Categorie: GO | NO GO

GO | NO GO #157: Een rondje Rembrandt – Slaapkamergeheimen

GO | NO GO 12 februari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Dit jaar knallen we er een speciale serie in: ‘Een rondje Rembrandt’, ter gelegenheid van het nationale themajaar ‘Rembrandt en de Gouden Eeuw’. In 2019 is het namelijk precies 350 jaar geleden dat Rembrandt is overleden. Door het hele land vinden er bijzondere Rembrandt-themed exposities plaats en wij gaan ze stuk voor stuk af. Vandaag reizen we af naar Leeuwarden voor de expositie ‘Rembrandt & Saskia. Liefde in de Gouden Eeuw’

Het uitzinnige succes van televisieprogramma’s als ‘Big Brother’ en ‘Keeping up with the Kardashians’ heeft één ding duidelijk gemaakt: we willen allemaal voyeurs zijn in de levens van the rich and famous. En als we helemaal eerlijk zijn: het gaat ons natuurlijk vooral om hun liefdeslevens. Wij vragen, Leeuwarden levert, zij het met een tijdmachine die staat afgesteld op de Gouden Eeuw. Het Fries Museum doet nu namelijk een boekje open over al het zeventiende-eeuws geflirt, de slaapkamergeheimen en onderhandelingen over bruidsschatten. Love is in the air, alleen Robert ten Brink mist nog om ons te verwelkomen. Hoofdrolspelers in deze expositie zijn Rembrandt en zijn Friese vrouw Saskia, maar we ontmoeten nog tientallen andere tijdgenoten die ons een aantal lessen meegeven over liefhebben op z’n Hollands. Wel zo handig, vlak voor Valentijnsdag.

Schermafbeelding 2019-01-30 om 16.13.03.png
Links: Huwelijkshart met twee pijlen, 1600-1700, zilver, Fries Museum, Leeuwarden, Collectie Koninklijk Fries Genootschap | Rechts: Govert Flinck, Portret van Suzanna van Baerle, 1655, olieverf op doek, Museumslandschaft Hessen Kassel, Gemäldegalerie Alte Meister.

Ben je single and ready to mingle? Vroeger kon je niet naar links of rechts swipen, maar moest je goed opletten of jouw crush wel of niet bezet was. Had je de laatste dorpsnieuwtjes nog niet gehoord, dan bood een blik op het portret van jouw beoogde liefdespartner uitkomst. In de expositie leren we dat je een bloempje in een portret je alles vertelde wat je moest weten: een gesloten tulp stond voor maagdelijkheid, een geopende tulp (zie hierboven) gaf aan dat de dame in kwestie reeds gehuwd was. Dat is dan een harde nee. Heb je uiteindelijk toch een liefje gevonden en is het time to put a ring on it? In de eerste ruimte zien we how it’s done in de zeventiende eeuw: een groot zilveren huwelijkshart met twee pijlen en een kroontje bungelt aan een touwtje van het plafond. Bezoekers verdringen zich als eksters voor het glinsterende object om te kijken wat er op de voorkant staat gegraveerd: ‘Neem dit in dank, mijn lief, op trouw, opdat je wordt mijn echte vrouw; dit is mijn waardepand, ik beloof je trouw bij hart en hand.’ Bij een huwelijksaanzoek gaf de hoopvolle kandidaat een vrouw dit hart, als symbool voor het zijne. Binnen zaten vaak een ring en wat munten verborgen, die de gelukkige vrouw in kwestie kon bereiken door de twee pijlen uit het hart te trekken: het zilveren object viel dan in haar handen open. Proposal game strong, en tevens een sterk begin van de tentoonstelling dat ons nieuwsgierig maakt naar de rest.

Gemaeldegalerie Alte Meister
Rembrandt, ‘
Saskia in profil in rijk gewaad’, 1633/34-1642, Museumslandschaft Hessen Kassel, Gemäldegalerie Alte Meister.

+ | Er is genoeg wow-factor in deze expositie om ons gauw te laten vergeten dat we bijna drie uur onderweg zijn geweest naar het museum. Maar voor 70 kunstwerken die vanuit alle uithoeken van de wereld zijn bijeengebracht, maken wij het ons wel gemakkelijk in een treincoupé die ruikt naar boterhammen met filet americain in hergebruikte plasticfolie. Eenmaal in de grote tentoonstelling komen we meteen oog-in-oog met een aantal Rembrandt-portretten, gevolgd door andere schilderijen, kroontjes, etsen, tekeningen en allerlei snuisterijen. Maar het Fries Museum saved the best for last: Rembrandts portret van Saskia uit 1633/34-1642 wacht in de laatste zaal op ons. Rembrandt begon aan dit portret toen hij net met Saskia was getrouwd en voltooide het in het jaar dat ze overleed. In de tussentijd was Rembrandt uitgegroeid tot de meest populaire portretschilder, had het stel een monumentaal huis in Amsterdam gekocht, begroeven ze drie pasgeboren kinderen, waarna hun zoon Titus (die de volwassen leeftijd zou bereiken) werd geboren. Toen Titus acht maanden oud was, overleed Saskia vrij plotseling. Rembrandt hield zijn geliefde portret van Saskia voor zichzelf en had het in zijn woon- en slaapkamer opgehangen. Door geldgebrek zag hij zich in 1652 echter gedwongen om het te verkopen aan de bevriende verzamelaar Jan Six. Rond 1750 werd het gekocht door de keurvorst van Hessen-Kassel en sindsdien is het nooit meer in Nederland geweest, tot nu. Leuk weetje: Rembrandt liet zijn intieme meesterwerk niet zomaar vertrekken; hij vroeg een medewerker uit zijn atelier er snel een kopie van te maken, dat nu tijdelijk in Museum Het Rembrandthuis te zien is.

Afbeelding 2.jpg
Rembrandt, Het ledikant, 1646, Teylers Museum, Haarlem

+ | Hoe spectaculair de grote hoeveelheid portretten ook is, wie het kleine niet eert… Wij zijn bijzonder gecharmeerd van een aantal petite parels in deze tentoonstelling. Hoewel Rembrandt dag in dag uit aan het tekenen was (er zijn minimaal 2000 tekeningen van hem bekend), worden ze niet in elke expositie uit de archieven gehaald. Wij vinden het dus altijd leuk om deze kleine kijkjes in Rembrandts privéleven tegen te komen. Deze werkjes maakte hij immers niet voor de verkoop, maar gewoon voor zichzelf. Onze favoriet: een tekening waarop we zien hoe een vrouw het haar van een andere dame borstelt. Zou de zittende vrouw Saskia kunnen zijn? Met een aantal simpele lijnen zet Rembrandt een levensechte scène neer. Iets spannender wordt het als we een paar stappen naar links doen: daar zien we een Rembrandt die ook x-rated kunst durfde te maken. De ets ‘Het ledikant’ laat onverhulde copulatie zien. Sexy time à la Rembrandt, dat mag je natuurlijk niet missen. Tot slot lopen we een eindje verder bijna langs een prachtig object dat ons veel vertelt over de zeventiende-eeuwse liefdesetiquette: een Hansje-in-de-kelder-kelk. Was de liefde al bezegeld, geconsumeerd en verwachtte je een kleine spruit, dan ging je er heel anders mee om dan nu. Tegenwoordig zou je wellicht geneigd zijn je Instagram-feed vol te spammen met dagelijkse updates over de temperatuur van je vruchtwater en foto’s van gehaakte luiers die je dankzij sponsored posts hebt ontvangen van je lokale antroposofische uitdragerij. In de zeventiende eeuw zouden ze dan zeggen: too much information, girl (of misschien: te veeler beschryvinghe, wyff). Subtiel was vroeger namelijk het kernwoord wanneer het ging om eierstokken en embryo’s. Was een vrouw in blijde verwachting, dan maakte ze dit in zeer beperkte kring bekend met behulp van een Hansje-in-de-kelder-kelk. Ze schonk er een drank in die door de gaatjes in het midden sijpelde en, hop, een zilveren figuurtje van een baby naar boven duwde. Deze zeventiende-eeuwse status-update krijgt van ons een dikke like.

Hoe lang doe je er over | 60 – 90 minuten

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | De beste manier om in de stemming te komen voor deze expositie (of om jezelf te vermaken tijdens de treinreis er naartoe) is door deze column van Aaf Brandt Corstius te lezen, waarin ze stilstaat bij haar favoriete portret van een vrouw die een hoop pech in de liefde had, Sophia Anna van Pipenpoy. Ze schrijft: ‘In een kunsthistorische studie die ik over Sophia Anna van Pipenpoy en haar vele portretten las, komt haar neus talloze keren voor. De ene keer gaat het over haar opmerkelijk lange en smalle neus, dan weer over haar onwelvoeglijke neus, dan weer haar proportioneel te lange neus, dan weer haar bovenmatige neus. (…) Die heel vaak was vastgelegd. En zo komen we op de voordelen van de selfie, van vroeger en nu. Want liefde is ontzettend belangrijk, daar komt u zo bij het rondkijken wel achter, maar met een flinke portie zelfliefde kom je ook een heel eind. Je kunt maar beter houden van jezelf, je bovenmatige neus en je eigen reflectie, want heel zeker weet je het verder nooit met de liefde. Misschien tref je alleen een nare man die je al gauw bedriegt en er met je clavecimbels vandoor wil gaan. Dan moet je toch vooral van jezelf houden.’ Aaf, je bent onze heldin.


Meer uit onze serie ‘Een rondje Rembrandt’ lezen? Check hier ons eerste artikel, over de tentoonstelling ‘Rembrandt Privé’ in het Amsterdamse Stadsarchief.


