Categorie: GO | NO GO

Neo Rauch - portret foto door: Uwe Walter

GO | NO GO #96: Duitse sprookjes in Zwolle

GO | NO GO 15 februari 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. voor het eerst in onze geschiedenis reizen we af naar een museum dat alleen al voor het gebouw de tocht naar Zwolle waard is: Museum de Fundatie. Daar is nu de tentoonstelling ‘Dromos’ van de Duitse Neo Rauch te zien.

Sommige namen zijn uitermate geschikt voor een bepaald beroep. Clint Eastwood of James Dean, wat een namen voor het witte doek. Of de beeldschone Grace Kelly voor een filmster en royalty. De Duitse schilder Neo Rauch (1960, Leipzig) heeft zijn naam ook mee. Sterker nog, de naam is zo goed, dat je bijna zou denken dat het een zelfgekozen pseudoniem is. Neo Rauch is op dit moment de belangrijkste vertegenwoordiger van de Leipziger Schule. Het sociaal-realisme is van groot belang in deze opleiding. Deze maatschappelijk betrokken kunststroming probeert een zeer realistische voorstelling van de werkelijkheid uit te beelden. Houd er hierbij ook rekening mee dat Rauch opgroeide in het Oost-Duitsland van de jaren 60, met het IJzeren Gordijn hoog opgetrokken tijdens zijn studie tot eind jaren 80 wat zorgde voor een isolatie van West-Europa. Tijdens zijn opleiding werd er amper gekeken naar de abstractie en “vrijere” kunstvormen (denk aan Abstract Expressionisme en de Neue Wilden, zoals bijvoorbeeld Anselm Kiefer) zoals die de rest van de wereld al in haar greep had.

Inmiddels is Neo Rauch uitgegroeid tot een wereldberoemde en geliefde kunstenaar, wiens werken voor tonnen over de toonbank gaan. De enorme vraag en populariteit van deze kunstenaar maakt het alleen al bijzonder dat De Fundatie nu zo’n grote show laat zien. In Zwolle zie je nu namelijk maar liefst 65 schilderijen van Rauch uit de periode 1993-2017. Eentje hadden ze al in huis: het werk ‘Gewitterfront’ dat ze in 2016 voor vier ton hebben aangekocht – niet te zuinig. Bijna drie kwart van het museum wordt ingenomen door de enorme schilderijen van de Duitser. De naam van de tentoonstelling, Dromos, is vernoemd naar het vroege werk dat meteen bij binnenkomst te zien is , dat zoveel betekent als “de weg die door Sfinxen wordt geflankeerd en naar de tempel leidt”.

Museum de Fundatie - - Die Kontrolle 2010 - Neo Rauch - privecollectie, Basel
Afbeelding: Neo Rauch, ‘Die Kontrolle’, 2010, olieverf op doek, 300 x 420 cm, privécollectie, Basel, © Neo Rauch / VG Bild-Kunst, Bonn Foto: Uwe Walter, Berlin, via Museum de Fundatie, Zwolle.

+ | Dat de werken van Neo Rauch zeer herkenbaar zijn, dat is zeker. Als je er ooit eerder eentje gezien hebt, pik je ze er zo uit! Maar wat zien we nu eigenlijk? Het zijn veelal hele grote, mysterieuze schilderijen, met voorstellingen die lastig uit te pluizen zijn. Na het zien van deze expo zitten Nathalie en Mirjam stilzwijgend in hun kop koffie te staren en zit Renee wiegend de Duitse titels van de kunstwerken te fluisteren: we zijn even helemaal de weg kwijt. Neem bijvoorbeeld het werk ‘Die Kontrolle’ van ruim drie bij vier meter waarop we een poort zien met een groep sprookjesfiguren eromheen. We zien een vrouw in een blauwe jurk die overloopt in een ouderwetse draagkoets, leeuwtjes met mensengezichten die ons doen denken aan een schilderij van Dali, grote mannen met kleine hoofden en een poortwachter wiens lans een centrale diagonale lijn door het werk vormt. De man die linksachter op het grasveld ligt en zijn handen zo houdt dat hij het ook allemaal niet meer lijkt te weten geeft nog het beste ons gevoel weer. Gek genoeg is het juist deze verwarring die er voor zorgt dat het werk van Rauch beklijft, het laat ons niet meer los. We hebben zo het vermoeden dat het dat de komende tijd ook zeker niet meer gaat doen.

Museum de Fundatie - Neo Rauch - Dromos
Afbeelding: zaaloverzicht ‘Neo Rauch – Dromos’, door Peter Tijhuis, via Museum de Fundatie. (links het werk ‘Der Lehring’)

± | Zoals we al in de introductie zeiden, zijn er maar liefst 65 werken te zien. Dat leidt hier en daar tot volle wanden. We hadden dan misschien ook liever twee schilderijen op een muur willen zien in plaats van drie. Maar wat zeuren we ook eigenlijk? De Fundatie geeft een overzicht van het werk van Rauch vanaf 1993. De werken die je eerst tegenkomt in de benedenzalen, zijn wat valer en monotomer van kleur en laten ons voor de eerste keer met dit vroegere werk uit de jaren 90 kennismaken. Het doet ons denken aan oude Sovjet-affiches  gecombineerd met commerciële posters uit de jaren 20. In de bovenzalen hangt werk vanaf 2000, waarin we een ander kleurgebruik zien. Het werk is kleurrijk met bijzondere kleurcombi’s van bordeauxrood naast magenta, mosterdbruin en mosgroen. Dit werk kenmerkt zich ook weer door de vreemde voorstellingen; we krijgen het idee dat het werk bomvol symboliek zit, maar er wordt nul uitleg gegeven. Helemaal bovenin in De Fundatie in de nieuwbouw ‘Het Oog’ zijn nog een aantal grote verticale werken te zien. Let goed op het werk ‘Der Lehring’. Dit werk zul je ook nog tegenkomen in de film. (zie meer weten) Oeh! dan als afsluiter nog iets, hadden we al gezegd dat meneer Rauch er zelf niet geheel onappetijtelijk uitziet? Need we say more? Alsof we niet al genoeg redenen hadden om naar Zwolle te racen!

Hoe lang doe je er over? | ruim 60 min.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | In een kleine zaal op de gang (tegenover de lift) is een korte film te zien over de werkwijze van Neo Rauch. Je ziet hoe hij aan een immens doek begint en deze langzaam vanaf de achtergrond naar voren opbouwt. Let vooral op zijn vaardigheid: ondanks dat hij dikke stugge handschoenen draagt en zijn kwast erg ver vastpakt (dan kun je moeilijker gedetailleerd schilderen: probeer het zelf maar eens als je een potlood vasthoudt) weet hij feilloos een gezicht neer te zetten met enkel een paar streepjes. Het zien van deze film doet je realiseren dat Rauch de voorstellingen volledig vanuit zijn fantasie op het doek zet. Er komt geen schets of voorstudie aan te pas.


De tentoonstelling ‘Neo Rauch, Dromos: Schilderijen 1993 – 2017’ is nog t/m 3 juni 2018 te zien in Museum de Fundatie in Zwolle. Meer informatie: https://www.museumdefundatie.nl/nl/neo-rauch/

Cover: portret Neo Rauch, Courtesy David Zwirner, New York/London. Photo: Uwe Walter.

Advertenties
Esiri Erheriene-Essi - The Dogs Bark, But The Caravan Goes On

GO | NO GO #95: The Dogs Bark, But The Caravan Goes On

GO | NO GO 1 februari 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Vandaag zijn we bij Galerie Ron Mandos voor de tentoonstelling van Esiri Erheriene-Essi, ‘The Dogs Bark, But The Caravan Goes On’.

De titel van de tentoonstelling, The Dogs Bark, But The Caravan Goes On, zingt je tegemoet. Het is een oud gezegde dat in vele talen van het Midden-Oosten tot aan India voorkomt en van generatie op generatie is overgeleverd. Het betekent ongeveer zoiets als ‘De geschiedenis beweegt voort, ongeacht de kritiek of weerstand die het mag verduren.’ Je kunt de tijd niet stoppen en vooruitgang niet tegenhouden. Het is deze leidraad die door de schilderijen van de Britse kunstenares met de even liederlijke naam Esiri Erheriene-Essi loopt.

