Als je een zeventiende-eeuwse Nederlander had gevraagd naar de meest succesvolle schilders van het land, is er een grote kans dat hij of zij Gerard van Honthorst (1592-1656) zou noemen. Tegenwoordig denken we bij de zeventiende eeuw eerder aan Rembrandt of Vermeer, maar Van Honthorst was in zijn eigen tijd een van de it-boys der schilderkunst. Hij leerde de kneepjes van het vak in Utrecht en Rome, schilderde voor het Engelse en Nederlandse hof en verdiende daar bovendien een prima zakcentje mee. Het Centraal Museum vond het dus hoog tijd om het oeuvre van Van Honthorst eens in het zonnetje te zetten met zijn eerste grote overzichtstentoonstelling, Gerard van Honthorst – In alles anders dan Rembrandt.
GO | NO GO #450: Van Honthorst versus Rembrandt?
Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Deze keer ging onze redacteur Hanna de Vos naar het Centraal Museum in Utrecht voor de tentoonstelling ‘Gerard van Honthorst – In alles anders dan Rembrandt’.
De hoeveelheid werken van Van Honthorst in deze tentoonstelling is indrukwekkend – ruim 60 schilderijen uit elke periode van zijn leven. Bovendien worden er ook nog zo’n 30 tekeningen getoond, waaronder bladen uit zijn schetsboek, die een goed kijkje behind the scenes geven van zijn techniek en werkwijze. Van Honthorst wisselde nogal van favoriet thema, van serieus en religieus tot plat en werelds. Het lag er maar net aan wat trendy was of wat zijn opdrachtgever wilde. Dat aanpassingsvermogen was een van de succesfactoren voor zijn schildercarrière. Het zorgt in deze tentoonstelling bovendien voor een heel breed oeuvre dat verre van saai is.
De tentoonstelling volgt het leven en oeuvre van Van Honthorst in een redelijk chronologische opstelling. Dat betekent dat we beginnen in Rome, waar hij rond 1613-1614 naartoe reist. Zijn werk daar levert hem de bijnaam Gherardo della Notti, Gerard van de Nacht, op. In Rome schildert Van Honthorst namelijk veel nachtscènes met sterke licht-donkercontrasten. De bespotting van Christus (1614-1616) is een grote, dramatische scène waarop het lichaam van Jezus fel verlicht wordt door een kleine kaars. Om hem heen staan drie andere mannen die hem treiteren op weg naar het kruis. Hun lichamen gaan bijna helemaal op in het donker. Alleen hun honende gezichten zijn goed te zien in het kaarslicht. Het schilderij is in een speciale, donkere nis gehangen (inclusief geluidseffecten van fluisterende en gniffelende mannen), om de ervaring van het werk nog een beetje kracht bij te zetten. In 1620 keert Van Honthorst terug naar Utrecht. Hij verruilt religieuze thema’s voor genrestukken, zoals schilderijen van vrolijke (beschonken) vioolspelers, en pastorale werken die het mythologische plattelandsleven verheerlijken. Zo is in de tentoonstelling het uiterst vrolijke De triomf van Silenus (ca. 1624) te zien, met satyrs, laurierbladeren, kannen wijn en boerderijdieren. Van Honthorst krijgt steeds meer erkenning voor zijn werk en gaat schilderen voor het Engelse en later ook het Nederlandse hof. De tentoonstelling eindigt op het hoogtepunt van zijn carrière. Van Honthorst was namelijk een van de twaalf schilders die tussen 1648 en 1652 meewerkten aan de Oranjezaal in Huis ten Bosch, die in de tentoonstelling is gereproduceerd op de muren. Van Honthorst schilderde onder andere het portret Amalia van Solms als weduwe (1650), waarop Amalia, gehuld in delicaat zwart tule, een schedel vasthoudt.
De ondertitel van de tentoonstelling (In alles anders dan Rembrandt) wekt nogal wat verwachtingen. Van Honthorst en Rembrandt waren tijdgenoten – maar hebben ze elkaar ooit ontmoet? Hadden ze soms radicaal andere ideeën over hoe je een goed schilderij maakt? Hebben ze elkaar wel eens finaal afgekraakt in een brief? In werkelijkheid is hun connectie iets minder juicy. In de eerste helft van de tentoonstelling komt Rembrandt überhaupt nauwelijks voor. Inspiratiebronnen als Caravaggio, Anthony van Dyck en leermeester Adriaen Bloemaert zijn veel belangrijker. Tegen het midden van de tentoonstelling wordt een grote tijdlijn weergegeven op de muur, waarop de levens van Van Honthorst en Rembrandt parallel naast elkaar worden geplaatst. Van Honthorst schilderde veel voor het hof, Rembrandt juist voor de gilden en rijke burgers. Rembrandt ging failliet, Van Honthorst kreeg duizenden ponden, het staatsburgerschap en een paard van het Engelse hof. En waar Rembrandt beroemd is om zijn spel met licht en donker, was het Van Honthorst die als eerste de kunst van chiaroscuro leerde in Rome. Eigenlijk is er maar één punt waarop de kunstenaars elkaar echt ‘ontmoeten’; ze schilderden beiden een portret in opdracht van Amalia van Solms. Rembrandt mocht eerst, maar zijn werk uit 1632 werd afgekeurd. Hij schilderde Amalia té realistisch na; het portret is donker en somber en hij deed geen moeite om haar kin en neus wat bij te schaven. Van Honthorst nam het stokje van hem over, gaf Amalia een lichte facelift (haar neus is smaller en ze heeft geen onderkin) en kleedde haar in een vrolijke gele jurk met voldoende glanzende juwelen. Beide portretten hangen naast elkaar in de tentoonstelling, vergezeld door het portret dat Van Honthorst in 1631 al maakte van Amalia’s man, Frederik Hendrik. Je mag dus je eigen favoriet kiezen. Toch voelt de connectie tussen Van Honthorst en Rembrandt enigszins uitvergroot. Wie deze tentoonstelling bezoekt met het idee verschillende werken van beide kunstenaars eens met eigen ogen goed te kunnen vergelijken, komt bedrogen uit. De kunstenaars deelden de opdracht voor het portret van Amalia, maar daar blijft het wel bij. Rembrandts belangrijkste invloed blijkt vooral de schaduw te zijn die zijn werk eeuwenlang op het oeuvre van Van Honthorst heeft geworpen. Toch jammer dat Van Honthorst daar zelfs in zijn eigen overzichtstentoonstelling niet volledig aan kan ontsnappen.
Zelf bezoeken?
Honthorst is niet de enige zeventiende-eeuwse schilder die dit jaar zijn eigen tentoonstelling krijgt. In Leiden wordt namelijk zijn tijdgenoot Jan Steen in het zonnetje gezet. Tot en met 23 augustus organiseert Museum de Lakenhal de tentoonstelling Thuis bij Jan Steen – 400 jaar leven in de brouwerij.
Coverbeeld: Gerard van Honthorst, ‘Gitaarspelend meisje (Bandora)’, 1624, foto: © Grand Palais Rmn (Musée du Louvre) / Franck Raux