Ananda Hegeman 18 november 2021

GO NO GO #326: Te postkolonialistisch voor sommigen

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer waren we in Stedelijk Museum Amsterdam voor de nieuwe expo over Kirchner en Nolde.

Zelden deed een tentoonstelling zo veel stof opwaaien voordat deze überhaupt open was als Kirchner en Nolde: Expressionisme. Kolonialisme. in het Stedelijk Museum Amsterdam. Het Parool schreef zelfs: ‘Wat het Stedelijk betreft is dit de koers voor de toekomst. Maar als dit de standaard wordt, markeert deze tentoonstelling het begin van het einde van het kunstmuseum.’ Een tikkeltje dramatisch, als je het mij vraagt. Het werk van de grote expressionisten Ernst Ludwig Kirchner (1880-1938) en Emil Nolde (1867-1956) wordt hier namelijk bekeken door een postkoloniale lens, een heersende trend binnen de museale wereld die zich bezighoudt met de culturele gevolgen van kolonialisme. Iets wat veel mensen dus blijkbaar heftig vinden. Maar voor mij voelt die koloniale context juist essentieel, vooral omdat dit de eerste keer is dat ik zoveel werk van Kirchner en Nolde bij elkaar zie. Het Parool schreef verder dat het perspectief ‘weinig nieuws te brengen heeft en kunst niet in een vacuüm wordt gecreëerd’. Ook de Volkskrant was behoorlijk kritisch en gaf de tentoonstelling slechts twee sterren: ‘Het vermeende machtsmisbruik dat Nolde en Kirchner wordt verweten, geldt ook voor de samenstellers: de macht om een volstrekt eenzijdig en suggestief beeld van deze twee kunstenaars te geven.’

Ernst Ludwig Kirchner, 'Nacktes Mädchen hinter Vorhang (Fränzi)', 1910-1926, Collectie Stedelijk Museum Amsterdam.
Ernst Ludwig Kirchner, 'Sitzende Frau mit Holzplastik', 1912, Virginia Museum of Fine Arts, Richmond. Adolph D. and Wilkins C. Williams Fund, 84.80
Ernst Ludwig Kirchner, 'Nacktes Mädchen hinter Vorhang (Fränzi)', 1910-1926, Collectie Stedelijk Museum Amsterdam.
Ernst Ludwig Kirchner, 'Sitzende Frau mit Holzplastik', 1912, Virginia Museum of Fine Arts, Richmond. Adolph D. and Wilkins C. Williams Fund, 84.80

De Duitse schilders Kirchner en Nolde putten hun inspiratie voornamelijk uit niet-Europese bronnen. Kirchner ontving tussen 1909 en 1911 regelmatig drie zwarte modellen in zijn atelier en Nolde reisde af naar Papoea-Nieuw-Guinea. Beiden zagen ze de koloniale tentoonstellingen waar eind-negentiende eeuw overzeese onderdanen schaamteloos werden geëxposeerd. Ook lieten ze zich inspireren door de etnografica die musea met vrachtladingen tegelijk uit Afrika, Azië en Zuid-Amerika haalden. Nolde had zelf een collectie van meer dan vierhonderd objecten, waarvan de Kameroense kruk die talloze keren terugkeert in zijn schilderijen duidelijk een favoriet was. Hoewel het niet expliciet wordt gemaakt, impliceert de tentoonstelling wel duidelijk dat Nolde geobsedeerd was met mensen van kleur. In zijn tijd kon hij er nog mee wegkomen, oriëntalisme vierde namelijk hoogtij. Maar vandaag de dag zien we dit, en zijn andere werken, vooral voor wat het was: een fetisj.