Inspiratie voor haar kunstwerken vindt Erheriene-Essi in bestaande foto’s van mensen die in de jaren zestig, zeventig en tachtig zijn geëmigreerd uit landen in Afrika, Suriname, de Caribische eilanden en Haïti om een nieuw leven op te bouwen in Westerse landen. Wie de mensen zijn en wat er verder met ze is gebeurd, weten we niet. Erheriene-Essi laat namelijk haar eigen version of events zien. Ze neemt de mensen op de foto’s als uitgangspunt en creëert nieuwe verhalen, breit er een eigen happy ever after aan vast. Het doet ons denken aan het spelletje dat we wel eens speelden toen we klein waren; je zit in de bus of trein, kijkt naar de vreemden om je heen en probeert je te bedenken wie ze zijn, hoe ze heten, waar ze naartoe gaan, enzovoorts, enzovoorts. Tegen het einde van de reis heb je hele levensverhalen in je hoofd geschreven en is het zelfs een beetje moeilijk om de mensen nietsvermoedend te zien uitstappen en verdwijnen. Naar de personen in Erheriene-Essi mogen we ietsjes langer kijken dan gedurende een enkele busrit, althans: tot en met 17 februari. Laten we dus even nader kennismaken…


Esiri Erheriene-Essi, The Conversation, 170 x 200 cm, 2015 courtesy Galerie Ron Mandos

+ | Wij hadden een bezoekje aan Galerie Ron Mandos niet op de planning staan, maar wandelden toevallig samen over de Prinsengracht, langs de galerie. Toen we terloops naar binnen keken, moesten we wel stoppen: de kleurrijke werken met expressieve figuren lokken je naar binnen als sirenen op rotsen waar je alleen in mythologische verhalen over leest. Al vanaf een afstand maken de werken indruk: de personen op de schilderijen stralen zoveel energie uit, dat je niet kunt wachten op hun persoonlijke verhalen te horen. Die krijg je jammer genoeg niet; wat je wél krijgt zodra je wat dichterbij komt, is een andere soort gelaagdheid. Als je voorbij de losse verfstreken en zwarte contouren kijkt, ontdek je in sommige werken namelijk kleine zwart-witfoto’s die zijn verwerkt in bijvoorbeeld de kleding van de figuren. Het zijn geverfde kopieën van de foto’s waar Erheriene-Essi zich door heeft laten inspireren; ze krijgen een tweede leven in de fantasie die de kunstenares heeft gecreëerd. Sommige van deze foto’s laten een wat meer politieke lading zien; de figuren hebben allemaal een donkere huidskleur en we zien in sommige werken foto’s waarin we racisme, discriminatie en de actuele politiek herkennen.


Esiri Erheriene-Essi, Keep Your Eyes Peeled, 200 x 240 cm, 2016 courtesy Galerie Ron Mandos

+ | De kunstenares is naar eigen zeggen “geobsedeerd” door gaten in de geschiedenis. Het wrange aan geschiedenis is namelijk dat slechts een fractie ervan wordt overgeleverd. De boeken waar wij uit leren op school zijn immers door mensen geschreven en presenteren slechts een selectie van verhalen, vaak vanuit een Westers perspectief beschouwd. Het resultaat is dat we in het Westen maar weinig leren over bijvoorbeeld Afrikaanse culturen, en kwalijke perioden in onze gedeelde geschiedenis (kolonialisme, overheersing, slavernij) nog steeds amper in hun pijnlijke volledigheid worden beschreven. Willen we deze – mooie en lelijke – geschiedenissen leren kennen, moeten we vaak luisteren naar verhalen die van mond-tot-mond worden verteld, onze oren spitsen bij het horen van spreekwoorden als die in de titel van de tentoonstelling. Erheriene-Essi draagt haar eigen steentje bij aan het vervolledigen van de geschiedschrijving – door mensen te schilderen die niet door iedereen als “geschiedenisboekwaardig” beschouwd worden, maar wel – elk voor zich – een steentje bijdragen aan het verhaal van onze wereld. Zij sluit zich hierbij aan bij kunstenaars als Kerry James Marshall (waar we eerder uitgebreid over hebben geschreven) en Kehinde Wiley; een eervolle plaats binnen de huidige kunstwereld.

Meer weten | Zoals wel vaker de laatste tijd, krijgen jullie ook deze keer een ‘meer zien’ van ons op deze plek. Esiri Erheriene-Essi deelt de galerie namelijk met een andere kunstenaar: Isaac Julien. Bij een bezoekje krijg je dus twee voor de prijs van één; aangezien entree gratis is, is dat echt een heel goede deal. Isaac Julien had vorig jaar ook al een solo-expositie, waar wij tevens aandacht aan hebben besteed. Zijn – ditmaal iets kleinere – expositie laat een videowerk plus enkele foto’s uit zijn Before Paradise serie zien. Wij zijn vooral fan van de foto’s (wat een mooie portretten!), maar voor liefhebbers van lichtelijk surrealistische video’s is een bezoek aan de galerie ook zeker een aanrader. Klik hier om meer te lezen over deze expositie.

Isaac Julien - Before Paradise - Ron Mandos
Isaac Julien, Before Paradise, 117,5 x 118 cm each, 2002​ courtesy Galerie Ron Mandos


De tentoonstelling ‘Esiri Erheriene-Essi – The Dogs Bark, But The Caravan Goes On’ is nog t/m 17 februari 2018 te zien bij Galerie Ron Mandos. Meer informatie: http://www.ronmandos.nl/exhibitions/esiri-erheriene-essi

Cover: Esiri Erheriene-Essi, Legacy, 165 x 170 cm, 2017 courtesy Galerie Ron Mandos

 

Marc Manders - Museum Voorlinden

GO | NO GO #94: De perfecte expo voor je quarterlife crisis

GO | NO GO 30 januari 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week zijn we in Museum Voorlinden voor de expositie ‘Stage of Being’.

Dikke kans dat je – net als wij – elke week weer een nieuwe dimensie in je quarterlife crisis ontdekt. Je besluit dat je veel beter moet netwerken en je LinkedIn bij moet houden, vijf minuten later ga je op digitale detox, weer een half uur later zit je gestrest een hamburger te eten terwijl je online een afspraak bij de personal trainer boekt. Met het risico dat we als oude omaatjes gaan klinken – alles gaat tegenwoordig steeds sneller en we proberen allemaal een balans te vinden tussen Fear Of Missing Out en Fear Of Going Out. Deze existentiële vragen en ons overactieve zelfbewustzijn is precies waar de expositie ‘Stage of Being’ in Museum Voorlinden over gaat.

‘Stage of Being’ is de volgende tentoonstelling in een reeks presentaties met kunstwerken uit de betoverende collectie van Museum Voorlinden. Elke zoveel maanden wordt een andere selectie gemaakt op basis van een thema. De moderne en hedendaagse kunstenaars in deze expositie – het zijn er tientallen – staan stil bij de emoties van de mens: eenzaamheid, identiteit, het zoeken naar rust en balans. Om maar even te namedroppen, enkele van deze kunstenaars zijn Rineke Dijkstra, Louise Bourgeois, Tracey Emin, Ai Weiwei en Jan Sluijters. Niet alleen zijn de grote namen talrijk, we worden ook getrakteerd op alle media binnen de beeldende kunsten – van schilderijen tot installaties en van sculpturen tot video’s. Hubba hubba, wij staan te trappelen!

Esther Tielemans - Anthony Gormley - Museum Voorlinden
Links: Esther Tielemans, ‘
YOU’, 2014 Rechts: Antony Gormley, Mass, 2006. Beide: foto: Antoine van Kaam, Collectie Museum Voorlinden & afbeeldingen via Museum Voorlinden. 

+ | Wanneer we door de zalen lopen, zien we kunstwerk na kunstwerk dat ons het gevoel geeft dat wij mensen altijd een klein beetje (of iets meer) in de knoop zitten, samen of alleen, en zoeken naar gezonde en gelukkig makende relaties, met anderen en met onszelf. Het is herkenbaar, soms pijnlijk en soms geruststellend – kunst als therapie, als het ware. Confronterend is bijvoorbeeld het werk van Antony Gormley, Mass uit 2006. Als je van een afstand naar het web van stalen draden kijkt, zie je heel duidelijk een menselijk vorm in de draden. Hoe dichterbij je komt, des te meer “verdwijnt” de mens in zijn omgeving… Ook het werk van Esther Tielemans grijpt terug op het thema van identiteit. Haar kunstwerk heet YOU, maar de hoogglans gelakte zwarte platen vormen samen de letter ‘i’. Als je recht voor het werk gaat staan, zie je je eigen reflectie – je ontkomt op geen enkele wijze aan jezelf in het werk van Tielemans.

