Laura Korvinus 13 oktober 2026

GO | NO GO #470: Het veranderende Europa van fotograaf Eva Besnyö

Gaan of niet gaan: dat bepaal je zelf. Wij geven je – met een kritische blik – tips voor tentoonstellingen. Onze redacteur Laura Korvinus bezocht de tentoonstelling ‘Eva Besnyö’ in het Fotomuseum Den Haag.

Op een zonnige ochtend in Berlijn is het rustig op straat. De twintigjarige fotografe Eva Besnyö hangt uit het raam van haar zolderkamer en richt haar lens naar beneden, op het met uitgerekte schaduwen betekende asfalt. Ze klikt. De stoepranden steken scherp af en geven het beeld een vervreemdende abstractie. Je kan de stilte op straat bijna horen. Het is 1931, en de fotograaf weet dat ze niet lang in de stad kan blijven. Het opkomende fascisme, wat haar eerder uit haar geboorteland Hongarije wegjoeg, heeft ook haar geliefde stad Berlijn bereikt. Niet lang daarna vertrekt ze naar Nederland, waar ze de rest van haar leven zal blijven wonen. 

Eva Besnyö, 'Starnberger Straβe, Berlijn', 1931 © Eva Besnyö / Maria Austria Instituut

Als puber was Eva Marianna Besnyö (1910-2003) niet geïnteresseerd in studeren. Ze was verzot op haar Kodak Brownie, een van de eerste kleine camera’s die je makkelijk overal mee naartoe kon nemen. Ze fotografeerde haar zusje en haar vriendinnen, gekke schaduwen op de stoep, zwemmers die opdrogen in de zon en jonge straatmuzikanten. Zo klein en alledaags als de momenten zijn op haar eerste foto’s, zo groot waren de krachten die haar verdere leven zouden sturen. De uiteenvallende oude rijken van Europa, het nationaalsocialisme en de verwoesting van de oorlog, en later de emancipatiebewegingen – Eva Besnyö bevond zich er keer op keer middenin. In het Fotomuseum in Den Haag is nu een overzichtstentoonstelling te zien van haar werk. 

Eva Besnyö, 'Zelfportret met Rolleiflex camera, Berlijn', 1931 © Eva Besnyö / Maria Austria Instituut

De talrijke zwart-wit foto’s die er in de tentoonstelling te zien zijn, vormen samen een bijzonder portret van een veranderend Europa. Het begint met een paar dromerige foto’s van Besnyö’s tienerjaren in Hongarije, maar al heel snel gaat het over in experimentele foto’s uit Berlijn. Wanneer Hongarije (als een van de eerste landen in Europa) een fascistische regering en antisemitische wetten krijgt, vluchten vele, voornamelijk Joodse, intellectuelen het land uit. Niet voor niets zijn er zoveel beroemde Hongaarse fotografen, architecten en kunstenaars in de grote West-Europese kunstbewegingen als Bauhaus, Dada en het surrealisme te vinden. Ook Besnyö vertrekt. In Berlijn lijkt de jonge fotograaf zich vrij te voelen. Ze speelt met schuine lijnen en abstracte patronen en maakt regelmatig zelfportretten. Collega-fotografen uit die tijd, onder wie Robert Capa, trekken naar de frontlinies van het rommelende Europa om de Spaanse burgeroorlog vast te leggen. Maar bij Eva Besnyö lijken de frontlinies naar haar toe te bewegen. Ze richt haar camera vooral op haar persoonlijke omgeving, waar de geschiedenis zich net zo goed afspeelt. In een hoekje van de tentoonstelling in Den Haag zie je haar foto’s van de ‘De Nieuwe Vrouwen’ van Berlijn: actrices en sporters die zich afzetten tegen oubollige vrouwenrollen. Nadat Besnyö uit Berlijn is gevlucht, moet ze vanwege haar Joodse identiteit onderduiken in Nederland, waar ze helpt met het vervalsen van identiteitsbewijzen. Er zijn weinig foto’s uit die tijd, behalve wanneer Rotterdam wordt gebombardeerd, en Besnyö de rokende verwoesting vangt in pijnlijk mooie beelden. Later richt ze haar maatschappelijk geëngageerde lens op de bijzondere architectuur van nieuwe, neonverlichte bioscopen, maar ook op de armoede onder arbeiders in Amsterdam en de opkomst van de Dolle Mina’s. In haar foto’s lijkt ze de tijd te vangen zonder oordeel, maar met een betrokkenheid bij alles wat zich aan haar voordoet.

