Elke dag is er weer nieuws over de vreselijke situatie in Iran. Al jaren is het onrustig in het land en komt de bevolking in opstand tegen economische problemen, onderdrukking en strenge wetten. Sinds de aanvallen van de VS en Israël laait het conflict hard op. Te midden van al het geweld is er één verhaal dat mij, en waarschijnlijk velen met mij, niet heeft losgelaten. In september 2022 liep de 22-jarige Jina Mahsa Amini in Teheran over straat toen ze werd opgepakt door de zedenpolitie. Ze zou haar hoofddoek (hijab) niet ‘goed’ hebben gedragen – haar haren waren te zichtbaar. De Koerdisch-Iraanse vrouw werd zo zwaar mishandeld dat ze drie dagen later overleed in het ziekenhuis. Haar dood ontketende een golf van protesten in Iran, gericht tegen het onderdrukkende regime. Onder de leus ‘Vrouw, Leven, Vrijheid’ verenigden vrouwen zich en kwamen ze massaal in opstand. Die leus staat in het Perzisch en Koerdisch groot op de muur bij de ingang van de tentoonstelling ‘Woman, Life, Freedom – Iraans Vrouwenverzet’ in het Verzetsmuseum.
GO | NO GO #446: Iraanse vrouwen in verzet
Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Onze redacteur Amber van As bezocht de tentoonstelling ‘Woman, Life, Freedom – Iraans Vrouwenverzet’ in het Verzetsmuseum in Amsterdam.
Wanneer je eerst door de vaste opstelling over de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog loopt, kom je langs thema’s als verzet, onderdrukking en bezette gebieden – een voorbereiding op wat komen gaat in de tijdelijke tentoonstelling. Die neemt de protestgolf na de dood van Jina Mahsa Amini in 2022 als startpunt, maar plaatst deze in een veel langere geschiedenis van Iraans vrouwenverzet. Foto’s van demonstraties, persoonlijke verhalen op interactieve schermen, grafische prints en kunstwerken laten zien hoe mensen creatieve manieren vinden om zich te verzetten. Via een tijdlijn maak je kennis met Iraanse vrouwen die zich uitspraken tegen onderdrukking — elk op hun eigen manier. In 1848 deed theoloog en dichter Tãhirah (1817-1852) tijdens een openbare bijeenkomst haar hoofddoek af, een daad die haar het leven kostte. In 1919 richtte Sadiqeh Dowlatabadi (1882-1961) de eerste vrouwenkrant op. Later werd Farrokhru Parsa (1922-1980) de eerste vrouwelijke minister van Iran, en Mehrangiz Manoutchehrian (1906-2000) de eerste vrouwelijke advocaat. Door de jaren heen nam het verzet verschillende andere vormen aan: via gedichten en liederen, via onderwijs en politiek, op straat en op sociale media. Dat het verzet nog altijd moet voortduren, maakt de tentoonstelling pijnlijk duidelijk.