+ | Wat ons verder in het oog (en hart) springt: naast werken met de thema’s identiteit en eenzaamheid, zijn er in elke zaal wel een paar kunstwerken die één en al lichamelijkheid laten zien. Als deze tentoonstelling ons iets vertelt over de tijdsgeest, dan is bij deze bepaald dat we niet alleen erg “in ons hoofd zitten”, maar ook een obsessie met ons lijf hebben. We zien bijvoorbeeld het kunstwerk van Henrique Oliveira, Condensation uit 2012-2015, een rij matrassen zien waarvan de binnenkant helemaal uitgekauwd lijkt te zijn. De textuur van de matrassen doen ons op een perverse manier denken aan filmpjes van liposuctie die je in sensationele SBS6-programma’s ziet (geef maar toe, jij hebt er ook wel eens langs gezapt). Daarnaast zien we ook een pure en directe verbeelding van de menselijke natuur in de portretten van Rineke Dijkstra. We zien drie vrouwen die net zijn bevallen van een kind; hun lichamen ogen ijzersterk en kwetsbaar tegelijkertijd, een van de vrouwen draagt nog een enorm maandverband, bij een ander zien we een stroompje bloed langs haar been lopen. Deze “lichamelijke” werken zorgen ervoor dat we ons een beetje ongemakkelijk voelen, op een goede manier – een beetje vreemd, maar wel lekker dus.

Rineke Dijkstra - Museum Voorlinden
Rineke Dijkstra, Julie (Den Haag) | Saskia (Harderwijk) | Tecla (Amsterdam), 1994.

+ | Nog even in de categorie huishoudelijke mededelingen en praktische aangelegenheden: in de zalen hangen er geen lappen tekst, het is de bedoeling dat je KIJKT. Of je de kunst mooi vindt, lelijk vindt, of gewoonweg niet begrijpt: jij bent de baas, er wordt jou geen interpretatie of inhoudelijke informatie opgedrongen. Mocht je toch graag meer willen weten over de (achterliggende betekenis van) een kunstwerk,  pak je gewoon het tentoonstellingsboekje erbij dat uitgedeeld wordt bij binnenkomst. Hier lees je in heldere en korte stukjes meer over de individuele stukken. Ook handig als je thuis nog een keer je favorieten wilt opzoeken!

Hoe lang doe je er over? | In 30 – 60 minuten heb je deze expositie wel gezien, maar onze tip is om er een dagje van te maken! Wat er verder nog te doen is in Museum Voorlinden, lees je hieronder bij ‘meer weten’.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Niet ‘meer weten’, maar ‘meer zien’! In Museum Voorlinden is er namelijk altijd veel meer te bekijken. Zo is de expositie van Michael Johansson nog t/m 11 februari te bewonderen – wat een heerlijke neuroot is het toch. En vanaf 20 januari is er nog een tentoonstelling bij gekomen, met werken van de veelgeprezen hedendaagse beeldhouwer Michael Puryear. Drie voor de prijs van één dus, en dan tellen we de toffe vaste collectie niet eens mee.


De tentoonstelling ‘Stage of Being’ in Museum Voorlinden is nog t/m eind mei 2018 te zien (exacte datum nog niet bekend). Meer informatie: http://www.voorlinden.nl/tentoonstelling/stage-of-being/

Cover: Mark Manders – Landscape with Male Figure (2017). Foto: Antoine van Kaam, via Museum Voorlinden.

GO | NO GO #93: Bij Kim Jong-Un op de koffie

GO | NO GO 26 januari 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week reizen we met Eddo Hartmann af naar Noord-Korea, niet per vliegtuig maar gewoon met een wandeling naar Huis Marseille.

Er zijn maar weinig landen ter wereld waar alles zo extreem wordt geënsceneerd als in Noord-Korea. We beginnen even met een lesje geschiedenis, maar beloven: we’ll keep it short and sweet. Van 1950 tot 1953 is tijdens de Koreaanse Oorlog bijna heel de hoofdstad Pyongyang verwoest. De regering heeft deze stad toen herbouwd – Communist Style. Alles straalt socialisme en vooruitgang uit: overal zie je propaganda, van enorme beeldhouwwerken, portretten van de leiders, tot teksten die de bewoners helpen herinneren hoe geweldig Noord-Korea was en is.

Tussen 2014 en 2017 reisde fotograaf Eddo Hartmann maar liefst vier keer af naar dit land. Dat is op zichzelf al heel bijzonder, want het totalitaire regime laat zelden Westerse fotografen binnen. Hij is gefascineerd door hoe weinig wij in het westen eigenlijk afweten van dit gesloten land. Alle informatie die wij zien of horen komt vanuit kritiek of vanuit het Westen of de propagandistische beelden die de Noord-Koreaanse regering zelf de wereld inzendt. Wat zijn werk zo bijzonder maakt, is dat hij enerzijds de focus legt op het individu, in een maatschappij die enkel om het geheel draait. Anderzijds zijn zijn foto’s groot van formaat, kennen enorm veel detail en zijn mega crisp. Het is net alsof je op een zonnige winterochtend de (figuurlijke) set van Noord-Korea op komt wandelen. De luchten zijn helder en het decor van Pyongyang spreidt zich voor je uit…

Eddo Hartmann, ‘Arch of Triumph’, Pyongyang, 2015, via Huis Marseille
Eddo Hartmann, ‘Arch of Triumph’, Pyongyang, 2015, via Huis Marseille

+ | Het gehele linker pand (Keizersgracht 399) is overgenomen door deze tentoonstelling ‘Setting the Stage’, en dat is wel zo makkelijk navigeren. Nadat we toch nog even in de war zijn omdat we eerst een zaal met werken uit de eigen collectie staan, vinden we al snel het startpunt van onze reis. De introductietekst neemt je als bezoeker meteen mee in het bijzondere aspect van deze foto’s: het feit dat Hartmann zo vaak naar Pyongyang kon reizen en ons allerlei aspecten van die reis kan tonen. Er zijn verschillende zalen ingericht met films, foto’s en lichtbakken. Zelfs de verlichting bij de trap is roodgekleurd. Communism, we feel you all the way! Doordat Hartmann hier en daar het individu laat stralen, wordt het beeld dat we hebben iets menselijker. Zoals bijvoorbeeld het jonge meisje dat we zien op het werk ‘Guard in Blue’. Haar guitige gezicht en het hopeloos ouderwetse uniform geven haar iets aandoenlijks. Verder worden we verrast door de bizarre architectuurfoto’s die je de pleinen, en enorme communistische gebouwen laten zien. In de tentoonstelling lopen we lopen we letterlijk van licht naar donker en worden continu geprikkeld en op scherp gezet: de witte ruimtes met foto’s worden afgewisseld met donkere zalen waarin films worden vertoond. We worden hierdoor continu geprikkeld en op scherp gezet, niets gaat vervelen. De opstelling van foto’s worden afgewisseld met donkere zalen waarin films worden vertoond. Een echte aanrader is in de bovenste zaal, daar ligt een 3D bril waarmee je midden op een plein in Pyongyang staat.

Eddo Hartmann - Setting the Stage - Huis Marseille
Links: Eddo Hartmann, ‘Gun Instructor, Pyongyang, 2015, via Huis Marseille | Rechts: Eddo Hartmann, ‘Guard in Blue’, Pyongyang, 2015, via Huis Marseille

+ | Los van het feit dat Noord-Korea en met name Pyongyang lijkt op de setting van een toneelstuk of de set van een filmopname. (titel van de expo ‘Setting the Stage’: goed gekozen, douze points!) Er zijn weinig mensen op straat en alles ziet er ontzettend verstilt uit. Het is vooral het soort foto’s dat deze expo tot een succes maakt. De meeste afbeeldingen zijn groot van formaat en laten ontzettend veel detail zien. We zeiden het hierboven al even, maar de foto’s van Hartmann laten zich echt eindeloos lang bekijken. Ze zijn zo rete-scherp dat je het gevoel krijgt alsof je door een raam naar buiten kijkt en deze setting met eigen ogen ziet. Deze scherpte past goed bij het onderwerp van een zogenaamd vlekkeloze maatschappij waarin alles en iedereen doet alsof het perfect is. Wij hebben na het zien van deze tentoonstelling het gevoel dat we Noord-Korea iets beter kennen. We hopen dat hij ooit nog terug mag gaan en wij wachten met smart op deel drie.