De tentoonstelling ‘Rembrandt & Saskia. Liefde in de Gouden Eeuw’ is nog t/m 17 maart 2019 te zien in het Fries Museum. Meer informatie: https://www.friesmuseum.nl/te-zien-en-te-doen/tentoonstellingen/rembrandt-en-saskia/

Tekst: De Kunstmeisjes (Mirjam Kooiman, Nathalie Maciesza en Renee Schuiten-Kniepstra)

Cover: Trouwring met ineengeslagen handen, gesloten, 1580-1700, Fries Museum. 

Advertenties

GO | NO GO #156: Verhalen van moord en prostitutie bij kaarslicht

GO | NO GO 29 januari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week vanuit Utrecht, waar het we worden meegenomen naar het Rome van de zeventiende eeuw in de tentoonstelling ‘Utrecht, Caravaggio en Europa’.

Een Gap Year is niet alleen tegenwoordig een trend onder jongeren die net hun middelbare school hebben afgerond. In de zeventiende eeuw eeuw was het ook een hype, met een wat meer chique naam: de Grand Tour. Deze reis was een traditie onder welgestelde jonge mannen, kunstschilders, beeldhouwers en schrijvers. Na hun studie maakten ze een rondje door Europa, langs bekende kunstwerken voor inspiratie, en hoopten zij hun toekomstige collega’s te leren kennen. Favoriete eindbestemming was zonder twijfel Rome, het culturele middelpunt van de wereld. Onder de Grand Tour-ders waren ook drie Utrechtse schilders: Hendrick ter Brugghen, Gerard van Honthorst en Dirck van Baburen. De voornaamste reden van de drie Utrechters om naar Rome af te reizen, was Caravaggio (1571 – 1610), wiens werk zij eindelijk met eigen ogen wilden bekijken. Helaas bestonden er in de zeventiende eeuw nog geen vliegtuigen of treinen om mee naar Rome te reizen, dus besloten de drie Utrechters te voet hun reis naar Rome af te leggen. Stel je voor…te voet naar Rome! We hebben het even in onze Google Maps-app gegooid: je doet er zo’n 333 uur over. Alles voor een Caravaggio.

AC1999.92.1
Gerard van Honthorst, ‘De bespotting van Christus’, ca.1617, Los Angeles County Museum of Art, via: Centraal Museum Utrecht. 

Na maanden gelopen te hebben over bergen en door dalen, liepen zij door de stadspoorten van Porta Del Popolo Rome binnen. Hier werden zij direct geconfronteerd met twee werken van de grootmeester Caravaggio:De bekering van Paulus en De kruisiging van Petrus, beide in de Cerasi-kapel. Het ongekende realisme en de sterke licht-donkercontrasten moeten Hendrick, Gerard en Dirck hun mond hebben doen openvallen. Dit gebeurde ons ook toen we oog in oog kwamen te staan met het werk Medusa(1597) van Caravaggio. Niet in Rome, maar gewoon in Utrecht. Dit meesterwerk is nu namelijk naar de tentoonstelling ‘Utrecht, Caravaggio en Europa’ in het Centraal Museum gehaald. Hier ontdek je de enorme invloed van de Italiaanse Caravaggio op Nederlandse kunstenaars aan de hand van tientallen kunstwerken met alle een flinke dosis Italiaanse charmes en intriges. Andiamo!


Zaalopname ‘Utrecht, Caravaggio en Europa’, foto: Ernst Moritz, Centraal Museum Utrecht.

+ | Beter goed gejat dan slecht verzonnen, toch? De beroemde biograaf Karel van Mander schreef in 1604 een ‘Schilder-boeck’, vol met adviezen aan jonge kunstenaars. Hierin noemde hij ook ‘stelen’ en ‘rapen’ van andere kunstwerken als essentieel onderdeel van de studietijd. Niet met een kunstwerk onder je arm een kerk uit lopen, maar het ‘kopiëren’ van schilderijen of onderdelen van de compositie. Juist door nauwkeurig na te apen, keek je immers pas echt goed hoe iets was gemaakt. Als je dan wat meer gevorderd was, gaf je aan de gekopieerde compositie nog een eigen twist. Dit zien we vaak in de tentoonstelling terugkomen: drie of meerdere werken naast elkaar die hetzelfde verhaal uitbeelden, maar dan toch net even iets anders. Pas als je goed kijkt zie je kleine verschillen – vind jij ze allemaal? Een mooi voorbeeld zie je meteen in de eerste zaal, waar Van Honthorst zich wilde meten met Caravaggio himself. Een van de eerste echte werken van Caravaggio die Gerard zag bij zijn aankomst in Rome was ‘De kruisiging van Petrus’ in de Cerasi-kapel. Deze maakte meteen zo een enorm indruk op hem dat hij deze probeerde na te maken. In de expositie zie je een kopie van het enorme werk van Caravaggio (het origineel mocht helaas niet komen), met ernaast de tekening die van Honthorst maakte. Naast een enorm verschil in formaat heeft van Honthorst ook niet alles klakkeloos nageaapt van Caravaggio’s werk. Wij turen eindeloos heen en weer en voelen ons net Crime Scene Investigation-onderzoekers, iedere keer wanneer we weer een verschil ontdekken.

t201801_012 utrecht, caravaggio en europa
Zaalopname
‘Utrecht, Caravaggio en Europa’, foto: Ernst Moritz, Centraal Museum Utrecht.

+ | De barok zit vol spanning en sensatie, en dat begint al bij de levensverhalen van de kunstenaars! Zo is de biografie van de hoofdpersoon in deze tentoonstelling, Caravaggio, net zo dramatisch als vele van zijn werken. Hij bleek bijvoorbeeld een enorm heethoofd te zijn en zou hij tijdens een tenniswedstrijd onenigheid hebben gehad, wat resulteerde in een moord. Hij vluchtte weg en vroeg de paus om gratie om weer terug te mogen komen naar zijn beloved Rome. Maar helaas stierf hij op zijn weg terug en zag Rome dus nooit meer. Dezelfde dosis intriges, moord en algehele dramatiek zien we terug in de kunstwerken uit de zeventiende eeuw. Het wordt duidelijk dat het leven destijds zeker niet rooskleurig was, met name in de grote steden. Hier vond namelijk behoorlijk veel prostitutie, diefstal, moord en andere duistere taferelen plaats. Dacht je in deze expositie alleen maar Christus en andere kuise Bijbelse taferelen te zullen zien, dan heb je het helemaal fout. Het wordt soms best grimmig of ondeugend! Zoals op het schilderij ‘De Koppelaarster’ (1625) van Gerard van Honthorst. Dit werk kan je als een soort stripverhaal van links naar rechts lezen. De oude vrouw (‘de koppelaarster’) matcht als een Tinder avant la lettre de jonge man in het midden aan de mooie vrouw rechts. Hij reikt de jonge vrouw (met enorm uitgelichte boezem, we must add) geld aan in ruil voor haar wellustige diensten. Het licht op haar volle boezem is er niet alleen om daar de aandacht op te vestigen; het werpt ook een schaduw op de luit (een ouderwetse gitaar). Deze schaduw toont twee handen die samenkomen en hiermee de deal sluiten: sexy time. Het is ontzettend gaaf hoe er dus op verschillende manieren met licht gespeeld werd om in een enkel werk een geheel verhaal te vertellen. Leuk weetje: Caravaggio, bekend om zijn sterke licht-donkercontrasten, beeldde nooit de lichtbron in zijn schilderijen af. Zijn aanhangers, de Utrechtse Caravaggisten, deden dat wel! In hun kunstwerken krijgen kaarsen vaak juist een mooie plek op de voorgrond. Once you see it…

Hoe lang doe je er over? | Deze expositie is een publiekstrekker. Als je dus niet al te lang wilt hoeven wachten om naar binnen te kunnen gaan bij de tentoonstelling, raden wij je aan een ticket met timeslot online te kopen. Eenmaal in de tentoonstelling is er een audiotour beschikbaar die je ontzettend veel informatie geeft over de getoonde werken en je echt beter helpt kijken. Trek daarom minstens een uur uit om alle schilderijen met bijbehorende verhalen op je in te laten werken.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Om je nog meer te kunnen verdiepen in de tentoonstelling ‘Utrecht, Caravaggio en Europa’ heeft het Centraal Museum verschillende activiteiten georganiseerd. Zo zijn er concerten, stadswandelingen, lezingen en een film. Voor meer informatie, neem een kijkje op de website.


De tentoonstelling ‘Utrecht, Caravaggio en Europa’ in het Centraal Museum Utrecht is nog t/m 24 maart 2019 te zien. Meer informatie: https://www.centraalmuseum.nl/nl/tentoonstellingen/utrecht-caravaggio-en-europa/

Tekst: Yaël Speck

Cover: Zaalopname ‘Utrecht, Caravaggio en Europa’, foto: Ernst Moritz, Centraal Museum Utrecht.

 

GO | NO GO #155: Kantoorkunst bij de koffieautomaat

GO | NO GO 24 januari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer bezochten we de tentoonstelling ‘Out of Office, Kunstschatten uit bedrijven’, waar kunstwerken uit bedrijfscollecties in het museum samenkomen.

Tussen de bila’s, het flexwerken en vrij-mi-bo’s wordt er heel wat geïmplementeerd in de kantoortuin. Al scrummend, kan er flink worden doorgepakt, zolang iedereen maar in zijn kracht gaat staan. Er worden dagelijks stippen aan de horizon gezet, door dezelfde collega die daarvoor “iets” tegen je aan heeft gehouden. Gelukkig vliegen je collega’s het plan vandaag anders aan, zodat vandaag een niemand met de data hoeft te stoeien. Het blijft toch een stukje communicatie hé? Gelukkig is er altijd een oplossing om zelfs in de meest woeste kantoorjungle te ontsnappen aan de kantoorclichés: kunst.