Waar het nieuws over Iran ons overspoelt met beelden van bombardementen en aanvallen, krijgen in Woman, Life, Freedom persoonlijke verhalen een plek. De tentoonstelling is samengesteld met een adviesgroep van Iraanse vrouwen in Nederland, van wie sommigen anoniem moeten blijven vanwege veiligheidsredenen. Verdeeld in zes thema’s, zoals Op straat, Vanuit schoolklassen en Vanuit gevangenissen, worden verhalen van binnenuit verteld, van demonstranten, slachtoffers, familieleden, met aandacht voor de Iraanse cultuur en het dagelijks leven. Zo is er de serie prints Papillon Collectie II (2019-2023) van de naar Duitsland gevluchte Parastou Forouhar (1962), waarin vlinders — in de Perzische cultuur een symbool van toewijding en schoonheid — scènes van verzet verbeelden. Haar werk Het Blauwe Meisje is een ode aan Sahar Khodayari (1990-2019), die in 2019 verkleed als man stiekem een voetbalwedstrijd van haar favoriete club bezocht. Ze werd gepakt en veroordeeld, waarna ze zichzelf buiten in brand stak en overleed. In Forouhars print staat de vlinder in vuur en vlam, handen proberen wanhopig te ontspannen, je voelt hoe de vlammen alles verslinden. Even indrukwekkend is het werk van Vida Rabbani (1989), die vanuit een Iraanse gevangenis met binnengesmokkelde verf en penselen op bedlakens schildert. Een kleurrijk laken toont de serene binnenplaats met plantjes, een wasbakje en gordijntjes, een scène die bijna huiselijk aanvoelt, maar dat allesbehalve is. Daarnaast zijn er portretten van drie Iraniërs met zware oogverwondingen, opgelopen tijdens demonstraties waarbij veiligheidstroepen bewust op hun gezicht schoten. De foto’s zijn in het geheim gemaakt en het land uitgesmokkeld. Geschokt bekijk ik deze werken en besef ik me dat ze in Iran nooit getoond kunnen worden. Hier krijgen ze wel een plek, en een publiek. Juist daarom voelt het bekijken ervan haast als een daad van verzet.
Ook het online activisme wordt in de tentoonstelling nadrukkelijk belicht – beelden waaraan we dagelijks op sociale media voorbij scrollen, maar waarbij je hier langer stilstaat en met meer aandacht naar kijkt. In nisjes hangen grafische prints en posters die via Instagram worden verspreid; van gebalde vuisten in de lucht en wapperende haren in de wind, symbolen van verzet. Op schermen zijn korte TikTok- en Instagramvideo’s te zien, zoals die van een groep jonge meisjes dansend op het nummer Calm Down van Rema en Selena Gomez – zonder hoofddoek, in losse kleding. Het oogt onschuldig en bijna vanzelfsprekend, maar in Iran is dansen in het openbaar verboden — iets wat hier nauwelijks voor te stellen is. Net als beelden van zoenende koppels bij de Vrijheidstoren in Teheran of van protesterende vrouwen in hun ondergoed: intieme, persoonlijke acties met een zware politieke lading, die zich razendsnel online verspreiden. Terwijl ik naar deze beelden kijk, bekruipt me een ongemakkelijk gevoel: sommige mensen leven inmiddels niet meer. Toch blijven ze zichtbaar, en dat is precies het punt — het regime kan ze niet uitwissen. In een tijd waarin Iran zijn bevolking al maanden afsnijdt van het internet, in de langste landelijke blokkade ooit, blijven deze beelden bestaan en circuleren. Ze bereiken mensen wereldwijd. Zo ook hier, in Nederland, waar we in vrijheid kunnen leven. Waar we kunnen dansen, zoenen, kleden, spreken en posten zonder dat het ons het leven kost. Bevoorrecht en beduusd verlaat ik de tentoonstelling. Verdrietig om wat er gaande is — maar ook diep geraakt door de veerkracht en creativiteit van een beweging die zich, hoe hard het regime ook probeert, niet laat uitwissen.
Zelf bezoeken?
Wil je meer verhalen van Iraanse vrouwen lezen, dan is de serie ‘Vrouw in Iran’ van Trouw een aanrader. In diverse artikelen vertellen vrouwen openhartig over hun leven na de dood van Jina Mahsa Amini en de protesten die daarop volgden. Ook het item van Nieuwsuur over de vrouwenbeweging in Iran geeft een indringend beeld van de situatie en het verzet. Daarnaast is het werk van schrijver Sholeh Rezazadeh het ontdekken waard. Zij kwam in 2015 naar Nederland en schreef onder andere De hemel is altijd paars (2021) en Ik ken een berg die op me wacht (2023). In haar boeken schakelt ze tussen Amsterdam en Iran en schrijft ze op een poëtische manier over herinneringen, verlies en het leven tussen twee werelden.
Coverbeeld: Vrouwen in Teheran zwaaien met hun hoofddoek en roepen leuzen tijdens een protest in 2022, foto: GettyImages