Hoe lang doe je er over? | 45 min

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | In de tentoonstelling wordt de film ‘Where are you dear general’ getoond. Daarin zien we de stad om middernacht. Elke avond wordt om 00:00 het elektronische lied ‘Where are you dear general’ door luidsprekers over de straten gespeeld. Je kunt de film alvast hier deels bekijken: http://www.settingthestage.nl/#9


De tentoonstelling ‘Setting the Stage: Pyongyang, North Korea’ van Eddo Hartmann is nog t/m 4 maart 2018 te zien in Huis Marseille. Meer informatie: https://www.huismarseille.nl/tentoonstelling/eddo-hartmann-2/

 

GO | NO GO #92: Een Amsterdamse wilde nacht in 1980

GO | NO GO 23 januari 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer stapten we weer eens binnen bij de galerie Stigter van Doesburg, waar nu de ‘Amsterdam Polaroids’ van Bettie Ringma en Marc H. Miller worden tentoongesteld.

Met alle Airbnb’s, Nutellawinkels, horden toeristen, bakfietsen, het honderdduizendste ‘leuke koffiezaakje met hangende peertjes en bakstenen muren’ en complete yuppenwijken, is Amsterdam zijn volksaard in rap tempo aan het verliezen. Maar er was een tijd dat Amsterdam niet alleen voor de rijken was. In 1979 en 1980 doken Bettie Ringma (1944) en Marc H. Miller (1946) met hun polaroidcamera het Amsterdamse nachtleven in, waar ze een rijk scala aan types vastlegden die in de nachtelijke uurtjes hun problemen van overdag even konden vergeten. Het was een tijd waarin er nog in cafés gerookt mocht worden (wat lijkt dat toch lang geleden!), de bars nog bruin waren met behangetjes aan de muur, een tijd waarin je je oogschaduw nog tot aan je wenkbrauwen smeerde en waar de broek nog wel eens tot op de enkels werd geschoven zodra er een camera aan te pas kwam – gewoon om te laten zien wat je in huis had.

Bettie Ringma en Marc H. Miller, ‘Amsterdam Polaroids’, Galerie Stigter van Doesburg
Links: Tante Tina bij Café Popular. | Rechts: Café de Zon. Beide beelden © Marc H. Miller en Bettie Ringma, beide via vice.com/nl.

+ | Wat je te zien krijgt, is echt smullen. Bettie en Marc gingen alle kroegen af, en hadden na een tijdje vaste routes. De ene avond legden ze het nachtleven op de Wallen vast, de andere avond begaven ze zich rond het Rembrandtplein of liepen ze de kroegen van het Leidseplein af. “De Wallen leverden de interessantste plaatjes en het meeste geld op, maar we kwam ook veel kleine subculturen tegen, zoals de Turkse cafés,” licht Miller toe in een interview met Vice. De rijen aan polaroids die op een metalen richeltje tegen de wanden van Stigter van Doesburg leunen, lijken je dan ook vooral te tonen dat er voor iedereen ergens in Amsterdam wel een plekje was, of je nou een armzalige dronkenlap, trotse travestiet, besnorde gastarbeider of knappe dame met mom jeans was toen die jeans nog niet van je mom waren, maar gewoon nieuw en hip en iedereen ze droeg. Dat lijkt in schril contrast te staan met het inmiddels onbetaalbare Amsterdam van nu, en we worden spontaan nostalgisch naar een tijd die wij Kunstmeisjes überhaupt nooit mee hebben mogen maken.
prachtige-polaroids-van-het-amsterdamse-nachtleven-in-1980(fotografe)
© Marc H. Miller en Bettie Ringma (Bettie staat hier zelf op de foto in wit blousje en spijkerbroek), beeld via Galerie Stigter van Doesburg.

± | Net als de vele Indiase, Pakistaanse en Bengaalse heren die vandaag de dag in grote getalen af zitten te wachten tot wij dronken genoeg zijn om onze smartphones te vergeten en te dokken voor zo’n unieke polaroid, was het Bettie Ringma en Marc H. Miller niet te doen om kunst te maken, maar om een zakcentje bij te verdienen. De twee waren net van New York naar Amsterdam verhuisd en hadden geld nodig. Op het beroemde Coney Island hadden ze iemand polaroids zien maken van strandgangers, en met dat idee trokken ze (na een niet zo succesvolle try-out bij Zandvoort) het Amsterdamse nachtleven in. Ze verkochten de polaroids voor vijf à zes gulden per stuk. Niemand deed dat toen nog, en al snel werden ze graag geziene gasten – al kostte het hen wel moeite om de nachtvlinders en kroegtijgers ook daadwerkelijk te laten betalen. Al snel realiseerden ze zich dat hun foto’s van het Amsterdamse nachtleven een uniek historisch document opleverde. Ze zochten contact met Polaroid om te vragen of ze geen korting konden krijgen op de dure fotorollen, zodat ze twee keer dezelfde foto konden maken: één om te verkopen en één om zelf te houden. Polaroid gaf ze een enorme voorraad films voor vijfhonderd foto’s, wat de selectie duplicaten die we nu in Stigter van Doesburg zien mogelijk heeft gemaakt. Het veranderde hun bijverdiensten tot een kunstproject. Alleen jammer om je te bedenken dat wat je ooit op een dronken avond voor vijf piek kocht, nu in de galerie een scan van een originele polaroid 750 euro per stuk kost. De selectie originele polaroids die de galerie tentoonstelt, hoopt men als geheel te verkopen. Prijs op aanvraag…

Hoe lang doe je er over? | Zolang als je wilt: van een haastige blik binnen vijf minuten, tot een uur fantaseren over wat zich allemaal tijdens die Amsterdamse nachten heeft afgespeeld – dat is aan jou. Komt je familie uit Amsterdam? Neem dan vooral familieleden mee bij wie dit wellicht herinneringen oproept.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | In de tentoonstelling staat in een verdomhoekje een classic oude tv-doos die een korte video toont van Ringma & Millers nachtelijke avonturen met de camera. Maar je kan ‘m bij wijze van trailer ook kijken voordat je gaat, om alvast in de stemming te komen: https://vimeo.com/3371104


De tentoonstelling ‘Amsterdam Polaroids’ is nog t/m 17 februari 2018 te zien in Stigter van Doesburg. Meer informatie: https://www.stigtervandoesburg.com/exhibition/amsterdam-polaroids

Cover: Herman and Stien in the Copacabana, Amsterdam, 1980. © Marc H. Miller en Bettie Ringma, beeld via Stigter van Doesburg.

Jesper Just - EYE

GO | NO GO #91: Een naamloos spektakel in EYE

GO | NO GO 18 januari 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. We zijn deze week weer eens op het pontje over het IJ gestapt voor een bezoek aan EYE, waar nu de expositie van de Deense filmmaker Jesper Just te zien is.

Scandinavië is de geboortegrond voor een aantal van de meest prachtige dingen ter wereld: Ikea-gehaktballen, thriller-series, namen als Brynhild (oud-Noors voor ‘gewapend voor de strijd’, mocht je het je afvragen) en fantastisch komische tentoonstellingen als The Aalto Natives waar we afgelopen dinsdag over schreven. Én Jesper Just. De Deense filmmaker is niet de minste of onbekendste in de kunstwereld – zijn videowerk ‘Intercourses’ was bijvoorbeeld de Deense inzending voor de Biënnale in Venetië in 2013. Nu presenteert de filmmaker annex kunstenaar in EYE vijf ruimtes met bijzondere videowerken: het zijn ruimtevullende installaties waar je langs, omheen en soms zelfs doorheen kunt lopen.  