Zaalopname Kirchner en Nolde: Expressionisme. Kolonialisme. Foto: Gert-Jan van Rooij

In de kunst van Kirchner en Nolde zijn mensen van kleur vaak sensueel en exotiserend afgebeeld. Hun rondingen worden benadrukt en hun karakteristieke gelaatstrekken worden geaccentueerd, bij sommigen zelfs zo erg dat het bijna karikaturen zijn geworden. Hun huidskleur en lichaamsvormen lijken belangrijker dan een gedetailleerde weergave van de mensen zelf. Meer aandacht voor dikke lippen dan voor een blik. Wie er precies op deze kunstwerken staan afgebeeld is pas recent onderwerp van onderzoek. De tentoonstelling in het Stedelijk vertelt zowel het kunsthistorische verhaal achter de werken, als de verhalen van de geportretteerde mensen. Zo is er bijvoorbeeld Jupuallo. Hij is door Nolde geschilderd en werd samen met een andere jongen door Noldes vrouw Ada gekozen om voor het echtpaar te werken tijdens hun verblijf in Papoea-Nieuw-Guinea. Uit Ada en Emil Noldes dagboeken is op te maken dat Jupuallo met hen in pidgin-Duits (‘Unserdeutsch’) communiceerde, ‘uit de rimboe was gehaald’ om als Duits soldaat te dienen en huisknecht werd toen hij daarvoor ongeschikt bleek. In het Stedelijk krijgt Jupuallo, die door Nolde nogal als een stereotype is afgebeeld, een achtergrondverhaal. Hij is weer een echt mens.

Zaalopname Kirchner en Nolde: Expressionisme. Kolonialisme. Foto: Gert-Jan van Rooij

Een hoogtepunt in de tentoonstelling is een foto van een onbekende fotograaf uit Berlijn, een tijdgenoot van Kirchner en Nolde. Twee dansende zwarte mannen zijn levensgroot afgedrukt. Je wordt in de scène gezogen: het lijkt alsof je samen met hen in de ruimte staat en zij hun dansje voor jóu doen. Het deed me denken aan hoe zwarte mensen in witte omgevingen vooral werden geaccepteerd als amusement, zoals de zwarte muzikanten en dansers die in de Verenigde Staten alleen mochten optreden in jazz clubs, maar niet in het publiek mochten staan. In mindere mate worden mensen van kleur nog steeds vooral gewaardeerd als het gaat om entertainment of dienstbaarheid. Ik bezocht de tentoonstelling met een vriend van Ghanese afkomst. Hij is historicus, ik cultuurwetenschapper. Juist ons verschil in perspectief en manier van onderzoek doen, maakt dat hij een fijn museummaatje is. Maar onze huidskleur en interessante gesprekken zorgden ervoor dat omstanders ons als onderdeel van de tentoonstelling gingen behandelen. Dit overkomt mij en friends and family van kleur wel vaker. Andere bezoekers gingen ons vragen stellen, in de veronderstelling dat wij er vast aan hadden meegewerkt of er vanuit onze cultuur veel van weten. De antwoorden op vragen zoals ‘weet jij waar deze foto is gemaakt?’ stonden letterlijk op de bordjes ernaast. Niet dat ik het niet leuk vind om met mensen te praten over kunst, integendeel. Maar het bevestigde wel mijn ervaring als vrouw van kleur bij het bezoeken van een expositie over kolonialisme, slavernij of racisme: ik moet voorbereid zijn op (witte) mensen die wat van me willen weten. Hoe goed de intenties ook mogen zijn, het kan vermoeiend zijn.

Zelf bezoeken?

Hoe lang doe je er over?
90 minuten
Expert level
Beginners | Gevorderden | Crazy pro
Meer weten

Meer verschillende perspectieven op tijdgenoten van Kirchner en Nolde leren kennen? Kijk dan de serie SHORT TALKS van het Stedelijk Museum op Instagram. In de serie verbinden experts kunst met actuele maatschappelijke kwesties. In de eerste aflevering praat cultuurjournalist en kunsthistoricus Wieteke van Zeil over ‘De minderjarige muze’

De tentoonstelling is nog t/m 5 december te zien in Stedelijk Museum Amsterdam.

Meer informatie