2018-12-16singerlarenoutofoffice(highres)-1
Zaaloverzicht: ‘Out of Office, Kunstschatten uit bedrijven‘, Foto: Jan Buteijn Design, via: Singer Laren

Vanuit de kantoortuinen van menig bekend bedrijf wordt veel kunst aangekocht. Bekende namen als ING, De Nederlandse Bank, ABN AMRO, AkzoNobel, KPN, maar ook ziekenhuizen zoals het VU en AMC hopen klanten, patiënten en bezoekers te inspireren met kunst. Deze aankopen worden gestimuleerd door bijvoorbeeld subsidieverstrekking zoals de 1 procent-regeling; bedrijven zijn bij de aankoop van dure bedrijfspanden verplicht om 1 procent van hun budget aan kunst te besteden. Maar bedrijven investeren ook graag als early adopters in jonge kunstenaars, zoals Melanie Bonajo en Levi van Veluw. Deze werken hangen normaal verstopt in de kantoren van CEO’s of in de stoom van het cappuccino-apparaat. Maar nu mogen we ongegeneerd gluren naar deze bedrijfsschatten in het Singer Museum in Laren, waar zo’n 150 werken uit het kantoor in het museum zijn gebracht voor de tentoonstelling ‘Out of Office’.

2018-12-16singerlarenoutofoffice(highres)-4
Zaaloverzicht: met werk van Job Koelewijn, The Nursery Piece, 2009 – 2010, Rabo Kunstcollectie, Foto: Jan Buteijn Design, via: Singer Laren

+ | In deze tentoonstelling imponeren namen zoals Armando, Marlene Dumas, Karel Appel, Jan Schoonhoven en Lucebert, maar worden we ook verrast door rising stars. De 150 kunstwerken staan of hangen allemaal door elkaar; je vliegt lukraak langs verschillende stromingen, kunstenaars en perioden van aankopen. Volledige wanorde is er natuurlijk niet; de expositie is opgebouwd aan de hand van thema’s als ‘Weg van de wereld en weer terug’, ‘Bevrijd’, en ‘Schuldig’. Wij blijven vooral lang hangen bij het thema ‘Weg van de wereld en weer terug’, en niet alleen maar omdat we toe zijn aan een vakantie. Ons oog valt direct op het glinsterend gouden werk van Sarah van Sonsbeeck, ‘Silence is Golden but this is No Silence’, waarmee ze een ode brengt aan de stilte die volgens haar erg ondergewaardeerd is. Alle werken in deze zaal refereren naar iets dat het alledaagse ontstijgt, waardoor het bezoek iets heel meditatiefs krijgt. Dit komt ook sterk naar voren in de enorme optische installatie van Job Koelewijn, ‘The Nursery Piece’. De groene en blauwe zandvlakjes zijn met uiterste precisie neergelegd op de pagina’s uit Spinoza’s invloedrijke boek ‘Ethica’, waarmee hij de lezer naar een hoger bewustzijn wilde brengen. De zandtekening is in de vorm van een mandala en moet in opperste concentratie zijn neergelegd. Dit boeddhistische ritueel brengt je in hogere sferen, met name door de optische illusie die voor je ogen danst. Interessant om te bedenken dat de Rabobank, de eigenaar van dit werk, deze installatie in een van hun panden heeft laten neerleggen. Ideaal kunstwerk voor als Brenda weer een irritante memo heeft rondgestuurd over de notulen van de laatste meeting en je een zen-momentje nodig hebt. Namasté.

2018-12-16singerlarenoutofoffice(highres)-5
Zaaloverzicht: ‘Out of Office, Kunstschatten uit bedrijven‘, Foto: Jan Buteijn Design, via: Singer Laren

+ | Helemaal in lijn met de expositie ‘Out of Office’ vind je in het Singer Laren op dit moment nog een tentoonstelling,‘Re:Collecting’. Hier krijg je de verrassende verhalen te horen over waarom kunstwerken door bedrijven zijn aangekocht, en over hoe kunst soms niet helemaal overkomt buiten de museale context. Zo blijkt het best complex te zijn om kunst in bijvoorbeeld een ziekenhuis te plaatsen. Dit was het geval bij de installatie ‘Das Beste Für die Gäste’ van Nicky Zwaan. Zij heeft lichtbakken gemaakt met tekst ‘Het beste voor de gasten’ in verschillende talen. De lichtbakken zijn in een soort ziekenhuisrekken geplaatst, waar net zo goed de vuile was in had kunnen zitten. Deze installatie werd oorspronkelijk in de welkomsthal van het AMC getoond, maar bleek toch te verwarrend voor argeloze bezoekers die, let’s face it, andere dingen aan hun hoofd hebben dan gecompliceerde hedendaagse kunst. Toch kiest het AMC ervoor om moderne en conceptuele kunst te blijven aanbieden. In dit artikel legt het ziekenhuis uit dat kunst waardevol kan zijn in het genezingsproces. Kunst kan bijvoorbeeld heel behulpzaam zijn tijdens het nerveuze wachten op een uitslag. Een lief die je hand vasthoudt helpt dan, maar een videokunstwerk dat je aandacht afleidt in de wachtruimte kan dat dus ook.

Hoe lang doe je erover? | 90 minuten

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | De audiotour bij de tentoonstelling is een aanrader! Deze is ingesproken door Lucas de Man, ook wel bekend van Kunstuur, met ironische ondertoon en met een Vlaams knipoogje. In dit filmpje interviewt De Man de CEO’s van de bedrijfscollecties over de werken die zij bij de koffieautomaat bespreken.


De tentoonstelling ‘Out of office. Kunstschatten uit bedrijven’ is nog t/m 7 april 2019 te zien in het Museum Singer Laren. Meer informatie: https://www.singerlaren.nl/.

Tekst: Carlien Lammers

Cover: Zaaloverzicht: ‘Out of Office, Kunstschatten uit bedrijven’, Foto: Jan Buteijn Design, via: Singer Laren

GO | NO GO #154: Magic Tricks

GO | NO GO 22 januari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. We zijn in EYE Filmmuseum aan het IJ, waar we ons in een universum begeven van een ware tovenaar uit de filmkunst.

Eindelijk is het dan zover: een echt geweldige overzichtstentoonstelling in Amsterdam met het werk van Jan Švankmajer, de meester van de verbeelding. Zijn volstrekt bizarre films vol zwarte humor zijn geniaal in hun animatie, montage, camerawerk en geluid. De weergaloze manier waarop hij een wereld schept, waarin alles kan gebeuren is ongeëvenaard. Vele filmmakers zoals Tim Burton en Terry Gilliam zijn sterk door hem beïnvloed. Švankmajers werk voelt een beetje als het ervaren van een droom, maar dan niet een zoetsappige. Eerder zo eentje die ontaardt in een nachtmerrie. Švankmajer deinst niet terug van een beetje magie en alchemie en de tentoonstelling heet niet voor niets ‘The Alchemical Wedding’.

Van zijn surrealistische korte films zijn er nu ruim een dozijn in EYE te zien. Je kan het zo gek niet bedenken: een servet of vorken opeten, muren die vanzelf splijten, schaakstukken die vrij rondbewegen, hoofden die elkaar verorberen, een voetbalwedstrijd die zwartgallig uit de hand loopt, tekeningen van Leonardo da Vinci die aan de wandel gaan. Veel van zijn films hebben twee zeer beleefde tegenspelers (acteur, voorwerp of pop) die elkaar steeds meer uitdagen tot ze elkaar uiteindelijk letterlijk te lijf gaan. Het verbeeldt een ondergang van een hele samenleving. Zelf zegt hij over zijn werk: ‘Het enige passende antwoord op de wreedheden in het leven, is ermee spotten door je verbeelding te gebruiken.’ Švankmajers films eindigen steeds in rauwe, lugubere en maniakale ontknopingen. Ook al zagen we veel kleine kinderen rondlopen, wij adviseren je je allerjongste neefje toch maar thuis te laten.

3._jan_svankmajer_-_the_alchemical_weddingcstudiohanswilschut_cf003894Zaaloverzicht ‘The Alchemical Wedding’, Studio Henk Wilschut, via: EYE, Amsterdam.

Švankmajer, inmiddels op hoge leeftijd, is in 1934 geboren in Praag en heeft daar set and stage design en poppentheater gestudeerd. Tsjechië viel destijds onder een communistische dictatuur die weinig creatieve vrijheid toeliet. Zo kreeg hij 1973-1979 zelf een verbod om films te maken. De staat vond zijn werk iets te rebels worden. Gelukkig heeft hij het filmmaken in vrijere tijden weer opgepakt en maakt sinds 1987 ook langere speelfilms. Voor iemand die een volledig nieuwe wereld voor zijn films bouwt, is het niet vreemd dat hij allerlei objecten zelf wil maken. In ‘The Alchemical Wedding’ bevind je je compleet in Švankmajers universum. Naast zijn films kun je ook sculpturaal werk, collages en tekeningen bekijken. Veel van Švankmajers films kan je gewoon op YouTube vinden, maar wat was het een prikkelende ervaring om ze eens echt groot geprojecteerd in hoge resolutie te kunnen zien! Tot ons bezoek aan EYE leek het alsof we al die tijd oogsterkte min 2 hadden. Kleuren, ruimtelijke effecten, details: in de tentoonstelling lijkt het alsof we zijn wereld opeens opnieuw zien. Let bij het kijken naar zijn films ook naar wat je hoort; eetgeluiden en voetstappen worden vet aangezet en zijn niet helemaal realistisch. Juist daardoor komen zijn films heel diep bij je binnen.