Be warned, de videowerken zijn vrij abstract – het verhaal is niet altijd eenduidig (sterker nog, soms lijkt deze wel afwezig) en de nadruk ligt heel sterk op het visuele. Justs cinematografische werk is niet zozeer bedoeld ter vermaak, maar om zijn verhaal en boodschap over te brengen door middel van bewegend beeld. Geen popcorn en cola, geen zaal waar je onderuit kunt zakken, maar videokunst die je aan het denken zet. Hoewel het verhaal niet altijd zo eenvoudig te destilleren is, zijn de overkoepelende thema’s dat wel: gender, verlangens, identiteit, rolverdelingen en stereotyperingen. In de video’s zien we verschillende minderheden, vaak in ongemakkelijke, intieme of mysterieuze situaties. Als het de bedoeling is dat we ons zelf ook een beetje ongemakkelijk gaan voelen, dan lukt dat prima. Het is alsof we kijken naar dingen waar we eigenlijk helemaal niet bij mogen zijn en we worden keihard geconfronteerd met onze stiekeme vooroordelen…

Jesper Just - EYE - Amsterdam
Still uit ‘Intercourses’, 2013 Courtesy Galleri Nicolai Wallner, Copenhagen; Galerie Perrotin, Paris Copyright © Jesper Just 2013

+ | Speciaal voor deze tentoonstelling heeft Just zelf de zalen van EYE verbouwd. De toegevoegde muren volgen de unieke vormen van het museum; diagonalen, onregelmatige vormen en gekke hoeken vormen samen een gebouw binnen het gebouw. Door niet alleen zijn kunst te installeren, maar ook de ruimte aan te pakken, wordt deze expositie echt een totaalkunstwerk. Normaliter loop je in één vloeiende beweging door deze tentoonstellingsruimte, en bepalen hooguit schotten of enorme schermen je looproute. Bij deze ‘gesloten’ indeling moet je daarentegen bewust de keuze maken om een volgende kamer in te gaan, een nieuwe wereld te betreden. Je wordt elke keer naar binnen gelokt; door fluoriserend roze licht, door gekke geluiden, door stemmen die je van ver tegemoet komen. Juist doordat je geen vrij zicht hebt, worden je overige zintuigen verscherpt en gestimuleerd. Als bezoeker krijg je het gevoel dat je door een soort artistieke attractie loopt en aan de hand van een audiovisuele lokroep, hop, de vreemde video’s van Jesper Just in wordt getrokken.

jesper_just_eye_filmmuseumcstudiohanswilschutdsc08259
Zaalopname met het werk ‘This Nameless Spectacle’, 2011 Courtesy Galleri Nicolai Wallner, Copenhagen; Galerie Perrotin, Paris Copyright © Jesper Just 2011

+ | Dan nu over de video’s zelf: zoals we al in de intro aankondigden, maakt Just kunstzinnige films die je confronteren met vooroordelen en minderheden centraal stellen. Daarnaast legt Just sterk de nadruk op het fysieke – zowel door de thema in de video’s, als ook door ons als het ware onderdeel te maken van de kunstwerken zelf. Het meest indrukwekkend vonden we de laatste ruimte, waarin twee schermen beide zijmuren volledig bedekken (zie de afbeelding hierboven). De film This Nameless Spectacle is verdeeld over beide schermen, waarbij je dus eigenlijk beide schermen tegelijkertijd moet zien om alles mee te krijgen. Doordat je als bezoeker tussen de schermen moet staan is dat echter onmogelijk, en heb je dus continu het gevoel dat je iets van het verhaal mist. En dat verhaal, poeh. We zien een aantrekkelijke, iets oudere vrouw zichzelf in een rolstoel voortduwen door Parijs. Op een gegeven moment merkt ze dat ze achtervolgd wordt door een jongeman, waarvan we meteen vermoeden dat het een regelrechte sociopaat is. Hoe het verhaal zich verder ontwikkelt verklappen we lekker niet. Eén ding is zeker: met deze ruimte gaat Jesper Just out with a bang – we wilden de expositie het liefst niet verlaten en de video keer op keer op keer op keer bekijken.

Hoe lang doe je er over? | Je kunt er in 15 minuten doorheen rennen, but where’s the fun in that? Neem de tijd en neem iemand mee met wie je over de werken kunt discussiëren en samen de zalen en kunstwerken kunt verkennen – deze tentoonstelling is daar echt perfect voor.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Voor een sneak peek bekijk je hier de trailer van de tentoonstelling, waarin de curator van EYE en de kunstenaar zelf een mooie introductie geven.  


De tentoonstelling ‘Jesper Just’ is nog t/m 11 maart 2018 te zien in EYE. Meer informatie: https://www.eyefilm.nl/tentoonstelling/jesper-just

Cover: Still uit Servitudes, 2015 Courtesy Galleri Nicolai Wallner, Copenhagen; Galerie Perrotin, Paris Copyright © Jesper Just 2015

The Aalto Natives - Cobra Museum - Nathaniel Mellors - Erkka Nissinen

GO | NO GO #90: Een Finse Muppet Show

GO | NO GO 16 januari 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. We stapten even met één been uit de Amsterdamse bubbel naar het nabije Amstelveen voor de tentoonstelling The Aalto Natives in het Cobra Museum.

Finland is geboren uit het ei van een kosmische eend. Dat is één van de dingen die je leert in het absurdistische, hilarische werk van Nathaniel Mellors (1974, Groot-Brittannië) en Erkka Nissinen (1975, Finland). De tentoonstelling The Aalto Natives voelt als een capsule waar je instapt: in één relatief kleine ruimte word je als toeschouwer omringd door videoprojecties op de muren, terwijl in het midden een enorm ei, een kartonnen doos met mensenogen en een onzichtbaar operating system met elkaar in gesprek gaan. Het pratende ei is vader Geb en de doos is zijn aandoenlijke zoon Atum. In het verhaal van The Aalto Natives zijn Geb en Atum goddelijke wezens die na miljoenen jaren de planeet die ze hebben geschapen naar het evenbeeld van hun favoriete land, Finland, opnieuw bezoeken om te zien hoe de mensen en hun cultuur zich in de tussentijd ontwikkeld hebben. Verschillende muppet-figuren passeren in het verhaal de revue: een bijdehante Neanderthaler met een Brits accent; een Chinese uitvoering van de beroemde psychiater Carl Jung; en een figuur zonder hoofd wiens penis en aars proberen te ontsnappen uit zijn broek… Juist.


The Aalto Natives - Cobra Museum - Nathaniel Mellors - Erkka Nissinen
Still
uit The Aalto Natives, 2017 © Nathaniel Mellors & Erkka Nissinen. Beeld via Cobra Museum.

Mellors en Nissinen ontwikkelden het werk oorspronkelijk voor de Biënnale van Venetië van afgelopen jaar, een kunstmanifestatie (waar wij waren – heb je ons gevolgd via Instagram @kunstmeisjes?) bestaande uit nationale paviljoens waar ieder deelnemend land kunst uit eigen stal presenteert. De titel van het werk, The Aalto Natives, verwijst naar de architect van het Finse paviljoen, Alvar Aalto. Zijn ontwerp was bedoeld als een tijdelijk onderkomen, maar is inmiddels een gekoesterd symbool van Fins erfgoed. Daarnaast vierde Finland in 2017 haar 100-jarige bestaan als onafhankelijke natie. Nissinen en Mellors werden met hun idee geselecteerd om Finland in Venetië te vertegenwoordigen, en deden dat dan ook op passende wijze. Het werk speelt slim in op de nationalistische indeling van de biënnale en wat Finland als natiestaat definieert. Er stonden rijen voor het paviljoen en de pers schreef er lovend over. Reden genoeg voor Xander Karstens, curator van het project in Venetië én artistiek directeur van het Cobra Museum, om het ook in ‘zijn’ museum te tonen.

+ | Eigenlijk is het verhaal verteld zoals je Finland zou uitleggen aan aliens, van de vroege mythes en sages tot aan hedendaagse stereotypen in de Finse maatschappij. Zo hebben de kunstenaars niet zelf verzonnen dat Finland ‘gelegd’ is door een eend: dit element in het verhaal is afkomstig uit het beroemde Finse epos Kalevala. De bijdehante Neanderthaler in The Aalto Natives zien we vanuit een bootje op zee door een verrekijker een eend spotten op een stukje land, die als een beeldhouwer met een peuk in zijn snavel vorm geeft aan Finland. De ronddobberende holbewoner lijkt Väinämöinen te verbeelden, die in de Kalevala de zoon van de Schepper is. Hoe onzinnig het verhaal van Geb en Atum namelijk ook mag klinken, dit werk is in wezen een kritische reflectie op de Finse identiteit als land – met herkenbare onderwerpen als nationalisme en populisme die momenteel op vele (Europese) landen van toepassing zijn. Op kinderlijke wijze word je via The Aalto Natives dus steeds een beetje wijzer over de geschiedenis van Finland. Nouja, soort van.

