemagazijn te Amsterdam’, dat ook in het museum te zien is.

De tentoonstelling ‘Sea of Tranquility’ is nog t/m 9 juni 2019 te zien in het Scheepvaartmuseum. Meer informatie: https://www.hetscheepvaartmuseum.nl/doen/tentoonstellingen/hansopdebeeck 

Tekst: Jolien Klitsie

Cover: Hans Op de Beeck, ‘Sea of Tranquillity (film still)’, 2010, (still 1), via Het Scheepvaartmuseum.