1._jan_svankmajer_-_the_alchemical_weddingcstudiohanswilschut_cf003890Zaaloverzicht ‘The Alchemical Wedding’, Studio Henk Wilschut, via: EYE, Amsterdam.

+ | Het is geweldig om zijn films bij elkaar te zien in combinatie met al die vreemde objecten en collages. Maar eerlijk is eerlijk, zijn films raken ons het diepst. Misschien komt het door de snelheid en trefzekerheid. Of door de vreemdheid, niet te vatten met je verstand. Je geeft je er meteen aan over. De tweede film in de tentoonstelling is ‘Historiae Naturae (Suita)’ uit 1967 en een favoriet. Dit vroege werk is een ode aan Rudolf II, een excentrieke Praagse Habsburgse Keizer (1552-1612). Hij was een groot kunstverzamelaar en hield er een grote Wunderkammer op na. Alchemie en astrologie werden aan het hof van Rudolf II als wetenschap beoefend. Zijn hofkunstenaar en eventmanager was de schilder Arcimboldo, een groot voorbeeld voor Švankmajer. Arcimboldo maakte rare portretten opgebouwd uit groentes, fruit, vissen of vlammen. En wat een feesten moet hij georganiseerd hebben! Švankmajer had zich vast thuis gevoeld in deze weelde -weliswaar voor de happy few. In ieder geval meer dan in de alles onderdrukkende communistische dictatuur van Tsjechië. Švankmajers film ‘Historiae Naturae (Suita)’ is een Danse Macabre, een vingervlugge montage van fragmenten met beelden van levende en opgezette dieren. In dit werk worden dood en leven net zolang door elkaar gehusseld tot ze inwisselbaar worden. Dit alles steeds in verrassende ritmes, soms vloeiend, dan weer met horten en stoten, of juist duizelingwekkend snel. Elk hoofdstukje in de film sluit af met een mond die een stukje vlees eet. Alles wordt tot haar vergankelijkheid teruggeworpen. De film eindigt met een schedel die een stukje vlees doorslikt. Deze cynische humor zal nog een tijdje aan je blijven knagen.

jan_svankmajer_food_1992
Jan Švankmajer, ‘Food’, 1992. via: EYE, Amsterdam.

+ | De tentoonstelling zelf werkt als Švankmajers Cabinet of Curiosities. Je ziet rare opgezette dieren, gebruikte schoenen met agaatstenen erin verwerkt. Ga ook kijken bij de zaal met ‘tactiele werken’- die hij tijdens zijn filmverbod periode maakte. Hij vindt dat onze cultuur veel te veel door het visuele bepaald wordt en wilt met deze serie onze tastzin opwekken. De oorspronkelijke bedoeling was dat je geblinddoekt de objecten aanraakte en de associaties ging interpreteren. Wij wagen er ons in deze expositie maar niet aan. Wat je ziet zijn reliëfs van gekke stukjes klei met slordige vingerafdrukken, soms vergezeld met stukjes bont, borstels en andere gebruiksvoorwerpen, die ook tot de verbeelding spreken als je er gewoon naar kijkt. Uniek in EYE zijn Švankmajers fetisj-objecten, die hij zelf overigens niet als kunstvoorwerpen ziet. De seksueel geladen sculpturen zien er vies en vlezig uit en de zaaltekst meldt dat Švankmajer er van tijd tot tijd een mengsel van klei, bloed en maismeel overheen giet. De stankoverlast zet hem aan tot bewerking met bijvoorbeeld pek en vuur: ‘Want een fetisj die pijn heeft ervaren is krachtiger en gedrevener om de wereld te veranderen’, aldus Švankmajer. Het zijn duistere, krachtige voodoo-objecten waar je zeker een tijd naar blijft kijken. Maar we zijn blij dat Švankmajer niet onze buurman is.

Hoe lang doe je er over? | De dertien films duren gemiddeld een kwartier per stuk; trek er dus zo’n twee uur voor uit als je ze allemaal wilt zien.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | In het begeleidende tekstboekje van de tentoonstelling, dat je gratis mag pakken, kan je o.a. de Tien Geboden van Jan Švankmajer lezen. Voor beginnende filmmakers en kunstenaars een must-read! En er is natuurlijk ook een mooi randprogramma waar je zijn langere speelfilms kan bekijken.


De tentoonstelling ‘The Alchemical Wedding’ is nog t/m 3 maart 2019 te zien bij EYE Filmmuseum Meer informatie: https://www.eyefilm.nl/en/exhibition/jan-svankmajer

Tekst: Daphne Rosenthal

Cover: Jan Svankmajer, ‘A Big Adventure Story’, 1997-1998, collage. Via EYE, Amsterdam.

GO | NO GO #153: Sjansen en dansen met Jan Sluijters

GO | NO GO 17 januari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week vanuit Den Bosch, waar het Noordbrabants Museum de expositie ‘Jan Sluijters. De wilde jaren’ toont.

Den Bosch is altijd wel leuk voor een dagje uit; we noemen kleine boetiekjes, smalle steegjes, lekker eten (Bossche bollen!) en Brabantse gezelligheid. Maar wij, als goede Kunstmeisjes, hebben natuurlijk enkel oog voor kunst. Ook daarvoor is het goed toeven onder de rivieren. Het Noordbrabants Museum brengt een ode aan kunstenaar Jan Sluijters, born and raised in het mooie Den Bosch. De tentoonstelling ‘Jan Sluijters. De wilde jaren’ toont werk uit zijn beginjaren, waarin hij er flink op los experimenteerde als kunstenaar en hiermee zijn wilde (kwast)haren verloor. Zijn schilderijen uit die tijd bevatten veel kleur en zitten vol beweging, elementen in de schilderkunst die begin 1900 zeker niet bij iedereen in goede aarde vielen. Ze werden zelfs als ‘duivels’ bestempeld, want hé, zo ging je niet met verf om! Volgens velen in die tijd hoorde je natuurgetrouw te schilderen, zo echt mogelijk. Duidelijk alle penseelstreken kunnen zien, zoals het geval is bij Sluijters, was haast hetzelfde als het zien van het ondergoed van een vrouw, not done!

m10p1875
Zaaloverzicht:
 ‘Jan Sluijters. De wilde jaren, via Het Noordbrabants Museum.

Sluijters werd dan wel geboren in Noord-Brabant, maar verruilde samen met zijn ouders op zijn dertiende het zuiden voor de grote stad Amsterdam. Daar volgde hij een traditionele kunstopleiding en won met het werk ‘De profeet Elisa en de zoon der Sunamitische vrouw’ (1904) de prestigieuze Prix de Rome. De studiebeurs die hij kreeg, bracht hem uiteindelijk in zijn droomstad Parijs. Hij kwam aan in de toenmalige hoofdstad van moderne kunst, net op tijd voor de Salon des Indépendants, een enorme tentoonstelling waar het nieuwste van het nieuwste te zien was op het gebied van kunst. Hier kwam hij oog in oog te staan met het werk van Les Fauves, ‘de wilden’, een groep kunstenaars waartoe onder andere Henri Matisse en George Braque behoorden. Van hun manier van schilderen, wild en kleurrijk, sloeg Sluijters’ hoofd gelijk op hol. Dit is direct terug te zien in zijn werken uit die tijd: felle kleuren en dynamische figuren maken van zijn kunst een feestje. Na een tijdje in Parijs te hebben gewerkt, keerde hij terug naar Nederland. Hier werd zijn nieuwe stijl echter helemaal niet gewaardeerd: zijn studiebeurs (van de Prix de Rome) werd stopgezet en zijn werk werd vaak geweigerd voor tentoonstellingen. Gelukkig denken we tegenwoordig heel anders over de werken van Sluijters: wij reizen er graag voor af naar het Noordbrabants Museum.

herfstlandschap laren js 1910
Jan Sluijters,’Herfstlandschap bij Laren’, 1910, particuliere collectie, via
Het Noordbrabants Museum.

+ | Deze expositie geeft je waar voor je geld: we voelen ons alsof we niet één, maar minstens drie verschillende Sluijters te zien krijgen. Zo begint het met het eerste vleugje experiment: het schilderij ‘De profeet Elisa en de zoon der Sunamitische vrouw’ (1904), waarmee Sluijters de Prix de Rome won. Verderop in de tentoonstelling kom je oog-in-oog te staan met de heftige kleuren van de fauvisten. Door de enorme hoeveelheid aan werken lijken de penseelstreken de wanden van het museum haast over te nemen. In deze zalen zie je, naast werk van Sluijters zelf, ook werk van gelijkgestemde kunstenaars en inspiratiebronnen, zoals Kees van Dongen, Piet Mondriaan, Leo Gestel en Georges Braque. Als kers op de taart zie je tot slot de kubistische werken van Sluijters, bij velen onbekend. Ons oordeel: more is more, dus wij zijn blij!

juni 2008
Jan Sluijters,’Bal Tabarin’,
1907, c/o Pictoright Amsterdam 2018. Collectie Stedelijk Museum Amsterdam (langdurig bruikleen particulier verzamelaar, voorgenomen gift), via Het Noordbrabants Museum.