The Aalto Natives - Cobra Museum - Nathaniel Mellors - Erkka Nissinen
Still
uit The Aalto Natives, 2017 © Nathaniel Mellors & Erkka Nissinen. Beeld via Cobra Museum.

+ | Het gebruik van animatronics is onder kunstenaars sterk in opkomst. We zagen het al in het Stedelijk bij Jordan Wolfson (in de tweedelige tentoonstelling MANIC/LOVE en TRUTH/LOVE) en toen werd het ons al duidelijk dat het gebruik van bewegende en/of pratende poppen het kunstpubliek op een heel nieuwe manier aanspreekt, veel directer dan we in het museum gewend zijn. Efteling meets white cube! Daarnaast is er nog zoiets ongewoons aan de hand in The Aalto Natives: het is grappig. Dat je iets absurd hebt gevonden in een museum, dat zal vast al wel eens voorgekomen zijn. Dat het je ook aan het lachen maakte, is vast een stuk zeldzamer. Mellors en Nissinen zijn beide geïnteresseerd in hoe satire artistiek kan worden gebruikt om kritisch naar de wereld van nu te kijken. In tegenstelling tot de wijdverspreide academische toon van de kunstwereld, tonen de kunstenaars met The Aalto Natives aan dat juist humor en absurdisme in de kunst bijzonder effectief zijn om actuele maatschappelijke vraagstukken aan de kaak te stellen. De verhaallijn is bij vlagen onnavolgbaar, maar de scherpe maatschappijkritiek over thema’s als nationalisme, kolonialisme, xenofobie en de menselijke drift tot vooruitgang, verpakt in hilarische quotes van de verschillende hoofdrolspelers, komt hoe dan ook bij je aan. En als het kwartje valt, zit je in deze tentoonstelling hardop te lachen.

– | Toch nog wat parental advisory voor de ouders onder ons: hoe kindvriendelijk deze speelse installatie ook klinkt, er zitten best wel gewelddadige stukjes in het videowerk waarvan je dan liever had gewild dat je kind dat net even níet had gezien. Zoals een slang die de ogen uit iemands hoofd zuigt, of slow motion herhalingen van hoe een mes zich door de rug van een Carl Jung-muppet boort. Tja, maatschappijkritiek gaat nu eenmaal niet over rozen…

Hoe lang doe je er over? | Zie het als een bioscoopuitje zonder comfortabele bioscoopstoelen. Het werk duurt namelijk een klein uurtje maar is absoluut de moeite waard om volledig te kijken. De houten billen die je van de krukjes in de zaal krijgt, nemen we dan maar voor lief.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Studio International interviewde de kunstenaars in Venetië bij het Finse paviljoen. En ineens zie je: hé, is Erkka Nissinen niet het menselijk lichaam onder Atums kartonnen hoofd? En lijken hun stemmen niet heel erg op die van sommige figuren in het werk?



De tentoonstelling ‘The Aalto Natives by Nathaniel Mellors and Erkka Nissinen’ is t/m 25 februari 2018 te zien in het Cobra Museum voor Moderne Kunst. Meer informatie: http://www.cobra-museum.nl/activity/verwacht-the-aalto-natives-by-nathaniel-mellors-and-erkka-nissinen/

Coverbeeld: Installatieshot van The Aalto Natives, 2017 © Nathaniel Mellors & Erkka Nissinen. Beeld via Cobra Museum.

 

De Hermitage - Hollandse Meesters

GO | NO GO #89: From Sint Petersburg with love

GO | NO GO 11 januari 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. We zijn deze week bij ‘Hollandse Meesters uit de Hermitage. Oogappels van de Tsaren’ in de Hermitage Amsterdam.

Hoewel de Kerstdagen net pas achter de rug zijn, hebben wij alweer keihard behoeft aan een paar dagen vrij #winterdip. Waar wij naartoe zouden willen? Misschien de Malediven, of een weekendje Lissabon? Nee – geef ons maar Rusland! Hoog op onze lijst van kunstzinnige droombestemmingen staat namelijk De Hermitage in Petersburg. Opgericht in 1764 door de Tsaren in een tijd dat Rusland nog heel Europees was, vind je er tegenwoordig drie miljoen kunstwerken. Mocht je je nu afvragen, zijn dit alleen Ruski schilderijen? Njet. In de Hermitage in Sint Petersburg hangen bijvoorbeeld ook 1500 (!) schilderijen uit de Hollandse Gouden Eeuw, wat dit de grootste collectie oude meesters in het buitenland maakt. Goed nieuws voor wie – net als wij – nog even door moet sparen voor een retourtje Rusland: 63 van die schilderijen zijn nu voor het eerst na 250 jaar weer “thuis” in Amsterdam.  

Rembrandt - De Hermitage - Hollandse Meesters
Detail van Rembrandt, Jonge vrouw met oorbellen, 1656 © State Hermitage Museum, St Petersburg

Wil je weten of de Nederlandse schilderijen in goede handen zijn, daar in het koude Rusland? Bekijk dan eerst het tien minuten durende fragment van de documentaire ‘Passie voor de Hermitage: gewonde kunst’, dat in een van de eerste zalen getoond wordt. Deze docu vertelt over het schilderij Danaë van Rembrandt dat in 1985 vreselijk verminkt werd door een gestoorde man, die met een mes en een bak zwavelzuur de Hermitage in Sint Petersburg binnen liep. Hij stak de naakte godin tweemaal, waarna hij het zuur over haar wulpse lichaam goot. In de docu zien we de medewerkers van de Hermitage, Hermitazjniks, 30 jaar later met tranen in hun ogen vertellen over de bewuste dag: “De verf droop over het doek, langs de wand op de vloer. Het was alsof Danaë’s huid was afgestroopt en we haar rauwe vlees konden zien.” Bezoekers kwamen huilend bloemen leggen op de plek waar het schilderij eerst hing, terwijl de restaurator twaalf jaar lang elke dag bezig was om Danaë’s “huid” te herstellen. Het berust geen enkele twijfel: de Russen houden met heel hun hart van Rembrandt. Jammer genoeg mag Danaë niet meer reizen, maar zes andere Rembrandts zijn – ongetwijfeld met gezonde tegenzin – samen met hun tijdgenoten uit logeren gestuurd. Tijd voor een nadere kennismaking.

Rembrandt - De Hermitage - Hollandse Meesters
Links: Rembrandt, Flora, 1634 | Rechts: Rembrandt, Portret van een oude man in het rood, Circa 1652/54 © State Hermitage Museum, St Petersburg.

+ | Terwijl je door de eerste gang van de expositie wandelt, kom je enkele kleine en grote namen tegen, waaronder een drietal prachtige naakten van Gerard Dou (Rembrandts eerste leerling), die bijna nooit naakten schilderde. We zien een jonge baadster (1660-65) die ons verlegen over haar schouder aankijkt. Maar pas op – ze geeft met haar rechterhand een subtiele middelvinger voor wie net te lang naar haar naakte lijf kijkt. Snel doorlopen, en dan opeens, in je rechterooghoek: Rembrandts Flora (zie hierboven). Als een schilderij in een schilderij wordt ze omlijst door de deuropening (zie onze coverafbeelding). Het goud van haar eigen lijst trekt ons naar haar toe, als eksters die niets anders meer kunnen zien zodra ze een juweel in het vizier hebben. Haar kleding, hoewel slechts opgebouwd uit laagjes verf, fonkelt misschien nog een beetje meer: de verschillende texturen, van haar jurk tot de bloemen in haar haar, lijken levensecht. Dan kijken we opzij en zien we een oude man kalm vooruit kijken (zie de afbeelding hierboven). Geen goudbrokaat, geen fijne details die onze aandacht over heel het schilderij verspreiden; we zien een latere Rembrandt die onze blik trekt naar wat hij echt belangrijk vindt – het gezicht van de man. Diepe rimpels en ogen die half in de schaduw rusten lijken ons een inkijkje in zijn ziel te geven. De vergelijking tussen de precieze Flora en de vrijelijk geschilderde oude man is een ideale introductie tot een vroege en late Rembrandt, meester in beide stijlen.