Eva Besnyö , 'Protest van feministische actiegroep Dolle Mina: ‘Terug naar de breinaald’, Amsterdam, 1976 © Eva Besnyö / Maria Austria Instituut
Eva Besnyö , 'Pauline Citroen, Amsterdam', 1954 © Eva Besnyö / Maria Austria Instituut

Een heel oeuvre tentoonstellen is geen makkelijke taak. Helaas is in het Fotomuseum Den Haag voor een heel sobere biografische insteek gekozen. Er wordt weinig geduid in de museumteksten, je leest er vooral feitelijke details, jaartallen en namen. Ook hangen de foto’s dicht bij elkaar en vrijwel op dezelfde hoogte. Daardoor voelt het wat overweldigend en blijf je als kijker een beetje op afstand. Hoe beleefden Besnyö en haar naasten al deze veranderingen? Haar eigen stem komt bijna niet terug in de tentoonstelling. Een enkele keer lees ik haar woorden, zoals in een interview over haar foto’s van de Dolle Mina’s, waarin ze terughoudend is over hoeveel haar werk heeft betekend voor de vrouwenbeweging. Hongaars, Joods, migrant, vrouw, feminist. Hoe zou het voelen om, te midden van al die grote maatschappelijke krachten die aan je trekken, jezelf proberen te zijn? Hoe doe je dat, als er steeds weer een stempel op je wordt gedrukt? Vooral de foto’s van haar kunstenaarsvrienden in Nederland en Berlijn, die ze graag vastlegde, maken me hier nieuwsgierig naar. We zien fotograaf John Fernhout, haar eerste liefde, die zichzelf scheert in een autospiegeltje, fotograaf Violette Cornelius in een klein raampje met een patroon van dakpannen eromheen, en haar tijdelijke schoonmoeder Charley Toorop die met haar penseel de rondingen van haar model schildert. Besnyö’s foto’s verweven kunstenaarschap met het dagelijks leven en de politieke realiteit. Vriendschappen, protesten, ateliers, arbeiders, kinderen, hier en daar een verloren Rietveldstoel in een krappe woning. Maar weinig van haar vrienden kijken direct de lens in. Ze voelen heel intiem en afstandelijk tegelijk. Alsof Besnyö overal dichtbij was, maar zich nooit helemaal ergens onderdeel van voelde. Op zoek naar haar binnenwereld kom ik terug bij een van haar eerste zelfportretten, haar haren in een scheiding en haar donkere wenkbrauwen licht gefronst. Haar ogen kijken niet helemaal de lens in, om oogcontact te maken met de buitenwereld, maar fixeren zich vastberaden op haar eigen spiegelbeeld. Een moment waarop ze helemaal van zichzelf is.

Zelf bezoeken?

Hoe lang doe je er over?
60 minuten
Expert level
Beginners | Gevorderden | Crazy pro
Meer weten

Voor iedereen die, net als ik, na het zien van de tentoonstelling nieuwsgierig is naar meer achtergrondverhalen, is er een prachtige catalogus. Daarin zijn veel mooie essays opgenomen die meer inzicht geven in bijvoorbeeld de technologische ontwikkelingen in de samenleving, Besnyö’s veranderende stijl en de politieke context van de foto’s. Bonus: het boek is prachtig vormgegeven, dus ook nog eens een echte eyecatcher voor op je bijzettafel.

Coverbeeld: Eva Besnyö, ‘Jongen met bas, Balatonlelle, Hongarije’, 1931 © Eva Besnyö / Maria Austria Instituut

De tentoonstelling ‘Eva Besnyö: De Bevrijde Camera' in het Fotomuseum Den Haag is nog t/m 31 januari 2027 te zien.

Meer informatie