+ | Naast veel stijlen, worden er ook verschillende thema’s aangehaald in de werken van Sluijters. Je gaat op reis langs landschappen, beeldhouwateliers en dorpspleinen. Extra leuk is de tweede zaal, waar we op een feestje belanden: op alle kunstwerken zijn mensen een dansje aan het doen. Als het museum de lichten een beetje zou dimmen en een lekker muziekje aan zou zetten, ben je haast geneigd je voetjes van de vloer te tillen (challenge accepted!). Een van Sluijters’ meest bekende werken, ‘Bal Tabarin’ (1907), is het stralende middelpunt van deze zaal. Door de kleine penseelstreken die alle richtingen opgaan, lijken de figuren haast echt te bewegen. Het is een enorm doek dat haast voor de helft in beslag wordt genomen door de verbeelding van de kroonluchters die in de balzaal hingen. Je zou zeggen dat dit misschien niet het meest interessante onderwerp is om te schilderen tijdens een feestje, maar voor Sluijters was dit wel degelijk van belang. Deze kroonluchters bevatten namelijk electrisch licht, wat extreem modern was in 1907. Door dit licht was de glinstering van de stukjes glas extra betoverend en een enorme uitdaging om te schilderen. Het leuke is ook dat de eerste versie van het werk, een soort schets, ernaast hangt. Je kunt dus goed zijn verbeteringen zien. Wij maken van beide een vreugdedansje.

Hoe lang doe je er over? | Voor je aan de tentoonstelling kan beginnen, loop je door een groot deel van de vaste collectie van het Noordbrabants Museum. Het kan dus heel goed zijn dat het even duurt, voordat je daadwerkelijk bij de expositie bent (afleiding door gave kunstwerken, je kent het wel). Eenmaal daar, trek gerust een uurtje uit om alles goed te bekijken en je onder te dompelen in de wereld van Sluijters.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Mocht je nou na je bezoek aan de tentoonstelling ‘Jan Sluijters. De wilde jaren’ nog geen genoeg hebben van de beste man, dan ben je bij het Noordbrabants Museum op het goede adres. In hun vaste collectie zijn namelijk ook nog genoeg werken te zien, ook van zijn latere periode toen hij vooral de high society schilderde. Voor meer informatie, klik hier.



De tentoonstelling ‘Jan Sluijters. De wilde jaren’ in het Noordbrabants Museum is nog t/m 7 april 2019 te zien. Meer informatie: https://www.hetnoordbrabantsmuseum.nl/bezoek/tentoonstellingen-activiteiten/tentoonstellingen/jan-sluijters/

Tekst: Yaël Speck

Cover: detail van Jan Sluijters,’Bal Tabarin’, 1907, c/o Pictoright Amsterdam 2018. Collectie Stedelijk Museum Amsterdam (langdurig bruikleen particulier verzamelaar, voorgenomen gift), via Het Noordbrabants Museum

GO | NO GO #152: Een rondje Rembrandt – Rembrandt Privé

GO | NO GO 15 januari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Dit jaar knallen we er een speciale serie in: ‘Een rondje Rembrandt’, ter gelegenheid van het nationale themajaar ‘Rembrandt en de Gouden Eeuw’. In 2019 is het namelijk precies 350 jaar geleden dat Rembrandt is overleden. Door het hele land vinden er bijzondere Rembrandt-themed exposities plaats en wij gaan ze stuk voor stuk af. Vandaag trappen we af met de tentoonstelling ‘Rembrandt Privé’ in het Stadsarchief in Amsterdam.

Rembrandt Privé is een expositie om van te smullen, Zoals de titel al doet vermoeden, geeft het Stadsarchief een echt inkijkje in het privéleven van Rembrandt. Waar een tentoonstelling vaak over zijn geschilderde kunstwerken gaat – denk bijvoorbeeld aan de Nachtwacht, het Joodse Bruidje of zijn tientallen zelfportretten –  draait het in het Amsterdamse Stadsarchief juist om de man achter de meesterwerken. Wat blijkt? De kunstenaar was niet altijd alleen maar braaf aan het schilderen… Kom maar op met die smeuïge verhalen, wij zitten klaar met de popcorn.

Rembrandt Privé’ in het Stadsarchief in Amsterdam.
Links: Rembrandt, ‘Neeltgen van Zuytbrouck, de moeder van Rembrandt’, ca. 1631, via Stadsarchief Amsterdam | Rechts: Rembrandt, ‘Zelfportret met Saskia’, 1636, Bruikleen van Kunsthandel Helmut H. Rumbler, Frankfurt.

Hoewel Rembrandt in Leiden werd geboren, verhuisde hij op zijn 25ste naar Amsterdam. Dit was in de zeventiende eeuw hét economische en culturele centrum van de wereld en dus the place to be. In deze turbulente wereldstad (ja, toen al!) werd Rembrandt de populairste schilder voor de nouveau riche, de rijke burgers en koopmannen, die allemaal een selfie boven hun schoorsteenmantel wilden hebben. Maar denk maar niet dat etsen en schilderen het enige was waar Rembrandt zich mee bezighield: hij trouwde, kreeg kinderen, verloor zijn vrouw en enkele van zijn kinderen, had zo nu en dan een pittige ruzie met een minnares (uitgevochten voor de rechter), moest zich verantwoorden voor een buitenechtelijke relatie, ging failliet… Say what?! Aan reuring geen gebrek in het leven van Rembrandt. Deze juicy stories hebben natuurlijk hun sporen achtergelaten in de Amsterdamse archieven. Hoog tijd om deze zeventiende eeuwse documenten weer eens af te stoffen. Baan je een weg tussen de glazen kasten en vitrines, ingedeeld naar thema’s als ‘Erfgenaam’ en ‘Zwanger’, waarin prachtige handgeschreven boeken liggen tentoongesteld. Ook aan kunst geen gebrek: grafisch werk van Rembrandt is goed vertegenwoordigd.

Rembrandt Privé’ in het Stadsarchief in Amsterdam.Zaaloverzicht ’Rembrandt Privé’, via het Stadsarchief van Amsterdam

+ | Niet dat we uitgekeken zijn op de schilderijen van Rembrandt (simply impossible), maar het is verfrissend om eens met onze neuzen in de originele documenten te duiken. Dit zijn immers kunstwerken an sich: papier van 350 à 400 jaar oud, knisperend dun, gevuld met gracieuze krullen van inkt die samenvloeien tot woorden… Vergeet de Story en de Privé, deze documenten geven ons pas de roddels en achterklap van de zeventiende eeuw! Hoewel Rembrandt met pigment en penseel de allerbeste van zijn tijd was, was hij niet overal even goed in: ondanks de vele opdrachten, was het omgaan met guldens, stuivers en penningen niet zijn sterkste kant. Typisch gevalletje van gat in de hand. Zijn hypotheek voor het monumentale pand op de Jodenbreestraat (nu Museum Het Rembrandthuis) was eigenlijk te hoog, en Rembrandt was een onverbeterlijke shopaholic. Hij kocht veilingen met kunstwerken van zijn grote voorbeelden en eigentijdse kunstenaars leeg, en zijn kunstkamer puilde uit met tekenalbums en rariteiten. Een faillissement in 1656 was onvermijdelijk. De inboedel werd opgetekend; per vertrek (niet gewoon woon- en slaapkamer, maar de ‘Sael’ en ‘Kunstcaemer’) werd de inhoud genoteerd, met onder andere schilderijen en gebruiksvoorwerpen. Het Stadsarchief laat deze boedelinventaris zien, which almost never happens, en wij duiken met onze neuzen op de lijst van voorwerpen die Rembrandt had. Alleen al voor dit document is de expositie een bezoekje waard: vergeet binnenkijken in andermans huizen op Funda, nu kun je binnenkijken bij niemand minder dan Rembrandt van Rijn.

3. detail geertje dircx vs rembarndt van rijn
Detail van ‘Uitspraak door commissarissen van huwelijkse zaken in de affaire tussen Geertje Dircks en Rembrandt, 23 oktober 1649’, via Stadsarchief Amsterdam.

± | Dat het Stadsarchief helemaal up-to-date is, bewijst de toepassing van Augmented Reality in de tentoonstelling. Didn’t we mention? De documenten zijn uiteraard in zeventiende eeuws Nederlandsch geschreven, voor de geoefende literair onder ons een interessante puzzel, maar voor de gemiddelde bezoeker één grote wirwar van onleesbare krulletjes, kriebeltjes en ander gepriegel. Als een ware Sherlock Holmes ontrafelen we de teksten op de documenten en juichen we wanneer we ‘Rembrandt’ aan het einde van een alinea ontdekken. Wat hulp bij het lezen van de originele archiefstukken is dan ook zeker welkom. Bij binnenkomst in de intieme ruimte liggen iPads en koptelefoons klaar: inpluggen en go. Zou je denken. Helaas hebben wij het na vier verschillende devices en koptelefoons opgegeven. De meeste bleken niet te werken, en ook personeel kwam snel tot de conclusie dat de iPads het simpelweg niet doen, dus je maar zonder verder moest kijken. Jammer! De tentoonstelling valt of staat met de extra informatie. Zeker de tijdlijn die je zou moeten kunnen scannen, waarna corresponderende zelfportretten van Rembrandt tevoorschijn moeten komen, is een loos onderdeel wanneer de technologie niet meewerkt. Misschien hadden wij gewoon pech. Maar vrees niet, zoals eerder vermeld: de archiefstukken zijn op zichzelf al kunstwerkjes en de etsen zijn een fijne bonus.

Hoe lang doe je er over | 30-45 minuten.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Het Stadsarchief organiseert verschillende gesprekken rondom de tentoonstelling. Op 20 januari en 3 maart kun je gratis luisteren naar historici die een thema uit het leven van Rembrandt belichten. Meer zin om een frisse neus te halen? Iedere zondagmiddag is er een stadswandeling! Mocht je op het volgende verjaardagsfeestje willen opscheppen over je ‘paleografische’ kennis: volg een snelcursus zeventiende eeuwse documenten lezen op 18 januari. Alle informatie vind je hier.