Melchior d’Hondecoeter - De Hermitage - Hollandse MeestersInstallatieshot met een werk van Melchior d’Hondecoeter in de expositie ‘Hollandse Meesters uit de Hermitage’. Foto: De Kunstmeisjes.

± | Hoewel de 63 schilderijen die in deze expositie hangen stuk voor stuk prachtig zijn, is het Rembrandt die beneden de show steelt. Maar als we toch even naar boven lopen, komen we in aanraking met de rest van de Gouden Eeuw; scènes uit het dagelijks leven, dienstmeisjes en jongedames, grote gouden urnen en sappige citroenen in stillevens. Sta vooral even wat langer stil in de ruimte waar de drie vogelstukken van Melchior d’Hondecoeter hangen (zie hierboven). De exotische vogels zijn in zijn handen niet “zomaar” decoratieve dieren; hij schilderde ze bijna als mensen. Als je lang genoeg kijkt, zie je hoe de zwarte helmkasuaris de witte pelikaan een beetje lijkt te versieren, terwijl de haan op de achtergrond de boel in het gareel probeert te houden. De werken zijn decadent en humoristisch tegelijkertijd.

– | We snappen het wel: het kost een aardige duit om de meesterwerken veilig en wel naar Nederland te halen. Als bezoeker moet je dus een extraatje betalen om de tentoonstelling te zien. Tien euro toeslag welteverstaan. Stel je hebt een Museumkaart, dan betaal je dus een tientje bij. Stel je hebt deze nog niet (shame, shame, shame), dok je dertig euro bij de kassa. Neem je spaarpot dus mee!  

Hoe lang doe je er over? | Minimaal 1 uur.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Pak vooral een audiotour aan het begin van de expositie: Jan Six (nazaat van de Jan Six die goed bevriend was met Rembrandt) en schrijver Geert Mak vertellen je beeldend waarom de schilderijen bijzonder zijn en leiden je oog naar mooie details.


De tentoonstelling ‘Hollandse Meesters uit de Hermitage. Oogappels van de Tsaren.’ is t/m 27 mei 2018 te zien in de Hermitage Amsterdam. Meer informatie: https://hermitage.nl/nl/tentoonstellingen/hollandse-meesters-uit-de-hermitage/

Cover: Installatieshot van de tentoonstelling ‘Hollandse Meesters uit de Hermitage’. Foto: De Kunstmeisjes

 

Stedelijk Museum - Borgman - Jump into the future

GO | NO GO #88: Jump into het nieuwe Stedelijk

GO | NO GO 9 januari 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week zijn we op bezoek in het “nieuwe” Stedelijk en de expositie Jump into the Future.  

Het Stedelijk Museum in Amsterdam is helemaal omgegooid: “de badkuip” is nu Stedelijk BASE (de vaste collectie), op de begane grond zie je Stedelijk TURNS (kleine thematentoonstellingen gevormd uit werken van de vaste collectie) en in de “oude” zalen op de eerste verdieping vind je Stedelijk NOW – de grotere wisselende exposities. Op dit moment is Stedelijk NOW volledig overgenomen door één expositie: Jump into the Future. Een mindblowing 30 zalen en 2540 vierkante meter die zijn gevuld met hedendaagse kunstwerken, allemaal afkomstig uit de (niet geheel onomstreden schenking) privécollectie van de Duitse verzamelaar Thomas Borgmann.

Stedelijk Museum - Jump Into the Future - Borgman
Cosima von Bonin, zaalopname Jump into the Future – Art from the 90’s and 2000’s. The Borgmann Donation. Foto: Gert Jan van Rooij

Borgmann doneerde de kunstwerken (of gaf ze in langdurige bruikleen) aan het Stedelijk. Hierdoor behoren ze nu dus tot de collectie van het Stedelijk. Waardoor Stedelijk NOW nu eigenlijk een soort tijdelijke Stedelijk BASE is, of misschien meer TURNS zonder thema maar wel met een gemene deler. Wait, what? Hopelijk zijn we snel gewend aan het “nieuwe” Stedelijk, maar voorlopig blijven we nog even Stedelijk CONFUSED. De titel van de tentoonstelling brengt ons helaas niet veel dichter bij wat duidelijkheid: Jump into the Future. Als je het ons vraagt zou Jump into het recente verleden met werk van kunstenaars die vaak al decennia aan het werk zijn toepasselijker zijn geweest. Waar wij van tevoren namelijk dachten dat we werken van jonge veelbelovende kunstenaars – “de toekomst van de kunst” – zouden zien, blijkt dit niet het geval. De titel is ontleend aan een citaat van Borgmann: hij noemde zijn bezoeken aan het Stedelijk in de jaren 60 ‘een ontsnapping in de toekomst’. Wat we wél zien zijn kunstwerken die vanaf de jaren 90 tot en met het begin van de twintigste eeuw zijn gemaakt en een impressie van de tijdsgeest bieden. Op naar de expositie voor wat artistieke verlichting!

Stedelijk Museum - Jump Into the Future - Borgman - Kippenberger
Martin Kippenberger, Heavy Burschi, 1989-1991. Bruikleen Thomas Borgmann, Berlijn. (Installatie Stedelijk Museum november 2017. Foto: Gert Jan van Rooij)

+ | Moeder Theresa op een bakfiets, wat heeft die Borgmann een joekel van een verzameling. En halleluja, eindelijk wat duidelijkheid. Waar we na binnenkomst over de ene na de andere verwarring vielen, zijn de tentoonstellingszalen zelf overzichtelijk en wordt er veel informatie geboden. In elke zaal zien we werken van één kunstenaar en in iedere ruimte krijg je een heldere introductie: wie is de kunstenaar, wat zijn de thema’s in zijn/haar werk, hoe komen deze thema’s terug in de kunst in deze expositie? Het is ideaal: je krijgt een supersnel college en mag vervolgens zelf rondkijken en ontdekken. Opvallend is hoe alle disciplines binnen de kunst vertegenwoordigd worden: schilderijen, sculpturen, video’s, lichtinstallaties, fotografie, mode… missen we nog wat?

Wij waren bijzonder gecharmeerd van de grote zaal met werken van fotograaf Wolfgang Tillmans (zie beeld hieronder), die altijd gevoelig, poëtisch en tegelijkertijd provocerend en maatschappelijk geëngageerd de realiteit laat zien. In deze expo zien we veel zelfportretten van Tillmans; drijfnat met een verwrongen gezicht onder de douche, in een acrobatische houding waar zowel hoop als wanhoop uit spreekt, of hurkend waarbij zijn balzak uit zijn grote witte onderbroek is gevallen. Een beetje vunzig, een beetje existentialistisch en heel erg grappig – just the way we like it. Verder, ergens halverwege de expositie zoemde het werk van de Britse Cerith Wyn Evans, die ruimtevullende neon-installaties maakt, ons zodanig tegemoet dat wij als motten naar het licht vlogen en ons even in een andere wereld waanden. Daarnaast is ook de zaal met het werk van Martin Kippenberger (zie beeld hierboven) een absolute must-see: Kippenberger vroeg een van zijn assistenten om zijn schilderijen te kopiëren op basis van afbeeldingen in catalogi. Toen de assistent dit af had, was Kippenberger echter niet tevreden; hij dumpte de werken in de kliko. Hij had er eerst wel nog foto’s van laten maken, die je nu ingelijst aan de wanden ziet. Met deze mega inception zet Kippenberger ons aan het denken wat “echte” kunst is en wat nu precies waardevol is: degene die het heeft gemaakt, het origineel, of het idee/de afbeelding zelf?