De tentoonstelling ‘Rembrandt Privé’ in het Stadsarchief van Amsterdam is nog te zien t/m 7 april 2019. Meer informatie:
https://www.amsterdam.nl/stadsarchief/agenda/rembrandt-prive/?utm_source=Banner%20Tentoonstellingen&utm_medium=website&utm_term=Rembrandt%20Privé%20-%20vanaf%207%20december&utm_content=Rembrandt%20Privé%20-%20vanaf%207%20december&utm_campaign=Banner%201

Tekst: Charlotte Hercules

Coverbeeld: Detail van ‘Uitspraak door commissarissen van huwelijkse zaken in de affaire tussen Geertje Dircks en Rembrandt, 23 oktober 1649’, via Stadsarchief Amsterdam.

GO | NO GO #151: Gotta catch ‘em all!

GO | NO GO 10 januari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer bezochten we de tentoonstelling Cool Japan, die na een succesvol verblijf in het Museum Volkenkunde in Leiden nu te zien is in het Tropenmuseum in Amsterdam.

Pokémon, Transformers, Hello Kitty: de Japanse popcultuur is in de afgelopen decennia uitgegroeid tot een wereldwijd fenomeen. ‘Manga’ (Japanse stripverhalen), anime (Japanse animatiefilms) en videospelletjes van Japanse makers vliegen overal als warme broodjes over de toonbank, terwijl internationale popsterren als Gwen Stefani en Nicki Minaj het liefst in een ‘Harajuku’-pakje op het podium klimmen. Ook onze voorouders hadden een lichte obsessie met Japanse producties; al sinds het begin van de zeventiende eeuw worden prenten en gedecoreerde objecten uit Japan door het Westen geïmporteerd en felbegeerd. Er bestaat zelfs een stroming in de kunstgeschiedenis die het ‘Japonisme’ heet: aan het einde van de negentiende eeuw ontstond er een ware hype rondom Japanse kunst en motieven. Beroemde kunstenaars zoals Vincent van Gogh en Paul Gauguin lieten zich door deze kunst inspireren en namen de motieven over in hun eigen werk.

Photography by ©KIRSTENVANSANTEN
Zaaloverzicht: ‘Cool Japan – Samurai’, foto: Kirsten van Santen, via Tropenmuseum, Amsterdam

De expo ‘Cool Japan’ dekt het volledige scala van de Japan-gekte door de eeuwen heen, van oude tekeningen tot en met knuffels, outfits en robots. Daarbij worden ook veel hedendaagse cultuurverschijnselen zoals ‘Kawaii’ (de schattigheids-esthetiek), ‘Cosplay’ (gekostumeerde rollenspellen) en ‘Otaku’ (obsessieve fan-cultuur) bij het publiek geïntroduceerd. Bij binnenkomst raak je meteen ondergedompeld in een hysterisch vrolijke fantasiewereld, waarin Samoerai krijgers, draken en schoolmeisjes met super powers de dienst uitmaken. Gaandeweg vang je echter ook iets op van een grimmige ondertoon die verwijst naar een hardere realiteit.

+ | ‘Cool Japan’ laat zien dat de wortels van de Japanse popcultuur voornamelijk in de beeldcultuur liggen; er bestaat een lange traditie van het uittekenen van alledaagse volksverhalen, de (nogal bloederige) geschiedenis en belangrijke moralen. Veel van deze verhalen zijn later vertaald naar het ‘Kabuki’-theater, een kunstvorm voor de “gewone burger”. Prenten en tekeningen genoten daarom door de eeuwen heen een ongekende populariteit, en een beetje talentvolle graficus verkreeg al snel een celebrity status. In de tentoonstelling kom je veel van dit soort historische prenten tegen waarop karakters of scènes uit een verhaal zijn afgebeeld. Soms zijn ook alle scènes uit het verhaal op één oppervlak afgebeeld, waardoor het als een striptekening leest. Bijvoorbeeld een ‘Kabuki’-theater affiche uit de achttiende eeuw, waarop de hoofdpersoon Mitsuki in bedwang wordt gehouden door een bezeten zwaard. Hij mag het zwaard pas terug in de schacht steken als er bloed heeft gevloeid, en dat laatste wordt op verschillende vlakken gedemonstreerd… tja, echt een publiekstrekker. De helden en schurken uit deze klassieke volksverhalen vormen een bron van inspiratie voor de makers van hedendaagse manga, anime en computerspelletjes. Zo is de hele wereld inmiddels gefascineerd door Samoerai-krijgers en Ninja’s. Hoewel manga en anime niet officieel erkend worden als het vervolg van de bovengenoemde traditie, maken de ‘Mangaka’ (striptekenaars) vandaag de dag nog steeds gebruik van dezelfde eeuwenoude tekentechnieken en grafische trucjes. In het midden van de tentoonstelling tref je een paar knappe historische voorbeelden die deze technieken duidelijk illustreren, waaronder ook de schetsen van de beroemde Kitao Masayoshi, die hele figuren kon tekenen zonder zijn pen op te tillen.

Cool Japan - Colorful Rebellion - Seventh Nightmare (2014, NY) Photo by GION
Zaaloverzicht: ‘Cool Japan – Colorful Rebellion – Seventh Nightmare (2014, NY)’, foto: Gion, via: Tropenmuseum, Amsterdam.

± | Japan staat bol van tegenpolen, enerzijds is het bekend om uitgebreide theeceremonies en als het land van oorsprong van het zen-boeddhisme, anderzijds verkleed de bevolking zich regelmatig als hun favoriete superheld en kijken ze het liefst naar tekenfilms. Neem bijvoorbeeld de ‘Kawaii’-cultuur: met schattige knuffels, hartjes, regenbogen en fantasiewezens zetten tieners en jongvolwassenen zich op een bijzonder passief-agressieve manier af tegen de strenge en conformistische Japanse maatschappij. De belichaming van dit fenomeen bevindt zich in de installatie ‘Colorful Rebellion – Seventh Nightmare’ van de kunstenaar Sebastian Masuda, het brein achter het commerciële succes van ‘Kawaii’. De wanden van dit kamertje zijn compleet bedekt met allerlei speelgoed en kleurrijk textiel en in de hoek staat een wit bed – het is zo zoet dat je er bang van wordt. Net als met ‘Cosplay’ en ‘Otaku’, biedt deze fantasiewereld een manier van ontsnappen aan de realiteit die dikwijls extreme vormen aanneemt, maar de expo bestrijkt alleen het oppervlak daarvan. De opzet van de tentoonstelling is te breed om echt de diepte in te gaan; voor de echte liefhebber of antropoloog is het daarom wellicht wat minder vernieuwend. Want er is ook nog een deel gewijd aan Japans design en Westerse ontwerpers die zich daardoor hebben laten inspireren, een kamertje met erotische Manga waarin voorzichtig commentaar wordt geleverd op het afbeelden van de vrouw als lustobject, en een zaal waarin je zelf mag gamen op arcade speelkasten en Japanse pop video’s kunt bekijken. ‘Cool Japan’ vormt vooral een overzicht van en ode aan de Japanse popcultuur: een waanzinnig parallel universum waarin iedereen ter wereld en van alle generaties kan ontsnappen, of gewoon een dagje op bezoek kan gaan!

Hoe lang doe je erover? | minimaal een uur

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | Tijdens het weekend van 2 en 3 februari is het ‘Cool Japan Design Weekend’. Het museum haalt verschillende ontwerpers in huis die je bijvoorbeeld helpen met het customizen van je eigen kimono of je leren hoe je composities kunt maken. Super-kawaii!


De tentoonstelling ‘Cool Japan’ is nog t/m 1 september 2019 te zien in het Tropenmuseum. Meer informatie: https://www.tropenmuseum.nl/nl/cooljapan.

Tekst: Jolien Klitsie

Cover: Matsuura Hiroyuki, ‘Uki Uki’, via Tropenmuseum, Amsterdam

GO | NO GO #150: Food for thought

GO | NO GO 8 januari 2019

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer zijn we in Foam voor een dosis #foodporn-inspiratie. Daar zie je nu namelijk een expositie om je vingers bij af te likken: ‘Feast for the Eyes. The Story of Food in Photography’.

Even geen inspiratie voor hoe je je avocado-toast moet vastleggen voor je Instagram-feed? Ren dan snel naar fotografiemuseum Foam voor ‘Feast for the Eyes’, een uitgebreide tentoonstelling met de belangrijkste kunstenaars binnen de voedselfotografie. Bij binnenkomst waan je je gelijk in de keuken van een desperate housewife in de jaren 50 door de knalgele muur en geblokte faux-tegeltjesvloer. Met foto’s van kleine hapjes en heuse feestmalen toont Feast for the Eyes welke verschillende betekenissen voedsel heeft in onze maatschappij. Het is meteen zo klaar als een klontje: wij mensen zijn obsessed met voedsel, het is een van de meest gefotografeerde onderwerpen in de kunstgeschiedenis. Omdat voedselfotografie sinds een paar jaar massaal gedeeld wordt op sociale mediaplatforms als Instagram en Facebook, is de belangstelling voor de esthetiek van een (voorheen vaak doodgewone) maaltijd alleen maar toegenomen. Bovendien is het vastleggen van voedsel een onderdeel geworden van de eetervaring zelf. Kijk maar eens rond, de volgende keer dat je in een restaurant bent: zodra de borden aan tafel verschijnen, pakt men niet meteen een vork, maar een smartphone.

Ouka Leele
Ouka Leele, ‘Peluqueria’, 1979, © Ouka Leele, via: Foam

De expositie in Foam toont deze food-fixatie aan de hand van drie thema’s: ‘Still Life’, ‘Around the Table’ en ‘Playing with Food’. Wij staan nu al te watertanden. Het thema van de eerste zaal, ‘Still Life’, vindt haar oorsprong in de zeventiende-eeuwse schilderkunst. Maar het genre is nog lang niet dood: ook in moderne fotografie zien we veel composities van sappige druiven en knalrode tomaten. Soms rechttoe-rechtaan, soms zo origineel als de stillevens van Roger Fenton (1819 – 1869), die een compositie van bedorven fruit laat zien. Het thema ‘Around the Table’ laat de rituelen die plaatsvinden rondom eten zien. Hier had zo een kiekje van jouw kerstdiner met gevulde kalkoen (of chia-infused bietenburger met schuim van amandelmelk) van vorige maand tussen kunnen hangen. Binnen dit thema duik je ook dieper in de culturele betekenissen van voedsel: van het belang van de Kerst-kalkoen waarbij heel het gezin wacht tot vader, “het almachtige hoofd van het gezin”, de vogel aansnijdt, tot de dikke rijen met Britten die hoopvol staan te wachten op hun hotdog na een dagje zwemmen. Tot slot laat het thema ‘Playing with Food’ zien wat het oplevert als je met een gevoel voor humor en ironie naar je dagelijkse maaltijd kijkt. Hier zijn onder meer een hoofdtooi van citroenen (ja, die poster die door heel Amsterdam hangt!) en een Mona Lisa van pindakaas te zien.  

+ | De tentoonstelling is niet alleen maar naar Instagram-waardige plaatjes van eten kijken. Het thema ‘At the Table’ vertelt bijvoorbeeld dat we door voedselfotografie ook veel leren over de maatschappij en tijdsgeest. Denken we nog steeds hetzelfde over bepaalde dingen als vijftig jaar geleden? Martha Rosler geeft bijvoorbeeld op een absurdistische manier kritiek op de rol van de vrouw in de keuken in de jaren 50. Roslers kunst gaat meestal over de positie van vrouwen, en het onderwerp voedsel leent zich bij uitstek erg goed om deze positie aan te kaarten. Zo zien we in de expositie een filmpje waarin Rosler een alfabetische opsomming van keukenattributen maakt. Thank God voor emancipatie en Deliveroo. Naast de foto’s is er in deze zaal ook een groot aantal kookboeken te zien. Wat ons hier vooral opvalt, is hoezeer alles wat we nu lekker vinden tijdsgebonden is. Sommige foto’s naast recepten die onze opa’s en oma’s waarschijnlijk heerlijk vonden, zien er extreem onsmakelijk uit. Betekent dat dat onze toekomstige kleinkinderen staan te gruwelen bij een foto van een getoast broodje met zalm of een gepocheerd eitje?  

Untitled (Hot Dog Stand), 1983–85
Martin Parr, ‘New Brighton, England’, 1983-85, © Martin Parr / Magnum Photos, via Foam.

± | We waren er niet helemaal over uit of je nou op een lege of volle maag naar Feast for the Eyes moet gaan. Van de ene foto loopt het water je namelijk in de mond, maar van de andere werden we ronduit misselijk. Zo loop je in de zaal ‘Playing with Food’ tegen een grote foto van de iconische feministische fotografe Cindy Sherman op: een strandhanddoek met daarop een zonnebril, en hele verzameling half-opgegeten snacks en sauzen, en een plasje kots. In de zonnebril zien we de reflectie van Shermans eigen gepijnigde gezicht. Sherman toont ons niet het clichébeeld van de beach babe, zonnebadend op het strand, maar een destructieve relatie met eten en het verstoorde zelfbeeld dat daar vaak mee gepaard gaat. Food for thought: heel goed, maar lekker is anders. Een extra tip die we dus kunnen geven, is dat je de komende tijd maar beter niet met heel veel trek óf een voedselvergiftiging naar Foam kunt gaan.

Hoe lang doe je er over? | 45 minuten

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy pro

Meer weten | In de Foam Studio’s kun je elke zondagmiddag een inloopworkshop volgen als verdieping op de tentoonstelling. Tijdens deze workshop kan je je laten inspireren door fotografen die uiteenlopende ideeën hebben over het klassieke stilleven. Hoe zou jij een stilleven vormgeven? En welk eten past daarbij? Je beste foto krijg je geprint mee naar huis.


De tentoonstelling ‘Feast for the Eyes. The Story of Food in Photography’ is nog t/m 3 maart 2019 te zien in Foam. Meer informatie: https://www.foam.org/nl/museum/programma/feast-for-the-eyes

Tekst: Ananda Hegeman

Cover: Joseph Maida, ‘fishy donut divers thingsarequeer, December 1’, 2015,  © Joseph Maida, via: Foam

Janis Rafa, A Sign of Prosperity To The Dreamer (still), 2014, Centraal Museum, Utrecht

GO | NO GO #149: Met hijgende honden naar de film

GO | NO GO 13 december 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze week zijn we in het Centraal Museum in Utrecht voor de eerste solotentoonstelling van (video-)kunstenaar Janis Rafa, ‘Janis Rafa: Eaten by Non-humans’.

Het Eye Filmmuseum in Amsterdam, Palazzo Strozzi in Florence en de 56e Biënnale van Venetië: een kleine greep van locaties waar het werk van de Griekse Janis Rafa (1984) de afgelopen jaren al is getoond. De jonge kunstenaar studeerde af op videokunst aan de University of Leeds en maakte in 2013-2014 furore op de Rijksakademie in Amsterdam. Nu, vier jaar later, is het de beurt aan het Centraal Museum in Utrecht. Een belangrijke mijlpaal in haar carrière, aangezien het haar eerste museale solotentoonstelling is! De films van Rafa draaien om universele thema’s als sterfelijkheid en verlies. Het bezoek aan haar nieuwste expositie begint buiten al, een teaser van het videowerk ‘A Sign of Prosperity to the Dreamer’ is te zien op de gevel van het Centraal Museum. Meerdere zwarte vogels tollen vanuit de onderkant het beeld in, vertraagd, soms bijna onherkenbaar en bovenal: morsdood. Dit alles tegen de achtergrond van de lucht, een mooi samenspel met de buitenlucht in real time.

Janis Rafa, A Sign of Prosperity To The Dreamer (still), 2014, Centraal Museum, Utrecht
Janis Rafa, ‘A Sign of Prosperity To The Dreamer (film still)’, 2014, Centraal Museum, Utrecht

De titel van de tentoonstelling ‘Eaten by Non-humans’ verwijst naar het ‘niet-menselijke’; hiermee bedoelt Rafa met name dieren. Alle dog lovers opgelet: opvallend zijn de vele honden die telkens terugkomen in haar werk. Rafa stelt telkens vragen over de hiërarchie tussen mens en niet-mens: heeft een niet-mens bijvoorbeeld ook gevoelens van liefde en verdriet? Naast haar films zijn er in het Centraal Museum ook enkele sculpturale werken te zien die – net als de videowerken – zijn geïnspireerd op de grote thema’s in het leven, met name de relatie tussen mens en dier en mens en landschap.

Janis Rafa - Centraal Museum Utrecht - De Kunstmeisjes(2)Zaaloverzicht Janis Rafa, ‘Eaten by Non-humans’, Centraal Museum, Utrecht

± | Be warned: voor het werk van de jonge kunstenaar heb je geduld nodig. Twee films duren 20 minuten, en veel shots zijn minutenlange beelden van bijvoorbeeld hetzelfde landschap, een douchend persoon of hijgende honden. Bioscoopgevoel, maar dan next level artistiek! De tentoonstellingsruimten nodigen gelukkig uit tot het nemen van je tijd. Bij de films ‘Father Gravedigger’ en ‘Our Dead Dogs’ – beide onderdeel van de trilogie ‘Three Farewells’ – zijn bankjes geplaatst en is er genoeg ruimte om te zitten. De zalen met de films zijn helemaal donker: de vloeren diepzwart en de muren roodbruin: een aardse kleur die overeenkomt met de aarde van eerder getoond sculptuur in de tentoonstelling. De films spatten zo uit de ruimte en de kraakheldere kleuren en intense geluiden (like we said, hijgende honden) worden hierdoor versterkt en komen extra hevig over op de toeschouwer. De beelden van verlaten en uitgestrekte landschappen zijn vaak geschoten met een groothoeklens en zijn prachtig: de dorre zandgrond met vele olijfbomen bijvoorbeeld, laat het soort landschap zien dat doet denken aan het thuisland van de kunstenaar. Rafa’s werk kan naast meditatie ook emotie opwekken: een hond die zijn dode baasje probeert wakker te springen, huilend bij hem gaat liggen wanneer dit niet lukt en uiteindelijk aan zijn haren meesleurt en hem begraaft, draait de normale verhouding tussen mens en dier om en wekt bij ons glimmende oogjes op. Deze sfeer van rouw en de omgekeerde wereld, waarin we de ervaring zien vanuit het perspectief van het dier, in plaats van de mens, zorgen ervoor dat je blijft kijken naar het videowerk.