Stedelijk Museum - Jump Into the Future - Borgman - Tillmans
Wolfgang Tillmans, Lucy McKenzie, zaalopname Jump into the Future – Art from the 90’s and 2000’s. The Borgmann Donation. Foto: Gert Jan van Rooij

– | Oké we gaan toch nog een beetje klagen: er is geen logische of vaste looproute in Jump into the Future. Het leuke hieraan is dat we zelf mogen bepalen welke richting we opgaan en het museumbezoek voelt als een soort speurtocht langs verschillende kunstwerken. Maar daar houdt het wel op met de lol. Als we na een uur weer bij de centrale trap staan, vragen we ons namelijk af of we daadwerkelijk alles hebben gezien en niet per ongeluk ergens een verkeerde afslag hebben genomen. Bovendien grenzen de zalen van Stedelijk NOW aan de zalen van de bovenverdieping van Stedelijk BASE. Eén keer op het verkeerde moment met je ogen knipperen en je staat dus voor een werk dat niet tot de expositie behoort. Waar op zich niets mis mee is, kunst is kunst – more is more. Toch zijn wij persoonlijk opgevoed met het motto ‘een slimme meid is altijd op haar toekomst voorbereid’ en weten we dus graag wat ons te wachten staat: kijken we naar expo A of naar expo B? Een beetje jammer, want de hele verbouwing van het Stedelijk waarbij werkelijk alles is omgegooid, had als doel om meer duidelijkheid voor de bezoeker te scheppen. You had one job….

Hoe lang doe je er over? | Trek er minstens een uurtje voor uit.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Net als wij bang om te verdwalen? Ga dan mee op een van de instaprondleidingen door de expositie! Voor maar 4 euro extra neemt een museumdocent van het Stedelijk je mee en vertelt je alles over de kunstwerken en de collectie. Bekijk hier alle data.


De tentoonstelling Jump into The Future – Art from the 90s and 2000s. The Borgmann Donation is t/m 4 maart 2018 te zien in het Stedelijk Museum Amsterdam. Meer informatie: https://www.stedelijk.nl/nl/tentoonstellingen/jump-into-the-future-the-borgmann-donation

Cover: Cerith Wyn Evans, zaalopname Jump into the Future – Art from the 90’s and 2000’s. The Borgmann Donation. Foto: Gert Jan van Rooij

 

Puck Verkade tentoonstelling bij Durst Britt and Mayhew

GO | NO GO #87: Pussy power van Puck Verkade

GO | NO GO 4 januari 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. We zijn deze week bij galerie Dürst Britt & Mayhew voor de expositie ‘Breeder’ van Puck Verkade.

We zijn er eventjes tussenuit geweest (en vijf – oké tien – kilo zwaarder het nieuwe jaar begonnen), maar we zetten weer vol gas in met de oproep: HURRY HURRY HURRY! De expositie ‘Breeder’ van Puck Verkade is namelijk nog maar één maandje te zien en we willen niet dat je ‘m mist. Mocht je Puck Verkade nog niet kennen – ze is een jonge Nederlandse kunstenares die momenteel in Londen woont en werkt aan kunst die barst van pussy power. Het is feminisme anno 2018, waarin niet alleen gelijkheid voor vrouwen centraal staat, maar het begrip ‘gender’ onder de loep wordt genomen en vooroordelen in de breedste zin van het woord worden bevochten. Ze verwerkte al deze thema’s in haar nieuwste serie van vier videowerken die vorig jaar op Sunday Art Fair in Londen getoond werden en nu in haar solo-expositie in Den Haag te zien zijn.

Puck Verkade tentoonstelling bij Durst Britt and MayhewInstallatieshot van de expositie ‘Puck Verkade – Breeder’. Courtesy Dürst Britt & Mayhew, foto: Gert Jan van Rooij

Om een tipje van de sluier op te lichten: in video #2 zien we een piepjonge Boy George tijdens een interview voor de Amerikaanse televisie. De grijze tv-host buigt zich amicaal naar hem toe en zegt: ‘Als ik jouw vader was en je zou op een dag zo naar beneden komen,’ refererend naar het feit dat Boy George een flawless make-upje draagt, ‘zou ik ook even schrikken. Maar dan is het een kwestie van volwassen zijn en ermee leren omgaan.’ Boy George kijkt de man strak aan en antwoordt, ‘Leren omgaan met wat precies?’ Shabang – waar de tv-host heel tolerant dacht te zijn, benadrukt Boy George feilloos dat de host (en velen in de maatschappij) denkt vanuit een strak omlijnde “norm” of standaard: normale jongens dragen geen make-up en als ze dat wel doen, moeten we er maar mee “leren omgaan”. Maar waarom doen we hier überhaupt zo moeilijk over? De woede die veel mensen voelen als ze twee jongens hand-in-hand over straat zien lopen of het onbegrip als ze een vrouw horen zeggen dat ze geen kinderen wil (om maar twee dingen te noemen), komt voort uit het conservatieve idee dat er een “juiste” manier van leven is; een man is een man, en een vrouw is een vrouw. Puck Verkade laat ons met haar video’s stilstaan bij de vraag, wat is een “echte” man of vrouw dan eigenlijk?

Puck Verkade tentoonstelling bij Durst Britt and MayhewInstallatieshot van de expositie ‘Puck Verkade – Breeder’. Courtesy Dürst Britt & Mayhew, foto: Gert Jan van Rooij

+ | We horen (en zeggen het zelf) wel vaker: videokunst als genre kan best lastig zijn. Wij als swipe– en scroll-generatie zijn het amper nog gewend om langere tijd naar iets te kijken. Bovendien is videokunst vaak politiek geëngageerd en vergt het dus dat extra stukje commitment of bijzondere interesse. Puck Verkade zorgt ervoor dat wij weer kneiterverliefd zijn geworden op dit genre binnen de hedendaagse kunst. Haar video’s laten een mix zien van interviews die Verkade zelf heeft gehouden, geluidsfragmenten uit haar eigen leven, animaties, historische nieuwsberichten en hedendaags mediamateriaal (enter: Kim Kardashian die praat over hoe ze twijfelde over draagmoederschap omdat ze ‘natuurlijk zelf haar kind wilde dragen.’). De montage is vlot, de referenties naar popcultuur zorgen voor herkenbaarheid en vervolgens blijven we dankzij de diepere laag over girlpower en vooroordelen geboeid kijken. Mocht je dus nog niet vaak videokunst hebben gezien, is deze expositie een hele goede introductie.

COVERInstallatieshot van de expositie ‘Puck Verkade – Breeder’. Courtesy Dürst Britt & Mayhew, foto: Gert Jan van Rooij

+ | Moeten we nog zeggen dat we de videowerken geniaal vinden, of is dat inmiddels wel duidelijk? Zo niet, dan bij dezen. Dan gaan we nu even jubelen over de totaalpresentatie in de galerie. De vier video’s worden namelijk verbonden door een installatie van knalroze stalen buizen. Aan de buizen hangen op sommige plekken ook plastic kettingen met teksten als ‘privilege’ en ‘blessed’, en we zien een paar latex schermen. Het geheel straalt een enorme tastbaarheid uit, of zoals galerie-eigenaar Jaring Dürst Britt zei: ‘Iedereen gaat meteen een beetje aan de buizen hangen, er tegenaan leunen. Je ziet mensen letterlijk contact maken met de kunst.’ Door de materiaalkeuze (buizen, plastic, latex) is de associatie met BDSM ook niet ver te zoeken, waarin lichamelijkheid en seksuele zelfexpressie centraal staan. De latex schermen lijken bovendien privacy te bieden, maar suggereren tegelijkertijd verschillende huidskleuren. Op deze manier laat Puck Verkade alle thema’s uit haar video’s de ruimte ook fysiek helemaal overnemen. Als bezoeker word je in de kunst gezogen, waarbij de stalen buizen enerzijds de symbolische rode lijn vormen en anderzijds een soort tentakels zijn die je vasthouden en dwingen om naar Verkade’s boodschap te luisteren. Keep up the good fight, Puck – wij kijken uit naar je toekomstige werk.

Hoe lang doe je er over? | De drie korte video’s duren 4 minuten per stuk, de laatste duurt 12 minuten. You do the math. Kleine kanttekening: wij hebben de video’s vaker bekeken, want awesome.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Bekijk hier alvast video nummer drie uit de expositie (en tevens onze favoriet!): om in de stemming te komen.


De tentoonstelling ‘Breeder’ van Puck Verkade is t/m 3 februari 2018 te zien bij Dürst Britt & Mayhew. Meer informatie: http://durstbrittmayhew.com/exhibitions/

Cover: Installatieshot van de expositie ‘Puck Verkade – Breeder’. Courtesy Dürst Britt & Mayhew, foto: Gert Jan van Rooij