Janis Rafa - Centraal Museum Utrecht - De KunstmeisjesZaaloverzicht Janis Rafa, ‘Eaten by Non-humans’, Centraal Museum, Utrecht

+ | Voor deze solotentoonstelling heeft Rafa inspiratie gehaald uit de collectie van het Centraal Museum. Vanaf 16 december is namelijk de tijdelijke en veelbelovende tentoonstelling ‘Utrecht, Caravaggio en Europa’ te zien in het museum, grotendeels tegelijkertijd met de solotentoonstelling van Rafa. Caravaggio inspireerde zeventiende-eeuwse Utrechtse schilders als Hendrick ter Brugghen, die op zijn beurt een inspiratiebron is voor de hedendaagse Rafa. (Art) History is an ongoing cycle! Voor ‘Take 11: What Remains is a Wound Disembodied’ (2018) heeft Rafa zich gebaseerd op het schilderij ‘De Arme Man en de Rijke Lazarus’ van Ter Brugghen. Op dit doek uit 1625 likken twee honden de wonden van de arme man schoon, en dit is wat Rafa ook laat zien in een ‘travelling shot’ dat langzaam en parallel aan de actie beweegt. Een vrouw, levend op een schroothoop met haar man en dieren, valt en gilt het uit. In een volgend shot zien we haar grijpen naar haar buikwond, die ook hier gelikt wordt door twee honden. Doordat het cruciale moment mist in de film, blijft het gissen of de honden haar aanvielen (eaten by non-humans?) of haar wonden willen verzorgen door ze – net als in het werk van Ter Brugghen – schoon te likken. Het gezicht dat je nú trekt bij het lezen van voorgaande, trokken wij zo nu en dan ook. Het werk van Rafa kan je heel ongemakkelijk laten voelen: het trekt aan en het stoot af. Deze spannende verhoudingen maken dat je – ondanks de enorme traagheid – wilt blijven kijken. What’s gonna happen next?

Hoe lang doe je er over | Wil je alle filmwerken bekijken? Dan ben je zeker een uur zoet.

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | Bonustip: vanaf 16 december is ‘Utrecht, Caravaggio en Europa’ te zien in het Centraal Museum. Een bijzondere tentoonstelling, want voor het eerst zijn er drie werken van Caravaggio te zien in Nederland! Het Vaticaan heeft het topstuk ‘De graflegging van Christus’ uitgeleend en is slechts vier weken te bezichtigen. Hierna zijn er nog twee werken van Caravaggio te bezichtigen: ‘Medusa’ en ‘Mediterende Hieronymus’. Meer hierover in onze Christmas Special volgende week, so stay tuned


De tentoonstelling ‘Janis Rafa: Eaten by Non-humans’ in het Centraal Museum te Utrecht is nog te zien t/m 3 februari 2019. Meer informatie: https://www.centraalmuseum.nl/nl/tentoonstellingen/janis-rafa-eaten-by-non-humans

Tekst: Charlotte Hercules

Coverbeeld: Zaaloverzicht Janis Rafa, ‘Eaten by Non-humans’, Centraal Museum, Utrecht

Chim (David Seymour), ‘Picasso voor zijn schilderij Guernica’, Parijs, 1937, Magnum Photos Courtesy Chim Estate

GO | NO GO #148: Chim – de man die het allemaal kon

GO | NO GO 11 december 2018

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Wij werden nieuwsgierig naar de overzichtstentoonstelling van fotojournalist Chim (David Seymour) in het Joods Historisch Museum en gingen op pad.

Wist je dat Dawid Szymin, ook wel bekend als David Seymour en nog bekender onder de naam Chim, een van de grootste documentairefotografen van de twintigste eeuw is? Chim is ter wereld gekomen in Polen als Dawid Szymin en was de zoon van een joodse uitgever. Rond de jaren dertig vertrok Dawid naar Parijs, nadat hij door de slechte economie en toenemend antisemitisme zich gedwongen zag zijn studie in Warschau stop te zetten. Chim werd al snel zijn bijnaam, voor vrienden en intimi, maar ook voor de pers die hem steeds meer in het vizier kreeg als talentvolle fotojournalist. Zijn laatste naamsverwisseling (P. Diddy en Prince zijn er niks bij) vindt plaats als hij naar New York verhuist. Vanaf dat moment neemt hij de naam David Seymour aan, al blijft iedereen hem bij zijn nickname Chim noemen.

Chim (David Seymour), ‘Kinderen spelen op Omaha Beach’, Normandië, Frankrijk, 1947  Magnum Photos Courtesy Chim Estate
Chim (David Seymour), ‘Kinderen spelen op Omaha Beach’, Normandië, Frankrijk, 1947  Magnum Photos Courtesy Chim Estate, via Joods Historisch Museum.

In het Joods Historisch Museum, leer je Chim beter kennen. Zo komen we er achter dat hij samen met zijn vrienden Henri Cartier-Bresson en Robert Capa het fotografencollectief ‘Magnum’ oprichtte. Hoewel zijn oeuvre bekend en geliefd is, blijft hij bescheiden en minder bekend dan zijn famous friends. Desalniettemin zei Capa over Seymour, ‘Chim is the really good photographer’. De oprichting van dit fotocollectief is bijzonder, want hoewel dit soort samenwerkingsverbanden tegenwoordig aan de orde van de dag zijn (groetjes van De Kunstmeisjes), is dit het eerste fotocollectief dat geschiedenis heeft geschreven. Binnen no time vertegenwoordigden agentschappen in onder andere, New York, Tokyo, Parijs en Londen deze mannen #worlddomination. Chim en zijn collectief kregen via deze persagenten veel grote commerciële opdrachten om foto’s te maken voor uitgeverijen, tijdschriften, kranten en musea. Hoewel Chim de minst bekend is onder het grote publiek, staat hij nu helemaal solo in de schijnwerkers in het Joods Historisch museum: tijd om nader kennis te maken met de legendarische fotograaf.

03. © Chim (David Seymour)  Magnum Photos  Courtesy Chim Estate.jpg
Chim (David Seymour), ‘
Jongen met bolderkar voor de Brandenburger Tor, Berlijn’, 1947, Magnum Photos Courtesy Chim Estate, via Joods Historisch Museum.

+ | Chim blijkt een veelzijdig man, hij dompelt zich gedurende zijn loopbaan onder in verschillende thema’s. Wij zijn vooral gegrepen door zijn indringende portretten genomen in oorlogs- en conflictsituaties. Dit komt goed naar voren in deze tentoonstelling, die is samengesteld door de International Center of Photography. Dankzij 150 vintage foto’s, tijdschriften, boeken en affiches wordt duidelijk hoe het oeuvre van Chim in elkaar zit. Gedurende een periode van 25 jaar fotografeert hij bijvoorbeeld de Spaanse Burgeroorlog, maar ook de rauwe foto’s van Europa in wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog. Zijn meest indringende werk over getraumatiseerde kinderen in de naweeën van de tweede wereldoorlog, maakte Chim in opdracht van UNESCO. Opvallend is de foto van een meisje in een kindertehuis in Warschau, Polen. Tereska heeft een verwilderde, glazige blik in haar ogen en is gevraagd haar thuis te tekenen. In de foto is het resultaat van deze tekening zichtbaar; dit meisje verbeeldt “thuis” door een wirwar aan chaotische krassen op een schoolbord te tekenen. Chim heeft in zijn fotoreportages niet alleen oog voor historische gebeurtenissen, maar hij heeft ook aandacht voor de uitwerking van oorlogen op de mensen die deze hebben meegemaakt en in sommige gevallen ook overleefd. Het is daarom des te tragischer dat hij op 10 november 1956 zelf wordt gedood door een sluipschutter, tijdens een reis om de Suez Crisis te verslaan. De foto’s van zijn laatste reportage zijn ook in deze tentoonstelling te zien, als een laatste ode aan de empathische fotograaf.

Chim (David Seymour), ‘Ingrid Bergman’, Italië, 1953, Magnum Photos Courtesy Chim Estate
Chim (David Seymour), ‘Ingrid Bergman’, Italië, 1953,  Magnum Photos Courtesy Chim Estate, via Joods Historisch Museum. 

+ |  In groot contrast met deze oorlogsfotografie, zijn de glamour shots die hij neemt van onder andere Sophia Loren, Peggy Guggenheim, Ingrid Bergman, Pablo Picasso – just to name a few. In de museumzaal vol oorlogs- en protestfotografie, met veelal donkere en intense zwart-wit foto’s, zijn de portretten van tout hollywood een welkome afwisseling. Deze portretten geven letterlijk kleur aan de tentoonstelling, en hadden wat ons betreft prominenter in de tentoonstelling uitgelicht mogen worden. Deze werken geven met hun Hollywood-romantiek balans aan de heftigheid van de oorlogsfotografie. Ondanks de grote contrasten in het werk van Chim, zien we een rode lijn door alle foto’s lopen. Elk beeld vertelt een eigen, sterk verhaal, doordat Chim zowel het moment, het kader en de lichtval precies goed uitkiest. De composities tonen niet alleen zijn empathische kant, maar ook zijn gevoel voor esthetiek. Door deze tentoonstelling stapt Chim definitief uit de schaduw van zijn vrienden. Van rauwe oorlogsfotografie tot aan juicy Hollywood-foto’s, deze man kon het allemaal.  

Hoe lang doe je er over? | 60 min

Expert level | Beginners | Gevorderden | Crazy Pro

Meer weten | In de volgende twee podcasts vertelt conservator fotografie Bernadette van Woerkom wat een typische Chim-foto is, welke ingrediënten zijn hiervoor nodig? Listen and learn.


De tentoonstelling ‘Chim (David Seymour) legendarische fotojournalist’ in het Joods Historische Museum is nog t/m 10 maart 2019 te zien. Meer informatie: https://jck.nl/nl/tentoonstelling/chim-david-seymour-legendarisch-fotojournalist

Tekst: Carlien Lammers

Cover: Chim (David Seymour), ‘Picasso voor zijn schilderij Guernica’, Parijs, 1937,  Magnum Photos Courtesy Chim Estate, via Joods Historisch Museum.